stukje cheddar, oude of Parmezaanse kaas om te raspen
Verhit de olijfolie in een grote pan op middelhoog vuur en smoor daarin de ui, wortel en selderij tot de groente zacht is. Zeg een minuut of 7. Roer de knoflook er ook door.
Voeg de bonen, gepelde tomaten en de kruiden aan de pan toe. Giet de bouillon erop. Draai zodra het begint te koken het vuur laag.
Laat de soep een half uur sudderen, de tomaten mogen uit elkaar vallen en de bonen ook een beetje, doen ze dat niet uit zichzelf, prak de helft dan zachtjes met de achterkant van een pollepel. Voeg dan de kool toe en laat die nog 10 minuten garen in de hete soep. Proef daarna en breng op smaak met peper en zout.
Verdeel dikke sneden oud brood over 4 diepe voorverwarmde borden en giet de soep erop. Rasp er kaas over en dien op.
De taartvorm invetten en met het ontdooide bladerdeeg bekleden. De rand van het deeg afsnijden en de afsnijdsels langs de rand in de vorm leggen. De bodem met een vork inprikken.
Het rookspek in de margarine zachtjes uitbakken en uit de pan nemen. In het vet de gesnipperde ui en knoflook uit de pers fruiten. De rösti erbij scheppen, evenals het spek en een paar minuutjes bakken.
De eieren met de melk, wat zout, peper en nootmuskaat en de helft van de kaas. Dit bij de rösti scheppen, in de taartvorm scheppen en de rest van de kaas erover strooien.
De taart 45 min. in een hete oven 200*C gaar en goudbruin bakken.
Was de aardappelen en dep ze droog. Snijd ze in dunne schijfjes.
Kluts de eieren in een kom.
Verhit de olie in een koekenpan en voeg de aardappel en de ui toe.
Breng het geheel op smaak met zout en dek de pan af.
Bak de aardappelen voorzichtig, schud de pan regelmatig om aankoeken te voorkomen. Als de aardappelen gaar zijn, laat ze dan niet knapperig worden.
Schep ze om en voeg ze toe aan de geklutste eieren. Roer alles goed door elkaar, zodat de aardappelen volledig bedekt worden met ei.
Voeg zout toe.
Verhit circa 15 ml (1 eetlepel) van de overgebleven olie.
Doe het ei-aardappelmengsel terug in de pan en bak het een paar minuten tot één kant goudbruin van kleur is.
Leg een bord klaar dat een iets grotere diameter heeft dan de pan. Laat de omelet voorzichtig op het bord glijden, met de goudbruine kant naar beneden, en laat hem dan weer terug in de pan glijden, met de goudbruine kant naar boven.
Bak de omelet tot hij stevig is. De omelet moet circa 4 cm dik zijn.
Snijd hem in vierkantjes om hem te serveren als tapas.
Schil de aardappels en snijd in grove stukken. Kook de aardappels in ruim water in ongeveer 20 min. gaar en giet vervolgens af en laat droog stomen. Voeg de melk en 1 el boter toe en stamp tot een puree.
Snijd de lente-ui in ringen en hak de dille en peterselie fijn. Voeg deze samen met de bloem, ei, bakpoeder, knoflookpoeder, snufje zout en peper toe aan de aardappelpuree en meng goed door.
Bak de pijnboompitten in een droge koekenpan en houd apart.
Verwarm een wafelijzer en bestrijk met de rest van de boter. Schep 2 grote lepels van het aardappelbeslag op en bak in ca. 5 min. goudbruin en gaar. Herhaal totdat u 8 aardappelwafels heeft.
Verdeel de aardappelwafels over 4 borden. Verdeel de spinazie, gerookte Deense forel en een halve burrata per aardappelwafel. Snijd de rode ui in fijne partjes. Maak het gerecht af met de partjes rode ui, pijnboompitten en kappertjes en sluit af met een 2e aardappelwafel. Bestrooi met wat grof gemalen peper en dille en besprekel met olijfolie.
wafelijzer op 240 gr laten opwarmen. Eerste baksel goed invetten, daarna droog.
202304 Thera+Bart+Sten+marijn
Dit nagerecht is in een handomdraai klaar, smaakt lekker en ziet er mooi uit.
300 gr aardbeien
3 eetl bruine suiker
1 el witte suiker
1 tl vanillesuiker
2 dl yoghurt
100 gr mascarpone
geraspte schil van halve sinaasappel
4 kleine takjes munt.
Bereidingswijze
De aardbeien wassen, de kroontjes verwijderen, de vruchten in vieren snijden en in een schaal goed mengen met de suiker. Ongeveer 20 minuten laten staan tot de suiker is opgelost en de aardbeien sap geven. Nu en dan even omscheppen.
In een kleine kom yoghurt, mascarpone en sinaasappelschil met elkaar vermengen.
Een derde van het aardbeienmengsel gelijkmatig over 4 coupes verdelen. Daarop telkens 2 eetl van de yoghurt-mascarponecreme doen. Herhalen met nog een laag aardbeien en yoghurtcreme.
Eindigen met het laatste derde deel van de aardbeien, bovenop 1 eetl yoghurt-mascarponecreme doen en garneren met een munttakje.
Direct serveren.
Variatie.
Wilt u voor uw gasten iets heel speciaaals klaarmaken, strooi dan tussen de verschillende lagen nog geraspte kokos en gehakte nootjes (bijvoorbeeld walnoten of pecannoten).
Deze ingredienten smaken heel lekker, maar kunnen beter mondjesmaat worden toegepast vanwege hun hoge vetgehalte.
Dat was mijn eerste poging om een recept met aardperen te maken en ik ben er erg enthousiast over. Het is een fantastisch eenvoudig recept om van te genieten als het aardperen-seizoen is.
Verhit de olie in een pan. Voeg de gesneden aardperen en knoflook toe en bak 1-2 minuten. Voeg zout, rozemarijn en wijn toe en kook 5-10 minuten tot de meeste vloeistof verdampt is, en de aardperen zacht en glazig zijn. Breng op smaak met zout en peper en serveer.
wortel schrappen. komkommer en wortel in luciferdunne reepjes snijden.
ui in 8 parten snijden. Spaanse peper zaadjes verwijderen en in smalle reepjes snijden.
in vergiet komkommer wortel ui en Spaanse peper doen. best rooien met 1 tl zout . 1 u laten uitlekken.
intussen gemberwortel schillen. in mengbeker doen: gemberwortel, sjalotjes, knoflook, kemirie en garnalen. fijnmalen.
komkommermengsel afspoelen en met theedoek droogdeppen.olie verhitten. mosterdzaadjes 2 min bakken tot ze beginenn te springen. gemberwortel toevoegen en 2 min mee bakken. koenjit toevoegen en nog 2 min mee bakken.
azijn suiker en 1/2 tl zout er door roeren tot egale dressing ontstaat. komkommermengsel erdoor scheppen. nog 2 min verwarmen. laten afkoelen. afgedekt in koelkast bewaren.
Wat ik vaker bij de nasi goreng eet of bij een ander lekker Indisch gerecht is atjar tjampoer of atjat ketimoen (atjar van alleen komkommer). Eigenlijk moet ik atjar tjampoer schrijven als acar campur volgens de moderne Indonesische spelling. De atjar tjampoer die ik eet, komt echt niet van Conimex of van een ander bekend merk maar die maak ik vrijwel altijd zelf. Dat is eigenlijk heel gemakkelijk en op zich niet zo veel werk. Het is voornamelijk het vele snijwerk van de groenten.
Fruit de ui en de uitgeperste knoflook in wat olie. Voeg dan de sambal oelek, laos, djahe, koenjit en de kemirienoten toe. Eventjes laten mee bakken. Dan het vuur uit en even apart houden.
Kook de groente niet al te gaar in half azijn, half water. Ze moeten goed onderstaan. Voeg de kortkokende groente iets later toe want het is het lekkerst als alle groente iets knapperig zijn.
Proef even of het zuur genoeg is (evt. wat water of azijn erbij doen) en daarna of het zoet-zuur genoeg is (evt. iets suiker toevoegen). Roer het goed door en laten nog even kort koken.
In schone potjes scheppen en laten afkoelen. Voor gebruik zeker een dag laten intrekken dan is deze atjar het lekkerste.
Tip Zet de aioli bij voorkeur 1 uur weg zodat de smaak goed kan ontwikkelen. Aioli doet het ook goed bij geroosterd vlees, op brood en in saladedressings.
1 theel grof zeezout
2 tenen knoflook
1 eetl citroensap
1 eetl witte wijnazijn
1 theel mosterd
1 ei, op kamertemperatuur
200 ml zonnebloemolie
4 eetl olijfolie
Extra nodig: staafmixer 4 pinchoprikkers
Doe het zeezout met de knoflook, net citroensap, de wijnazijn en de mosterd in een maatbeker.
Pureer met de staafmixer glad.
Voeg het ei toe. Zet de staafmixer in de maatbeker en schenk er de zonnebloemolie bij.
Trek de staafmixer langzaam omhoog, tot een gladde, lobbige aioli ontstaat.
Airbollen, oliebollen gemaakt in de Philips Airfryer naar ons familierecept die heel goed lukken! Ze zijn zeer smakelijk, smaken echt naar oliebollen maar dan zonder de overheersende oliesmaak.
Deze airbollen smaken niet naar brood, zijn niet taai en ook niet droog. Ze zijn mooi van kleur, hebben een mooie structuur en zijn smeuig van binnen, smaken fris en fruitig, zijn een ware traktatie, ook de volgende dag nog!
Waarom bier in het beslag en geen water? Bier en gist zijn een geweldige combinatie! Bier helpt bij het rijzen, qua smaak worden je bollen voller van smaak, er is echter geen biersmaak te achterhalen. En er zal ook geen alcohol achter blijven in de airbol. Deze verdwijnt namelijk bij het verhitten van het beslag/deeg.
Het is even een werkje, maar zeer de moeite waard! Ik hoef ze niet meer uit de frituur. Dit is een veel betere manier van bereiden.
1 pak Koopmans oliebollenmix origineel
400 ml bier, gewoon bier
1 eetlepel zonnebloemolie
7 gram gedroogde gist, extra toevoegen dus!
1 flinke appel, jonagold of goudreinette bijvoorbeeld
Een beetje citroensap, niet noodzakelijk
200 gram krenten
200 gram rozijnen
100 gram sukade
200 gram geschaafde amandelen
Poedersuiker om na het bakken de airbollen te bestrooien.
Wel de krenten, rozijnen en sukade minimaal een uur in heet water (niet kokend). Ik zet ze meestal een nacht van te voren al in het hete water. Na het wellen wel even afdrogen met een schone theedoek. Snij de appel in kleine blokjes, besprenkel eventueel met wat citroensap tegen het verkleuren.
Doe alle droge ingredienten 1 voor 1 in de mengkom en laat de handmixer zijn werk rustig aan doen, en rustig is omdat je anders 1 grote stofboel krijgt wat je niet wilt. Daarna voeg je rustig aan alle natte ingredienten toe en kneed het geheel met de handmixer tot een mooi soepel beslag/deeg.
Laat het geheel nu minimaal een uur rijzen onder een schone vochtige theedoek in een niet tochtige ruimte. Een omgevingstemperatuur van 22 a 23 graden is perfect voor het gist. Je beslag verdubbelt zo ongeveer in volume.
Verwarm de Philips Airfryer voor op 190 gr en ondertussen knip je vierkantjes van het bakpapier waar je de airbollen uiteindelijk op gaat bakken. Dit voorkomt dat het beslag vast gaat zitten aan het mandje. Ik koos voor kleinere vierkantjes i.p.v. 1 groot precies passend vierkant om toch nog zo veel mogelijk luchtcirculatie te behouden.
Leg 4 vierkantjes bakpapier neer, spay er een heel klein beetje neutrale olie op, schep een bolletje beslag/deeg op ieder vierkantje. Spray nu een beetje neutrale olie op het beslag/deeg. En leg deze vervolgens in de airfryer. Stel de tijd in op 12 minuten en laat de temperatuur op 190 gr staan.
aardappelen schillen en wassen. in stukjes van 3 cm snijden.
in stoompan boven kokend water stoommandje met bloemkool en aardappelen hangen, met deksel +/-10 min halfgaar stomen. intussen pepers wassen, en zaadjes verwijderen. fijnsnipperen. gember schillen en fijnsnipperen. olie verhitten. peper en gember +/-3 min zachtjes bakken. toevoegen: korianderpoeder, koenjit, zout, bloemkool, aardappelen. voorzichtig door elkaar scheppen. aram massala erover strooien.
Snijd de ananas in kwarten, verwijder de harde kern en snijd het vruchtvlees in kleine stukjes. Snijd de gember in stukken en maal fijn in de keukenmachine. Doe de ananas en gember samen met de suiker in een kom. Laat afgedekt 1 nacht staan.
Schep de ananas en aanhangend vocht in een pan met dikke bodem. Rasp de groene schil van de limoenen en pers de vruchten uit. Voeg de rasp en het sap toe. Breng op laag vuur aan de kook en roer tot de suiker is opgelost. Kook 20-25 min. of tot de jam 105 grC is, controleer dit met een keukenthermometer. Laat 10 min. afkoelen.
Schenk de jam in de potten en vul ze tot de rand. Sluit af zolang de jam nog warm is en laat de potten omgekeerd afkoelen. Plak er een etiket op. Op een koele, donkere plek is de jam 1 jaar houdbaar.
Ik hou 't erop
dat januari een
heel fijne
maand kan
zijn. Kijk, als
we blijven zeggen dat het zo'n
sombere tijd is, gaat iedereen
dat op een gegeven moment
geloven. Ik doe het andersom.
Ik maakte met de hond een
prachtige wandeling in de mist,
we kwamen thuis, ik zette thee
en bakte deze taart. Er kwamen
gelukkig een paar vrienden om
hem op te eten, er kwam wijn
op tafel en niemand ging meer
naar huis. Zie je nou: hartstikke gemoedelijk, die
januarimaand.
het deeg
100 g koude boter
200 g bloem
snuf zeezout
l ei
Voor de vulling
100 g amandelen [of amandelmeel)
100 g bruine basterdsuiker
1ei
rasp en sap van 1 citroen
2 goudrenetten, In dunne schijfjes
Voor de kruimels
50 g bloem
50 g amandelmeel
50 g boter .
50 g bruine basterdsulker
Wrijf de boter door de bloem tot het mengsel eruitziet als grove kruimels.
Voeg zout en ei toe en meng fluks tot een stevig deeg. Als het iets te droog is, voegt u er nog een druppel ijskoud water aan toe.
Wikkel in plasticfolie en laat het 30 minuten tot 1 uur in de koelkast rusten.
Rol het deeg uit tot een lap die in een ingevette taartvorm (liefst met losse bodem) van 22 centimeter doorsnede past.
Leg de vorm 30 minuten in de vriezer.
Verwarm de oven voor op 180 graden.
Bak de bevroren vorm 15 minuten voor.
Maal de amandelen met de bruine suiker, het ei en het citroensap en de rasp tot een gladde paté, Besmeer de taartbodem ermee en leg de schijfjes appel erop.
Maak een kruimeldeeg door de ingrediënten met koele handen tot kruimels te wrijven en bestrooi de taart ermee.
Bak de taart 35 minuten af tot hij goudbruin is en serveer met dunne custard of crème fraiche.
Klein bordje in de koelkast zetten, dit hebben we straks nodig voor de stollingstest.
De appels goed wassen, schillen, en klokhuis verwijderen.
De appels in stukjes snijden en vervolgens in een pan doen. Water toevoegen totdat de appels net onder water staan.
Aan de kook brengen en ongeveer 20 tot 25 minuten laten koken.
Afgieten in een vergiet waarin je een zeefdoek of neteldoek hebt gedaan. Dit geruime tijd laten uitlekken. Eventueel nog na drukken om het restje vocht eruit te krijgen. De appels in de doek bewaren! Je zult je misschien afvragen waarom dit is, maar zo kunnen we afwegen hoeveel geleisuiker we exact nodig hebben.
Het opgevangen sap van de appels wegen, en dezelfde hoeveelheid geleisuiker afwegen.
Doe beide in een pan, en voeg de stukjes appel, het citroensap, en het kaneel stokje toe.
Aan de kook brengen en 5 minuten laten koken op een zacht vuur.
Het kleine bordje uit de koelkast halen en een beetje jam op het bordje doen.
Even afwachten en dan kijken of de jam gestold is. Als dit het geval is de jam van het vuur halen, als dit niet zo is de jam nog even laten koken.
doe alle ingrediëntenvoor de bodem in een kom. snij de boter in kleine stukjes en kneed totdat er een glad deeg ontstaat. uitrollen tot 30cm rond. knip een cirkel uit het bakpapier en bedek hier de bodem van de bakvorm mee. vet de randen in met margarine. zet dit ff in de koelkast
schil de appels en de peren. verwijder de klokhuizen. snijd het fruit in mooie plakjes. verkruimel de beschuiten en strooi de kruimels op de deegbodem. (dit voorkomt dat de bodem nat wordt). leg de plakjes fruit op de deegbodem. (indien gewenst: van buiten af in spiraalvorm rechtop zetten). wissel de appel en de peer af.
oven voorverwarmen op 200 grC. karamelliseer de suiker in een pannetje. Niet te donker, maar zeker ook niet te licht. doe de margarine er in stukjes bij en wat melk, totdat je karamel de dikte van yoghurt heeft. verdeel dit samen met de pecannotenover de appel en peer.
Kies je favoriete appel en maak er een feesttaart van.
1 middelgroot ei
1 citroen
400 g zelfrijzend bakmeel
250 g witte basterdsuiker
1 mespunt zout
250 g ongezouten roomboter
8 Goudreinette appels
2 tl kaneel
150 g amandelspijs
2 el abrikozenjam
Splits het ei en rasp de gele schil van de citroen. Doe het bakmeel, suiker en het zout in een kom.
Snijd met 2 messen de boter erdoor totdat een kruimelig deeg ontstaat.
Voeg het eiwit en citroenrasp toe. Kneed met koele handen snel tot een deegbal. Druk plat, verpak in vershoudfolie en leg 1 uur in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 175 grC.
Vet de springvorm in. Bestuif het werkblad, de deegroller en de deegbal met bakmeel en rol 1/2 van het deeg uit tot een plak van 1 cm dik.
Steek er eerst met de springvorm een cirkel uit en leg die op de bodem van de vorm. Bekleed de randen met het restant van het uitgerolde deeg.
Schil de appels, snijd ze in kwarten en verwijder het klokhuis. Snijd de kwarten in stukjes en doe in een kom.
Meng de kaneel en de rest van de suiker door de appel.
Meng de helft van het eigeel door de amandelspijs en verdeel over de bodem. Schep de appels erop.
Rol het achtergehouden deeg uit tot een vierkante lap. Snijd in repen van 2 cm breed en leg in een ruitpatroon op de vulling. Bestrijk met de rest van het eigeel.
Bak de taart iets onder het midden van de oven in ca. 1 uur goudbruin en gaar.
Bestrijk de bovenkant van de taart direct uit de oven met de jam. Laat afkoelen in de vorm. Bon appetit!
De citroen grondig wassen en de schil raspen. De helft van de citroen uitpersen.
In een kommetje met heet water de rozijnen ongeveer 5 minuten laten zwellen.
De appelen schillen, in schijfjes snijden en besprenkelen met citroensap.
De appelschijfjes een drietal minuten laten koken in een bodempje water. In een zeef laten uitlekken.
In een ovenschotel de plakjes cake leggen en besprenkelen met rum.
Boter, suiker en citroensap tot een schuimige massa roeren. Een voor een de eierdooiers toevoegen en er daarna de verse kaas, het maiszetmeel en tweederde van de appelen erdoor mengen.
De eiwitten stijfkloppen en voorzichtig door het kaasmengsel roeren. Het geheel op de plakjes cake scheppen en de rest van de appelen en de rozijntjes erover verdelen.
In 30 minuten gaar en goudbruin laten worden in een oven van 200 graden.
Haal het wintersportgevoel op je bord met deze hartige taart uit de Savoie
1 bladerdeeg-vel
2 appelen (goudrenette)
1/2 Reblochonkaas
4 eieren
20 cl room
6 tijm takjes
nootmuskaat
peper
zout
1 Verwarm de oven voor op 170grC. Bekleed een taartvorm met bakpapier en leg er het bladerdeeg in. Prik er met een vork gaatjes in. Zet even in de koelkast.
2 Snij de kaas in blokjes. Schil de appels, snij ze in plakjes en schik ze op het deeg. Verdeel er de kaas over.
3 Klop de eieren los met de room. Ris de tijmblaadjes van de takjes en doe ze erbij. Kruid met peper, zout en nootmuskaat.
4 Giet het eimengsel over de taart en zet 50 minuten in de oven. Serveer lauwwarm.
bekleed de bakplaat met bakpapier. verdeel de aardappelen er over en besprenkel met olijfolie, z&p
rooster de aardappelen 30min in de voorverwarmde oven
pers intussen de helft van de citroen uit en snij de boter in blokjes. snipper de sjalotten en laat samen met de wijn in een pannetje tot de helft inkoken. Zeef het wijnmengsel, beqwaar de wijn en gooi de sjalotten weg. Zet het vuur laag en zet het pannetje met ingekookte wijn terug op het vuur. Voeg blokje voor blokje de koude boter toe en blijf intussen goed doorroeren. Als alle boter is opgenome, voeg dan naar smaak wat citroensap, z&p toe.
pluk de blaadjes van de munt. Verhit wat olie in een koekepan. Roerbak de spinazie koert en voeg de groene asperges toe. Pers de knoflook uit boven de pan. Meng de doperwtensamen met de blaadjes munt door de spinazie en asperges en breng op smaaak met z&p
verhit een pan met olijfolie en roerbak de garnalen 4min op hoog vuur. snij de andere helft van de citroen in partjes
serveer de garnalen met de beurre blanc saus, groenten, geroosterde aardappelen en een partje citroen.
Een apart nagerecht! Kook de melk met de slagroom en de suiker. Sla de eidooiers met een mixer schuimig. Voeg de aspergecoulis bij de melk-roommassa en sla vervolgens de melk-roommassa koud bij de eidooiers.
Laat de compositie bij voorkeur een dag in de koelkast rusten alvorens hem in het bekken van de sorbetiere te gieten, waarin hij tot een smeuig ijs wordt gedraaid. Los voor de tomatenconfiture de suiker in het water op.
Voeg de tomaten, de Worcestershiresauce en het vanillestokje toe en laat dit alles op laag vuur 1 uur konfijten. Wrijf daarna de gehele massa door een puntzeef en voeg tenslotte het basilicum en de roze pepers toe.
Presentatie: Maak een spiegel van de tomatenconfiture en leg hierop drie quenelles asperge-ijs. Strooi de gebruineerde amandel hierover en garneer met een mooi kroontje basilicum.
4 dl aspergecoulis, (gemaakt van gepureerde, gekookte en gezeefde asperges of aspergevoeten)
1 dl melk
2 1/2 dl slagroom
250 gr suiker
6 eidooiers
Voor de tomatenconfiture:
1 dl water
150 gr suiker
1 eetlepel roze pepers
8 gehalveerde tomaten
1/2 theelepel Worcestershiresauce
1/2 vanillestokje
4 zeer fijn gesneden blaadjes basilicum
100 gr amandelschilfers (gebruineerd op 180grC)
Kook de melk met de slagroom en de suiker. Sla de eidooiers met een mixer schuimig. Voeg de aspergecoulis bij de melk-roommassa en sla vervolgens de melk-roommassa koud bij de eidooiers.
Laat de compositie bij voorkeur een dag in de koelkast rusten alvorens hem in het bekken van de sorbetiere te gieten, waarin hij tot een smeuig ijs wordt gedraaid. Los voor de tomatenconfiture de suiker in het water op.
Voeg de tomaten, de Worcestershiresauce en het vanillestokje toe en laat dit alles op laag vuur 1 uur konfijten. Wrijf daarna de gehele massa door een puntzeef en voeg tenslotte het basilicum en de roze pepers toe.
Presentatie: Maak een spiegel van de tomatenconfiture en leg hierop drie quenelles asperge-ijs. Strooi de gebruineerde amandel hierover en garneer met een mooi kroontje basilicum.
asperges koken met snufje zout, schepje suiker, en klontje roomboter beetgaar koken
kook pasta al dente
maak een roux met een klontje boter en bloem, roer er het kookvocht van de asperges doorheen tot het een wat dikkere saus is.
eieren pocheren
snijd de asperges in grove stukken en meng het samen met de uitgelekte pasta oor de saus. verrijk het gerecht met een scheutje room en serveer het in een schaaltje of bord, garneren met takje kervel. ei er bij.
Was het asperge afval goed, laat het uitlekken en breng het in een steelpan aan de kook met de room en de melk.
Zodra het roommengsel kookt, het vuur zacht draaien en 30 minuten laten trekken.
Laat de schillen in de room afkoelen en giet het mengsel door een zeef. Vang het kookvocht op en druk met een pollepel zoveel mogelijk vocht uit de schillen.
Breng de aspergeroom in een pan opnieuw aan de kook en laat de room inkoken tot er 5 dl. van over is.
Snijd de witte chocolade in kleine stukjes.
Wacht tot de aspergeroom lauw is geworden en smelt er dan de chocolade doorheen.
Laat het mengsel afkoelen tot kamertemperatuur en giet het in de ijsmachine of giet er al roerende ongeveer een halve liter stikstof bij
Schil de asperges en snijd ongeveer 3 centimeter van de onderkanten af. Leg de asperges naast elkaar op de bodem van een brede pan of braadslee.
Verhit in een andere pan de olie tot precies 95 graden en giet deze vervolgens over de asperges.
Plaats de pan op een laag vuur en gaar de asperges in 20 minuten.
Houd de temperatuur van de olie goed in de gaten met een kookthermometer. Tijdens het garen moet die temperatuur 90 graden zijn en mag die nooit! boven de 100 graden uitkomen, want dan gaat het water in de asperges koken en verdampen.
Laat de asperges goed uitlekken in een zeef en dep ze eventueel droog met keukenpapier. De olie kan je ongeveer 1 week bewaren en gebruiken om meer asperges in te confijten.
Tip: gebruik het asperge-afval om asperge-ijs te maken.
Asperge/witte chocolade-ijs: Ingredienten voor 4 personen: De schillen en de kontjes van 1 kilo asperges 500 ml room 500 ml melk 100 a 150 gram witte chocolade Was het asperge afval goed, laat het uitlekken en breng het in een steelpan aan de kook met de room en de melk. Zodra het roommengsel kookt, het vuur zacht draaien en 30 minuten laten trekken. Laat de schillen in de room afkoelen en giet het mengsel door een zeef. Vang het kookvocht op en druk met een pollepel zoveel mogelijk vocht uit de schillen. Breng de aspergeroom in een pan opnieuw aan de kook en laat de room inkoken tot er 5 dl. van over is. Snijd de witte chocolade in kleine stukjes. Wacht tot de aspergeroom lauw is geworden en smelt er dan de chocolade doorheen. Laat het mengsel afkoelen tot kamertemperatuur en giet het in de ijsmachine of giet er al roerende ongeveer een halve liter stikstof bij.
Het lekkerste van de lente verpakt in een hartige taart.
200 bloem
1 tl zout
100 g koude boter
5 eieren
1 el ijskoud water
500 g witte asperges
500 g groene asperges
200 g creme fraiche
150 g gruyere (kaas)
1 citroen (schoongeboend)
Zeef de bloem en het zout en doe in de keukenmachine. Snijd de boter in stukjes en voeg toe. Maal in 1 min. tot een kruimelig deeg. Laat de motor draaien en voeg 1 ei en het water toe. Laat draaien tot een samenhangend deeg ontstaat. Voeg indien nodig nog 1 el koud water toe. Kneed het deeg kort met je handen tot een bal. Laat in vershoudfolie 30 min. rusten in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 180 grC. Schil de witte asperges rondom met een dunschiller vanaf vlak onder het kopje naar beneden en verwijder de houtachtige onderkant van beide soorten asperges. Snijd de asperges in stukken van 2 cm. Klop de rest van de eieren los met de creme fraiche. Rasp de gruyere en roer 2/3 door het eimengsel. Rasp de gele schil van de citroen en pers de vrucht uit. Roer het rasp en 3 el sap door het eimengsel.
Bestuif het werkblad en de deegroller met bloem. Rol het deeg uit tot een ronde lap van doorsnee 32 cm. Vet de quichevorm in met de boter. Bekleed de vorm met het deeg. Prik gaatjes in de bodem. Verdeel achtereenvolgens de asperges, het eimengsel en de rest van de kaas over de bodem. Bak in ca. 45 min. in de oven goudbruin en gaar.
bewaartip:
Je kunt de aspergequiche 1 dag van tevoren bereiden. Verwarm de quiche dan afgedekt met aluminiumfolie 20 min. in de oven op 180 grC.
Yes, het is weer aspergetijd! Zo maak je ze op de klassieke manier.
2 kg witte asperges
1 kg aardappel (Lady Christl)
8 eieren
1 zakje verse peterselie
1 zakje verse bieslook
125 g boter
200 g achterham
Schil de asperges met een dunschiller van vlak onder het kopje naar beneden. Snijd de houtachtige onderkanten eraf. Kook de asperges 10 min. in een ruime pan met kokend water en eventueel wat zout. Draai het vuur uit en laat de asperges in het warme vocht in 10 min. gaar worden.
Snijd intussen de aardappels in stukken en kook ze in ruim water met eventueel wat zout in 10 a 15 min. gaar. Kook de eieren in 8 a 10 min. bijna hard. Hak de perselie en de bieslook (in de keukenmachine) fijn en doe het mengsel over in een schaaltje. Laat de boter in de magnetron smelten (ca. 30 sec.).
Laat de boter smelten in de magnetron. Reken op 30 seconden op vol vermogen. Laat de eieren schrikken onder koud stromend water. Pel en halveer de eieren. Giet de aardappelen af en stoom ze even droog in de hete pan.
Neem de asperges met een schuimspaan uit het vocht en leg ze op een warme, platte schaal. Leg de plakjes ham en de eieren eromheen en strooi er wat van de peterselie, de bieslook en de nootmuskaat over. Serveer de gesmolten boter en de aardappelen er apart bij.
Water in een pan gieten, zout en snufje suiker erbij doen en aan de kook brengen. Voeg de stukjes asperges toe en laat dit 15 minuten koken, tot de asperges zacht zijn. Afgieten, maar daarbij het kookvocht opvangen en bewaren.
2.
40 gr boter in een pan verhitten, bloem toevoegen en onder voortdurend roeren aanbakken. Beetje bij beetje het aspergenat en de kippenbouillon toevoegen. Het geheel even aan de kook brengen.
3.
In de tussentijd de eidooier met de slagroom loskloppen. Zet het vuur lager van de soep en roer het ei-slagroommengsel door de soep. De soep mag nu niet meer koken, anders stolt het ei. De resterende boter in de soep laten smelten en met zout en peper verder op smaak brengen. Schep de soep in kommen of diepe borden en garneer met wat gehakte peterselie.
Aubergine uit de airfryer is een heerlijke en gezonde toevoeging aan elke maaltijd. De buitenkant wordt licht krokant, terwijl het vruchtvlees zacht en smeuïg blijft. Perfect als bijgerecht of snack!
Voor extra smaak kun je geraspte Parmezaanse kaas over de aubergine strooien voordat je ze bakt.
Serveer met een frisse yoghurtdip of hummus.
1 aubergine (middelgroot)
2 eetlepels olijfolie
1 theelepel zout (naar smaak)
1 theelepel gedroogde oregano
1 theelepel knoflookpoeder
1 snufje versgemalen peper
Was de aubergine en snijd deze in plakken van ongeveer 1 cm dik. Bestrooi de plakken met een beetje zout en laat ze 5 minuten liggen om het vocht te onttrekken.
Meng in een kom de olijfolie, oregano, knoflookpoeder, zout en peper.
Dep de aubergine droog met keukenpapier.
Bestrijk vervolgens beide kanten van de plakken met het olijfolie-kruidenmengsel.
Verwarm de airfryer voor op 180 graden Celsius.
Leg de aubergineplakken in een enkele laag in het mandje van de airfryer.
Bak ze gedurende 12-15 minuten, tot ze goudbruin en zacht zijn.
Keer de plakken halverwege om voor een gelijkmatige garing.
Schil en snijd de bietjes met behulp van een dunschiller of een schep mes in flinterdunne schijfjes. Doe in een kom.
Verhit de bakolie in een hapjespan of friteuse, Bak de schijfjes 2 tot 3 minuten in de hete olie. Laat ze op een keukenpapier uitlekken. Bestrooi ze met zout en zet apart,
Pers de limoenen uit. Doe de avocado, de goed koude slagroom en het limoensap in de kom van de keukenmachine. Pureer de avocado s en de slagroom op hoge snelheid tot een luchtige mousse.
Pel de knoflookteen en de sjalot. Halveer en verwijder de kiem uit de knoflookteen. Snijd de avocado s open. Verwijder de pit en schil ze.
Was het bosje koriander en dep het droog. Houd vier blaadjes achter. Hak de koriander, de knoflook en de sjalot in de blender of de groentehakker.
AFWERKING
Voeg een paar druppels tabasco en de komijn toe, en zout en peper naar smaak. Roer goed en verdeel de mousse over de glaasjes. Garneer ze met een blaadje koriander. Zet ze koel weg. Garneer ze kort voor het serveren met de bietenchips.
Snijd de avocado met de punt van het mes in de helft.
Draai met het mes zodat de pit loslaat. Verwijder de pit. Lepel het vruchtvlees uit de schil. Besprenkel de avocadostukken met iets citroensap om verkleuren te voorkomen. Hak het vruchtvlees mooi fijn.
Pel de knoflook en hak deze fijn. Hak een kleine hoeveelheid kervel ook fijn. Zorg dat je 16 takjes kervel apart houd als garnering.
Met de gehakte avocado, knoflook en kervel met elkaar tot een geheel. Breng op smaak met peper.
Hak de gerookte zalm fijn, of snijd in hele dunne reepjes. Houd een kleine hoeveelheid gesneden/gehakte gerookte zalm achter als garnering. Meng de bewerkte gerookte zalm door het avocadomengsel. Breng nogmaals op smaak, (Wees voorzichtig met zout).
Verdeel het avocado-zalm mengsel met een vormpje over de borden.
Garneer met de takjes kervel en de achter gehouden reepjes gerookte zalm. Bestrooi licht met peper uit de molen.
Een eenvoudig, smaakvol vegetarisch gerecht uit India. Heerlijk als hoofdgerecht of als bijgerecht bij een vleescurry met pitabrood, naanbrood of rijst.
1 grote aubergine
2 eetlepels plantaardige olie
1 theelepel komijnzaad
1 middelgrote ui, in dunne plakjes
1/2 eetlepel gember, fijngesneden
1/2 eetlepel knoflook, fijngesneden
1 eetlepel kerriepoeder
1 tomaat, in blokjes
110 gr magere yoghurt
1 verse groene chilipeper, zeer fijngesneden
1 theelepel zout
1/2 bosje verse koriander, zeer fijngesneden
De oven voorverwarmen op 230grC/gasstand 8.
Leg de aubergine op een middelgrote bakplaat. 20-30 minuten bakken tot de aubergine gaar is. Uit de oven halen en laten afkoelen, vervolgens de schil verwijderen en in stukjes snijden.
In een middelgrote sauspan op een middelhoog vuur de olie verwarmen. Komijnzaad en ui toevoegen. Sauteren tot de ui zacht is.
Gember, knoflook, kerriepoeder en tomaat toevoegen, en 1 minuut verder bakken. Yoghurt erdoor roeren. Aubergine en chilipeper toevoegen en met zout op smaak brengen. Afdekken en 10 minuten op een hoog vuur laten inkoken.
Deksel verwijderen, vuur laag zetten en 5 minuten verder laten koken. Garneren met koriander alvorens te serveren.
Een voortreffelijk bananenbrood met een vet- en caloriegehalte dat lager is dan andere recepten voor bananenbrood.
150 gr kristalsuiker
50 gr boter, op kamertemperatuur
2 eieren
4 eetlepels water
3 zeer rijpe bananen, gepureerd
200 gr bloem
1 theelepel baksoda
1/2 theelepel zout
0,25 theelepel bakpoeder
De oven voorverwarmen op 180grC/gasstand 4. Een cakevorm met bakperkament beleggen.
In een kom suiker en boter zacht en romig opkloppen. Geklopte eieren, water en banaan erdoor roeren en goed vermengen.
Bloem, baksoda, zout en bakpoeder er vluchtig doorheen kloppen tot het beslag net vochtig is. Tijdens het kloppen de randen schoonschrapen zodat alle ingredienten vermengd worden.
Ong 60 min. bakken tot de bovenkant stevig aanvoelt en goudbruin van kleur is. De baktijd is afhankelijk van de maat van de cakevorm en het soort oven. Het brood uit de oven halen en 10 minuten op de zijkant laten rusten, vervolgens uit de vorm halen en op een rooster volledig laten afkoelen.
Dit brood is heerlijk en staat bol van de bananen. Al mijn vrienden en familie vinden mijn bananenbrood heerlijk - getoast is het ook heel lekker. Als je dit recept eenmaal geprobeerd heb dan zul je nooit meer overrijpe bananen weggooien!
250 gr bloem
1 tl baksoda
snufje zout
115 gr boter
115 gr bruine suiker
2 losgeklopte eieren
500 gr geprakte overrijpe bananen
Bereidingswijze
Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius / Gasovenstand 4. Vet een bakblik (23x13cm) lichtjes in.
Meng de bloem, baksoda en zout in een grote kom.
Meng de boter en bruine suiker in een aparte kom door elkaar. Roer de eieren en geprakte bananen erdoor totdat alles goed gemengd is. Giet het bananenmengsel bij het bloemmengsel en roer door elkaar. Giet het mengsel in de cakevorm.
Bak 60-65 minuten in een voorverwarmde oven. Als je een prikker in de cake steekt die er schoon weer uitkomt, dan is de cake klaar.
Laat 10 minuten afkoelen en haal de cake dan uit de vorm en laat hem op een rooster verder afkoelen.
zet de oven aan op 180 graden. Pureer de bananen met het beetje citroensap. De staafmixer is hiervoor het handigst, maar gewoon prakken met een vork kan ook.
Roer een voor een de eieren erdoor.
Als het een mooi mengsel is, kunnen de suiker en de gesmolten boter erbij. Meng alles goed.
Roer dan de vanillesmaak en de yoghurt erdoor. Als het wederom een mooi egaal mengsel is, kunnen het meel, de bakpoeder, de kokos en het zout er in een keer in. Roer goed; dat lijkt nutteloos, maar opeens gehoorzaamt het rare mengsel en wordt het een mooi beslag.
Breek de noten, op 6 na - die worden straks versiering - in stukjes en voeg ze aan het beslag toe.
Bekleed een cakevorm met bakpapier, vouw de plooien goed strak. Giet het beslag in de cakevorm, leg de versiernoten erbovenop en bak het bananenbrood in 50 minuten bruin en gaar. Laat het brood buiten de vorm afkoelen, dan wordt het niet klef.
Eet met een lekkere lik boter of met een dot slagroom
De ontbijtgranen op deze bananentaart zorgen voor een lekkere crunch.
250 g zelfrijzend bakmeel
2 tl gemalen kardemom
1 mespunt zout
5 rijpe bananen
2 middelgrote eieren
250 g Griekse yoghurt 0%
100 ml honing
250 g Eat Natural noten en zaden
Bereiden stap voor stap koken
print
Let op! Je wijkt af van het aantal personen waarvoor dit recept ontwikkeld is. Bereiding, video, kook- en oventijden en keukenspullen kunnen hierdoor ook afwijken. Lees de tips
Verwarm de oven voor op 180 grC. Klem een stuk bakpapier op de bodem van de springvorm.
Zeef in een grote kom het zelfrijzend bakmeel, de kardemom en het zout. Prak de bananen fijn. Klop de eieren los met de Griekse yoghurt, geprakte bananen en honing.
Spatel het bakmeelmengsel door de bananenpuree, meng ? van de noten & zaden erdoor en verdeel over de springvorm. Bestrooi met de rest van de noten & zaden en bak in ca. 40 min. gaar in het midden van de oven. Controleer na 40 min. of de cake gaar is. Steek hiervoor de sateprikker in het midden van de cake. Als hij er schoon uitkomt, is de cake gaar.
Neem de cake uit de oven en laat in 2 uur helemaal afkoelen.
combinatietip:
Lekker met roomboter
bewaartip:
Je kunt de cake 3 dagen in de koelkast bewaren of in stukken snijden en invriezen.
Zelf hummus maken = supermakkelijk. En je kunt nog lekker varieren met smaken ook!
Variëren met zelfgemaakte hummus: hieronder vind je nog een aantal fijne suggesties die je over de hummus kunt strooien of verdelen:
Een scheutje extra vierge olijfolie Ras el hanout Za’atar Sumak Dukkah Paprikapoeder Geroosterde pijnboompitten Fijngehakte verse kruiden zoals peterselie of koriander Gehakte olijven Geroosterde sesamzaadjes Verkruimelde feta Granaatappelpitjes Chilivlokken Gegrilde groenten Geroosterde paprika Zongedroogde tomaatjes
Optionele topping: Gekaramelliseerde ui met harissa
Verwarm een koekenpan op middelhoog vuur. Voeg de boter toe en laat deze smelten. Voeg de uien en de suiker toe zodra de boter gesmolten is. Zet het vuur laag en karamelliseer de uien langzaam gedurende 20-30 minuten. Roer de uien regelmatig door, zodat ze gelijkmatig karamelliseren. Voeg een klein beetje water toe als de uien dreigen aan te bakken. Meng naar wens de ras el hanout door de uien zodra deze gaar en zacht zijn. Schep de gekaramelliseerde uien op de hummus en garneer met (rozen)harissa.
350 g biologische kikkererwten in pot
1/2 citroen
1 teen knoflook
3 el tahin sesampasta
1/2 tl zout
5 el water
1 el extra vierge olijfolie
1/2 tl milde paprikapoeder
Spoel de kikkererwten af onder koud stromend water en laat uitlekken. Pers de halve citroen uit en snijd de knoflook fijn.
Houd 2 el kikkererwten apart (per 4 personen). Doe de rest in een hoge beker, voeg het citroensap, de knoflook, tahin, het zout en het water toe en pureer met de staafmixer tot een gladde hummus.
Schep de hummus in een kom. Besprenkel met de olijfolie en bestrooi met de paprikapoeder en apart gehouden kikkererwten.
variatietip:
Varieer met de smaak en de kleur: voeg voor een rode-bietenhummus 1 fijngeraspte gekookte biet en een 1/2 tl gemalen komijn toe en pureer. Voeg voor groene hummus het sap en rasp van 1 limoen (in plaats van de citroen uit het basisrecept), 1 fijngesneden jalapeñopeper en 1 bakje fijngesneden koriander (15 g) toe en pureer.
combinatietip:
Lekker om te dippen met geroosterd pitabrood (het gerecht is dan niet meer glutenvrij).
Snijd het vanillestokje open en met mespunt merg eruit schrapen. Breng in een pan met dikke bodem de melk met het vanillemerg en -stokje aan de kook. Voeg de rijst en het zout toe en breng het al roerend opnieuw aan de kook. Zet het vuur (van kleinste pit van gasfornuis) zeer laag en gebruik eventueel een vlamverdeler, want rijstepap brandt snel aan. Leg een deksel op de pan en kook de rijst in ca. 12 min. gaar.
Roer met een houten spatel regelmatig om, ook goed langs de randen van de pan. Neem de pan van het vuur en verwijder het vanillestokje. Breng de rijstepap op smaak met suiker. Verdeel over schaaltjes. Eet het lauwwarm (rijstebrij) of laat verder afkoelen (rijstepudding).
combinatietip:
Lekker met basterdsuiker, kaneel of rode bessensap.
combinatietip:
Om het romige karakter van dit nagerecht te benadrukken kun je 2 el ongezouten roomboter door de warme rijstepap roeren. Of klop 125 ml slagroom stijf met 1-2 el suiker en spatel dat door de afgekoelde rijstepap.
Als de basis van de soep goed is, kan er eigenlijk niet zoveel meer misgaan.
2 winterpenen
4 stengels bleekselderij
1 prei
2 uien
2 kruidnagels
2 tenen knoflook (ongepeld)
2 gedroogde laurierblaadjes
3 el Japanse sojasaus
1 stuk runderschenkel
1 liter water
Snijd de winterwortel en de bleekselderij in grove stukken. Snijd de prei in dikke stukken. Prik de uien aan een vork en houd ze in een gasvlam tot de buitenkant zwart ziet. Laat ze even afkoelen. Steek de kruidnagels in de uien. Doe het vlees met de uien, knoflook, winterpeen, prei, bleekselderij, laurier en de sojasaus in een soeppan. Schenk het water erbij tot alle ingredienten onder water staan. Voeg naar smaak de (versgemalen) peper en eventueel zout toe.
Breng het water onder voortdurend roeren aan de kook. Stop met roeren zodra de bouillon begint te koken. Leg de deksel schuin op de pan, draai het vuur laag en laat de bouillon ongeveer twee uur trekken terwijl hij zachtjes doorkookt. Langer mag ook: hoe langer de bouillon trekt, hoe voller de smaak is. Leg een schone theedoek in een vergiet en zet dat boven een grote pan. Zeef de bouillon door hem voorzichtig in het vergiet te schenken.
Tip:
Bouillon is de basis voor alle soepen. Als je niet veel tijd hebt, biedt een blokje of een potje natuurlijk uitkomst. Maar je kunt ook zelf een mooie, smaakvolle bouillon trekken.
Tip:
Groentesoep. Het klassieke recept voor groentesoep is eenvoudig: breng een halve liter zelfgemaakte bouillon aan de kook. Doe er 125 gram gesneden prei, wortel, bloemkool, sperziebonen, een hand vermicelli en rauwe gehaktballetjes bij. Een oosters tintje krijg je door oesterzwammen, een blokje gember en tofu mee te laten koken. Maak het af met een scheutje sojasaus.
Tip:
Tomatensoep. Breng 1 kilo gehalveerde tomaten, 1 gesnipperde ui, 1 laurierblad en wat gedroogde tijm aan de kook in een liter bouillon. Laat 20 minuten koken, haal het laurierblad eruit en pureer de soep met een staafmixer. Garneer met verse basilicum. Lekker met een scheutje room!
1 Doe het gehakt in een kom. Kneed I teen knoflook, het paprikapoeder en zout en peper naar smaak door het gehakt. Draai 8 kleine balletjes van het gehakt.
2 Verhit in een koekenpan de olijfolie. Bak de genaktballetjes in 8 minuten bruin en gaar. Neem ze uit de pan.
3 Fruit in het bakvet de laatste 2 knoflooktenen. Voeg het blik tomaten toe. Druk de tomaten met een spatel klein. Voeg het laurierblaadje en de gehaktballetjes toe en stoof de gehaktballetjes 10 minuten.
4 Leg de sneetjes stokbrood op een schaal. Verdeel er de gehaktballetjes met een beetje saus over. Garneer met de peterselie en steek er een prikker door.
Laat de blaadjes gelatine in een bord met koud water weken. Klop de eierdooiers met de fijne suiker tot een wit, schuimig mengsel. Breng de melk aan de kook. Haal van het vuur en giet door een zeef. Giet de melk beetje bij beetje en al roerend bij het eimengsel. Giet de creme in een kookpan en laat onder voortdurend roeren met een houten lepel heet worden (niet koken). Haal de pan van het vuur. Knijp het water uit de gelatineblaadjes en voeg deze dan bij de creme in de pan. Roer tot de gelatine volledig is opgelost. Giet de creme door een zeef in een grote schaal. Spoel de bosbessen en mix ze tot puree. Houd enkele bessen apart. Meng de puree met de creme. Klop de room stijf en spatel voorzichtig door de creme. Bevochtig een bavaroisvorm en giet de creme erin. Zet een nacht afgedekt in de koelkast.
Bereidingswijze
Zet de vorm (niet de creme!) heel even in heet water en keer hem dan om op een plat bord.
Meng met je handen de biet en tofu met een ei, 1-2 eetlepels paneermeel en 2 eetlepels dille. Breng op smaak met peper en zout.
Maak je handen nat en vorm kleine balletjes. Leg ze een half uurtje in de koelkast.
Maak intussen de mierikswortelsaus.
Roer de room los met de dille, de limoenrasp en de mierikswortel. Maak de pitjes van de granaatappel los.
Schaaf met een mandoline de chioggiabiet in dunne plakjes. Leg ze op een bakplaat en zet ze 10-15 minuten in de oven. Ze moeten langzaam drogen en worden daarna pas krokant. Dit kan – afhankelijk van de dikte van de plakjes – wel 20-25 minuten duren.Na het bakken blijven ze ongeveer een uur korkant.
Schenk olijfolie in een koekenpan en bak de bietenballetjes aan tot ze goudbruin zijn. Temper het vuur en laat ze nog 10 minuten zachtjes garen.
Leg per persoon 2-3 balletjes op een bord, schep er de mierikwortelsaus naast, garneer met dille, de granaatappelpitjes en de bietenchips.
1. Schil de aardappelen en snijd in gelijke stukken. Kook de aardappelen in water met zout in 20 min. gaar. Verhit ondertussen 25 g boter in een koekenpan en bak de spekblokjes in 6 min. knapperig. Voeg de ui toe en bak 1 min. mee. 2. Snijd ondertussen de bietjes in blokjes, voeg toe en bak 4 min mee. Snijd de ongeschilde appel in kwarten. Verwijder het klokhuis en snijd de kwarten in stukjes. Schep door het bietjesmengsel. 3. Giet de aardappelen af en vang het kookvocht op. Stamp de aardappelen met de rest van de boter en een kopje kookvocht met de pureestamper tot een smeuige puree. Schep het bietjesmengsel erdoor. Breng op smaak met peper en zout. Verdeel de stamppot over 4 borden.
1. Schil de aardappelen en snijd ze in stukken. Kook ze in water met zout in 20 min. gaar. Voeg na 10 min. de winterpeen toe. Giet af.
2. Verwarm de melk. Stamp de aardappelen en peen met de pureestamper fijn en meng de melk erdoor. Rasp de gele schil van de citroen. Voeg de bietjes en de citroenrasp toe aan de stamppot en breng op smaak met peper en zout. Voeg 25 g boter toe en warm nog 3 min. door.
3. Verhit ondertussen de rest van de boter in een koekenpan en bak de kabeljauwburgers 8-10 min. Rooster het sesamzaad in 3 min. goudbruin in een koekenpan zonder olie of boter. Roer door de yoghurt. Serveer de stamppot met de kabeljauwburgers en de yoghurt.
Verwijder, indien van toepassing, de vliesjes van de zwezerik en spoel hem door hem een half uur in een bakje onder een straaltje stromend water te zetten. Zet de zwezerik daarna op in ruim koud water met zout, breng langzaam aan de kook en zet dan het vuur zo laag dat het nauwelijks meer beweegt. Pocheer ongeveer 20 minuten en koel terug in ijswater. Snijd in stukken.
Zet de blokjes kalfspoulet op in een pan met koud water en breng aan de kook. Schep het eiwit weg en haal daarna het vlees uit de pan. Maak de pan schoon. Doe het vlees terug in de pan met ongeveer 1,5 liter schoon water of een mengsel van water en kalfsfond, breng weer aan de kook en voeg ui, prei, wortel, bleekselderij, kruiden en een flinke snuf zout toe. Laat 45 minuten zachtjes pruttelen, tot het vlees gaar is; met uw duim moet u het makkelijk kapot kunnen drukken. Giet alles door een zeef en vang de bouillon op.
Smelt de boter in een pan en voeg de bloem toe. Gaar al roerend tot het glimt en een bal vormt, voeg dan beetje voor beetje de bouillon toe en meng steeds met een garde tot een gladde massa. Ga door tot alle bouillon is opgenomen en voeg dan de slagroom toe.
Maak de peultjes en meiknol schoon. Snijd in blokjes en blancheer de groenten 5 minuten in kokend, goed gezouten water en koel daarna in koud water. Meng het vlees en de gekookte groenten uit de zeef (die kunt u eventueel wat kleiner snijden), de geblancheerde groenten en de zwezerik door de ragout en laat alles doorwarmen. Proef en voeg zo nodig zout en peper toe.
Zeg maar hallo tegen de bloemkool in deze hartige wafels!
300 g pulled pork
300 g koelverse bloemkoolrijst
2 middelgrote eieren
2 bosuitjes
1 el jalapeñoplakjes in pot
50 g geraspte Goudse oude kaas 48+
20 g Parrano strooikaas originale
1 mespunt chilipoeder
2 el barbecuesaus
Bereiden stap voor stap koken
print
Let op! Je wijkt af van het aantal personen waarvoor dit recept ontwikkeld is. Bereiding, video, kook- en oventijden en keukenspullen kunnen hierdoor ook afwijken. Lees de tips
Verwarm de pulled pork volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Bak de bloemkoolrijst zonder olie of boter 2 min. in een wok of hapjespan. Laat de bloemkoolrijst even afkoelen.
Verwarm het wafelijzer voor. Klop ondertussen de eieren los. Snijd de bosuitjes in dunne ringetjes. Snijd de jalapeno-s fijn.
Meng de bloemkoolrijst, de eieren, de helft van de bosui, de jalapeno-s, geraspte kaas, strooikaas en chilipoeder in een kom. Verdeel de helft van het beslag over het wafelijzer. Bak de wafels in ca. 7-8 min. Door de kaas krijgt de wafel een krokant korstje. Houd de wafels warm onder aluminiumfolie. Bak van de rest van het beslag de andere wafels.
Verdeel de pulled pork over de helft van de wafels en besprenkel deze met de barbecuesaus. Leg de andere wafels erop en garneer met de rest van de bosui.
print
video Bloemkoolrijstwafels met pulled pork leuk-snel - 00:33 min.
Verhit de olijfolie in een braadpan en bak de chorizoblokjes zachtjes uit tot ze krokant en bruin zijn. Schep ze op een bordje.
Fruit de ui in hetzelfde bakvet zachtjes glazig.
Schep de aardappelblokjes en boerenkool door de ui en schenk de bouillon erbij. Breng het geheel aan de kook en kook de soep in 15-20 minuten zachtjes gaar.
Pureer de soep met een staafmixer tot hij een grove structuur heeft.
Roer de chorizoblokjes erdoor en warm de soep nog heel even door.
Breng pittig op smaak met zout en (versgemalen) peper.
Serveer de caldo verde in grote soepkommen. Lekker met grove sneden vloerbrood.
Variatietip Maak dit recept met Hollandse boerenkool of met Italiaanse cavolo nero.
Krokante en smaakvolle sperziebonen uit de airfryer zijn een heerlijk bijgerecht dat snel en eenvoudig te bereiden is. Perfect voor bij een hoofdmaaltijd of als gezonde snack.
500 gram sperziebonen (vers of diepvries, schoongemaakt)
1 eetlepel olijfolie
1 theelepel knoflookpoeder
1/2 theelepel zout peper (naar smaak)
Was en droog de sperziebonen indien nodig.
Snijd de uiteinden eraf als dit nog niet gedaan is.
Doe de sperziebonen in een kom en voeg de olijfolie, knoflookpoeder, zout en peper toe. Meng goed zodat alle bonen bedekt zijn.
Verwarm de airfryer voor op 180 graden Celsius.
Plaats de sperziebonen in het mandje van de airfryer.
Bak de bonen 10 minuten op 180 graden Celsius.
Schud halverwege de baktijd even om.
Haal de sperziebonen uit de airfryer en serveer direct als bijgerecht of snack.
Voor extra smaak kun je een beetje Parmezaanse kaas of citroensap over de sperziebonen strooien na het bakken.
Dit gerecht is ook lekker met een snufje chilipoeder voor wat extra pit.
1 grote groene paprika, van steeltje, zaad en zaadlijsten ontdaan en in reepjes gesneden
150 g worteltjes, in dikke schijfjes gesneden
5 tomaten, ontveld en in stukken gesneden
1/2 witte kool, in bladeren uiteen genomen en die bladeren in stukjes van 5 x 5 cm gesneden
2 gekookte bietjes, ontveld en fijngesneden
2 kleine blikjes tomatenpuree
3 eetlepels selderie
1 blad laurier
zout
versgemalen zwarte peper
1-1,5 theelepel harissa of 1 theelepel chilisaus of sambal oelek
3 eetlepels grofgehakte peterselie
1/8 liter zure room
Trek van het vlees met het soepbeen en 3 liter water in een uur of 2,5 op heel laag vuur een krachtige bouillon.
Verwijder het been, neem het vlees uit de soep en zeef de bouillon.
Snijd het vlees in stukken en doe het terug in de bouillon.
Verhit de reuzel of boter in een grote liefst geëmailleerde pan.
Voeg ui, prei en paprika toe en bak die, al roerend, gedurende een minuut of 5 op middelhoog vuur.
Voeg worteltjes en tomaat toe en laat die even meebakken.
Voeg de kool toe en bak die, al roerend, op niet te hoog vuur ook een paar minuten mee.
Giet dan de bouillon met het vlees bij de groenten.
Voeg driekwart van de bietjes bij de soep, de tomatenpuree, selderie en laurier en maak op smaak met zout, peper en harissa of een van de vervangingen.
Breng de soep aan de kook, draai het gas iets lager en laat een half uur zachtjes doorkoken.
Doe het restant van de bietjes in een steelpan, voeg een paar lepels bouillon toe en laat een paar minuten koken tot de vloeistof donkerrood ziet .
Zeef het en doe het bietesap vlak voor het opdienen in de soep. Roer vlak voor het opdienen ook de peterselie door de soep.
Serveer de soep in borden en voeg, in het bord, een lepel zure room toe.
2 el kokosvet verhitten. ui, knoflook, Spaanse peper, sereh, kaneel en saffraan 3 min zachtjes bakken.
er door roeren: 1 tl zout, mosterdpoeder, santen, azijn, en suiker.
zonder deksel 30 min zachtjes koken tot dikke saus ontstaat.
intussen aubergines wassen en kroontjes verwijderen. aubergines in reepjes van 2 cm snijden. in frituurpan rest van kokosvet verhitten. aubergine in 3 min goudbruin frituren. uit de pan scheppen en op keukenpapier laten uitdruipen. van visje kop, vel, graten verwijderen. vis in stukjes verdelen. aubergine en vis door saus roeren. in nog 20 min zachtjes koken tot vocht is verdampt.
Was de broccoli en snijd ze in roosjes. Stoom of kook ze ongeveer 5 minuten in licht gezouten water. De broccoli moet gaar maar nog een beetje knapperig zijn
Ondertussen klop je de eieren met de melk, creme fraiche, geraspte kaas, zout en peper
Rangschik de broccoli in een ingevette ovenschaal, dek af met het ei-kaasmengsel en bestrooi met paneermeel
Bak ongeveer 45 minuten in de oven, of totdat de gratin bruin is
1 kant-en-klare taartbodem (voor hartige taart) met een doorsnede van 23 centimeter
4 losgeklopte eieren
1 eierdooier, losgeklopt
475 ml room (probeer room met een zo hoog mogelijk vetgehalte te vinden, bij voorkeur 40%)
zout en peper naar smaak
125 gr geraspte mozzarella of provolone kaas
Verwarm de oven voor op 190 C / gasoven stand
Plaats een stoommandje in een middelgrote pan gevuld met ongeveer 2,5 cm water. Plaats broccoli in het mandje, en breng het water aan de kook. Bedek, en stoom 5 minuten, of totdat de broccoli gaar is maar toch nog stevig
Verhit de olie in een middelgrote koekenpan op middelhoog vuur en bak knoflook en ui tot ze gaar zijn. Meng de broccoli erbij en bak 1 tot 2 minuten. Breng op smaak met rode peper vlokken. Bedek er de taartbodem mee
In een middelgrote kom, meng je de eieren, eigeel en room. Giet over het broccoli mengsel. Breng op smaak met zout en peper. Bedek met geraspte kaas
�
Bak 35 minuten in de voorverwarmde oven, of totdat een spies geplaatst in het midden er schoon uitkomt
Lekker brood maken kost tijd, brood heeft tijd nodig om te rijzen en langzaam rijzen geeft smaak aan je brood. Maar soms heb je gewoon geen tijd, of geen zin en dan is dit lekker snelle recept voor ciabatta ideaal. En weet wat nog leuker is: je hoeft het niet eens te kneden want roeren is voldoende. Voor het roeren gebruik ik een deeg garde, maar het kan ook met een houten lepel. Snel ciabatta zonder kneden maken is ideaal. Als je nu het deeg roert dan kan over 2 uur de oven aan en dat zonder kneden.
Brood zonder kneden, hoe werkt dit Brood zonder kneden, hoe werkt dit? Je hebt verschillende manieren van brood zonder kneden. Er is een langzame manier, dan voeg je heel weinig gist toe, slechts 1 gram en laat het 12-15 uur rijzen op kamertemperatuur.
Met dit recept ciabatta zonder kneden maken, gebruikt je tweemaal zoveel gist als normaal rijst het deeg even snel als het normaal doet na 20 minuten kneden.
Benodigdheden:
500 gram bloem
2 zakjes gist van 7 gram
400 ml lauw water
40 ml olijfolie
8 gram zout
Roer alle ingrediënten goed door elkaar. Het is een erg vochtig deeg, net als veel Zuid Europese broden, maar dat maakt het brood straks extra lekker.
Dek het brood af met plastic. Zelf gebruik ik hier een pedaalemmerzak voor. Hierdoor blijft het vocht binnen in de kom, en de toch blijft buiten.
Laat het deeg een uur rijzen. Bestrooi het werkblad ruim met bloem. Het deeg is erg nat en kleeft behoorlijk, gebruik genoeg bloem om het deeg onder controle te krijgen.
Verdeel het in twee en maak twee rechte platte broden. Bedek de ciabatta’s met plastic dat je insmeert met olie. De olie voorkomt dat het plastic aan het brood gaat kleven.
Verwarm na een uur de oven voor op 230 graden (hete lucht oven).
Bak de ciabatta’s in het midden van de oven in ongeveer 25 minuten gaar.
Tijdens de zomervakantie was het een komen en gaan van gasten op onze Ierse boerderij. Een eindeloze stroom van vrienden en familie kwam langs, in de stille hoop op een goede zomer (die is dit jaar niet geweldig), maar ondanks het weer (ja, ja: dagje op dagje af) wordt er volop genoten van de prachtige natuur, mijn geweldige Ierse vrienden en het leven in onze keuken.
Iedere ochtend, voordat de gasten goed en wel wakker zijn, begin ik met het bakken van vers sodabrood. Niets is zo heerlijk als de geur van versgebakken brood en sodabrood is een van de makkelijkste broden ooit: het beslag hoeft alleen kort te worden geroerd, het hoeft niet te rijzen en het bakken duurt relatief kort.
Het originele Ierse sodabrood ontstond halverwege de 19de eeuw, toen commerciële chemische rijsmiddelen werden ontwikkeld. Tot die tijd was broodbakken een hele onderneming. Men moest wilde gisten vangen door een kom met bloem en water op een warme plek te zetten. Of het deeg wilde rijzen was dan afwachten. Vooral arme Ierse huishoudens hadden het ontzettend moeilijk, omdat ze alleen bloem van zachte tarwe voorhanden hadden dat, vanwege het lage eiwitgehalte (dus minder gluten) niet goed kon rijzen.
De Ierse weersomstandigheden zijn niet ideaal voor het verbouwen van harde tarwesoorten, die meer zonlicht en drogere omstandigheden nodig hebben om goed te groeien. Harde tarwe, rijker aan gluten, groeit beter in warmere en drogere klimaten zoals in Zuid-Europa of delen van Noord-Amerika. Zachte tarwe gedijt dus beter in het vochtige en koele Ierse klimaat. Deze tarwe is dus veel minder geschikt voor het bakken van gistbrood, maar het werkt wel heel goed voor andere toepassingen, zoals sodabrood, scones en koekjes. Toen baking soda voor iedereen verkrijgbaar werd, konden ook de armere mensen goed brood bakken dat makkelijk rees door de toevoeging van iets zuurs: verzuurde melk of karnemelk (de vloeistof die overbleef na het maken van boter).
Het onderstaande broodje kwam deze zomer dan óók bij het avondeten regelmatig op tafel (wie courgettes verbouwt, weet hoe productief die planten kunnen zijn). Ik zette met een piets zout geknede, flinterdun gesneden courgette in elke vorm op tafel, dus ook in brood. Dit courgettebrood is echt fantastisch bij een barbecue of bij een grote maaltijdsalade en staat in een mum van tijd op tafel. Zo houdt u meer tijd over voor een lekker glas met uw gasten.
Courgettebrood 400 gram courgette, geschaafd in flinterdunne schijfjes
1 theel. zout 100 ml olijfolie, plus extra
100 gram geraspte Parmezaanse kaas
125-150 gram yoghurt
2 eieren, losgeklopt
300 gram bloem
200 gram polenta
1 theel. baking soda
versgemalen zwarte peper
Verwarm de oven voor op 160 graden. Vet een vierkante bakvorm of ovenschaal van 20x20 cm in met een lik olijfolie, bekleed met bakpapier en vet dat ook in.
Doe de courgetteschijfjes in een vergiet bekleed met een schone theedoek en bestrooi met de theelepel zout. Hussel alles door en kneed het licht. Laat 15-30 minuten staan, til dan de boel aan de theedoek op en draai de theedoek strak dicht boven de gootsteen. Draai steeds strakker om er zoveel mogelijk vocht uit te wringen. Doe de uitgewrongen courgette daarna in een grote kom, haal er een handvol vanaf en houd dat apart.
Meng de rest van de olijfolie en bijna alle Parmezaanse kaas (houd 2-3 eetlepels apart) door de courgette. Klop de yoghurt met de eieren los en roer het erdoorheen.
Meng in een andere kom de bloem met de polenta, baking soda en lekker veel zwarte peper.
Schep een deel van het droge mengsel door het courgettemengsel, roer tot het goed is opgenomen en voeg dan steeds meer bloemmengsel toe tot alles op is en er een mooi beslag is ontstaan. Schep het in de bakvorm.
Schep nog 2 eetlepels olijfolie door de achtergehouden courgetteschijfjes en verdeel het over het beslag. Bestrooi met de achtergehouden eetlepels kaas.
Bak het brood ongeveer 35-40 minuten of tot een in het midden gestoken prikker er schoon en droog uitkomt. Laat het brood 10 minuten afkoelen in de vorm, til hem dan aan het papier eruit en laat hem op een rooster volledig afkoelen.
Opmaaktip Oudgeworden courgettebrood snijdt u in plakken, kwast u in met olijfolie en grillt u op een hete plaat/grill tot fantastische crostini.
Toen ik een jaar of 4 was, stond ik op een keukenstoel naast mijn moeder aan het aanrecht in Dublin. Ze liet me zien hoe ze soda bread maakte. Ze goot het meel in een kom, voegde baking soda en wat zout toe en terwijl ik met een pollepel in de kom mocht roeren, goot zij er karnemelk bij. De zure melk was nodig om het rijsmiddel te activeren. Ze schepte het beslag op een bakplaat en liet me er, volgens Iers gebruik, een kruis in snijden: om de feeën eruit te laten. We schoven het ongebakken brood de oven in en gingen ons aankleden voor het ontbijt.
Mijn moeder heeft me veel geleerd omdat ze wilde dat wij – mijn zus en ik – zelfvoorzienend waren. Dat we zelf ons eten konden bereiden, op de naaimachine onze kleren konden naaien of repareren en wisten hoe we een hamer, zaag en nijptang moesten vasthouden. Als we naar het strand gingen en wij al onze poppen wilden meenemen, moesten we ze zelf slepen. Daar kregen we weleens spijt van als we later in Nederland het hoge duin bij Parnassia op moesten klauteren. Jammerend volgden we haar omhoog. ‘Stap maar in mijn voetstappen’, zei ze dan, ‘dat maakt het lichter.’ En verrek, het hielp: binnen no time waren we dan boven.
Ik heb lang in haar voetstappen gelopen, ook vaak expres eraf gestapt natuurlijk, want ik was geen braaf kind. Maar ik volgde haar stappen wel terug naar Ierland, waar ik nu weer half woon en waar mijn moeder, inmiddels bijna 80, kwam logeren. Samen bakten we ’s morgens brood. Haar recept heb ik inmiddels geperfectioneerd: ik maak het al jaren, bijna elke ochtend, blindelings. Er is geen bakker in de buurt, dus we zijn zelfvoorzienend. Ik voegde eieren en steeds meer karnemelk aan haar recept toe om het brood zachter en houdbaarder te maken. Zo blijft het, gewikkeld in een schone theedoek, zeker nog een dag of twee goed. Ik rijd om voor het lekkerste meel, de beste karnemelk. Het maakt echt uit.
Na het ontbijt gingen we samen wandelen langs de zee, in de Ierse lentezon. We liepen door de duinen terug. Soms waren die ineens onverwacht hoog. Mijn stoere moeder probeerde dan niet te jammeren, want haar knieën spelen haar parten bij klimmen en dalen, tot haar eigen grote ergernis. ‘Stap maar in mijn voetstappen’, zei ik, en verrek, dat hielp.
Mijn soda bread 250 gram (grof) volkorenmeel, ik gebruik extra grof steengemalen volkorenmeel
250 gram patentbloem
1 theel. baking soda
1 theel. zout
2 eieren
400 ml karnemelk
Meng alle droge ingrediënten in een kom. Klop de eieren met de karnemelk in een kan los. Giet ze bij de droge ingrediënten en meng heel kort. Giet het beslag in een ingevette cakevorm (1,5 l). Het is best vloeibaar, maar daar krijgt u straks een zalig zacht brood door. Bak het ongeveer 35 minuten (afhankelijk van de grootte van de bakvorm) in een voorverwarmde oven op 180 graden. Kiep het brood na het bakken direct uit de vorm en laat afkoelen in de restwarmte van de oven, als u daar tijd voor heeft. Dan wordt de korst extra krokant.
Zelfgemaakte boter 750 ml slagroom
250 ml crème fraîche
Optioneel: 1 theel. (Maldon) zoutvlokken of ¼ theel. zeezout
Klop de room met een mixer, net zo lang totdat de room eruitziet als roerei: klontjes boter drijvend in natte wei. Giet alles door een schone theedoek die u in een vergiet heeft gelegd. Vang de wei (het vocht) op, daar kunt u ook heel prima sodabrood mee bakken. Wring de boter goed uit. Kneed hem daarna in een kom ijswater, net zo lang totdat het water helder is. Dat is meestal na twee of drie baden. Goed spoelen is belangrijk, want als er nog sporen wei in de boter zitten, zal de boter snel ranzig worden. Kneed het zout er na de laatste beurt door. Laat houten spatels weken in een bak water en gebruik ze om een mooi blokje boter te vormen. Pak uw boter in bakpapier en bewaar hem in de koelkast. Hij blijft zeker twee weken goed.
Opmaaktips In deze receptuur zitten al veel bewaar- en opmaakideeën verstopt. Het brood vind ik misschien nog wel lekkerder als toast, dus het gaat altijd op.
Ottolenghi's chef-kok Calvin Von Niebel ontwikkelde dit recept in onze testkeuken allereerst met heerlijk rijpe perziken, verse snijbonen van het seizoen en honing die rechtstreeks afkomstig was uit een bijenkorf op het dak van een Londens huis. Het was een daverend succes, dankzij de zuivere smaken en de kwaliteit van de ingredienten. Het is ook voor u essentieel om op zoek te gaan naar de beste ingrediënten die er zijn. Dit gerecht steunt volledig op de kwaliteit van de gebruikte producten omdat ze maar heel kort worden gegaard en er een heel lichte dressing wordt toegevoegd. U kunt de perziken vervangen door nectarines of abrikozen en in plaats van snijbonen eventueel andere groene bonensoorten kiezen.
Serveer het als voorgerecht, bijvoorbeeld met de pittige lasagne van paddenstoelen (zie blz. 228) als hoofdgerecht en met de citroensorbet (zie blz. 289) als dessert.
400 g snijbonen, uiteinden en evt. draden verwijderd en schuin doormidden gesneden
3 eetl. olijfolie, plus extra om in te vetten
2 rijpe (maar stevige) perziken, ontpit, in plakken van 1/2 cm dik (200 g)
5 g muntblaadjes, grof gescheurd
4 eetl. citroensap
80 g jonge, romige geitenkaas zonder korst, in stukjes van grofweg 4 cm gebroken
20 g geroosterde, gezouten amandelen, grof gehakt
1 eetl. vloeibare honing
zeezoutvlokken en zwarte peper
Schud de bonen om met 2 eetlepels olie en 1/2 theelepel zeezoutvlokken.
Zet een goed met olie ingevette grillpan op hoog vuur en zorg voor goede ventilatie in de keuken.
Gril de bonen zodra de pan goed heet is 3-4 minuten aan elke kant, tot er duidelijke grillstrepen op de bonen zijn ontstaan en ze bijna gaar zijn.
Schud de bonen in een schaal en zet ze afgedekt met een bord 5-10 minuten opzij, afhankelijk van hoe knapperig u de groente wilt eten; ze zullen nog iets doorgaren in de overgebleven hitte.
Besprenkel de plakken perzik met de overgebleven eetlepel olie en gril ze 1-2 minuten aan elke kant tot er goed zichtbare grillstrepen op zijn ontstaan.
Schep de bonen en plakken perzik om met de munt en schik de salade op een schaal (of op afzonderlijke borden).
Breng op smaak met het citroensap, een flinke snuf zeezoutvlokken en een flinke draai versgemalen peper.
Verdeel stukjes geitenkaas en de amandelen over de salade en besprenkel hem tot slot met de honing.
1 fles witte beaujolais st veran of een andere chardonnay
200 g suiker
2 kaneelstokjes
2 vanillestokjes
muntblaadjes voor garnering
trek met een zesteur fijne reepjes van de sinaasappel- en limoenschil. kook (konfijt) deze zestes met de rozijnen in de suikerstroop (= 1 dl water en 100g suiker koken) totdat de zestes doorzichtig zijn, ong 0,5 u. haal ze met een schuimspaan er uit en laat ze een nacht drogen op een bord bedekt met alu-folie.
- giet de witte wijn in een pan en voeg de suiker. kaneelstokjes.de gehalveerde vanillestokjes en de kruidnagels toe. breng dit zachtjes aan de kook.
- snijd van de sinaasappel en de limoen het witte vel af. snijd ze in plakjes en laat ze min goed koken in de wijnsiroop. schil de peren laat de steelwijtjes zitten. neem de pan van het vuur en laat de peren in deze wijnfond afkoelen.
- neem de peren uit de fond. steek voorzichtig het klokhuis er uit. zeef de wijnfond en laat hem iets inkoken.
serveren:
snij de peren in de vorm van een waaier. schik ze op borden en garneer ze met de geconfijte reepjes sinaasappel. en limoen en de rozijnen. giet er wat wijnsaus over.
1 verse rode Spaanse peper zonder zaadjes en fijngehakt
1 volle theelepel gemalen komijn
zee zout en zwarte peper uit de molen
450 g rundergehakt
200 g zongedroogde tomaten in olie
2 blikken tomaten van 400 g
2 blikken rode kidneybonen van 400 g, uitgelekt
1/2 kaneelstokje
Voorbereiding
Uien schillen en in stukjes snijden, de knoflook pellen.
Bereidingswijze
Maal de uien en de knoflook fijn en bak ze in een beetje olijfolie zacht.Doe in een braadpan en voeg chilipoeder, verse peper, komijn en een beetje peper en zout toe.Doe vervolgens het gehakt erbij en laat het al roerend bruinbakken.Maal nu de zongedroogde tomaten fijn in een keukenmachine, met net genoeg olie uit de pot, zodat zich een mooie pasta vormt. Doe die dan samen met de gedroogde tomaten, kaneelstokje en een wijnglas water bij het vlees. Voeg als het nodig is peper en zout toe. Breng het aan de kook en laat het 1 1/2 uur sudderen. 30 min. voor het verstrijken van de kooktijd de kidneybonen toevoegen.
Serveertips
Serveer het met een knapperig brood en een lekkere salade.
Restaurant The Manhattan Chili Co. in New York bestaat niet meer en de chef die er de scepter zwaaide, overleed in 2002. Maar Michael McLaughlin, een ‘autoriteit op het gebied van chili’s’, liet wel een kookboek na met 65 chiligerechten. De Volkskok van dienst koos de milde ‘Abilene Choral and Music Guild Chili’. Sommige lezers eten er nog van.
scheut olijfolie
2 flinke uien, gesnipperd
3 stengels bleekselderij, gewassen, in stukjes
6 tenen knoflook, geperst
800 g rundergehakt
chilipoeder
2 eetl. komijn, gemalen
1 ½ eetl. basilicum, gedroogd
1 eetl. oregano, gedroogd
snufje cayennepeper
1 liter gepelde tomaten, uit blik, uitgelekt en fijngesneden
0,8 l vleesbouillon
scheutje rode wijn
2 rode en 2 groene paprika’s, gewassen, zaadlijsten en pitjes verwijderd, in reepjes
1 l kidneybonen uit blik, uitgelekt, of 700 g bruine bonen, gekookt
2-3 eetl. maismeel of tarwebloem (optioneel)
Verhit wat olie in een koekenpan en bak er op laag vuur de uien, bleekselderij en knoflook in. In een stevige braadpan het gehakt in weinig olie aanbraden, met eventueel wat zout erbij. Het gehakt met een houten lepel goed loswoelen; de inhoud van de koekenpan erdoor roeren.
Chilipoeder naar smaak toevoegen, samen met de komijn, basilicum, oregano en cayennepeper. Even laten trekken. Tomaten, bouillon en rode wijn erbij en alles even aan de kook brengen. Vuur laag en zonder deksel laten sudderen. Af en toe roeren. Na een uur proeven en eventueel met chilipoeder verder op smaak brengen (heter mag). In de koekenpan in hete olie de reepjes paprika bakken tot ze lichtbruin zijn. Roer ze door de chili in de braadpan.
Om de chili te binden (hoeft niet) maismeel of bloem onder goed roeren toevoegen. De laatste vijf minuten de uitgelekte bonen laten meekoken. Een dag laten staan en dan opwarmen maakt deze chili lekkerder.
1 worteltje, in repen geschaafd met een dunschiller
1 tl geroosterde sesamolie
1 el fijngehakte verse koriander
takjes verse koriander om te garneren
Doe de rijst in een grote steelpan met koud water en breng aan de kook. Temper het vuur en laat circa 15 minuten sudderen, tot de rijst gaar is, of volg de instructies op de verpakking. Laat goed uitleken
Terwijl de rijst kookt, snijdt u de visfilets overlangs door. Schik de vishelften met het vel naar boven op een bord en verdeel de oestersaus erover. Bestrooi de filets dan met de suiker, de helft van de knoflook, de helft van de gember en de helft van de lente-uitjes. Rol de visfilets vervolgens op
Doe de zeekraal in een stoomkoker en schik de visrolletjes erbovenop. Bestrooi met de rest van de fijngesneden knoflook en de gember en voeg de reepjes wortel toe. Dek de stoomkoker af en laat 5-6 minuten op een hoog vuur stomen, of tot de vis gemakkelijk uit elkaar valt en de zeekraal net gaar is
Schik de zeekraal en de scholrolletjes op borden, samen met de reepjes wortel. Besprenkel met de sesamolie en strooi de rest van de lente-uitjes en de fijngehakte koriander erover. Schep de rijst in aparte kommen, garneer met de takjes koriander en serveer
Van kool stronk verwijderen. In koud water kool schoonspoelen.
In grote pan weinig water met zout aan de kook brengen. Kool ca. 5 minuten koken. Ham in reepjes snijden. In kom eieren met paprikapoeder, knoflookzout en peper loskloppen. Grote schotel invetten.
Bereidingswijze
Oven voorverwarmen op 200 C. Kool in ovenschotel leggen. Ei erover schenken. Bestrooien met ham en kaas.
In midden van oven in ca. 20 minuten goudbruin laten worden.
Hak de bigareaux fijn. Hak de bitterkoekjes. Wel de rozijnen in iets cognac. Besprenkel de gehakte bitterkoekjes met iets cognac. Meng alle onderdelen voor de vulling met elkaar en laat het intrekken.
Meng de helft van de suiker met de eidooiers. Voeg een klein beetje melk toe om er een gladde massa van te roeren.
Snijd het vanillestokje in de lengterichting open en schraap de vanille eruit. Voeg dit toe aan de melk samen met het uitgeschraapte stokje.
Voeg de rest van de suiker aan de melk toe. Meng alles goed door elkaar met een garde.
Week de gelatine in koud water.
Breng de melk met de suiker en het vanillestokje aan de kook, (Let op niet overkoken). Laat het geheel op een laag vuur ongeveer 10 minuten trekken.
Giet de kokende melk bij het suiker-, eimengsel. Roer goed door.
Giet het geheel weer terug in de pan en laat het binden, (Het geheel mag beslist niet meer koken).
Neem de pan van het vuur.
Knijp de geweekte gelatine uit en voeg deze toe aan de melk. Het geheel goed doorroeren om de gelatine goed op te lossen. Laat het geheel geleren in de koeling / viezer.
Klop ondertussen de slagroom op tot yoghurtdikte, (Koud wegzetten).
Als de compositie gaat geleren voorzichtig de slagroom erdoor spatelen, scheppen.
Als het geheel dik wordt de in cognac gewelde vulling door de pudding scheppen. Schep het geheel in de vormpjes en in de koeling laten opstijven.
Maak de pudding los door deze in iets warm water de laten smelten. Haal de pudding uit de vorm en plaats deze op een bord.
Garneren met slagroom en kruimels van bitterkoekjes.
1 Snijd de chorizo in halve maantjes van 1 cm. Verhit in een koekenpan de olijfolie. Bak de chorizo 3 minuten. Schep de paprika erdoor en bak nog 4 minuten. Bak tenslotte de knoflook 1 minuut mee.
2 Schenk de wijn erbij en schep de olijven erdoor. Verwarm de chorizo nog 1 à 2 minuten. Breng op smaak met de tijm en zout en peper.
3 Schep de chorizo in een tapasschaal en serveer warm.
Tip Vervang de paprika ook eens door 1 zoete ui in ringen.
De vijgenboom in mijn tuin groeit als kool en produceert honderden vijgen. Helaas zelden rijp. Dat kan ook bijna niet anders in ons klimaat. Maar niet getreurd. Chutney van onrijpe vijgen is heerlijk!!! Neem er de tijd voor. De vijgen moeten uren lang op het vuur staan. Ik heb onlangs van vier kilo vijgen chutney gemaakt en dat heeft 7 uur staan pruttelen.
Vijgenchutney is heerlijk bij vlees. maar ook op de boterham, met kaas of ham, is het smullen. Of gewoon op een toastje, met een glaasje port er bij. Ik bewaar de chutney in bakjes in de diepvries. De smaak lijdt daar niet onder!
1 kilo onrijpe vijgen
1 liter water
300 gram donkere basterdsuiker
2 el geraspte gember
1 kaneelstokje
(evt. foelie en kruidnagels)
evt gesnipperde ui
evt zoete azijn
evt pepertje
Pluk de vijgen met handschoenen aan. Het witte sap, latex, kan huidirritatie veroorzaken.
Spoel de vijgen goed af. Snijd vervolgens het steeltje eraf en spoel nog een keer. Zet de vijgen in heet water op en laat een kwartiertje koken. Spoel nog een keer goed af. Doe dan de vijgen in een grote pan, voeg water, suiker, gember en kaneel toe en doe kruidnagels e.d. in een thee-ei en hang dat in de pan.
En dan is het de tijd nemen. Laat de pan uren lang een laag vuur staan, zodat de vijgen zacht kunnen worden. Als je een vijg met een pollepel tegen de zijkant van de pan kunt pletten, is het goed. Maak het je vervolgens gemakkelijk en pak een pureestamper om de vijgen te pletten tot je een mooie chutney hebt. Proef en voeg eventueel nog smaakmakers toe (cayennepeper, zout, maggi).
Doe de chutney in potten en bewaar in de koelkast of diepvries.
Trek handschoenen aan bij het schoonmaken van de vijgen, want ze geven een kleverig wit vocht af.
Snijd aan de bovenkant het steeltje eraf met een stukje vruchtvlees en kerf de vijgen aan de onderkant in. Breng ze met ruim water aan de kook, laat ze 15 minuten koken en giet dan af.
Spoel de vijgen met koud water, spoel de pan om en zet de vijgen opnieuw in ruim water op. Herhaal dit 3x. De vijgen zijn nu zacht, maar hebben nog hun vorm.
Zet de vijgen nu op met de suiker en het water. Rasp de helft van de schil van de citroen, pers deze helft uit en voeg toe. Snijd flinterdunne reepjes van de schil van de andere citroenhelft en voeg dit toe, met de kruidnagelen, de gestampte kardamompeulen en het kaneelstokje.Laat 30-45 minuten koken totdat het vocht siroopachtig is.
Draai het vuur uit en laat een nacht staan met een deksel erop.
Kook het geheel de volgende dag kort op, vul dan wat weckpotjes met de vijgen en giet de siroop erover.
Voeg nog enkele flinterdunne reepjes citroenschil toe en sluit af.
Bewaar ze in de koelkast, na een week kun je ze proeven. Heerlijk als afsluiter van de maaltijd met een stukje blauwe kaas.
202310 te veel kruidnagel. met limoen: niet zo'n frisse smaak. Misschien met azzijn?
202310: toch wel lekker
MMMMM-----------------QUELLE----------------------- LWEO 2012- La courgette preparee en- salade, mimosa d ,ceufs,- creme- d ,anchois, olives et- capres- Recept van Frederic- Anton driesterren kok- van restaurant- Le Pre Catelan in Parijs
Bereiding courgettes==========
Snijd de courgettes in de lengte in
plakken van ongeveer 1,5 cm.
Kook ze in water waaraan wat zout is toegevoegd. Doe dit niet te lang, de courgettes moeten nog lichtelijk krokant blijven. Laat ze afkoelen in ijskoud water, giet ze af en droog ze daarna in een keukenhanddoek.
Laat ze daarna marineren in de balsamicovinaigrette.
Bereiding van de garnituur ===============
Wrijf het hardgekookte eiwit door een zeef. Zet apart.
Wrijf het hardgekookte eigeel door een zeef. Zet apart. Snijd de olijven in plakjes.
Doe de ansjovisfilet, de gevogeltebouillon en wat citroensap in de keukenmachine en pureer dit.
Afwerking==========
Wrijf op de gemarineerde courgette wat ansjovispuree en strooi daarna wat eiwit hierover.
Doe in een kom de olijvenplakjes, de kappertjes en de gehakte kervel en de resterende balsamicovinaigrette en meng dit alles.
Verdeel dit mengsel over het eiwit.
Decoreer dit daarna met het eigeel en wat decoratieve kruidenblaadjes (zie foto)
Trek met behulp van een spuitflacon gevuld met de ansjovispuree wat strepen over een bord en leg daarop de courgettes.
Ik ben er niet helemaal gerust op dat
de couscous bij u op tafel wel de
lekkerste is. Natuurlijk, het is fijn dat
couscous inmiddels is ingeburgerd,
maar je hebt couscous en je hebt couscous. En de belangrijkste stap om lekkere couscous te maken wordt hier net
iets te vaak overgeslagen: het stomen.
En wel op de traditionele Marokkaanse
manier, in een couscouspan, stoompan
of stoomoven. Sorry, maar een betere
manier is er niet. Wellen is uit den boze
(gebruik dan bulgur, dat kun je perfect
snel klaar laten wellen).
Couscous stoom
je tot een mooie luchtige losse berg korrels, liefst in ruime hoeveelheden (want
of je nou 200 gram of 1 kilo stoomt, het
kost je evenveel tijd en moeite) en wat
er overblijft gebruik je de volgende dag
of vries je in om deze snelle salade te
maken met lekkers uit je voorraadkast,
koelkast en tuin. Ideaal voor een
lome zomeravond.
1/2 gekonfijte citroen
1/2 bos dragon
1/2 bos munt
1 bos peterselie
1/2 bos dille
200 g zoutig-zure ingemaakte groenten (bijv. Midden-Oosterse winkel)
100 g kalamata olijven
2 eetl. zoute kappertjes
Restje (ca 400 g) gestoomde couscous (of gewelde bulgur)
Frisgroene olijfolie
Snijd de gekonfijte citroen (met of zonder het vruchtvlees) in kleine stukjes
Was en droog de groene kruiden.
Ris de blaadjes van de takjes dragon en munt, snijd grof.
Snijd de peterselie en dille grof.
Spoel eventueel de gekonfijte citroen, ingemaakte groenten, olijven en kappertjes af om overtollig zout te verwijderen.
Meng vlak voor het serveren in een grote schaal de couscous met de gekonfijte citroen, ingemaakte groenten, olijven, kappertjes en groene kruiden.
Voeg naar smaak een flinke scheut olijfolie toe en meng goed door elkaar.
Maak eventueel een extra dressing van het vocht van de ingemaakte groenten met wat olijfolie en versgemalen peper om op het laatst zelf toe te voegen.
Lekker met een drankje van ijskoude tonic met takjes verse dragon voor een lichte dropsmaak.
Snijd de vanillestokjes in de lengterichting open. Schraap de pitjes eruit en voeg dit samen met de stokjes toe aan de melk. Voeg bij de melk de slagroom. Meng alles goed door elkaar. Breng het geheel tot tegen de kook en laat het geheel trekken onder het kookpunt voor ongeveer 10 – 15 minuten.Laat het geheel iets afkoelen.Meng eidooier met de suiker goed door elkaar. Voeg het afgekoelde melk-/room-/vanillemengsel toe en meng alles goed door elkaar.Laat het geheel ongeveer 20 minuten afkoelen zodat het schuim weg gaat.Schep het afgekoelde mengsel in de vormpjes.Verwarm een oven voor op 90 C. Plaats de gevulde vormpjes voor ongeveer een uur in de oven van 90 C. Kijk na 45 – 50 minuten of het geheel al gestold is.Plaats de vormpjes als ze uit de oven komen in de koeling.Op het moment van serveren, (Na het hoofdgerecht) de vormpjes per stuk bestrooien met rietsuiker.De vormpjes branden met een verfbrander tot er een mooie goudgele korst ontstaat.
Met dit recept maak je 4 crème brûlées in lage bakjes van zo’n 10 centimeter doorsnede. Wil je er liever 6 porties van maken of heb je kleinere bakjes in huis, pas de baktijd dan aan. Hoe kleiner de bakjes, hoe hoger de custard zal worden en hoe langer het dus nodig heeft in de oven.
De custard is klaar als de bovenkant is gestold, maar het midden nog een beetje wiebelt.
500 milliliter slagroom
1 vanillestokje
80 gram suiker
5 eidooiers
Extra suiker voor de topping (rietsuiker}
Optioneel: blauwe besjes
Verwarm de oven voor op 150°C en plaats de bakjes in een diepe bakplaat.
Snijd het vanillestokje in de lengte open en schraap het merg eruit.
Verhit de slagroom met het vanillemerg en -stokje op een laag vuur tot het bijna kookt.
Klop in een andere kom de eidooiers en suiker tot een licht en schuimig mengsel.
Verwijder het vanillestokje uit de room.
Voeg de warme room langzaam toe aan het eidooiermengsel, terwijl je constant blijft roeren.
Zeef het mengsel voor een gladde textuur en verdeel het over de bakjes. Vul ze tot maximaal 3/4e.
Vul de bakplaat met heet water voor het waterbadje.
Bak ongeveer 30-35 minuten in de voorverwarmde oven, of tot de custard net stevig is, maar nog steeds een beetje wiebelig in het midden.
Laat de crème brûlée afkoelen en zet ze daarna minimaal 2 uur in de koelkast.
Voor het serveren: bestrooi de custards met een dun laagje fijne suiker en karamelliseer met de gasbrander. Serveer met een paar blauwe bessen
vorige week vertelde ik in
deze rubrick
over de
opvallende
hoeveelheid potjes zuur in mijn
nieuwe voorraadkast. Welnu,
hetzelfde verhaal kan ik afsteken over jam: mijn eigengemaakte jam, de jam die door
vrienden en buurvrouwen
werd gemaakt en de potjes jam
die ik cadeau kreeg van fabrikanten, met originele smaken
of bereidingen. Ik heb er een
schap mee vol staan.
Ineens
herinnerde ik me een tip van
mijn poetsheldin Maria, die
altijd als er onverwacht bezoek
komt snel een crostata bakt gevuld met een potje jam, want
die heeft iedereen wel staan.
Boter en bloem ook wel.
Een slim en makkelijk taartje
dus dat iedereen zal bekoren,
zeker wanneer u over de jam er
bij vertelt: 'door de buurvrouw
zelf gemaakt!' Zo'n eenvoudig
taartje wordt dan ineens reuze
interessant.
250 g bloem .
125 g koude boter, In blokjes
sap van 2 mandarijntjes,
1 sinsasappel of 1 citroen, pas een beetje aan de jamsoort aan
snuf zout
1 pot van ongeveer 350 g vijgen-of andere jam
fijne tafelsuiker of poedersulker
Meng de bloem met de boter en het zout tot grove kruimels: liefst in de keukenmachine op de pulsstand, zo blijft de boter het koudst.
Voeg dan druppel voor druppel zo veel sap toe tot het deeg net bindt.
Vorm een platte bal en laat die ingepakt in de koelkast 1 uur rusten.
Verwarm de oven voor op 200 graden.
Rol het deeg op een met bloem bestoven aanrecht uit tot een dunne lap.
Vet een lage taartvorm van 22 cm in en druk het deeg erin.
Snij de randjes bij.
Vul de bodem gelijkmatig met de jam.
Veeg alle restjes deeg bij elkaar, rol opnieuw uit en steek er figuurties uit. Leg ze op de vulling.
Bak de taart 25-30 minuten, ze moet licht kleuren.
Bestuif de crostata, als hij is af gekoeld, met fijne tafelsuiker of poedersuiker.
linzen in 5 min gaar koken. Spaanse peper wassen en zaadjes verwijderen. fijnsnipperen. in braadpan boter verhitten. komijnpoeder, koenjit, zwarte peper en garam massala +/-1 min zachtjes bakken. linzen toevoegen.
verse koriander erboven fijnknippen. door elkaar roeren.
Garnering ( zoals aardbeien, kiwi, mango, kokos, munt en nectarine )
Breng de dessertrijst met de kokosmelk, water, vanillesuiker en gewone suiker aan de kook. Laat dit al roerende 12 min pruttelen, pas op want de onderkant verbrand snel.
Als het al het vocht is opgenomen en er een witte brij is ontstaan zet je het vuur uit en laat je de rijst afkoelen.
Was, schil en snijd ondertussen het fruit en de garnering in plakjes.
Als de rijst helemaal of grotendeels is afgekoeld dan kun je er vormpjes mee maken. Maak je handen een beetje vochtig met water en neem een kleine eetlepel rijst in je handpalm en kneed er langwerpige vormpjes van. Leg ze op een schaal of bordje en leg de plakjes fruit erop.
De kokos kun je in kleine stukjes snijden en zachtjes in de rijst steken.
Bewaar de sushi met fruit zolang in de koelkast of serveer direct
1. Verwarm de oven voor op 180 grC. Kook de aardappelen in water met zout in 15 min. beetgaar. Giet af en laat iets afkoelen.
2. Verhit ondertussen 2 el olie in een koekenpan en bak de sjalot en knoflook 2 min. Voeg de venkel en wijn toe en bak 5 min. op hoog vuur tot de wijn verdampt is. Snijd de helft van de dille fijn, bewaar de rest voor garnering.
3. Snijd de aardappelen in dunne plakjes. Dep de dorades droog, bestrijk met 2 el olie en bestrooi met peper en zout. Verdeel de aardappel en venkel over de braadslee en leg de vis erop. Bestrooi met de fijngesneden dille en verdeel de boter erover. Bak de vis in ca. 20 min. in het midden van de oven gaar. Keer de dorades halverwege. Garneer met de rest van de dille.
Schil de aardappels, kook ze gaar en giet af. Laat afkoelen en snij in plakken.
Verwijder het hart uit de venkel en snij in grove stukken.
Snij de courgettes in dikke plakken.
Verhit de olijfolie in een koekenpan met dikke bodem en fruit de sjalotjes op een laag vuur in 10 minuten glazig. Voeg al roerend de knoflook toe. Laat 10 minuten pruttelen.
Verwarm de oven voor op 200 grC.
Leg de helft van de aardappelplakken in een ovenschaal. Bedek met de helft van de sjalotjes en breng op smaak met zout. Leg de dorade erop, met de tijm en het laurierblad. Dan de plakjes tomaat, courgette en stukken venkel, met de rest van de sjalotjes en aardappelen. Schenk de wijn erover. Bestrooi met zout en besprenkel met olijfolie.
Druivenjam gemaakt met de druiven uit eigen tuin. Druiven zijn lekker om zo te eten, maar in tegenstelling tot het meeste andere fruit word er met druiven maar weinig gebakken. Wat maak je nou eigenlijk met druiven. Je ziet ze weleens in een cake of clafoutis voorbij komen. Maar als je iets wilt met al die druiven uit eigen tuin en je bent geen wijnmaker dan kom je al snel uit bij druivenjam. En vervolgens open je met met druivenjam daarna een heel scala van baksels waarin je de jam kan verwerken.
Druivenjam kun je eigenlijk niet maken zonder geleisuiker. De suiker zorgt voor de conservering van de druivenjam. Daarnaast geeft het de druivenjam de juiste jam consistentie. Druiven hebben van zelfzelf weinig pectines welke voor een natuurlijk bindmiddel kunnen zorgen. Om die reden is het dan ook echt nodig om geleisuiker te gebruiken. Zonder blijft het meer een druivensap dan een jam.
Voor de druivenjam heb ik de druiven uit eigen tuin gebruikt. Er zijn verschillende soorten druiven. De ene wat zoeter als de ander. Met en zonder pitjes. Grote en kleine. Ga zo maar door. Ik heb verschillende druiven in mijn tuin. Voor dit recept heb ik de kleine druifjes gebruikt. Deze zijn wat zuurder van zichzelf waardoor de suiker niet voor een al te zoete druivenjam zorgt.
Jam maken, in dit geval druivenjam maken, gaat niet helemaal met vaste maateenheden. Het is afhankelijk van wat je na het koken en pureren overhoud hoeveel suiker er bij moet. Deze gegevens staan achterop de geleisuiker en die zijn in dit geval dan ook leidend. Ik heb voor onderstaand recept 1 kilo kleine druifjes gebruikt. Na het koken hield ik zo’n 600 gram over om suiker aan toe te voegen. Ik heb geen idee hoe groot mijn jampotjes zijn, maar haalde er 3 potjes uit.
druiven
geleisuiker
1 eetlepel citroensap
60 ml water
kaneelstokje
Maak de druiven schoon en doe ze met het water, het citroensap en het kaneelstokje in een pan.
Breng aan de kook en laat het ca. 15 minuten doorkoken.
Giet het sap door een zeef en wrijf het pulp met een pollepel door zeef.
Meet de hoeveelheid sap en volg de instructies op het pak geleisuiker. Voeg de geleisuiker toe en breng het opnieuw aan de kook.
Laat het naar instructie van het geleisuikerpak enkele minuten doorkoken
Giet de druivenjam in gesteriliseerde potten en bewaar op een donkere koele plek tot verder gebruik.
Eigenlijk lijkt deze jam meer op druivengelei, omdat ik de druiven na het koken door een zeef druk. Druiven bevatten weinig pectine. Daarom is de juiste verhouding van sap en geleisuiker belangrijk om de jam goed te laten opstijven.
1,5 kg blauwe of rode druiven, je hebt 900 ml gezeefd druivensap nodig
100 ml rode port
1 kg geleisuiker 1:1
30 ml citroensap
1 tl kaneelpoeder
Was de jampotten en deksels grondig en steriliseer ze volgens je gebruikelijke methode.
Was de druiven en verwijder slechte exemplaren.
Doe de druiven in een ruime pan met dikke bodem. Verwarm ze op middelhoog vuur en roer regelmatig, tot ze zacht zijn en hun sap loslaten.
Druk ze door een fijne zeef en vang het sap op. Meet 900 ml druivensap af en doe in een kookpan. De rest van het druivensap kun je opdrinken.
Voeg 100 ml port, de geleisuiker, het citroensap en de kaneel aan het druivensap toe.
Breng het mengsel al roerend aan de kook. Laat vanaf het moment dat het overal borrelt zo lang koken als op de verpakking van de geleisuiker staat, meestal circa 4 minuten.
Doe de geleertest: laat een druppel jam op een koud schoteltje vallen. Trek er met je vinger een streep door. Loopt de jam niet direct terug, dan is hij klaar.
Schenk de hete jam in de schone potten en sluit ze direct af. Laat de jam volledig afkoelen. Tijdens het afkoelen zal de jam nog iets dikker worden.
Verhit olie en 1 klontje roomboter in de pan en laat goed heet worden.
Voeg 4 kipdijfilets toe en bak aan beide kanten op middelhoog vuur goudbruin en gaar, zo’n 10 minuten per kant (afhankelijk van de dikte). Haal vervolgens uit de pan en zet opzij.
Stap 2
Snijd 1 citroen in plakken. Bak in dezelfde pan de plakjes citroen aan beide kanten even aan. Haal uit de pan en bewaar voor straks.
Stap 3
Hak ½ ui en 2 teentjes knoflook fijn. Doe de ui en knoflook in dezelfde pan en bak even aan.
Voeg vervolgens 300 g orzo toe en bak 2 minuten mee.
Voeg vervolgens 800 ml bouillon toe en doe de deksel op de pan. Houd goed in de gaten en roer af en toe door zodat de orzo niet aanbakt. Kook de orzo gaar en voeg indien nodig extra bouillon toe.
Stap 4
Als de orzo gaar is, voeg je 1 el mascarpone, 50 g zongedroogde tomaten en 100 g babyspinazie toe. Roer goed door.
Pers het sap van 1 citroen.
Breng op smaak met 1 handje basilicum, het citroensap en wat peper.
Stap 5
Leg de kip terug in de pan en verdeel er de citroenplakjes over.
Verhit de olie in een grote braadpan op middelhoog vuur. Voeg het lamsvlees en de uien toe en bak een paar minuten. Roer de tomaten, knoflook, kerrie en paprikapoeder erdoor. Breng op smaak met zout en peper. Meng goed, voeg 500 ml water toe en laat gedurende 75 minuten sudderen. Roer de koriander erdoor en kook gedurende nog eens 15 minuten.
Voeg tot slot de creme fraiche toe en serveer direct.
In kookboeken vind je veel versies van dezelfde klassieker. Er zitten erwten, peen, knolselderij en prei in, maar ook hamschijven, varkenspoten, rookworsten en buikspekken. De soep moet zó dik zijn dat de lepel rechtop in de pan blijft staan.
Als je tegenwoordig in een gemiddelde stad ouderwetse snert met varkensvlees maakt, kan de helft van de mensen ’m niet eten, vanwege religie, allergie of dieet. Dat kun je geen ultiem recept noemen. Zeker niet voor soep, die is bij uitstek bedoeld om te delen.
Mijn oplossing: snert zonder vlees. Dat kan prima. Vroeger was vlees wellicht nodig voor een lekkere bouillon, maar tegenwoordig hebben we puike bouillonblokjes.
Maar hoe krijg je dan die extra hartige en rokerige smaak aan je snert? Kook de uien niet mee, maar karamelliseer ze. Voor extra umami en een iets rokerige smaak neem ik gerookt paprikapoeder. Maak de soep een dag van tevoren, dan is hij nog lekkerder.
Serveer met roggebrood. Als u wilt kunt u er apart rookworst of uitgebakken spekjes bij serveren. Die zijn er zowel in vlees als in vega, dus voor elk wat wils.
voor 4 liter
500 g spliterwten
3 laurierblaadjes
2 grote uien
2 knoflooktenen
2 theel. gerookt paprikapoeder, mild
400 g wortel
400 g aardappel
1 selderijknol
2 preien
40 g selderij
15 g peterselie
groente- of tuinkruidenbouillonblokjes
Was de spliterwten en breng ze met 3 liter water en de laurierblaadjes in een ruime soeppan aan de kook. Laat ze minstens 45 minuten zachtjes sudderen. Snipper ui en knoflook en bak die in een scheut olijfolie op een heel zacht vuur gaar en bruin. Voeg na een halfuur het gerookt paprikapoeder toe, roer en laat de uien verder karamelliseren tot ze in de soep kunnen.
Schil wortel, aardappel en selderijknol en snijd ze in dobbelsteentjes van maximaal een centimeter. Halveer de prei, was het zand eruit en snijd in halve boogjes. Hak de steeltjes van de selderij en peterselie fijn.
Verwijder de laurierblaadjes uit de pan. Voeg alle gesneden groenten en kruidensteeltjes toe met bouillonblokjes voor 3 liter bouillon en flink wat peper uit de molen. Laat de soep nog minstens een half uur pruttelen. Hak de peterselie- en selderijblaadjes, voeg met de gebakken uien toe. Roer goed en breng op smaak met zout en peper.
Er ligt sneeuw op de bergen tegenover het huis. Voor het eerst dit jaar en da’s tamelijk laat. Hier, op mijn heuvel, is de natte sneeuw overgegaan in een zeurend regengordijn; het is koud, nat, en onaangenaam. Maar de kachel brandt, de neiging om een ijzeren pot vol pruttelspul aan de haak in de openhaard te hangen is groot. Kortom: het is stoofpotjesweer. Estouffade heet dat hier, en het moet minstens drie uur stoven. Zodat het hele huis doortrokken raakt van watertandende wintergeuren. Voor de zekerheid pruttelt de estouffade toch maar op het fornuis, dat is beter te temmen dan een oplaaiend houtvuur. En ik kan intussen wat anders doen. Dit recept optikken bijvoorbeeld.
1 kilo stoofvlees
3 ansjovisfilets (op zout)
1 grote ui
6 tenen knoflook
16 groene olijven, ontpit
2 laurierbladeren
1 bouquet garni
2 grote tomaten
4 eetlepels olijfolie, klontje boter nootmuskaat, vers gemalen peper, eventueel wat zout
½ liter rode wijn
Snij het vlees in grote brokken en bestrooi het met peper en wat nootmuskaat. Pel en snipper de ui, pel de knoflooktenen.
Verhit de olijfolie en de boter in een braadpan en schroei het vlees snel dicht, haal het uit de pan en hou apart.
Fruit in hetzelfde braadvet, maar op laag vuur en onder goed roeren, de ui en de knoflook aan tot ze goudbruin van kleur zijn.
Voeg de klein gesneden ansjovisfilets toe en laat wegsmelten. Voeg er de in parten gesneden tomaten en de olijven aantoe, plus het vlees. Giet de wijn erbij en doe er de laurier en het bouquet garni bij.
Laat op laag vuur minstens 3 uur -maar net zo lang als nodig- stoven, tot het vlees bijna uit elkaar valt. Eventueel wijn bijvoegen als de boel te ver inkookt en dreigt aan te bakken. Regelmatig omscheppen.
Op het laatst eventueel nog zout toevoegen, maar doorgaans zijn de ansjovisfilets al zout genoeg om het hele gerecht te zouten.
Geef er pasta, rijst of gekookte aardappels bij, iets van groenten, en vanzelfsprekend een mooi glas rood.
Zacht zoete appels, onweerstaanbare karamel, geserveerd met een lik creme fraiche. Bon appetit!
180 g boter
150 g bloem
50 ml kraanwater
4 friszoete en stevige appels
150 g basterdsuiker wit
200 ml creme fraiche
Bereiden stap voor stap koken
print
Let op! Je wijkt af van het aantal personen waarvoor dit recept ontwikkeld is. Bereiding, video, kook- en oventijden en keukenspullen kunnen hierdoor ook afwijken. Lees de tips
Doe 80 g boter (per taart) en alle bloem in een beslagkom en snijd fijn met 2 messen. Voeg een klein deel van de basterdsuiker toe. Schenk er ijskoud water bij. Kneed met de hand snel tot een soepel deeg (voeg wat water toe als het deeg te droog is), maak er een bal van, dek af met vershoudfolie. Laat minimaal 30 min. in de koelkast rusten. Verwarm ondertussen de oven voor op 195 grC.
Schil de appels, verwijder de klokhuizen en snijd de appels in 4 parten. Snijd de rest van de boter in blokjes, doe deze in een steelpan en laat op laag vuur smelten. Strooi de rest van de basterdsuiker erover zodra de boter is gesmolten. Verhit op halfhoog vuur zonder te roeren, tot een bruine karamel ontstaat. Neem de pan van het vuur, schenk de hete karamel voorzichtig in de quichevorm en leg de appels met de bolle kant naar beneden in de karamel.
Rol het deeg uit tot een ronde lap van ca. 28 cm doorsnede en leg deze over de appels. Stop het deeg goed ,in , tussen de appels en de rand, zodat er geen appel meer zichtbaar is. Bak de taart 50 min. in het midden van de oven.
Laat ca. 12 min. afkoelen. Leg een bord omgekeerd op de vorm en keer de vorm om, zodat de taart op het bord ligt. Serveer warm en schep op elk stuk een lepel creme fraiche.
Voor Frikadel pan bestaan net
zoveel recepten als
voor bolognesesaus. Het is
een Indisch comfortfoodgerecht dat een wonderlijke
samensmelting is van de
Indonesische en de Hollandse
keuken. Naar alle waarschijnlijkheid is het ooit, door Hollanders ingegeven, in Indonesië ontstaan. Het woord frikadel is oud-Nederlands of
Vlaams voor gehaktbal, en
duikt later weer in de Indische
keuken op als naam voor hetzelfde gerecht, al dan niet
aangevuld met groenten als
aardappel of mais. Frikadel
kan een balletje of een heel brood zijn. Hoe het Spaanse
woord pan (brood) erachter
kwam, is mij een raadsel. Het
kan natuurlijk ook zo zijn dat
het een gehaktbrood is dat in
een ovenschaal (pan!) gebak-
ken wordt. Wie het weet mag
het zeggen.
Hoe het ook zij, het is een fantastisch en oergemakkelijk
gerecht waar u de vingers bij
aflikt.
1 kg h.o.h. gehakt ·
300 g grofgestampte aardappelpuree ·
2 uien, gesnipperd ·
1 runderbouillontablet, verkruimeld ·
2 kruidnagels, fijngestampt .
2 theel. korianderzaad, uit de vijzel ·
3 eetl. ketjap manis, plus extra ·
2 eetl. sambal trassi, plus extra ·
1 duimlengte gember, fijngeraspt .
rasp en sap van 1 limoen ·
2 eieren, losgeklopt .
125 ml melk ·
handvol broodkruim of paneermeel ·
1 eetl. olie
Verwarm de oven voor op 180 graden.
Meng het gehakt met de ui, bouillontablettenpoe- der, fijngestampte specerijen, ketjap, sambal, gember en limoenrasp.
Klop de eieren met de melk en roer het door het mengsel.
Spatel de puree erdoor. Het hoeft niet glad, je mag best wat aardappel zien.
Voeg als het te nat is wat broodkruim toe.
Vorm een mooi, plat, rond brood van het gehakt op een met olie ingevet bakblik en laat de Frikadel pan in ruim 1 uur gaar worden.
Klop van een plensje ketjap, iets sambal en het limoensap een sausje en smeer het gehaktbrood ermee in.
200 g gemengde sla 150 g kikkererwten of kidneybonen uit pot of blik, afgespoeld en uitgelekt 1 rode paprika, in reepjes 1/2 komkommer, in stukjes 2 tomaten, in partjes 2 el druivenpitolie of andere neutrale olie
1 citroen, sap 100 g pindasaus kokosmelk naar smaak 100 g taugé
TER GARNERING
1 zak kroepoek 2 el gepofte quinoa geroosterde uitjes naar smaak (potje) 4 augurken, in plakjes, naar keuze
Meng de sla met de kikkererwten, de paprika, de komkommer en de tomaat.
Breng op smaak met olie en citroensap.
Meng de pindasaus met wat kokosmelk in een steelpannetje en verwarm de saus tot lauwwarm.
Verdeel de salade over vier borden en lepel er wat pindasaus over.
Serveer het gerecht met de kroepoek, de gepofte quinoa en maak af met de geroosterde uitjes.
4 el fijngehakte verse kruiden ( peterselie, bieslook)
200 ml grand veneursaus
plastic folie
aluminiumfolie
snij de rode kool in zo dun mogelijke stukjes
Verhit 1 el olijfolie in een diepe pan en bak de kool 5 min op matig vuur.
was de sinaasappel en haal er met een dunschiller een stuk schil af. Pers de vrucht uit.
Doe de schil en het sap bij de rode kool en giet er de port bij samen met een kop water. Breng aan de kook, doe de deksel op de pan en laat 30 min zachtjes stoven., zo nu en dan roeren.
Neem de eendenborsten uit de koelkast. Kerf met een scherp mes een ruitpatroon in de velkant van elke filet en leg ze op een bord. Bestrooi met z&p en laat afgedekt met folie op kamertemperatuur komen.
Schilde aardappelen, snij ze in gelijke stukken, koken in weinig water en snufje zout met deksel op de pan in 20 min gaar. Laat uitdampen. Voeg de melk toe en breng aan de kook. Stamp tot fijne puree. Roer de boter erdoor. Warm houden.
Bak intussen de eendenborsten. Verhit 2 el olijfolie in een flinke koekenpan en leg de eendenborsten met de velkant naarbeneden er in. Laat ca 8 min op matig vuur bakken. Draai de filets om en bak nog 3 minuten.
Neem het vlees uit de pan en laat onder alu-folie 5 min rusten. Snij het vlees vervolgens in dunne plakjes.
Verhit de Grand Veneursaus volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Roer de groene kruiden door de puree en verdeel samen met de rode kool over 4 borden. Leg de plakjes eendenborst er boven op en giet de saus er langs.
kook de tagliatelle al dente in water met zout en een scheutje olijfolie
spoel het koud en besprenkel met wat olijfolie
snijd de champignons in 4. snipper de sjalotten, hak de knoflook fijn.
ruit de sjalotten en knoflook lichtbruin aan, voeg er de chilipoeder aan toe en verwarm het een klein beetje zodat de smaak vd chilipoederverstterkt wordt
voeg de kookroom toe, breng aan de kook en op smaak met p+z
bak de champignons mooi bruine en haal ze uit de pan.
bak de gamba ,s half gaar, voeg de champignons, knoflook-chili-room en tagliatelle toe. verwarm het zodat het net niet kookt, dan de zongedroogde tomaten er bij en op smaak brengen met p+z
6 teentjes knoflook (gepeld en in heel dunne reepjes)
60 ml olijfolie,
2 el balsamicoazijn
1 el bruine suiker,
2 el rodewijnazijn
1,8 dl groentebouillon
zout en versgemalen zwarte peper
Verwarm de oven voor op 190 grC.
Snijd met een scherp mesje een laag van de onderkant van de uien af, zodat ze rechtop blijven staan. Snijd een klein laagje van de bovenkant en maak een paar diepe inkepingen in het midden.
Steek in elke ui 2 halve takjes rozemarijn en 2 reepjes knoflook en zet de uien in een kleine braadslede.
Meng in een kleine kom de olijfolie, de balsamicoazijn, de suiker, de rodewijnazijn en de groentebouillon. Giet dit sausje over de uien en bak de uien in circa 1,5 uur zacht (controleer dit door met de punt van een scherp mesje in de uien te prikken).
Overgiet ze regelmatig met de saus.
Snijd voor het serveren de schil in van elke ui en verwijder hem (of laat hem zitten en laat de gasten dit zelf doen).
MMMMM-----------------QUELLE----------------------- LWEO 2012- Le bar poele aux graines- de sesame dorees et- acidulees- Recept van Frederic- Anton driesterren kok van- restaurant Le Pre- Catelan in Parijs.
=== Bereiding gevogeltejus ==== Laat de gevogeltefond inkoken tot
een derde, breng op smaak met zout en peper, haal van het vuur en
monteer de fond met koude boterklontjes. Het monteren moet je doen
vlak voor het opdienen.
==== Bereiding van de zeebaars ==== Snijd de zeebaarsfilets bij tot
je 4 mooie rechthoekige filets over hebt (dit hoeft natuurlijk niet,
het is alleen voor het oog). Bak ze ongeveer 2 minuten aan elke kant
in de olijfolie. Haal ze uit de pan en leg ze op een rooster en houd
ze warm.
==== Bereiding van de geroosterde sesamzaadjes ==== Rooster de
sesamzaadjes in een pan zonder boter (Iet op kan heel snel gaan).
Verwarm de boter in een pan doe daar de geroosterde sesamzaadjes bij.
Deglaceer met de citroensap (doe er in eerste instantie niet alle
citroensap bij, dat kun je later nog altijd doen), haal van het vuur
en doe er de gehakte bieslook bij.
==== Afwerking ==== Trek wat strepen op het bord met de gemonteerde
gevogeltejus. Leg daarop de zeebaarsfilet en bedek elke filet met de
Ik hou ervan om de aardappelen naast het vlees op het bakblik te leggen en dan jus te maken van het vocht. Verder heb je alleen wat verse groente nodig voor deze geweldige zondagse maaltijd zonder toestanden. Bekijk ook de video!
4 teentjes knoflook, gesneden
takjes verse rozemarijn
zout en versgemalen zwarte peper naar smaak
1 lamsbout (2 tot 3 kg)
Maak diepe inkepingen aan de bovenkant van de lamsbout en steek in elk een teentje knoflook diep in het vlees. Strooi ruim peper en zout over het vlees en leg meerdere takjes rozemarijn onder en op de lamsbout.
Rooster op 180 C, tot het vlees net gaar is - niet te lang, het is het lekkerst als het vlees nog een beetje roze is.
Leg de eendenbouten in een grote diepe braadsleden.
Maak het ganzenvet iets warm zodat het vloeibaar wordt. Overgiet de eendenbouten met het vloeibare ganzenvet.
Zet de braadslede op een laag vuur of in de oven van 140 grC. Laat de eendenbouten op een lage temperatuur gaar worden. Laat de gare eendenbouten afkoelen.
Neem de gare bouten uit het vet en pluk deze. Splits het vel en het vlees van de bouten. Laat het vlees verder afkoelen.
Maak de sjalotjes schoon en snipper deze zeer fijn. Maak ook de knoflook schoon en had deze ook zeer fijn. Meng de gesnipperde sjalotjes en knoflook met het geplukte eendenvlees.
Hak de bieslook fijn en meng de helft met het eendenvlees. Laat de overige gehakte bieslook liggen voor de garnering later.
Voeg indien nodig nog een kleine hoeveelheid ganzenvet toe tot het geheel smeerbaar is.
Breng op smaak met peper en zout.
Zet een kruisje in de tomaten en verwijder de kroontjes. Pliceer de tomaat in kokend water gedurende ongeveer 10 seconden. Dompel onder in koud water. Verwijder het vel en de zaadlijsten door de ontvelde tomaat in vier stukken te snijden. Snij het vruchtvlees in kleine blokjes. Houd de blokjes tomaat apart.
Snij het brood, (Boterhammen) schuin doormidden, (Het brood kan geroosterd worden).
Besmeer het geroosterde brood met het eendenboutfilet mengsel, (Mag er grof op liggen).
Snij de augurken in de lengte richting doormidden. Leg deze op het eendenbout mengsel. Snijd ook de zilvertuitjes doormidden en garneer.
Bestrooi nog met de overige bieslook.
Garneer met geplukte en gewassen blaadjes eikenbladsla.
Garneer ook met de blokjes tomaat. Bestrooi met grof gemalen peper uit de molen.
mosterdsaus
Meng de koksroom met de witte wijn. Voeg iets water toe. Voeg ook de visbouillonpoeder toe. Meng alles goed door elkaar. Breng het geheel aan de kook en laat het op een laag vuur reduceren.
Voeg de helft van de mosterd toe. Meng alles goed door elkaar en bepaal of er nog meer mosterd bij moet. Bepaal of er de saus de juiste dikte heeft. Indien nodig verder dunner, (Sausdikte) maken met water of witte wijn.
Breng verder indien nodig op smaak met peper en zout.
Snijd de bieslook in een keer mooi fijn op kleine stukjes zonder erin te hakken met het mes.
Op het laatste moment aan de saus klontjes harde boter toevoegen met behulp van een staafmixer. Let op de saus mag niet meer koken.
Vlak voor de uitgifte de gesneden bieslook toevoegen
wrijf met een schone theedoek het dons van de kweeperen en snijd het vruchtvlees in dunne plakjes
blancheer de plakjes kort in water met suiker en citroensap en leg ze vervolgens enkele uren in de oven (ca 50 grC met de deur op een kier) of een paar dagen op de verwarming
je kunt ze ook aan een touwtje rijgen en aan het plafond hangen.
verwijder vooraf eventueel het klokhuis.
de gedroogde kweeperenschijfjes zijn ongeveer 3-4 maanden houdbaar
kauw indien nodig dagelijks op een paar schijfjes.
Dit voorgerecht ziet er zo mooi uit dat je er bijna niet van durft te eten. Doe dat nou maar wel, want het is lekker!
100 g groene asperges
1 dl slagroom
2 tl kerriepoeder
75 g verse roomkaas met walnoot (pakje a 125 g)
400 ml romige aspergesoep (zak a 400 ml)
Verwarm de grill op de hoogste stand voor. Snijd van de aspergetips onderaan ca. 2-3 cm. van de houtachtige uiteinden af. Kook in een pan met ruim water en zout de aspergetips in ca. 3 min. beetgaar.
Klop in een kom de slagroom met een snufje zout en kerriepoeder stijf. Klop de verse roomkaas erdoor. Verwarm de aspergesoep volgens de aanwijzingen op de verpakking. Giet de aspergetips af, snijd de topjes van ca. 3 cm. er af en snijd de rest in stukjes van ca. 1 cm. Houd 12 mooie topjes achter, roer de rest van de asperges door de soep. Schep de soep in de koppen.
Dek af met roommengsel en schuif de kopjes op de bakplaat, ca. 15 cm. onder de grill. Laat de room in ca. 30 sec. iets kleuren. Neem uit de grill en leg de aspergetopjes op de room. Serveer direct.
50 g versgeraspte oude Goudse of Parmezaanse kaas.
Snijd de schoongemaakte courgettes in dunne plakjes van ca. 5 mm.
Snipper de gepelde ui en het knoflookteentje. Verhit 1 eetlepel olie samen met de knoflook in een grote koekenpan. Voeg, zodra de olie heet is, de courgette toe en bak die, al omscheppend, ca. 3 minuten tot de plakjes zacht zijn.
Neem de pan van het vuur en breng de courgette op smaak met zout en peper. Verhit de rest van de olie in een steelpan en bak de ui zachtjes ca.5 min.. Roer de tomaat met het vocht en de Italiaanse kruiden erdoor en laat het geheel zachtjes, zonder deksel, ca. 10 min.pruttelen.
Neem de pan van het vuur en breng de tomaten op smaak met zout en peper.
Roer de peterselie erdoor.
Afwerking:Verwarm de oven voor op 200 gC. Schep de helft van de courgette in de ovenschaal en verdeel de helft van het tomatenmengesel erover,bestrooi het met een laag kaas. Herhaal deze laagjes nogmaals en bestrooi het opnieuw met een laagje kaas.
Gratineer de schotel, 1 richel boven het midden van de oven, ca. 20 min. [Bereiding/afwerking ca. 50 min.]
Let op! Je wijkt af van het aantal stuks waarvoor dit recept ontwikkeld is. Bereiding, video, kook- en oventijden en keukenspullen kunnen hierdoor ook afwijken. Lees de tips
Snijd de oesters open en verwijder de platte schelphelften. Maak de oesters in de bolle schelp los maar laat wel zitten. Zet de oesters op de bakplaat. Verdeel de ui over de oesters. Verwarm ondertussen de ovengrill voor op de hoogste stand. Sprenkel de azijn en de olie erover en schep op elke oester 1 tl creme fraiche. Strooi de kaas erover. Schuif de bakplaat ca. 15 cm onder de hete grill en gratineer de oesters in 3-4 min. Strooi zout op een platte schaal en zet de oesters erop.
Tip:
*AH Excellent speciaal voor december product. Tijdelijk in het assortiment.
Tip:
Zo geopend! Oesters maakt u open door ze in een hand tussen een dubbelgevouwen theedoek zo vast te houden dat de platte schelp boven zit. Steek met een oestermes of een stevig puntig mes in het scharnier en maak met een draaiende polsbeweging de schelp open. Schraap met het mes langs de platte schelp van de oester zodat u de sluitspier lossnijdt. Nu kunt u de oester openen.
Breng de melk met de paddestoelenbouillon aan de kook. Strooi de polenta al roerend met de garde er in. en kook de polenta 15 min al roerend op middelhoog vuur tot ze gaar is. roer de helft van de kaas er door.
Vul 4 ovenschaaltjes met de polenta en zet ze onder een voorverwarmde grill op 180 gr. Verhit in een hapjespan wat olijfolie en bak de kool om. Voeg een scheut water toe en en laat met deksel erop 10 min garen. Haal uit de pan en houd warm.
Voeg een tweede scheut olie in dezelfde pan toe. Bak de paddo-s met de knoflook en de tijm mooi bruin. Schep de kool weer door de paddestoelen, en breng op smaak met p&z. Haal de polentaschaaltjes uit de grill en schep de groenten er op. Bestrooien met walnoten
Verwarm een bbq of grill voor en vet het rooster licht met olie in
Snijd de courgettes eenmaal midden door, snij ze dan drie keer in de lengte door, zodat je per courgette 6 plakken krijgt
Meng de boter, knoflook, peterselie in een kom en smeer het mengsel op beide zijdes van alle plakken courgette. Bestrooi een kant per plak met Parmezaanse kaas en leg de plakken, met de kaas boven, schuin op de grill, zodat ze er niet tussendoor vallen
Gril de courgette tot de kaas is gesmolten en de plakjes gaar zijn en grillstrepen vertonen, na ongeveer 8 minuten
4 boneless, skinless chicken breast halves (about 6 ounces each)
1/2 teaspoon coarse salt
Freshly ground pepper
2 garlic cloves, minced
1 tablespoon extra-virgin olive oil
12 fresh basil leaves, plus more for garnish
2 beefsteak tomatoes, cut into 0,25 -inch-thick slices
Directions Butterfly chicken breasts: Put halves on a cutting board, smooth sides down, with the pointed ends facing you. Starting on one long side, cut breasts almost in half horizontally (stop about 1/2 inch before reaching the opposite side). Open cut breasts like a book. Sprinkle each piece all over with 1/8 teaspoon salt; season with pepper. Transfer to a plate, and coat both sides with garlic and oil. Let stand 30 minutes.
Heat a grill or grill pan until medium-hot. Place 3 basil leaves on the bottom half of each opened chicken breast; top each with 2 slices tomato. Fold over other half of chicken breast, and secure with two toothpicks or short skewers.
Grill chicken breasts, turning once, until golden brown on both sides and no longer pink in the center, about 15 minutes. Place on a clean serving platter; garnish with basil. If desired, remove toothpicks or skewers before serving.
Halveer de andere perziken en verwijder de pit. Snijd ze daarna nogmaals door de helft en grill de partjes op de barbecue. Voeg de partjes, als ze mooi goudbruin gegrild zijn, in de pan bij de siroop. Doe er nog de fijngehakte hazelnootjes bij voor wat crunch.
Meng de burrata lichtjes met de mascarpone (er mag nog en beetje structuur in zitten).
Schep een grote lepel van de kaasmousse op een bord. Leg er enkele stukjes perzik bij en besprenkel met de siroop. Werk net voor het serveren af met een snuifje sumac.
Een zeer zomerse en verrassende combinatie. Perziken die je even lekker in de grillpan een smaakvol zetje geeft. En datzelfde doe je met de snijbonen. De geroosterde amandelstukjes geven een goede bite aan de salade. En de blaadjes munt nog wat pit. Hij scoorde een 10 vanmiddag. Nothing less…
500 gram snijbonen
4 rijpe perziken
50 ml olijfolie
20 blaadjes munt
1 citroen
30 gram geroosterde amandelen
1 eetlepel agavesiroop
zeezout en peper
Haal de uiteinden van de snijbonen en snijd ze in drie stukken. Meng ze in een kom met een eetlepel olijfolie en wat zeezout. Schud goed om.
Verwarm een grillpan op middelhoog vuur en bak de snijbonen daar om en om in zodat ze grillstrepen krijgen. Doe dit aan elke kant zo’n 3 minuten. Doe ze dan in een kom en dek ze 5-10 minuten af. Ze zullen nog doorgaren op deze manier.
Proef ondertussen of je ze nog knapperig genoeg vindt. Als je dat vindt bedek je ze niet meer en laat je ze afkoelen.
Snijd de perziken open en ontpit ze. Snijd ze daarna in plakken van 0,5 centimeter. Besprenkel ze ook met wat olie en bak ze net als de snijbonen in de grillpan aan beide kanten. Niet te hard, niet te zacht. Zo’n 2 minuten aan elke kant.
Scheur de blaadjes van de munt in grove stukken. Pers de citroen uit, roer de agavesiroop erdoor. Breng op smaak met grof zeezout en peper.
Rooster ondertussen de blanke amandelen in een ban totdat ze hun geur af gaan geven. Stamp ze vervolgens wat fijn in een vijzel.
Leg nu de snijbonen in een platte schaal. Laat de olie ook gerust meekomen in de schaal. Dat is heerlijk.
Rangschik de perziken er mooi op. Schenk het citroensap/agavesiroop erover. Besprenkel met de munt en de amandelen.
Zowel culinair alleskenner Johannes van Dam (1946-2013) als de auteurs van huishoudschoolkookboek Wannée raden aan om het gehakt aan te maken met brood geweekt in melk. Van paneermeel wordt de bal droog. Wel een goed idee is het volgens Van Dam om de bal na het draaien door de paneermeel te rollen. Wannée doet de smakelijke suggestie om wat tomaat bij de jus te doen.
2 witte of lichtbruine boterhammen, zonder korst
75 ml melk
1 ei
1 theel. mosterd
mespunt nootmuskaat
250 g half-om-halfgehakt
4 eetl. paneermeel
30 g boter
1 tomaat, in blokjes
eventueel: sojasaus
Week het brood in de melk. Knijp bijna alle melk eruit en druk het brood met uw handen fijn.
Kneed het met ei, mosterd, nootmuskaat, flink wat zout en wat peper stevig door het gehakt.
Draai hier zes ballen van, ter grootte van een golfbal. Rol ze door het paneermeel.
Verhit de boter in een ruime braadpan en bak de ballen rondom aan in de boter. Laat met de deksel op de pan 15-20 minuten zachtjes braden en controleer op gaarheid.
Schep de ballen uit de pan en houd apart.
Voeg de tomatenblokjes toe aan het braadvet en bak even mee.
Voeg ongeveer 100 ml water toe en kook enkele minuten op hoog vuur in tot een mooie jus.
Gelakte rundersukade.Bij sukadevlees denk je aan donker draadjesvlees dat helemaal uit elkaar gevallen is en wat uren in de pan heeft geprutteld. Het resultaat is verschrikkelijk mals vlees. Maar dit is niet de enige manier om dat resultaat te bereiken. Bij sous vide gegaarde kalfssukade kan het egaal roze gekleurd zijn en ook nog zo extreem mals zoals je het gewend bent. Door dat de sukade in een zak zit blijft het een geheel. Probeer het eens zelf thuis en je zal je ogen niet geloven. Geloof me.
800 g rundersukade
1 dl olijfolie
4 takjes rozemarijn
4 teentjes knoflook in schijfjes
5 dl kalfsfond
1 dl sinaasappelsap
80 g gembersiroop
50 g kweepeer gelei
Zet alles klaar
Neem een bak of pan en vul het met warm water. Stel de Cooker in op 57 grC en laat het water verwarmen.
Snijd de kalfssukade in 2 gelijke stukken en doe ze samen met olijfolie en de rozemarijn en de knoflook in de diepvrieszakken die min. 100 graden Celsius aankunnen. ik gebruik die van de Lidl. Leg de zak in het waterbad en stel de timer in op 24 uur.
Maak de lak
Breng de kalfsfond aan de kook en voeg daarna de gembersiroop, kweeperengelei en sinaasappelsap toe en laat het vervolgens inkoken tot een stroperige dikte. Breng de lak op smaak met peper en zout.
Lak het vlees
Laat de sukade afkoelen en snij de kalfssukade in gelijke plakken. Bak de sukade vervolgens in de pan met wat boter. Bak de sukade goudbruin en doe de saus in de pan erbij. Zorg dat de saus goed om het vlees gaat zitten.
doe het zout, venkelzaad, tijm, peperkorrels en bruine basterdsuiker in de blender en maal alles tot een poeder. bestrooi de zalm met het poeder. leg de zalm in een zeef boven een diep bord met een bord er op een een blik conserven als gewicht. zet de zalm 12 u in de koelkast om te marineren. spoel de zalm af. en dep hem droog. hak de zalm met een scherp mes tot zalmtartaar.
met linzensalade, gamba, mieriksworteldressing.
zet een steker (cooking 7 cm doorsnee) o een bord, vul hem voor de helft met linzensalade. stevig aandrukken. andere helft met zalmtartaar. verwijder de steker. leg een gamba op de tartaar en lepel wat mierikswortelsaus en basilicumolie eromheen.
DE POMPOEN: Laat de frituur warm worden op 160 C. Snijd de pompoen in de lengte in twee delen. Verwijder de schil. Snijd het vruchtvlees in halve maantjes van ongeveer 1,5 cm dikte. Breng op smaak met peper, zout, olijfolie, knoflookpoeder, komijn en gerookt paprikapoeder. Vul een schaal met de panko en sesamzaadjes. Klop de eiwitten los. Giet deze losgeklopte eiwitten in een andere diepe schaal. Voeg een klein beetje olijfolie, peper en zout toe. Haal de pompoen door de losgeklopte eiwitten. Laat het pompoen uitlekken. Paneer door de panko met sesamzaadjes. Druk goed aan en frituur in de warme olie. Prik om te kijken of de pompoen gaar is. Laat uitlekken op keukenpapier.
FETA: Verbrokkel de feta in een ruime kom en meng deze met de ricotta, de griekse yoghurt, peper, het limoensap, een scheutje olijfolie en de oregano goed door elkaar. Klop het geheel tot een luchtig sausje. Maak de knoflook schoon en hak de ze fijn. Meng de gehakte knoflook door de saus. Klop het geheel weer verder goed door elkaar zodat het weer luchtig wordt.
Zet een pannetje op het vuur met iets olijfolie. Bak hierin de pompoenpitten. Laat deze uitlekken op keukenpapier.
AFWERKING EN GARNERING: Snijd de chilipeper in de lengterichting in de helft. Verwijder de pitjes en snijd in zeer dunne halve ringetjes. Schep een kleine hoeveelheid saus in het midden van een klein bordje. Leg hierop de gepaneerde gare meloen. Werk het geheel af met blaadjes munt, peterselie, halve ringetjes van de chilipeper. Garneer met de geroosterde pompoenpitten.
Asperges schillen en de uiteinden afsnijden. Elke asperge in ongeveer 3 stukjes snijden.
Boter in een pan verhitten en de asperges in de pan doen. Met citroensap besprenkelen en met wat suiker bestrooien.
Bak de asperges tot ze zacht zijn (ongeveer 10-15 minuten), blijf daarbij steeds met een spatel de asperges omroeren. Als laatste de slagroom toevoegen.
Snijd de aubergine in 16 gelijkmatige plakken van ongeveer 3 cm. dikte.
Leg het bakpapier op de bakplaat. Besprenkel met olijfolie. Leg hierop de pakken aubergine.
Haal de naalden los van de rozemarijn en meng deze met olijfolie. Verdeel deze over de plakken aubergine.
Besprenkel ook nog voor de zekerheid de bestrooide plakken aubergine met nog iets olijfolie. Bestrooi de plakken met peper en zeezout.
Rooster de pakken aubergine in de voor verwarmede oven in ongeveer 15 minuten. Laat de gare aubergine afkoelen.
Verwarm in een ruime steelpan de honing en de chilivlokken. Laat de honing afkoelen zodat de
smaken intrekken en mengen.
Rooster op een matig vuur de pijnboompitjes, (Zorg dat deze niet verbranden). Laat de geroosterde pijnboompitjes afkoelen en hak deze mooi fijn.
Roer de cr1eme crue los en verdeel deze over de borden. Bestrooi met peper uit de molen. Leg de afgekoelde geroosterde aubergine op de borden. Besprenkel met de chilihoning en bestrooi met de gehakte pijnboompitjes.
1 kg bieten (rode, gele of chioggia of een mix), geschrobd *
7 à 8 eetl. olijfolie *
zeezout en versgemalen zwarte peper *
2 grapefruits (roze of wit) *
2 sjalotten, in ringen *
3 eeti. rodewijnazijn *
naalden van 3 takjes rozemarijn
Verwarm de oven voor op 225 graden.
Doe de bieten in een ovenschaal, bedruppel ze met olijfolie. Bestrooi met zout en peper, giet er een bodempje water bij en dek hem af met aluminiumfolie.
Bak ze nu ruim een uur, check of ze gaar zijn door er een puntig mesje in te prikken. Gaat dat zonder weerstand, dan zijn ze klaar.
Wrijf de schil eraf met een vel keukenpapier en snij de bieten in grove blokken.
Snij de boven- en onderkant van de grapefruit, zo dik dat ook het wit meekomt.
Zet hem op zijn gat op een snijplak en snij van boven naar beneden de schil er helemaal af. Al het wit moet mee!
Houd hem boven een kom om het sap op te vangen en snij met een scherp mesje de partjes tussen de vliezen uit. Knijp de grapefruit nog even uit boven de kom zodat alle sap eruit is.
Herhaal met de tweede grapefruit.
Voeg de partjes toe aan de bieten en meng de rozemarijn erdoor.
Roer de sjalotringen door het grapefruitsap. Roer er zout, peper en rodewijnazijn door.
Laat 10 minuten staan om de scherpheid van de sjalot af te halen.
Klop de rest van de olijfolie erdoor voor een mooie dressing. Giet hem over de bieten-grape-fruitsla, laat even intrekken en dien op als bijgerecht.
doe het vlees in een kleine schaal en schenk de marinade er over, zodat het vlees net onder staat. 24 u in koelkast. af en toe omkeren .
neem het vlees uit de marinade, zeef de marinade, bewaar de bouquet (groenten). verhit de olie en boter. bak het vlees hierin op hoog vuur. bestrooi met z&p. 10 min laten rusten, in plakken snijden.
========= wijnsaus
verhit de olie, bak het bouquet op hoog vuur. blus af met marinadevocht. laat tot 0,25 inkoken. voeg jus de veau toe en kook samen op. maal het geheel door een groentemolen. laat tot de helft inkoken. passeer de saus door een zeef als deze lauwwarm is. klop met een staafmixer de koude olijfolie erdoor om de saus af te maken.
=========knolselderijpuree
kook de aardappels en knolselderij gaar. giet ze af. stoom ze even droog in de pan. stamp tot puree en breng op smaak met olijfolie z&p.
3 stengels bleekselderij, in staafjes van 6 x 1 cm
1 kleine rode ui, in dunne ringen
1/2 venkel, harde kern verwijderd, in halve ringen
4 dl kippenbouillon
peper
10 g boter
Doe de wortelen, bleekselderij, ui en venkel in een grote pan, schenk de bouillon erbij en breng de groenten afgedekt aan de kook op matig tot hoog vuur. Kook ze in circa 15 min. beetgaar
Neem het deksel van de pan en laat het resterende vocht in 2 tot 3 min. licht inkoken. Voeg peper naar smaak toe. Schep de groenten om met de boter en serveer ze
4 st dorades schoongemaakt (ingewanden en ontschubt)zout en peper
olijfolie
4 takjes rozemarijn
4 st pomodori
200 ml visfond
100 ml witte wijn
1 st citroenen
zeezout
500 g wilde spinazie
3 st. pomodori
2,5 el pijnboompitten
1,5 el olijfolie
1 el boter
Voorbereiding
.
Haal de rozemarijnnaalden van de takjes, bewaar de topjes voor de garnering. Hak de naalden. Bestrooi de buikholte met peper, zout en gehakte rozemarijn en vul met schijfjes citroen en wat gehakte pomodori. Vet een ovenschaal in met olijfolie en leg de vissen hier in. Schenk er de witte wijn en de helft van de visfond bij. Beschenk de vissen ruim met de olijfolie. Leg de overgebleven tomatenstukjes en de topjes van de rozemarijntakjes er omheen. Leg plakken citroen op de dorades
?=======
Gaar de vis in een 180grC voorverwarmde oven in 15 a 20 minuten.
Kook ondertussen de rest van de visfond in. Pijnboompitten in droge koekenpan bakken.
Spinazie wassen en goed drogen, eventueel in de slacentrifuge.
Tomaten ontvellen, zaadjes verwijderen en in stukjes snijden. Boter en olie verhitten en de
tomaten ca. 3 minuten bakken. Spinazie erdoor scheppen en al roerend laten slinken en op
Was de flespompoen en snijd hem door de helft. Haal de zaden eruit, en maak er een ondiepe holte in. Doe wat olie in een ovenschaal en kwast de pompoen ook aan beide kanten in. Leg de pompoenhelften vervolgens met het snijvlak naar beneden in de ovenschaal en laat ze in een voorverwarmde oven op 190 graden 40 minuten bakken.
Fruit even voor de oven klaar is de ui, de knoflook, de paprika en de rode peper in een pan. Chilipoeder en djinten erbij (hoeveelheden naar smaak). Afblussen met een klein scheutje port of wijn. De zwarte bonen afspoelen, uit laten lekken, en even mee bakken in de pan. Wat zout er bij (naar smaak).
De flespompoenhelften voorzichtig omdraaien en vullen met het mengsel. De geraspte kaas erover strooien en dan nog even terug in de oven tot de kaas gesmolten is.
vandaag
op een gerecht dat u erbij kunt
serveren, maar dat ook prima
op zichzelf kan staan, met een
goede salade erbij.
Maak porties in soepkommen en het ziet
er meteen heel dinerachtig uit.
Alsof u er echt veel tijd aan
heeft besteed. Omdat we allemaal wat minder vlees gaan
eten, ga ik u nóg meer inspiratie voor groentegerechten
geven dit jaar. Hier gaan we
dus, en onthoud: alles met
room en kaas uit de oven wordt
door bijna iedereen gewaardeerd, zelfs man Oof, geen fan
van zoete aardappels, schoof zo
twee porties naar binnen.
250 ml slagroom
1 teentje knoflook. gepeld en gekneusd
2 takjes tiim
2 eetl. olijfolie
400 g spinazle
vers geraspte nootmuskaat
boter, om in te vetten
850 g zoete aardappelen. geschlid
250 g ricotta -
60 g geraspte oude of Parmezaanse kaas
Verwarm de oven voor op 200 graden.
Breng de room, knoflook en tijmtakjes in een steelpan tegen de kook aan en laat 10 minuten trekken, verwijder dan de knoflook en tijm.
Verhit de olijfolie in een wok en roerbak de spinazie kort, breng op smaak met peper, zout en nootmuskaat.
Druk de spinazie uit in een zeef.
Schaaf de zoete aardappels op een schaaf of in de keukenmachine tot heel dunne schijfjes.
Vet een ovenschaal in met boter en verdeel een kwart van de aardappelschijfjes erop.
Verdeel er wat ricotta over en bestrooi met zout en peper.
Leg er een laag aardappel over, ricotta, peper, zout en spinazie en ga zo door tot alles op
is.
Soms ben je opzoek naar lekkere gerechtjes of toetjes van vroeger, toen je wel eens vaker bij oma op vakantie was voor 1 of meerdere dagen. Dan kreeg je dit wel eens als nagerecht of 's avonds voordat je ging slapen. Ik vond dit altijd wel lekker maar uit de winkel smaakte het na 'n tijdje niet meer zo lekker als je het gewend was en hoe je het maakte wist je ook niet. Totdat ik dit recept met 'n paar kleine aanpassinkjes tegen kwam, nu had ik weer 'n lekker recept zoals ik het mij herinnerde van vroeger weer erbij. Lekker voor tussendoortje of als nagerecht, echt heerlijk en zeker de moeite waard om te maken.
220 gram Griesmeel
30 gram Suiker
2 pakje Vanillesuiker
2 ltr volle Melk
1 flinke theelepel Amandelaroma
voor wat extra suikers ongeveer 200 gram Rozijnen, voorgeweekt in water
Weeg alle ingredienten af en zet klaar voor gebruik, laat de rozijnen even wellen in het water. Als deze geweld zijn laat je ze even goed uitlekken in een vergiet.
Breng de melk aan de kook en zet het vuur dan klein, doe er alle ingredienten in behalve de rozijnen. Blijf wel roeren voor de komende 5 a 7 minuutjes anders bakt alles heel vlug aan.
Is de tijd om kun je de rozijnen erdoor roeren en serveren of laten afkoelen en even tot gebruik bewaren in de ijskast.
Vindt je alles te dik of stijf kun je er al roerende wat melk bij doen tot de gewenste dikte. Smakelijk eten!!
Zelf currypasta's maken is helemaal niet moeilijk. Zeker niet als je een staafmixer met mengbak, een keukenmachine of een vijzel hebt. Vroeger kocht ik mijn currypasta's ook altijd kant en klaar uit een potje. Maar vanaf dat ik de eerste currypasta zelf had gemaakt, wilde ik nooit meer kant en klare currypasta uit een potje.
Het is namelijk zo veel lekkerder om het zelf te maken. En vrij simpel, zolang je weet wat er in je currypasta gaat. Deze Thaise groene currypasta krijgt zijn mooie groene kleur van de verse koriander, groene pepers en limoenblaadjes. Daardoor krijgt de pasta ook een mooie frisse en pittige smaak.
Om voor een goede zout-balans te zorgen, voeg je zout toe aan de currypasta en blijf je proeven totdat de smaken in balans zijn. Dit moet een mooie combinatie zijn van zuur, zout en pittig. Met een lekkere kick van de koriander.
En als je dan je eerste zelfgemaakte currypasta hebt, wat kun je er dan mee? Ik gebruik een batch meestal ook echt voor een curry. Maar houd je van mildere smaken, dan kun je een deel van de currypasta gebruiken en de rest bewaren. Zorg dat je een pot hebt die je goed luchtdicht kunt afsluiten. Dan kun je de currypasta een paar weken in de koelkast bewaren.
Met deze zelfgemaakte groene currypasta maak je bijvoorbeeld een heerlijke Thaise groene kipcurry of een vegetarische groene curry.
De basis voor een mooie currysaus is deze groene currypasta. Voeg daar wat kokosmelk, vissaus en evt. wat limoensap en bruine suiker aan toe en je hebt al een heerlijke geurende curry.
2 el gemalen koriander
2 el gemalen komijn
2 groene pepers zonder zaadlijsten (misschien wat pittig)
3 teentjes knoflook
2 sjalotten
4 stengels citroengras
4 kaffir limoenblaadjes
rasp van 1 limoen
1 klein bosje verse koriander
1 el trassie
zwarte peper zout (optioneel)
zonnebloemolie
keukenmachine of vijzel
Maak de groene pepers, sjalotten en de knoflook schoon en snijd in grove stukken als je de groene currypasta in de keukenmachine maakt. Of in kleine stukjes als je de vijzel gebruikt.
Snijd het wit van het citroengras in ringetjes.
Maal alle ingrediënten fijn in de keukenmachine, met zout en peper naar smaak, en zoveel olie dat je een mooie smeuïge pasta krijgt. Dat zijn ongeveer 3 eetlepels.
Wil je de groene currypasta langer bewaren, voeg dan ook een beetje limoensap toe, dit zorgt ervoor dat de kleur mooi blijft.
Die prachtige, knoestige kweepeer, met zijn gelig-groene schil en dat heerlijke, bijna bloemige parfum, is voor veel mensen misschien wel alleen bekend van schilderijen uit het Rijksmuseum, een ouderwetse vergeten vrucht. Maar wie een kweeperenboom in de tuin heeft, weet soms van gekkigheid niet wat hij ermee moet. Ik gaf in deze rubriek al eerder een tip om ze zoetzuur in te maken, want hij is heerlijk als ‘pickle’ bij vette waar, hij is gekookt in een kruidige siroop fantastisch in zoete bereidingen als cakes, tatins en ander gebak en als compote of jam/gelei is hij ook best wel bekend. Maar gebruik hem ook eens in een hartige stoof. Omdat hij zo lekker kan meesudderen zonder uit elkaar te vallen en langzaam zijn zoetzure smaak aan de pot afgeeft is hij een briljant ingrediënt voor een vroege herfststoof.
Meng alle ingrediënten in een blender en mix circa 5 minuten tot een gladde smoothie. Voeg eventueel wat extra amandelmelk toe om de smoothie te verdunnen.
Groenten, kruiden, noten en powerfood tarwegras: op en top feelgoodrecept.
2 stengels bleekselderij
2 takjes munt
2 cm verse gember (zakje 150 g)
315 ml coco water naturel (pak)
25 g ongebrande amandelen (zak 175 g)
50 g spinazie
250 g mangostukjes (doosje, diepvries)
2 el tarwegraspoeder (potje 100 g)
Snijd de bleekselderij in stukjes en pluk de blaadjes munt van de takjes. Schil de gember en snijd in stukjes. Maal samen met het coco water, de amandelen, spinazie, mango en tarwegraspoeder in de blender in 30 sec. tot een gladde smoothie.
Schenk de smoothie in de glazen en serveer direct.
450 g middelgrote garnalen, ongekookt, gepeld en schoongemaakt
1/2 Citroen, sap
zout en peper
Breng de quinoa en de kippenbouillon aan de kook in een kookpan op hoog vuur.
Zet het vuur laag, doe de deksel op de pan en laat sudderen tot de quinoa in circa 15 minuten gaar is. Zet het vuur uit en laat de quinoa de resterende vloeistof absorberen.
Verhit ondertussen de olijfolie in een wok op middelhoog vuur.
Bak de knoflook, de ui en de paprika tot de ui zacht en glazig is (circa 5 minuten].
Voeg de champignons, de rozijnen en de gember toe, en bak verder tot het geheel knapperig is.
Schep de garnalen erbij en wok tot de garnalen mooi roze zijn.
Voeg de quinoa toe en breng verder op smaak met zout en peper. Besprenkel met het citroensap en dien direct op.
Bak de spekjes uit in een droge goed verhitte pan. mooi krokant. Laat de spekjes op een stuk keukenpapier / zeef uitlekken.
Maak de uien schoon, pel de knoflook. Snipper de ui en hak de knoflook fijn.
Schil de aardappelen en snijd deze in kleine gelijkmatige blokjes van ongeveer 0,5 cm.
Schil ook de knolselderij. Snijd ook deze in kleine gelijkmatige blokjes van ongeveer 0,5 cm.
Verwarm de groentebouillon.
Verhit scheutje olijfolie en stoof de gesnipperde ui, knoflook. Voeg iets later de wortelblokjes toe. Verhit de wortel kort mee. Voeg ook de pastinaakblokjes en de knolselderij toe.
Overgiet met de warme groentebouillon en de helft van de koksroom.
Voeg de laurier en tijm toe. Verhit ook weer mee en laat het geheel zachtjes stoven in ongeveer 10 minuten.
Verwijder de buitenste blaadjes van de spruitjes en blancheer deze zeer kort in ruim kokend water. Bewaard deze geblancheerde blaadjes voor de garnering.
Snijd de rest van de spruitjes in vier stukken en voeg deze de laatste vijf minuten van het stoofproces toe. Kijk of de groenten gaar zijn.
Meng de andere helft van de koksroom met de eidooier, (Liason). Voeg iets peper en zout toe. Meng de liason door elkaar met een garde. Bewaar tot vlak voor het serveren.
Blancheer heel kort in het kokende water met zout de selderij, dille en peterselie Na enkele seconden de groene kruiden afspoelen in koud water. Laat de geblancheerde groene kruiden uitlekken op een zeef.
Voeg aan de olijfolie de geblancheerde groene kruiden, zout en peper toe. Meng het geheel met een staafmixer.
Voeg de liason aan de soep toe en breng verder op smaak met peper en zout. Schep de soep met groente in diepe borden. Garneer met de uitgebakken spekjes en spruitenblaadjes. Besprenkel met druppels kruidenolie.
Een goede optie is het gebruik van diksap. Dit is een geconcentreerde vruchtensap die zonder enige toevoeging van suiker gemaakt is. Doordat de vruchten al veel naturlijke suikers hebben, hoeft er dus ook geen conserveermiddel aan toegevoegd worden. Het is er ook als biologische variant en dat betekent dat voor het fruit zelf geen gebruik is gemaakt van kunstmest en synthetische bestrijdingsmiddelen.
Voor jam gebruik je 0,25 tot 1/2 l. diksap op 1 kg. vruchtenmassa. Bij kersen-, en aardbeienjam moet je dan nog wel een geleermiddel toevoegen.(heel weinig pectine) Appels,bessen, pruimen, rabarber, kruisbessen hebben weer veel pectine. Niet alle vruchten bevatten genoeg pectine om op te stijven, dus bij sommige soorten moet je dit toevoegen of je kunt ze mengen met een goed pectine houdende fruitsoort. Je hebt in de winkels zakjes pectine te koop (meestal in het schap bij de geleisuiker en het zit meestal in kartonnen doosjes) of je kunt ook gelatine gebruiken.
Heb je een jam gemaakt van bijv. peren met rozenbottels krijg je veel vocht en wordt het te dun. Opkoken met wat citroensap kan dan iets helpen bij het indikken. in onrijp en zuur fruit zit namelijk al meer pectine.
Houdt je wel aan de kooktijd bij het gebruik van pectine, want bij te lang koken verliest de pectine zijn werkzaamheid (verdikken). In dat geval moet je alles laten afkoelen, opnieuw verwarmen en dan max. 4 min. echt laten koken zodat het borrelt als je roert. Vaak wil dit dan nog wel helpen. Het beste kan je regelmatig een druppeltje op een koud bordje laten vallen en als het rimpelt wanneer je er met je vinger tegen duwt is het geleerpunt bereikt. Dan moet je dus niet verder koken.
Rol het deeg zeer dun uit en leg dit in een lich beboterde of met bakpapier beklede bakvorm. Prik hier en daar gaatjes in de bodem
Bereidingswijze
Kook de asperges en laat afkoelen. Zorg ervoor dat ze goed zijn uitgelekt en snijd ze dan in stukjes van ca. 5 cm. bak de helft van de beenham in een koekepan. Leg deze gebakken beenham op het deeg en daarop de gekookte asperges. Bestrooi dit met het grootste deel van de kaas en de overige, in dobbelsteentjes gesneden beenham. Klop de eieren met de room, wat peper, peterselie en bieslook los. Giet dit over de asperges en bestrooi dit met de rest van de kaas en de dobbelsteentjes beenham. Bak de taart in een op 220 gr. Celcius voorverwarmde oven gedurende 40 min.
100 g zelfrijzend bakmeel (of 100 g speltbloem samen met 1 tl bakpoeder)
40 g verse spinazie
2 zongedroogde tomaatjes zonder olie
Snufje oregano
Snuf zout en peper
60 g boter
30 g geraspte Parmezaanse kaas
2 el olijfolie
AFWERKING
60 ml zure room
Kerstomaatjes
Verse basilicum
Parmezaanse kaas
Zout en peper
Smelt de boter en laat afkoelen.
Snijd vervolgens de gedroogde tomaatjes in kleine stukjes.
Doe het ei in een grote kom en voeg de afgekoelde boter en twee el olijfolie toe.
Mix met een handmixer of keukenmachine goed door elkaar.
Doe de spinazie, geraspte Parmezaanse kaas, kruiden en gedroogde tomaatjes in een blender samen met de helft van het beslag.
Blend samen gedurende een minuutje.
Voeg nu beide mengsels beslag bij elkaar zodat de groene kleur goed vermengd is met het geheel.
V
oeg dan het bakmeel toe en roer er even met een spatel door. Laat het beslag 10 minuten rusten.
Bak de wafels in een heet wafelijzer in circa 4 minuten gaar.
Werk af met een lepel zure room, enkele kerstomaatjes, verse basilicum, extra Parmezaanse kaas en zout en peper.
Hasselbackaardappels zijn een soort geroosterde aardappels, waarbij de aardappel tot ongeveer halverwege in dunne plakken wordt gesneden. Vervolgens kunnen de aardappels worden bestreken met boter, paneermeel en amandelschilfers alvorens de Hasselbackaardappels in de oven te plaatsen.
De Hasselback ontleent zijn naam aan het restaurant Hasselbacken in Stockholm. In de achttiende eeuw introduceerde de kok van dit Zweedse restaurant dit heerlijke recept. De Hasselback-aardappel is in feite een aardappel met schil die in heel dunne plakjes is ingesneden.
1 kg iets kruimige aardappelen
1 tl zeezout
150 g kruidenboter
1 Verwarm de oven voor op 200 °C. Boen de aardappelen schoon en snijd ze in de breedte in dunne schijfjes van ca. 4 mm, maar laat ze aan de onderkant aan elkaar zitten. Leg de aardappelen in de ovenschaal. Bestrooi met het zeezout.
2 Smelt de kruidenboter in een steelpan en giet over de aardappelen. Zorg dat er ook boter tussen de inkepingen terechtkomt door de inkepingen een beetje open te houden met een vork.
3 Laat de aardappelen in ca. 55 min. in de oven gaar worden. Bedruppel halverwege met wat gesmolten kruidenboter uit de ovenschaal.
BereidingstipLeg de aardappel tussen de stelen van 2 houten pollepels, zo ga je er tijdens het insnijden niet helemaal doorheen. BereidingstipJe kunt de aardappelen t/m stap 2 een halve dag van tevoren maken. Bewaar afgedekt in de koelkast.
airfryer: Verwarm dan de airfryer voor op 180 graden. Leg de aardappels in het airfryermandje of op een airfryerrooster en gaar in 35-45 minuten gaar en krokant. De baktijd is afhankelijk van het formaat aardappels dat je gebruikt. Controleer of de aardappels goed gaar zijn door een mesje in de onderkant van een van de aardappels te steken.
Heerlijk met verse basilicum, gehakt, zongedroogde tomaatjes, kaas en olijven.
Heerlijk om het is eens uit te proberen.
25 gr boter
25 gr bloem
350 ml melk
12 lasagnebladen
snufje nootmuskaat
1 el olijfolie
1 ui, gehakt
3 teentjes knoflook
1 zal losse spinazieblaadjes (bonduel) of
wat ik doe: LEKKER ZELF EVEN MAKEN.
8 zongedroogde tomaatjes op olie, in stukjes
100 gr zwarte olijven, zonde pit in stukjes
250 gr ricotta
3 el basilicum
150 gr geraspte kaas
peper en zout
Bereidingswijze
Smelt de boter en roer de bloem erdoor. Laat 1 minuut garen en voeg de helft melk toe.
Roer de saus, schenk de rest melk erbij. Voeg nootmuskaat, peper en zout toe. Kook lasagnevellen 8 minuten. Laat uitlekken/ Bak knoflook en ui 3 minuten. Roerbak spinazie, schep tomaat en olijven erdoor en haal pan van het vuur. Voeg ricotta, basilicum, peper en zout toe. Leg op elk lasagnevel een lepel vulling en rol op. Leg canneloni in schaal en schenk saus erover,. Strooi kaas erover en zet 15-20 minuten in oven op 180 graden tot de kaas gesmolten is.
IPPOGLOSSO IN PESTO DI BASILICO Heilbotflet in cen saus van basiicum. In plaats van heibot kun je ook kabeljouw nemen, merluzzo geheten.
FARFALLE CON POLLO E POMODORINI Pastagerecht met kip en kerstomaatjes. Een heerljk tussengerecht maor ook goed als hoofdgerecht te gebruiken op een doordeweekse dag.
CARNE DI MANZO AL FORNO Varkensgebraad met spinazie, pancetta en pijnboompitten.
SERPENTONE DELLE MONACHE Slangenkoek. Een typisch nagerecht uit Umbrië, het land van de Franciscaner monniken. Die hielden wel van wat zoets en voedzaams.
heibot
450 g heilbotfilet of kabeljauw, 6 stukken van 75 g
2 eelepes citroensap
peper en zout
3 eetlepels pesto
150 g mascarpon
6 eetlepels basilcumbloadjes, fijngeknipt
3 eetlepels pijnboompitten
FARFALLE CON POLLO E POMODORINI
350 g kipfilet
60 ml witte vermout
2 theelepels rozemarijn
peper en zout
2 eetlepels olijflolie
I ui. fijngesneden
100 g salami. in blokjes gesneden
350 g farfalle (pastasoort, fusilli kan ook)
1 doosje kerstomaatjes
1 bik tomatenblokjes
peperoncini-kruiden (gedroogde rode peper) naar smaak
1 eetlepel balsamicoazijn
CARNE DI MANZO AL FORNO
750-900 g varkens- of kalfsfilet (van de lende)
350-400 g wilde spinazie
olijfolie
1 teentje knoflook
50 g pijnboompitten
100 g pancetta (of ontbijtspek)
1 ei
peper en zout
SERPENTONE DELLE MONACHE
6 gedroogde pruimen
25 g rozijnen
50 g amandelen
25 g walnoten
25 g pijnboompitten
1/2 appel, in blokjes gesneden
75 g suiker
2 eetlepels Vin Santo
130-140 ml olijfolie,
200 g bloem
6 eetlepels water
snufje zout
1 eidooier
vanille-roomijs
heilbot:
Besprenkel de heibot met het citroensap en bestrool hem met peper en zout.
Warm de pesto samen met de mascarpene en de helft van de basiicumblaadjes op in een koekenpan.
Voeg de stukken vis toe en laat het geheel in 10 minuten zachtjes gaar worden.
Keer de vis na 5 minuten voorzichtig om en laat hem nog 5 minuten garen.
Rooster intussen in een andere koekenpan de pijnbompitten. Doe ze als ze bruin zijn over op een bord, want in de pan worden ze te donker.
Verdeel de saus over zes voorverwarmde bordjes en leg daarin de heilbot.
Verdeel de pijnboompitten en het restant van de basilicumblaadjes erover en dien op.
FARFALLE CON POLLO E POMODORINI
Snijd de kip in stukjes en meng ze in een schaal met de vermout toe.
Verhit de olle in een koekenpon. Bak daarin in 5 minuten de gesnipperde ui en de blokjes salami op middelhoog vuur. Blijf roeren.
Zet intussen ruim pastawater op en kook de farfalle al dente (beetgaar].
Voeg de gemarneerde kip met de vermout bij de salami en ui.
Bak het geheel in 3 minuten op een hoog vuur tot de kip gaar is.
Voeg de kerstomaatjes, tomatenblokjes, rozemarijn en balsamicoazijn toe en en voeg peperoncini-kruden naar smaak toe.
Laat al roerende het geheel enkele minuten goed doorkoken en breng het op smaak met peper en zout.
Voeg de pasta toe en meng alles goed door elkaar.
Dien op in voorverwarmde pastaborden.
CARNE DI MANZO AL FORNO
Verwarm de oven voor op 180 grC.
Maak in de lengterichting 8 tot 10 inkepingen van 3 centimeter lang en bijna tot aan de onderkant van de filet.
Roerbak de spinazie met een beetje olijfolie en de uitgeperste knoflook.
Laat de spinazie zeer goed uitlekken in een zeef of vergiet.
Rooster intussen de pijnboompitten in een droge koekenpan lichtbruin.
Hak het spek en de spinazie goed fijn. Meng spek, spinazie, ei, pijnboompitten (houd een handje achter) en voldoende peper en zout goed door elkaar.
Vul de openingen in het vlees met dit mengsel (circa 11/2 eetlepel per opening).
Bestrijk een ovenschaal met olijfolie. Leg daarin het vlees en bestrooi het met de rest van de pijnboompitten.
Zet het vlees 45 tot 50 minuten in de oven.
Snijd voor het serveren het stuk vlees haaks op de vulling in plakken.
SERPENTONE DELLE MONACHE
Verwarm de oven voor op 180 grC.
Snijd de pruimen in stukjes en meng ze met de rozijnen, amandelen, walnoten, pijnboompitten, appel en de helft van de suiker. Doe daar de Vin Santo en de helft van de olijfolie bij.
Laat het geheel enige tijd intrekken.
Maak deeg van de bloem met het water en voeg wat zout toe samen met de resterende delen suiker en olie.
Rol het deeg uit tot een rechthoekige, dunne lap.
Verdeel de notenmix erover. Vouw de korte kant naar binnen en vouw daarna de bovenkant en de benedenkant om.
Leg het met de naad naar beneden op een bakplaat. Bestrijk het geheel met eigeel en bestrooi het met wat suiker.
Zet de slangenkoek in de oven op 180 grC. Laat hem 45 minuten bakken.
Snijd de koek in plakjes en serveer met een bolletje vanille-ijs.
2 meirapen (kun je evt. vervangen door gewone rapen of
koolrabi)
1 vers rood pepertje (of 1 eetlepel
gemalen cayennepeper)
4 teentjes verse knoflook
Voorbereiding
De ui pellen en in kleine stukjes snijden
De meiraap ontdoen we van de boven- en onderkant en de rest schillen. Evt. donkere putjes eruit snijden
De meiraap in kleine blokjes van 1/2 cm. snijden
Het steeleind van de courgette er af snijden De courgette in de lengte-richting netjes doormidden snijden Het vruchtvlees uit de courgette schrapen, in de kom doen en fijnprakken met een stamper
Het rode pepertje in kleine stukjes snijden
TIP:Omdat de peperdeeltjes heel makkelijk aan het vet in je handen binden, wrijf ik m-n handen vooraf in met olijfolie. Dan spoel ik na het verwerken van de chili de ongewenste peperdeeltjes makkelijk van m-n handen.
Bereidingswijze
In een wok de olijfolie verhitten
De uien toevoegen en diep bruin (niet zwart!!!)wokken. Dat geeft een heerlijke diepe gecarameliseerde smaak aan de ui, die hierdoor zoetig wordt
Het fijngesneden rode pepertje toevoegen
Enkele minuten meewokken totdat alle vocht verdwenen is
De stukjes meiraap toevoegen en rondom bruin wokken Deze bakt dus zonder vocht, waardoor de smaak van de meiraap mooi in de meiraap blijft
Afblussen met een glas rode wijn Goed over de bodem roeren, zodat alle bakdeeltjes, die veel smaak hebben, los komen (dit heet deglaceren) Als de wijn is verdampt het vuur uitdoen en de wok laten afkoelen. (hierdoor trekken de smaakstoffen uit de wokolie in de meiraap waardoor de meiraap een diepe smaak krijgt)
Ondertussen de oven (hete lucht) voorverwarmen op 150 graden Celsius
Terwijl de hete lucht oven aan het voorverwarmen is, het courgettevlees prepareren door er wat (balsamico)azijn, de geperste knoflook, de gemalen nootmuskaat, kaneel, kruidnagel en korianderzaad aan toe te voegen Het geheel goed doorroeren, zodat de zuren in de (balsamico)azijn goed op de courgettepulp inwerken
De gewokte meiraap er nu aan toevoegen en weer omroeren
De leeggeschraapte courgettes vullen met het mengsel (dat je aan de courgettepulp de gewokte meiraap hebt toegevoegd, heb je nu meer vulling dan er oorspronkelijk aan vruchtvlees in de courgette zat. Dat is juist de bedoeling: je kunt het mengsel met een bergje in de courgettehelften vullen.)
Leg de gevulde courgettehelften in de ovenschaal en afdekken we af met aluminiumfolie
De schaal gedurende 20-30 minuten in de voorverwarmde hete luchtoven bakken.
200 gram paddestoelen (liefst cantharellen of eekhoorntjesbrood) –
olijfolie –
teentje knoflook –
2 sjalotten –
bosje peterselie
Verwarm de oven voor op 200 graden. Schil de koolrabi en raapjes, verwijder de harde stukjes en snijd in dunne plakken. Blancheer twee minuten in kokend water.
Verwarm intussen 20 gram boter, voeg de suiker toe en roer goed terwijl de suiker karamelliseert.
Vet een platte taartbodem in met wat boter en giet de gekaramelliseerde suiker erover.
Leg hierover de uitgelekte plakjes koolrabi in een waaiervorm, de raapjes in het midden. Bestrooi met peper, zout en verse tijm.
Dek de taart af met de vellen bladerdeeg en vouw daarbij de vellen goed naar binnen. Zet de taart gedurende 30 minuten in de oven. Snipper ondertussen de sjalotten en bak in wat olijfolie. Voeg de knoflook uit de knijper toe en de klein gesneden paddestoelen. Laat in tien minuten garen. Snijd intussen de peterselie fijn (alleen blad). Draai daarna het vuur hoger, voeg de peterselie toe en nog wat olijfolie. Bak de paddenstoelen knapperig. Haal de taart na 30 minuten uit de oven, keer om door middel van een groot bord en schep de paddenstoelen in het midden op de taart.
doe de olijfolie en de boter in een pan, bak de filets 3min aan elke kant en laat ze daarna uitlekken op een rooster en houd ze warm.
--- afwerking ---
verwarm de pepersaus en monteer deze met stukjes boter. stamp de roze peper en de jeneverbessen in een vijzel klein. ( maar niet tot poeder) rol de fiets door de pepersaus. Paneer de filets met de gestampte roze peper. Leg de filets op het bord en schenk er nog wat saus omheen.
Verhit de olie in een grote braadpan die ook ovenbestendig is. Braad de hertenbiefstukken hierin aan beide kanten goudbruin aan.
Neem de braadpan van het vuur. Schep rodekool, uienringen en bessen in laagjes op de hertenbiefstukken. Bestrooi elk laagje met wat versgemalen zwarte peper.
Verhit de boter in een pannetje en bak de gember hierin 2-3 min. Voeg de aalbessengelei toe en roer tot deze is opgelost. Neem de pan van het vuur en roer suiker, bouillon, port en sinaasappelschil en -sap erdoor. Schenk deze saus in de braadpan. Plaats de braadpan 2-2 1/2 uur in de oven, tot de hertenbiefstukken en kool gaar zijn.
Strooi (indien gewenst) de gehakte walnoot erover. Voor een feestelijke gelegenheid kunt u dit gerecht ook garneren met plakjes kumquat en plukjes peterselie.
Een smaakvol hoofdgerecht voor het kerstdiner: hertenbiefstuk met wildsaus. Heerlijk in combinatie met een rode Chileense wijn!
1 ui
1 teentje knoflook
1 jeneverbes
1 el bruine basterdsuiker
2 el balsamicoazijn
250 ml rode wijn
2 takjes tijm
1 takje rozemarijn
1 runderbouillonblokje
2 plakjes ontbijtkoek
zout
versgemalen peper
olie
4 hertenbiefstukjes a 150 g per stuk
2 el boter
Wildsaus
Pel en snipper de ui. Pel en halveer de knoflook en kneus de jeneverbes. Karamelliseer de suiker met 1 eetlepel water in een koekenpan. Blus de karamel af met de balsamicoazijn, 200 ml rode wijn en 200 ml water. Voeg de tijm, rozemarijn, ui, knoflook en jeneverbes toe. Verkruimel de bouillonblokjes boven de pan en roer door.
Kook de saus tot de helft in en snijd de ontbijtkoek in blokjes. Zeef de saus, voeg de ontbijtkoek toe en roer tot de ontbijtkoek is opgelost. Breng de saus op smaak met zout en peper. Giet de saus in een schaaltje, dek af en zet apart.
Hoe bak ik de perfecte hertenbiefstuk
Verhit olie op hoog vuur in de koekenpan die je voor de saus hebt gebruikt. Dep het vlees droog en bestrooi met zout en peper. Leg de biefstukken in de pan en bak ze aan de onderkant in circa 3 minuten goudbruin. Voeg de boter toe en draai de biefstukken om. Bak de andere kant in circa 3 minuten goudbruin. Haal de biefstukken uit de pan en leg ze op een bord. Giet het braadvet weg en blus de pan af met de resterende wijn. Breng aan de kook en voeg toe aan de wildsaus.
Dek het bord af met aluminium folie. Laat het vlees circa 5 minuten rusten. Verwarm ondertussen weer de saus in de koekenpan. Snijd het vlees tegen de draad in.
Wijntip
Ga voor rood! En dan liefst een rijpe Chileense wijn gemaakt van Carmenere (de huisdruif van Chili). Ook lekker hierbij; een klassieke Bordeaux wijn die gemaakt is van vooral Merlot. St. Emilion bijvoorbeeld of een gulle rode wijn uit het Rhone gebied, Vacqueras of Gigondas.
BEREIDINGSWIJZE: Bestrooi de hertenfilets met peper en zout. Smelt de roomboter in een pan en laat deze goudgeel kleuren. Kleur aan alle zijden de hertenfilets, (Enkel de filets kleuren). Laat de filets afkoelen. Hak de champignons fijn. Maak de sjalotjes schoon en snipper deze. Maak ook de knoflook schoon en hak deze fijn. Smelt iets boter in de pan. Bak hierin de zeer fijn gesneden champignons, gesnipperde sjalotjes en gehakte knoflook. Blijf sauteren tot al het vocht verdwenen is. Breng op smaak met peper en zout. Leg op een snijplank, iets over elkaar twee plakken bladerdeeg. Leg hierop de gekleurde afgekoelde filets. Verdeel de duxelles van champigons over de gekleurde hertenfilets. Leg hierover de plakken Seranoham. Vouw / rol de filets in het bladerdeeg. Sluit aan de zijkanten het bladerdeeg, (Als in een cadeau verpakking). Leg de sluiting van de zijkanten en de lengte van het pakketje naar onder toe. Druk iets aan om stevigheid te krijgen. Steek met een klein stekertje rondjes, glad / gekarteld deeg uit en leg dit op de ingepakte filets. Druk licht aan. Klop de eieren los met iets zout en een klein beetje water. Bestrijk de boven- en zijkant van de Wellingtons met ei. Niet te veel en zorg dat het niet uitloopt. Laat de Wellingtons ongeveer 60 minuten rusten. Als het tussengerecht wordt uitgeserveerd gaan de Wellingtons in de oven voor ongeveer 35 minuten op 185 C. Zorg voor een kerntemperatuur van 46 C. Meet dit met een kerntemperatuurmeter. Haal bij de juiste temperatuur de Wellingtons uit de oven. Laat het geheel 10 minuten rusten op de snijplank. Snijd de Wellingtons in twee stukken en plaats een half stuk op een bord. Maak het bord verder op met de rode wijnsaus, worteltjes en ovenaardappelen. Garneer met takken tijm en rozemarijn.
rode wijnsaus
Maak de sjalotjes schoon en snipper deze zeer fijn. Verhit de suiker in een droge pan tot deze licht gaat kleuren, karamel. Blus af met de rode wijn. Los de suiker terug op en breng het geheel aan de kook. Reduceer tot er een siroop ontstaat. Overgiet met de Demi Glace saus. Voeg de gesnipperde ui toe en laat weer reduceren. Passeer door een zeef. Breng het geheel terug aan de kook. Breng de saus op smaak met peper en zout. Giet de saus druppelsgewijs op het bord, rond de Wellington.
SJALOTJES:
Maak de sjalotjes schoon. Zorg dat de sjalotjes wel in zijn geheel blijven. Smelt roomboter in een pan en fruit hierin de sjalotjes aan. Bestrooi met suiker en laat deze kort even kleuren. Overgiet met de rode wijn en laat het geheel stoven/inkoken. Zorg dat er een stroperige- glimmende stroop ontstaat. Plaats twee sjalotjes op het bord.
WORTELTJES:
Schil de wortels. Snijd de wortels in gelijke delen. Snijd de wortels in de lengte in twee of vier delen. Maak met een tournerende beweging kegeltjes van de stukken wortel. Vorm 36 getourneerde worteltjes. Breng een pan met ruim water en iets zout aan de kook. Blancheer de getourneerde worteltjes. Spoel de wortels koud na het blancheren. Smelt de roomboter in een ruime pan, maar laat niet kleuren. Voeg de geblancheerde worteltjes toe. Voeg ook de suiker en de bouillon toe. Breng het geheel tot tegen de kook zodat het vocht gaat verdampen. Er ontstaat een suikerstroop die rond de worteltjes gaat zitten. Hierdoor wordt het geheel gaar en door de suikerstroop gaat het geheel glimmen. Schep twee stuks geglaceerde worteltjes op het bord bij de sjalotjes en het vlees.
OVENAARDAPPELEN:
Was de aardappelen goed af onder een koud lopende kraan. Boen de aardappelen droog. Snijd de aardappelen in partjes, (6 / 8 stukken per aardappel). Maak de knoflook schoon en hak deze fijn. Besprenkel een ovenplaat met olijfolie. Bestrooi met zeezout en peper. Verdeel de partjes aardappelen over de ovenplaat. Besprenkel weer met olijfolie, peper en zeezout. Verdeel takjes tijm en rozemarijn en de gehakte knoflook over de aardappelen. Plaats de ovenplaat met partjes in een oven van 160 C. voor ongeveer 30 minuten. Kijk daarna of de aardappelen gaar zijn. Indien nodig nog even 5 – 10 minuten in de oven laten. Vlak voor doorgiftje nogmaals besprenkelen met olijfolie. Rangschik enkele partjes op de borden. Serveer de overige partjes in een schaal.
Neem een flink stuk varkensbulkspek (3 kg) met zwoerd.
Ingrediënten saus
arachideolie [of een andere neutraal smakende olie, geen olijfolie)
1 fijngesnipperd uitje
1 fijngesneden tomaat
1 teentje knoflook [fijngehakt of geperst)
5 centimeter geraspte verse gember
1 lombok rawit, in ringetjes gesneden [eventueel vervangen door een theelepel sambal oelek]
1 klein blikje tomatenpuree
4 eetl. azijn
1 theel. ketjap manis
twee koffiekopjes water
1 eetl. palmsuiker.
1 eetl. maïzena om de saus te binden
zout naar smaak
Leg het spek in een pan kokend water en breng het naar een kerntemperatuur van 60 graden. Laat het daarna snel afkoelen in ijskoud water.
Gebruik keukenpapier om het vlees droog te deppen.
Daarna neem je een vork en prik je veel gaatjes in het zwoerd, zodat het vet tijdens de bereiding eruit kan druipen.
Tot slot wrijf je het zwoerd in met zout en wat azijn voor een extra krokante korst.
Leg het vlees op een snijplank met de zwoerdkant naar beneden. Neem een goed vleesmes en snijd het vlees nu van boven naar beneden om de 3 centimeter in. Snijd tot op het zwoerd, maar niet erdoorheen. Je maakt een soort harmonica van het buikspek.
Nu kun je beginnen met marineren. Masseer de marinade goed in het vlees, maar houd de zwoerdzijde droog.
Wikkel het vlees daarna in huishoudfolie. Heb je toevallig een vacumeermachine? Trek het vlees dan vacuüm, zodat de marinade nog dieper in het vlees doordringt. Laat het vlees minimaal vijf uur in de koelkast liggen, liefst langer.
Na het marineren ga je het roosteren. Waar het allemaal om draait: superkrokant zwoerd. Dat moet kraken tussen je tanden. Dus oppassen met de afstand tot de grill of de kooltjes, en regelmatig het zwoerd opnieuw inprikken zodat het vet kan wegdruipen
Saus
De saus van varkensbloed die ze in Medan maken, maken wij toch maar niet. In plaats daarvan een saus diemeer lijkt op wat je gewend bent van de Chinees.
Bereidingswijze saus
Schenk wat olie in een steelpannetje en fruit daarin alle vaste delen: de ui, tomaat, knoflook, gember en lombok. Het mag niet bruin worden, alleen een beetje zachtjes garen op kalm vuur.
Daarna voeg je de tomatenpuree, azijn en ketjap toe. Goed roeren.
Daarna de suiker erbij. Je kunt vloeibare palmsuiker gebruiken of vaste palmsuiker oplossen.
Tot slot voeg je het water toe en gebruik je maïzena of allesbinder om de saus op de juiste dikte te krijgen.
olie om in te bakken 150 g voorgekookte quinoa 100 g aardappelen, in blokjes 100 g wortel, in blokjes 1 ui, gesnipperd 1 el groene currypasta 1 dl kokosmelk 1 l groentebouillon 100 g maïskorrels of babymaïs 1/4 bos peterselie, fijngehakt 1 citroen, sap
TER GARNERING
1/2 bos koriander, fijngesneden
Verwarm de olie in een grote pan en bak hierin de quinoa, de aardappel, wortel en de ui aan.
Voeg de currypasta toe en blus het geheel af met de kokosmelk.
Voeg vervolgens de groentebouillon toe en laat de soep circa 20 minuten pruttelen.
Schep de maïs erbij en laat die nog eventjes meekoken. Roer op het laatst de peterselie en het citroensap erdoor.
Verdeel de soep over vier kommen en bestrooi als finishing touch met een flinke hand korianderblaadjes.
Ui, knoflook, chilipeper, wortel en aubergine in een grote (braad)pan besprenkelen met olie en 2 eetlepels water. Verhitten tot het mengsel begint te sissen, vervolgens de vlam laag zetten en de groenten afgedekt 5 minuten laten smoren
Schep de specerijen door het groentemengsel en bak deze 1 min. mee. Linzen en bouillon erdoor roeren. Breng het geheel aan de kook en voeg courgette en tomaat toe
15 minuten zachtjes laten koken. Neem het deksel van de pan en verwarm het gerecht nog 5 minuten, tot de linzen openbarsten en de saus binden. Voeg zout en peper naar smaak toe. Bestrooi de linzenschotel met fijngesneden korianderblad
333 g geleisuiker extra (evt gedeeltelijk vervangen door zuivere pectine)
200 ml water (eifgenlijk meer water: tot het onder staat)
eventueel port, sherry oid toevoegen
sinaasappels en citroen grondig reinigen met heet water
kontjes er af, in vieren snijden en middenstukje wegsnijden. Pitjes er uit
dunne plakjes maken
in pan met water uurtje of 1,5 laten pruttelen
geleisuiker toevoegen
1 min doorkoken
zo kan het ook:
Schil het fruit met een dunschiller en snijd de schilletjes in zo dun mogelijke reepjes.
Breng in een pan 500 ml water met de suiker aan de kook en voeg de schilletjes toe. Kook 25 minuten op niet te hoog vuur.
Giet af door een zeef en bewaar de schilletjes.
Snijd met een scherp mes de witte schil en het witte vlies van het vruchtvlees. Dit gaat het makkelijkst als je het fruit, net zoals een appel, in een ronddraaiende beweging schilt. Snijd het vruchtvlees in stukjes en doe deze met de geleisuiker in een pan.
Breng aan de kook en kook het fruit op laag vuur 15 minuten. Pureer het vervolgens met de staafmixer.
Zet een zeef op een pan en schenk de vruchtenpuree door de zeef. Druk met een lepel zoveel mogelijk vocht en vruchtvlees door de zeef. Gooi de achterblijvende harde stukjes en pitten weg.
Roer de schilletjes door de vruchtenpuree.
Breng het geheel nog enkele minuten aan de kook en schenk de marmelade in de schoongemaakte jampotten. Draai de deksel erop en zet ze 5 minuten ondersteboven. Laat afkoelen.
Dosering pectine is afhankelijk van het fruit dat u gebruikt. Onderstaande tabel geeft aan hoeveel pectine er van nature in het door u gebruikte fruit aanwezig is, pas daar uw dosering pectine op aan.
U gebruikt 10 á 30 gram per kg fruit, voor gelei en jam met min. 55% suiker. Vergeet niet een zuur toe te voegen in de vorm van zuursel, citroen in stukjes of citroensap.
Breng het fruit met pectine en zuursel aan de kook en laat 2 minuten doorkoken, voeg nu onder voortdurend roeren de suiker toe en breng de massa dan nog heel even aan de kook. Niet meer te lang laten koken, dan verliest de pectine zijn bindende eigenschappen.
Roer margarine of boter en suiker tot room en klop er geleidelijk eieren en vanille-extract door.
Roer de bloem erdoor en kneed het mengsel tot een tamelijk zacht deeg.
Leg het deeg op een met wat bloem bestoven plank en kneed tot een soepel deeg.
Rol het uit tot een plak met een dikte van ongeveer 3 mm en steek er met een koekjessteker rondjes uit van een diameter van 6 cm.
Gebruik de helft hiervan voor de gezichtjes, maak er met behulp van een koekjessteker met een diameter van 1 cm twee ogen in en maak een opening voor de mond.
Leg alle koekjes op een ingevet bakblik en bak ze in een voorverwarmde, matig hete oven, 190C lichtbruin.
Laat ze een paar minuten op het bakblik liggen, schuif ze vervolgens op een taartrooster en laat ze afkoelen.
Bestrijk de gladde koekjes met de jam en druk de gezichtjes er bovenop. Dit recept is voor ongeveer 20 koekjes
Doe de Miso en een scheutje sake in een steelpan. Voeg een scheutje mirin en de bruine suiker toe. Verwarm het mengsel en roer tot het een geheel wordt.
Maak de wortel, daikon schoon door deze te schillen met een dunschiller. Snijd met behulp van een japanse schaaf wortels en tot julienne. Houd wortel, daikon en komkommer apart van elkaar.
Schil de gember en rasp deze fijn.
Blancheer de groenten zeer kort van elkaar in ruim kokend water met zout, (Enkele seconden en direct afkoelen in koud water).
Meng eidooier, de wasabi en sushiazijn met elkaar. Voeg de geraspte gember toe. Meng alles nog een keer goed door elkaar. Voeg sesamolie toe. Verdun het geheel indien nodig met iets water. Meng alles goed met de staafmixer tot een geheel. Voeg op het laatst iets arachideolie en limoensap toe, (Voorzichtig met het limoensap).
Snijd de aubergines in dikke schijven, (3 stuks per persoon). Bestrooi met peper en zout. Bak deze in arachideolie. Draai om en bak ook de andere kant. Laat de aubergines afkoelen.
Verwijder de korsten van het casinobrood. (of maak er mbv glas rondjes 10 cm van) Rooster in de oven of op de grillplaat.
besmeer de gebakken aubergines met het miso-mengsel. Bestrooi met peper en zout en wat sesamzaadjes.
Smeer de dressing op het geroosterde casinobrood. Leg hierop de zeer kort geblancheerde groenten. Leg hier weer op de bewerkte aubergine en herhaal dit tot er een torentje ontstaat. Snijd het torentje diagonaal door en zet deze tegengesteld aan elkaar op het bord. Garneer met rucola en de rest van de dressing.
Variatie: vervang de ui en wortel door prei en geraspte knolselderij
175 g geraspte belegen kaas
1dl melk
2 ei
1/2 ui
stuk winterwortel
100 g havermout
peper zout
paneermeel
olie
laat de havermout 10 min wellen in de melk en het losgeklopte ei. voeg geraspte wortel, gesnipperde ui, de kaas en wat peper en zout toe en meng alles goed. als de massa te vochtig is wat paneermeel toevoegen. Platte schijven vormen en dan in paneermeel wentelen. In koekenpan 10 min bakken.
Meng de ricotta, de feta en de eieren in een kom en roer ze goed. Breng dit mengsel op smaak met witte peper.
Ontdooi het bladerdeeg volgens de beschrijving op de verpakking.
Bestrijk een vel filodeeg met wat gesmolten boter en leg er een ander vel bovenop.
Snijd het deeg in vier repen in de lengte.
Schep een opgehoopte theelepel van het kaas-eimengsel onder aan de deegreep.
Vouw de rechterbenedenhoek naar de linkerbovenhoek, zodat u een driehoek hebt. Vouw dan de linkerbenedenhoek weer naar de rechterbenedenhoek. Ga hier zo ver mogelijk meer door en doe dit ook bij de andere drie repen.
Bestrijk de bovenkant van de driehoekjes met de gesmolten boter en leg ze op een bakplaat.
Smelt de roomboter in de pan tot deze mooi goudgeel/bruin kleurt. Kruid ondertussen de kalsfoesters licht met peper en zout.
Leg de gekruide stukjes kalfsoester in de hete boter. Schuif heen en weer om het vlees mooi dicht te schroeien.
Kort bakken/sauteren zodat het vlees mooi rose blijft aan de binnenkant.
Laat het vlees kort rusten.
Trancheer de kalfsoester in mooie stukken. Leg deze in een waaiervorm op het bord.
Giet er geen saus overheen maar maak een spiegeltje van saus.
BLAUWSCHIMMELKAASSAUS
Maak de sjalotjes schoon en snipper deze mooi fijn. Maak ook de teentjes knoflook schoon en hak deze zeer fijn.
Verhit iets olie in een ruime kookpan en fruit hierin de sjalotjes en de knoflook.
Overgiet met de bruine basissaus. Meng het geheel met elkaar en laat het reduceren, inkoken.
Voeg op het laatste moment, vlak voor de doorgifte van het gerecht de blauwschimmelkaas toe. Meng het geheel goed met elkaar door te roeren met een garde. Breng op smaak met peper, (Geen zout daar de kaas uit zichzelf al zo zout is).
Voeg na het bakken van het vlees iets braadvet toe aan de saus, (Dit geeft extra smaak aan het geheel).
Giet een kleine hoeveelheid saus op het bord en leg hierop de tranches van kalfsoester.
Doe het water in een pan en strooi er de suiker overheen. Verhit de suiker tot deze bruin begint te kleuren. Dit duurt even maar loop er absoluut niet bij weg. Wanneer de suiker begint te kleuren beweeg je een beetje met de pan zodat de suiker egaler bruint. Ga niet roeren !! Wanneer het goudbruin is zet je het vuur uit en voeg je direct de in blokjes gesneden boter toe en roer je deze er door met een garde of siliconen spatel. Let op hierbij vormt zich hete stoom. Voeg wanneer de boter opgelost is de slagroom toe. Door toevoeging van deze slagroom gaat het flink bruisen en komt omhoog. Het zal gaan klonteren maar door even te roeren lossen deze klontjes weer op. Doe het geheel over in een schone glazen pot. En klaar is je karamelsaus.
Karamel-variaties
. Mokka karamelsaus: vervang de helft van de room door espresso koffie of voeg een beetje oploskoffie toe.
Snijd de boven- en onderkant van de kastanjes kruisgewijs in en kook ze 15 minuten in ruim water. Pel ze zo snel mogelijk. Kook ze in de melk in ca. 45 minuten gaar.
Bekleed de springvorm met bakpapier en vet dit met boter in.
Verwarm de oven voor op 175 graden.
Bereidingswijze
Hou 6 kastanjes apart. Pureer de rest en wrijf ze door een zeef.Laat de puree afkoelen.
Klop de eidooiers met 250 gram suiker tot een romige creme. Meng de kastanje puree erdoor.
Klop de eiwitten stijf en spatel het door de puree.
Schep het beslag in de springvorm en bak de taart in het midden van de oven in ca. 1 uur gaar. Laat de taart afkoelen.
Los intussen in een pan, al roerend op een matig vuur 75 gram suiker op in 1 dl water
en kook hierin de 6 apart gehouden kastanjes 15 minuten. Laat ze er 1 uur in staan.
Klop de slagroom met de poedersuiker stijf en roer er de cognac door.
Bedek de kastanje taart met de slagroom en garneer deze met de geglaceerde kastanjes.
-eventueel scheutje hazelnootsiroop, kastanjelikeur of een ander drankje
voor de rest van de taart:
-150 gram gekookte kastanjes
-4 el van bovenstaande kastanjepuree
-80 gram bloem
-125 gram amandelmeel
-175 gram suiker
-150 gram boter (op kamertemperatuur)
-4 eieren
-1 tl bakpoeder
-poedersuiker
-cacaopoeder
-eventueel scheutje hazelnootsiroop, kastanjelikeur of een ander drankje
Als je kastanjes hebt verzameld in het bos, ga er dan zo snel mogelijk mee aan de slag. Laat ze hooguit een paar dagen liggen, anders drogen ze in.
Vul een flinke bak of teil met water en gooi daar de kastanjes in. Haal alle kastanjes die boven komen drijven eruit; die zijn niet goed om mee te koken. Bekijk ook de rest van de kastanjes: hebben ze gaatjes of zijn ze aangevreten, doe ze dan ook weg.
Haal de kastanjes uit het water.
Neem een scherp mes en hak alle kastanjes een voor een doormidden. Verwijder alle helften die van binnen aangevreten zijn.
Breng een grote pan met water aan de kook.
Kook de kastanjes zo-n 8 minuten op halfhoog vuur, in niet te grote porties.
Zet intussen een andere pan met water op en verwarm die tot lauwwarm.
Haal de kastanjes met een schuimspaan uit de pan en doe ze over in de lauwwarme pan. Zo drogen de kastanjes niet uit na het koken en zijn ze goed te pellen. Maak dat water niet te heet, anders brand je je vingers.
Kook eventueel een volgende portie weer 8 minuten, totdat alles verwerkt is.
Pel de gekookte kastanjes: trek de harde schil eraf, maar laat het tweede vliesje eventueel zitten. Soms zie je nog een harde kern of �touwtje- zitten, net zoals bij walnoten. Haal dat er wel af.
Verwarm de oven voor op 200grC.
Maak eerst de zoete kastanjepuree: meng 250 gram gekookte kastanjes met 75 gram poedersuiker. Maal tot puree in de keukenmachine.
Schraap het merg uit een half vanillestokje en voeg toe.
Doe er eventueel een scheutje hazelnootsiroop (of drankje) erdoor.
Van deze puree doe je straks een paar eetlepels door de taart. Wat je over houdt, kun je gebruiken voor toetjes of als smeersel op brood.
(Wil je meer puree, meng dan 500 gekookte kastanjes met 150 gram poedersuiker en gebruik een heel vanillestokje.)
Neem 150 gram gekookte kastanjes en hak ze fijn.
Meng in een kom van de keukenmachine de eieren met de boter, de suiker en het amandelmeel. Voeg de bloem en de bakpoeder door een zeef toe. Meng ten slotte 4 el kastanjepuree en de fijngehakte kastanjes erdoor, en eventueel een scheutje hazelnootsiroop, kastanjelikeur of ander drankje.
Vet een taartvorm in en bedek de bodem met bakpapier.
Giet het beslag in de vorm.
Bak de taart in 35 a 40 minuten op 200grC, waarvan de laatste 10 minuten op 180grC.
Laat de taart iets afkoelen voordat je hem uit de vorm haalt. Decoreer de bovenkant door er lichtjes wat cacaopoeder en poedersuiker over te strooien, eventueel door een zeef.
Tip: de rest van de gekookte kastanjes kun je invriezen in porties.
1. Verwarm de oven voor op 190 grC. Dep de kip droog met keukenpapier. Meng de ketjap met 2 el honing en 3 el olie. Bestrijk de kip ermee en bestrooi met peper en zout. Leg de kip met de velkant naar onderen in de ovenschaal. Bak in ca. 20 min. in het midden van de oven. Snijd de rabarber in schuine stukken van 4 cm. Meng met 4 el honing. 2. Kook ondertussen de rijst volgens de aanwijzingen op de verpakking. Neem de kip uit de oven, keer de kip en schep de rabarber erbij. Zet nog ca. 25 min. in de oven. Schep niet meer om, dan blijft de rabarber heel. 3. Verhit 3 el olie in een wok en roerbak de paksoi 4 min. en voeg peper en zout toe. Serveer de kip en rabarber met de rijst en paksoi.
Ontleed de kippen (zie de foto-instructie op www.lidl.nl).
Gebruik de vleugeltjes van de kip voor de saus.
Hak het pootje van de drumstick af en gebruik deze ook voor de saus.
Snij de ui en de tenen knoflook grof met schil en al, snij de tomaat in blokjes.
Verhit olijfolie in een pan, doe de botjes, vleugeltjes, ui en knoflook erbij. Bak even goed aan.
Voeg daarna de peterselie toe en de tomatenblokjes.
Blus af met 2 dl witte wijn en laat de wijn tot de helft inkoken.
Voeg daarna nog 2 dl water toe en een half bouillonblokje.
Verhit olijfolie in een koekenpan en bak hierin de kipfilets eerst op de huid.
Kruid de kip daarna met zout en peper.
Draai vervolgens de kipfilets om en bak ook de andere zijde aan.
Doe de tijm erbij.
Smelt 45 g boter en giet deze over de kipfilets heen.
Doe het deksel op de pan en zet de pan 40 minuten in de oven op 100 graden.
Snij de pootjes uit de kippendijen. Breng de kippendijen op smaak met zout en rol ze daarna op met de huid aan de buitenkant.
Doe een beetje olijfolie in de pan waar de kipfilets in gebakken zijn.
Kruid de kippendijen met zout en bak ze in de pan.
Voeg de overige boter toe en bak rondom bruin.
Zet het vuur laag met het deksel op de pan en laat even pruttelen. Haal de pan van het vuur.
Snij de aardappelen in plakken van ongeveer ½ cm dik.
Verhit olijfolie in een koekenpan en bak hierin de plakken aardappel heel rustig aan onder af en toe omdraaien. Breng de aardappelen op smaak met zout.
Snij de appels in vieren en verwijder het klokhuis.
Verhit olijfolie in een koekenpan en bak hierin de appels op halfhoog vuur rondom bruin.
Voeg 1 eetlepel suiker toe en laat het karamelliseren.
Schep de kippendijen in de pan bij de appeltjes en laat even meegaren. Zeef de saus met botjes en groente en breng deze daarna weer aan de kook.
Deze langzaam gegaarde kip met kweepeer en saffraan is makkelijk te maken. De karakteristieke smaak is vooral te danken aan de kweeperen. Het zijn heerlijke aromatische vruchten die helaas moeilijk te vinden zijn. Gelukkig zijn ze de laatste jaren steeds vaker te vinden op boerenmarktjes en bij de beter gesorteerde groenteboer. Mijn advies: koop er veel van als je ze tegenkomt en maak ze in als jam of gelei. Deze kan lang bewaard worden en is uitstekend geschikt voor recepten zoals deze.
4 kippenpoten
4 uien
2 tenen knoflook
1 middelgrote kweepeer (of 6 el kweepeerjam)
saffraan (hoeveelheid afhankelijk van de kwaliteit, minimaal 1 draadje)
1 el korianderzaad
2 tl komijn
4 pimentbessen
4 takjes tijm
2 el walnoten
olijfolie en boter om te bakken
zout, peper en suiker naar smaak
Doe de saffraan in een kommetje en doe daar een paar eetlepels kokend water bij.
Snij de uien in ringen en smoor deze ca. 5 minuten in een pan met een eetlepel olijfolie. Draai het vuur dan hoger en bak ze lichtbruin. Neem ze dan uit de pan.
Verwijder in de tussentijd het vel van de kippenpoten en maak een aantal inkepingen in het vlees. Braad de poten aan met een klontje boter.
Hak onderwijl de knoflook fijn en maal of wrijf de kruiden fijn. Draai het vuur laag en voeg de knoflook toe. Laat deze even garen en voeg dan de kruiden toe.
Maak de kweepeer schoon, was de schil en snij lelijke plekken weg. Snij de kweepeer in kwarten en vervolgens in stukken van ca. 1 cm dik. Laat de pitten en het klokhuis zitten. Doe de stukken vruchtvlees bij de kip, voeg de saffraan toe en roer alles goed door elkaar.
Gebruik een slowcooker, of dek de pan goed af en zet deze ca. 1 1/2 uur in een op 150grC voorverwarmde oven. Je kunt de pan ook op een zo laag mogelijk vuur laten sudderen. Het gerecht is klaar als de kip gaar is en de kweepeer zacht is.
Neem de kippenpoten uit de pan, wrijf de kweepeer fijn en laat de saus onder voortduren roeren inkoken. Controleer de smaak en voeg eventueel zout, peper en suiker toe. Doe de kippenpoten weer terug in de pan en laat dan nog even doorwarmen.
200 g gedroogde rozijnen, cranberry's en abrikozen
100 ml rum
1. doe de gedroogde vruchten in een kom en schenk de rum er bij. 1 uur wellen. ingrediënten voor de kruidenmix tot poeder malen met vijzel. Bbq aansteken/oven op 200grC
2. kip van binnen met kruiden in wrijven. prik met mes aan de buitenkant van de kip enkele gaatjes en smeer deze in met de sojasaus. Vullen met de geweekte vruchten.
3 leg de kip op het rooster en plaats het deksel op de bbq. na ca 2 u is de kip gaar. temp in kip = 80gr
Verhit de olie in een koekenpan en bak het amandelschaafsel goudbruin. Haal het met een schuim- spaan uit de pan en laat het uitlekken op keukenpapier.
Voeg de uien toe en bak ze zacht, voeg zout en kruiden toe en bak alles nog eens 2-3 minuten.
Voeg de stukjes kip toe en roerbak ze bijna gaar.
Voeg tomaten, rozijnen, peterselie, amandelschaafsel en wijn toe en laat het geheel afgedekt 15 minuten pruttelen.
Haal het deksel van de pan en bak het geheel totdat al het vocht is geabsorbeerd. Laat het goed afkoelen.
Ontdooi het bladerdeeg volgens de beschrijving op de verpakking. Haal er 14 vellen uit en doe de rest terug in de diepvries.
Leg de vellen met de lange zijde parallel aan het werkblad. Snijd elk vel in drie repen van 15,5 cm. Leg de repen op elkaar en bedek ze met een schone theedoek.
Neem 2 repen deeg per keer, bestrijk ze licht met koolzaadolie en vouw ze dubbel in de lengte.
Verwarm de oven voor op 180 grC.
Schep een theelepel van de vulling onder aan de repen deeg. Vouw van beide repen de rechteronderhoek naar de linkerbovenhoek, zodat u een driehoek hebt. Vouw dan de linkeronderhoek naar de rechteronderhoek. Doe hetzelfde met de overige repen deeg.
Bestrijk de bovenkant met nog wat koolzaadolie. Leg de driehoekjes op een met olie ingevette bakplaat.
Bestrijk de bovenkant van de driehoekjes met olie en bak ze 20 tot 25 minuten in de oven. Serveer ze heet.
sinaasappels goed wassen, van 1/2 sinaasappel schil dun schillen en in smalle reepjes snijden.
sinaasappels uit persen (31/2 dl sap)
preisselbeeren afgieten. kip in wrijven met zout, peper, paprikapoeder.
hazelnoten erover verdelen. oprollen en met houten prikkers vaststeken.
in braadpan 3 el boter verhitten, kip in 5 min rondom bruin bakken. uit pan scheppen, bakvet in kommetje.
in zelfde braadpan madeira. over gieten in ander kommetje. in steelpan suiker en azijn zonder deksel in 8 min in koken tot licht stroperig. al roerende sinaasappelsap toevoegen.
toevoegen preisselbeeren, sinaasappelschilletjes, bouillontablet, en madeira.
zonder deksel 5 min zachtjes koken. in kopje maizena met1 tl koud water tot glad papje roeren. al roerende aan sinaasappelmengsel toevoegen. op smaak brengen met zout, peper en suiker.
---bereiden ---
in braadpan achtergehouden braadvet met 1/2 el boter verhitten. kiprolletjes in nog 10 min zachtjes gaarbakken. schaal voor verwarmen, kip er op, saus in sauskom.
In diep bord 1 eetl. bloem strooien. Grapefruit goed wassen. Overdwars halveren. 1 helft in 4 parten snijden. Gember kleinsnijden.
Bereidingswijze
Kipfilets halveren. Inwrijven met zout, peper en gemberpoeder. Door bloem wentelen. Overtollige bloem eraf schudden. In koekepan bakboter verhitten. Kip in 10 min. goudbruin en gaar bakken. Af en toe keren. Intussen schaal voorverwarmen. Kip in warme schaal leggen en warm houden. Door bakvet 1 eetl. bloem en gember roeren. Al roerende grapefruitsap en 2 dl water toevoegen. Blijven roeren tot lichtgebonden saus. Room erdoor roeren. Saus over kip schenken. Grapefruitparten erop leggen.
- 3 dl. gevogeltefond (geconcentreerde bouillon), uit potje
- 1 takje verse tijm
- 1 klein laurierblad
- zout
- witte peper uit de molen
- 1/2 theel. suiker
- 1 dl madeira
- 2 eetl. fijngehakte (blad)peterselie
Bereidingswijze
Spoel de levers enkele malen in ruim koud water. Laat ze uitlekken en kijk ze stuk voor stuk na op ongerechtigheden. Verwijder eventueel aanwezige galsporen. Leg de levers in een kom en schenk de melk erbij. Schep alles enkele malen voorzichtig om. Laat de levers ten minste 20 minuten in de melk liggen. De eventueel aanwezige bittere nasmaak wordt er grotendeels door weggenomen. Spoel de levers na het weken opnieuw in ruim koud water om alle zuivelsporen te laten verdwijnen. Maak de levers daarna droog met keukenpapier.
Verhit een middelgrote pan met dikke bodem. Laat 30 gram boter in de pan smelten. Wacht tot het schuim begint weg te trekken. Temper de warmtebron. Laat de sjalotjes 3 minuten zachtjes fruiten. Voeg de bloem toe en roer alles goed door. Roer daarna tomatenpuree en paprikapoeder er door. Blijf ten minste 2 minuten roeren. Schenk de fond erbij en blijf zo lang roeren tot een geboden saus is verkregen. Breng de saus op smaak met suiker, zout en peper. Voeg tijmtakje en laurierblad toe. Laat de saus ten minste 5 minuten zachtjes sudderen. Houd de saus daarna warm.
Verhit een koekenpan en laat de rest van de boter er in smelten. Wacht tot het schuim begint weg te trekken. Leg de levers in de pan. Temper de warmtebron. Laat de levers, die enkele malen gekeerd moeten worden 8 - 10 minuten zachtjes bakken.
Verwijder intussen tijmtakje en laurierblad uit de saus. Roer de madeira door de saus. Neem de levers uit de koekenpan en laat ze in de saus nog enkele minuten heel zachtjes sudderen.
500 ml warme vloeistof (vleesfond of water met een bouillonblokje)
Een snuf zout en versgemalen zwarte peper
Optioneel: knoflook- of uienpoeder, paprikapoeder
bruine saus:
Smelt 3 eetlepels boter in een kleine sauspan. Smelt boter op middelhoog vuur, en blijf roeren om te voorkomen dat het aanbrandt. Als het helemaal vloeibaar is ga je verder.
Je gaat bloem door de boter mengen, en er mogen geen klontjes in komen, want dan krijg je klonterige jus. Door de bloem door de hete boter te roeren krijg je de basis van de "roux".
Strooi 3 eetlepels bloem in de boter en blijf roeren.Hoe langer je de bloem bakt, hoe donkerder en rijker van smaak het zal worden. Voor een lichte jus, ga je meteen verder zodra het gaat verkleuren. Voor een rijke, bruine jus blijf je roeren en bak je het nog 3-5 minuten langer.
Boter en bloem geven de jus de dikke, rijke basis. Je kunt meer van beide toevoegen als je een rijkere, dikkere jus wilt. Hou de hoeveelheid vloeistof dan gelijk, en voeg evenveel boter als bloem toe.
Voeg nu langzaam de 500 ml warme vloeistof toe en breng het aan de kook.Warm de vloeistof eerst op in een aparte pan of in de magnetron. Voeg steeds maar ongeveer 60 ml tegelijk toe aan de boter en bloem, en roer goed voordat je nog meer toevoegt. De temperatuur van de jus mag niet te snel veranderen. Je kunt uit allerlei vloeistoffen kiezen, afhankelijk van de maaltijd waarbij je het serveert. Van oudsher bevat een bruine jus vleesbouillon (vandaar de kleur), van rundvleesfond of bouillonblokjes. Opties zijn:
Water met runderbouillonblokjes.
1 potje rundvleesfond.
Je kunt ook melk of water gebruiken als je een lichtere jus wilt, zolang je maar 500 ml gebruik
Zet het vuur lager als het aan de kook is, en laat het pruttelen tot het de gewenste dikte heeft. Zodra de bouillon begint te koken zet je het vuur lager en laat je het net zo lang pruttelen tot je de consistentie goed vindt.
De jus zal nog verder indikken als het afkoelt, dus haal het 1-2 minuten eerder van het vuur.
Kruid de jus naar smaak. Voeg een beetje zout en peper naar smaak toe terwijl het pruttelt, naast andere kruiden als je dat wilt. Opties zijn:
1/2 theelepel knoflook- en/of uienpoeder
1/2 theelepel paprikapoeder
1/2 theelepel verse tijm of rozemarijn
Scheutje Worcestershiresaus.
kippenpoten:
kruid de kippenpoten met peper en zout, 5 min in de olie braden, uit pan halen.
fruit ui, knoflook en tuinkruiden in de olie.
doe de kippenpoten terug in de pan, giet de wijn er over, en breng dit aan de kook.
voeg de bruine saus en het laurierblad toe en laat de kip 40 min in de oven stoven.
bak de champignons in boter, 10 min voor einde toevoegen aan de kip.
Maak de prei, wortel, ui, knolselderij schoon. Verwijder de kroontjes van de peterselie en leg deze apart. Snijd de prei, wortel, ui, knolselderij en de peterseliestelen in kleine stukjes. Kneus de peperkorrels en voeg deze aan het groentemengsel toe.
Leg de kipfilets, gesneden groenten en de kippenbouillon in een ruime pan. Zet onder met koud water. Breng het geheel aan de kook. Zet de warmtebron op laag en laat de kipfilet in ongeveer 30 minuten op een laag vuur garen.
Verwijder de gare kipfilet uit de bouillon en laat afkoelen. Pluk de kipfilet in mooie draadjes.
Hak de peterseliekroontjes zeer fijn.
Verwarm de oven voor op 180 C.
maak van de witte wijn en wat water een roux. Vioeg de koksroom toe (was: Breng de koksroom met de witte wijn aan de kook. Voeg voorzichtig wat rouxkorrels toe en laat het geheel zachtjes doorkoken tot het geheel dikker wordt, )(Mag stevig zijn).
Voeg de geplukte kipfilet toe en meng alles goed door elkaar. Breng op smaak met peper, zout en kippenbouillonpoeder. Voeg de gehakte peterselie toe.
Laat de ragout afkoelen.
Verdeel de koude ragout over 4 aardewerkbakjes of soepkopjes
Leg over de met kipfilet gevulde bakjes een plakje bladerdeeg en druk dit voorzichtig aan. Snijd de overtollige randen, (1 cm. onder de rand) af.
Klop de eieren los met iets zout en een paar druppeltjes water. Bestrijk voorzichtig de bladerdeegplakjes met het losgeslagen ei.
Plaats na het nuttigen van de soep de bakjes in de oven en bak deze mooi gerezen goudgeel.
Serveer op een bord met een randje, (Zeer warm, komt uit de oven).
Van broodmix met water deeg maken volgens de gebruiksaanwijzing (GEEN boter gebruiken!!!) en 45 minuten op een warme plaats laten rijzen.
Kip in bouillon in circa 15 minuten gaar koken en in stukjes snijden.
Ui en paprika in kleine stukjes snijden, alsmede de ham.
In koekenpan de olie verhitten en hierin de ui, paprika en uitgeperste knoflook circa 10 minuten bakken. Ham en uitgelekte tomaten toevoegen en alles even laten doorkoken. Kip toevoegen en op smaak brengen met peper en zout. Laat het geheel afkoelen en dan de kaas erpas doorroeren.
Deeg in 2 stukken verdelen en elk stuk uitrollen tot een ronde lap van ca. 25 cm. doorsnede.
Een lap op een ingevet bakblik leggen en hierop de vulling 2 cm. van de rand scheppen. Tweede lap er opleggen en de randen goed aandrukken en omhoog vouwen, zodat de vulling er niet uitloopt.
Pastei 20 minuten op een warme plaats laten rusten
Oven voorverwarmen op 190 graden (of gasstand 4) en pastei ca. 45 minuten in de oven. Op de bakplaat laten afkoelen.
1/2 rode peper, zaadjes verwijderd en grof gesneden
1 teen knoflook
3 eetl olijfolie
2 theel rode wijnazijn
1 kipfilet
8 sneetjes stokbrood
3 eetl platte peterselie, grof gehakt
Extra nodig: staafmixer 8 pinchoprikkers
1 Rooster de amandelen in een droge koekenpan en doe ze op een bord. Pureer de amandelen met de paprika, de peper, de knoflook, 1 eetlepel olijfolie en de wijnazijn met behulp van de staafmixer. Voeg zout naar smaak toe en laat de romescosaus minimaal 1 uur in de koelkast staan om op smaak te komen.
2 Verhit in een koekenpan de laatste 2 eetlepels olijfolie. Bestrooi de kipfilet met zout en peper en bak hem in 10 à 12 minuten goudbruin en gaar. Snijd de kipfilet in plakjes.
3 Leg de plakjes stokbrood op een schaal. Beleg ze met de kipfilet en schep er een beetje romescosaus op. Maak af met een beetje peterselie.
Tip Serveer de Spaanse amandelsaus ook eens bij gegrilde lamskoteletjes of gehaktballetjes.
1 blindbakvulling (bijv. rijst of gedroogde bonen)
1 keukenmachine of elektrische mixer met gardes
1 lage taartvorm (35 x 11 cm)
1 bakpapier
Meng in de keukenmachine of met de mixer in een kom de bloem, boter, 75 g suiker en het ei tot een samenhangend deeg. Voeg wat extra bloem toe als het deeg erg plakkerig is.
Laat het deeg verpakt in vershoudfolie minstens 30 min. in de koelkast rusten.
Verwarm de oven voor tot 180 °C.
Rol het deeg uit tot een dikte van 3-4 mm op een licht met bloem bestoven werkvlak en bekleed de vorm ermee. Leg een vel bakpapier op het deeg en verdeel er de blindbakvulling over.
Bak de deegbodem 15 min. in de voorverwarmde oven.
Verwijder de blindbakvulling en het bakpapier en bak de taartbodem in nog 5 min. gaar.
Rooster intussen in een droge koekenpan het amandelschaafsel goudbruin en schud op een bord.
Neem de taart uit de oven en laat in de vorm in ca. 45 min. helemaal afkoelen.
Klop met de mixer de mascarpone met de slagroom en de laatste 25 g suiker tot een dikke romige crème.
Verwijder de vorm en schep de mascarponecrème in de bodem.
Verdeel er de kiwi over en bestrooi met het amandelschaafsel en een beetje poedersuiker.
Meng alle ingredienten, behalve de konijnendelen en de boter of olie, goed met elkaar in een ruime schaal met deksel zodat er een azijnmengsel ontstaat.
Bereidingswijze
Leg de konijnendelen hierin en laat ze tenminste een nacht afgedekt in dit azijnmengsel marineren.
Haal de konijnendelen uit de marinade en dep ze goed droog.
Smelt de boter of verhit de olie in een braadpan en braad de konijnendelen in ca. 10 minuten rondom bruin.
Zeef het azijnmengsel en voeg 2 dl. van dit azijnvocht toe aan de aangebraden konijnendelen.
Temper de warmtebron en laat het konijn in ongeveer 1 uur gaar sudderen. Voeg regelmatig wat azijnvocht toe zodat de konijn goed kan sudderen.
Verhit een scheutje olie en een klontje boter in een pan en bak de knolselderij, ui en de nootmuskaat circa 4 minuten. Voeg de hazelnoten toe en bak circa 2 minuten mee. Breng op smaak met een beetje zout en versgemalen peper. Voeg de kookroom toe en laat circa 2 minuten inkoken.
Snijd de appel in dunne reepjes.
Scheur het brood in grove stukken.
Pluk en hak de peterselie.
Meng in een kom het brood, peterselie, het ei en een scheutje olijfolie extra vierge met elkaar.
Verdeel de knolselderij over een met olie ingevette ovenschaal. Verdeel de appelreepjes erover. Verkruimel de geitenkaas erboven. Verdeel het broodmengsel over de ovenschotel en bak de ovenschotel in de oven in circa 15 minuten gaar.
1 eetlepel gehakte peterselie (vers of diepvries) of 1 theelepel gedroogd, versgemalen peper.
Voorbereiding
Verwarm de oven voor op 200grC. Maak de knolselderij schoon en snijd deze in kleine blokjes. Kook ze met weinig water, zout en citroensap in 10-12 minuten gaar. Giet de selderij af en laat goed uitlekken. Snijd de paprika zonder zaadjes in miniblokjes. Giet kokend water over de paprikablokjes, spoel er meteen koud water over en laat goed uitlekken.
Bereidingswijze
Vet een ovenschaal licht in met de olie. Pureer de knolselderij met een staafmixer of in de keukenmachine. Roer de roomkaas erdoor tot een gladde massa. Splits de eieren. Roer de paprika, peterselie en eidooiers door het knolselderijmengsel. Voeg peper en zout toe. Klop in een vetvrije kom de eiwitten stijf. Spatel het knolselderijmengsel hier luchtig door. Vul de ovenschaal hier voor 3/4 deel mee. Zet de soufflé circa 20 minuten in het midden van de oven totdat hij gerezen en goudbruin is. Dien de souffle op en eet deze meteen.
Ook lekker bij gourmet (knol in kleine stukjes)! (blz 60 &54)
Ook in braadpan op de kachel te bereiden.
2 hele geroosterde selderijknollen:
60 ml olijfolie
zeezoutvlokken
saus
110g boter
1 kleine banaansjalot
1 t knoflook
3 ansjovis op olijfolie
0,5 tl middelscherp kerriepoeder
0,25 tl cayennepeper
1 el mosterdpoeder
1 el fijne kappertjes
2 el fijngesneden bieslook
2 el dragonblaadjes
1 el peterselie
2 tl tijmblaadjes
110 ml slagroom
2 tl citroensap
0,25 tl zeezoutvlokken
Knolselderij voorbereiden:
Oven voorverwarmen op 170gr
de knol schoonmaken, met vork zeker 40x rondom inprikken
minimaal 2,5 uur in de oven, om de 20 min instrijken met de olie
afwerken:
Doe de ingrediënten tm mosterdpoeder voor de saus met 1/4 theelepel zeezoutvlokken in een kleine pan en zet hem op halfhoog vuur. Laat ze circa 6 minuten koken en schud de pan van tijd tot tijd om tot de sjalot gaar is en de boter gesmolten, goudgeel en gekaramelliseerd is.
Voeg de kappertjes, kruiden en heel royaal versgemalen zwarte peper toe, laat de saus nog 1 minuut koken en neem de pan van het vuur.
Zet de oven op de hoogste grillstand. Schik de knolselderijsteaks met vol doende tussenruimte op een grote, met bakpapier beklede bakplaat waar ze in een enkele laag op passen. De steaks moeten al bestreken zijn met de bakolie en de selderijkaramel, maar bestrijk ze als dat niet is gebeurd nu met wat olijfolie en een beetje ahornsiroop of honing (zie blz. 54). Zorg ervoor dat het bakpapier niet te veel uitsteekt, omdat het dan kan verbranden. Gril de steaks 6-8 minuten op de bovenste richel van de oven, tot de bovenkant goudbruin is. Zet de oven uit en laat de steaks tot het serveren op de bakplaat in de oven staan.
Zet de saus weer op halfhoog vuur en laat hem 1 minuut zachtjes koken, roer de room en het citroensap erdoor. Roer nog 2 minuten tot hij warm is, maar roer niet te veel - de saus mag licht schiften, maar niet emulgeren.
## 2022 evert+yvonne ## 202305 riki+leo ## 20240229 jose ## 202409 Eef en Petra ## 202411 TBMS ## 20250322 met eigen saus (zoete paprika, room, ui, rozemarijn
Schrob de knolselderij schoon, verwijder de kont met te erge wortelen en snijd de knol verder in plakken van ongeveer 2 cm dik. Bestrijk ze aan beide kanten met 2 eetl. olijfolie, bestrooi met zeezout en zwarte peper en leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat.
Bak de plakken knolselderij 20 minuten, keer de plakken om, voeg de druiven toe aan de bakplaat en bak ze nog 15 minuten tot de druiven gekaramelliseerd zijn en de knolselderij mooi gaar.
saus
Hak de geroosterde hazelnoten grof, zodat u zowel een beetje crunch als fijnere stukjes krijgt. Schuif wat opzij voor de garnering.
Doe de rest van de noten met de gehakte peterselie, knoflook, mosterd, honing en rodewijnazijn in een hoge kan, of de beker van de blender, en draai glad met de staafmixer of blender.
Klop geleidelijk de olijfolie en hazelnootolie erdoor tot een gladde, dikke dressing.
Roer dan de yoghurt er met de hand doorheen, want als u die met een machine meedraait dan wordt die gelijk heel dun.
Proef en breng op smaak met zeezout en versgemalen zwarte peper.
Smeer de saus dik op de bodem van een serveerbord. Schik de knolselderijsteaks met de geroosterde druiven erop en garneer met achtergehouden hazelnoten.
Opmaaktip Overgebleven geroosterde knolselderij
is lekker in blokjes met rucola, hazelnoten, feta (en geroosterde druiven) met de iets verdunde dressing als lunch.
Grof geprakt met een scheut olijfolie en citroen op geroosterd brood, eventueel met wat kaas of geroosterde noten erover.
Of even opgebakken in de pan met een klontje boter, salie of tijm en een beetje citroenrasp.
0,25 theelepel milde tot middelscherpe currypoeder
4 eetlepels gehakte verse dille
schaal van de krab halen en de schalen met water en soepgroente in een pan op het vuur zetten. Zout en peper toevoegen en 30 minuten laten koken. Giet de bouillon door een zeef in een schaal.
In dezelfde pan de boter smelten en bloem toevoegen. Al roerende aanbakken. Beetje bij beetje de hete bouillon toevoegen en daarbij met een garde goed roeren.
Asperges in hapklare stukjes snijden en in de soep doen. 8-10 minuten laten koken, tot de asperges gaar zijn. Krabvlees in de soep doen en nog 1-2 minuten laten koken.
Wijn en slagroom toevoegen, doorroeren en de soep goed verwarmen. Mosterd en currypoeder erdoor roeren en met zout en peper verder op smaak brengen. Met dille bestrooien en serveren.
Maak de winterwortel schoon door deze te schillen.
Verwijder de dikke schil van de knolselderij met een groot mes.
Snijd de citroen in grove stukken.
Hak de peterselie grof.
Verhit de olie in een ruime hoge pan. Fruit de gesneden groenten goed aan. Voeg de garnalenpulp toe en verhit de krachtig mee.
Voeg nu de tomatenpuree toe en laat ook deze kort maar krachtig mee verhitten. Voeg wat gebroken peperkorrels toe. Blus af met de witte wijn. Laat het geheel reduceren.
Voeg 2 liter koud water toe. Bestrooi met de visbouillonpoeder. Breng het geheel aan de kook en laat het een uur langzaam trekken.
Pureer met een staafmixer. Laat het geheel nog een 30 minuten zachtjes doorkoken. Duw het geheel door een bolzeef. Breng het geheel opnieuw aan de kook en laat het enige tijd doorkoken.
Voeg de koksroom toe en laat nu opnieuw weer doorkoken. Breng op smaak met peper en zout.
Hak de bieslook in een keer zeer mooi fijn, (Niet hakken).
Pel indien nodig de scampi’s en verwijder het darmkanaal. Bak in een kleine hoeveelheid goed verhitte olijfolie de scampi’s. Verwijder uit de pan en laat afkoelen. Snijd de scampi’s in de lengte doormidden. Leg deze in het bord.
Garneer met de gehakte bieslook. Schenk de kreeftensoep in een voorverwarmde kan. Schenk aan tafel de soep uit.
in pan 1L water met bouillontablet aan de kook brengen. kruidenbuiltje toevoehen.
met deksel op pan 20 min zachtjes koken.
intussen in kopje peterselie, selderij en bieslook fijnknippen.
in andere pan 1L water met zout en azijn aan de kook brengen. niet meer laten borrelen. ei in kopje breken en voorzichtig in water laten glijden. (*4). eieren in 5 min gaar laten worden. uit pan scheppen met schuimspaan. zo nodig lossen eiwitslierten er af snijden.
kruidenbuiltje uit bouillon nemen. bouillon op smaak brengen met sherry. op ver 4 soepkommen verdelen.
1 volle theelepel ras-al-hanout of andere kruidenmix
Verwarm de oven voor op 180 graden.
Verwijder het blad van de bloemkool en snijd de bloemkool in grove plakken. Leg deze plakken op een met bakpapier bekleed rooster van de oven.
Doe de olie in een kommetje, knijp hierin het teentje knoflook uit en een volle theelepel kruidenmix. Dat kan ras-al-hanout zijn, of za’atar of een andere pittige mix. Roer goed door.
Breng de gekruide olie met een kwastje aan op de bloemkoolplakken.
Zet het rooster ongeveer 20-25 minuten in de oven. S
erveer bij dit gerecht gebakken zoete aardappelplakje
vul de kwartels de dag vantevotren, zodat ze goed doordrongen zijn van het aroma van de vulling
Meng daarvoor in een kom het worstvlees met het broodkruim, 12 ontvelde en ontpitte druiven en de eidooier. roer er een scheut port doorheen en kruid met zout en peper.
vul de vogeltjes hiermee.
naai de opening dicht met keukengaren zodat de vulling er niet uit kan vallen en bind de pootjes te zamen
zet ze in de koelkast in een afgedekte plastic doos
haal ze 1 uur voor het braden er uit
maak de volgende dag de boter heet in een vuurvaste schotel of een pan, kwartels er en zet 20 min die in een hete oven.
keer devogeltjes tenminste één keer
verwijder het garen en hou de kwartels warm in een schaal.
deglaceer de braadjus op een flink vuur met de bouillon en de port
bind de saus met een bloemboter van de resterende 10g boter en de bloem
voeg de rest van de ontvelde, gehalveerde, ontpitte druiven toe
breng snel aan de kook en giet de saus in een sauskom
Ingredienten : 1 kg kweeperen, suiker naargelang het gewicht van de schoongemaakte kweeperen
Bereiding: Wrijf het witte dons op de schil van de kweeperen met een doek af en verwijder de steel en het kroontje van de vruchten. Doe de kweeperen in een pan en zet ze net onder water. Laat koken tot ze gaar zijn. Meestal barsten ze dan open. Laat in het kookwater afkoelen.
Verwijder het klokhuis van de kweeperen met de hand en laat gedurende 10 minuten met een weinig water uitkoken in een klein pannetje. Giet dit vocht door een zeef en voeg dit bij de kweeperen. Dit vocht bevat zeer veel pectine. Mix de kweeperen samen met het kookvocht tot moes. Weeg dit kweeperenmoes en voeg per kilo moes 800 g suiker toe.
Breng alles samen aan de kook en laat borrelend doorkoken tot de confituur geleert (8 a 10 minuten). Giet de confituur dadelijk in vooraf verwarmde potjes, sluit af met een schroefdeksel en 5 minuten zet de potjes omgekeerd.
Onze ervaring: Daar kweeperen veel pectine bevatten is het niet nodig om bij de bereiding van deze confituur een geleermiddel te gebruiken. Indien men de confituur een lichtjes zure smaak wil geven, moet men er samen met de suiker het sap van 1 of 2 citroenen toevoegen. De kweeperenconfituur krijgt een mooie roodachtige kleur wanneer men de vruchten samen met de schillen van 3 tot 4 rode appels laat koken.
Soms tref je op een erf nog een kweepeer aan. Ooit is het boompje er aangeplant vanwege zijn harde, gele en aromatische vruchten. Daarvan kunnen allerlei lekkernijen gemaakt worden waaronder deze kweeperenjam met appels
1 kg kweeperen,
1/2 kg appels, 1 scheutje citroensap,
minimaal 1 kg suiker
Kook de vruchten vervolgens in het zelfde water tot ze mooi rood en gaar zijn. Pureer ze daarna in een roerzeef. De pitten blijven daarbij in de zeef achter. Voeg aan de puree het citroensap en de suiker toe. Laat het geheel tenslotte goed inkoken en doe de jam in schone en droge potten.
Het fruit wassen en in grove stukken snijden, niet schillen en klokhuis niet verwijderen.
Bereidingswijze
Fruit in een grote ketel, water bijvullen tot de stukken net onderstaat. Kruidnagels (1 a 2 per kg)en kaneelstokjes (2 per kg) erbij en minimaal drie uur zachtjes laten koken. De appels en het sap worden prachtig rood.
Het sap in een doek laten uitlekken en inkoken tot driekwart van de hoeveelheid. Het inkoken is erg belangrijk om de heerlijke smaak van het kweeperensap te versterken.
Per drievierde liter sap een kilo suiker toevoegen en verder inkoken totdat een druppel stolt (op een koud bordje).
Schone potjes vullen met de hete gelei en direct afsluiten.
Lam tajine op een hoger niveau door de toevoeging van kweepeer. Een Marokkaanse vriend gaf me dit recept, dus het is zeker authentiek. Serveer met couscous voor een heerlijke maaltijd.
750 gr lamsbout, in blokjes
2 grote uien, fijn geraspt
60 gr boter
1/2 theelepel gemalen gember
1 theelepel versgemalen zwarte peper
1/2 theelepel saffraandraadjes
1 kaneelstokje
600 ml water
zout
2 grote kweeperen
2 theelepels honing
1/2 theelepel kaneel
Doe het lamsvlees, uien, boter, gember, peper, saffraan en het kaneelstokje in een grote pan met dikke bodem. Dek de pan af en laat alles gedurende 10 minuten sudderen. Laat het vlees niet bruin worden. Giet het water erbij, breng aan de kook en laat afgedekt 45 minuten verder sudderen, totdat het lamsvlees gaar is. Voeg zout naar smaak toe.
Snijd de kweeperen in achtsten en verwijder de zaden, maar niet de schillen. Voeg aan de pan toe samen met de honing en kaneel en meng. Voeg eventueel nog wat water toe, alles moet bedekt zijn met vloeistof. Sudder nogmaals gedurende 30 minuten. Verwijder het kaneelstokje en serveer.
750 g lamsstoofvlees (bijv. lamsnekfilet in hapklare stukken)
1 grote ui (gesnipperd)
2 teentjes knoflook (geperst)
1 tl gerookte-paprikapoeder
1 blik gepelde tomaten (400 g)
1 el sherryazijn (evt. rodewijnazijn)
750 ml kippenbouillon
zout en peper
2 blikken limabonen (Ã 400 g en afgespoeld en uitgelekt)
½ bosje peterselie (alleen de blaadjes en grof gehakt)
100 g feta (verkruimeld)
snufje gedroogde munt (optioneel)
Verwarm de oven voor (elektrisch: 180°C / hetelucht: 160°C). Verhit de olie in een zware, ovenbestendige braadpan op hoog vuur. Braad hierin het vlees, in porties, krachtig aan tot het rondom mooi gebruind is. Schep het vlees met een schuimspaan uit de pan en zet het apart.
Zet het vuur lager en fruit de ui en de knoflook ca. 5 minuten in het bakvet tot de ui zacht is. Roer het paprikapoeder erdoorheen en fruit nog 1 minuut. Blus af met de tomaten en druk ze met een spatel stuk. Voeg de azijn, de bouillon en een snuf zout en peper toe en schraap alle aanbaksels van de bodem los. Doe het vlees terug in de pan en breng alles rustig aan de kook. Leg een deksel op de pan en zet de pan 1 uur en 30 minuten in de oven.
Roer de bonen door de stoof, dek de pan weer af en zet nog 15-20 minuten in de oven tot de bonen goed heet zijn en het vlees zacht is. Haal de pan uit de oven en roer de helft van de peterselie door de stoof. Verdeel de stoof over kommen en garneer met de feta, de overige peterselie en eventueel een snufje gedroogde munt. Lekker met knapperig stokbrood.
Uien pellen en fijnsnipperen. pompoen dik schillen en zacht binnenste en pitten verwijderen. Vruchtvlees in stukjes snijden. Gemberbolletjes fijnsnijden. vlees in blokjes snijden. In braadpan olie verhitten. Ui ca. 3 min. zachtjes bakken. Saffraanpoeder erdoor roeren. Vlees toevoegen en ca. 5 min. rondom bakken. Erbij doen:pompoen, gember, komijn, bouillontablet en 2 dl water. Met deksel op pan vlees in ca. 50 min. zachtjes gaarstoven. Intussen in zeef rozijnen afspoelen. Amandelen grofhakken. Olijven halveren en pitten verwijderen. Vleesmengsel laten afkoelen en tot gebruik in koelkast zetten.
Bereidingswijze
In kom doen:couscous, 0,25 lauw water, 1/2 tl zout, rozijnen, amandelen, kaneel en citroenrasp. Door elkaar roeren. Grote pan voor de helft vullen met water. Aan de kook brengen. Couscous in zeef doen en laten uitlekken. Zeef met couscous in de pan hangen. Met deksel op pan water ca. 15 min. laten koken, terwijl waterdamp door couscous komt. Vleesmengsel zachtjes verwarmen. Olijven erdoor scheppen. Op smaak brengen met zout en chilipeper. Couscous overdoen in schaal en met houten lepel los scheppen. Vleesmengsel overdoen in andere schalen.
Schaaf de courgette in lange dunne pakken, (Dit met de Japanse schaaf).
Schaaf ook de aubergines in plakken van dezelfde dikte als de courgette.
Snijd plakjes tomaat. Deze ook van dezelfde dikte als de courgette en auberginne.
Maak een grillpan warm met erin een kleine hoeveelheid olijfolie.
Kruid de plakken courgette, auberginne, tomaat met peper zout, provencaalse kruiden en besprenkel met olijfolie, (Wees niet te zuinig met de olijfolie. De aubergines nemen veel olie op.)
Grill de plakken in de warm gemaakte grillpan. Laat de gegrilde plakken afkoelen.
Snijd de mozerella in plakken. Ook weer dezelfde dikte als de groenten.
Bestrooi met peper, zout en provencaalse kruiden.
Rooster de pijnboompitjes en laat afkoelen.
Stapel de gerilde groenten op elkaar met ertussen de plakken mozerella.
Bestrooi tussendoor ook weer voorzichtig met peper en zout.
Besprenkel met de groene kruiden olie zodat er meer smaak aan komt maar ook dat het geheel beter aan elkaar kleeft, (Kruidenolie zie onderaan in aparte receptuur).
Snijd de lasagne aan de buitenkant mooi recht.
Maak de lasagne van groenten even warm in een oven van 180 C.
Plaats de lasagne in het midden van een bord. Garneer met blaadjes basilicum, geroosterde pijnboompitjes en kruidenolie.
Voor een standaard vlaaivorm van circa 28-30 cm heb je nodig:
250g bloem
10g verse gist (of ca. 4g droge gist)
100ml lauwe melk
20g suiker
40g boter (op kamertemperatuur)
Half ei (optioneel, voor een rijkere bodem)
1/2 tl zout
Deeg kneden: Meng de gist met de lauwe melk. Voeg bloem, suiker, boter en zout toe. Kneed tot een soepel, elastisch deeg.
Eerste rijs: Laat het deeg op een warme plek circa 30-60 minuten rijzen onder een vochtige doek tot het in volume verdubbeld is.
Vorm bekleden: Rol het deeg uit tot een dunne lap die iets groter is dan je vlaaivorm. Vet de vorm in en leg het deeg erin. Druk de randjes goed aan (dit noemen bakkers opduimen) en verwijder overtollig deeg met een deegroller.
Vullen: Prik gaatjes in de bodem en vul de vlaai. Klassieke vullingen zijn:
Fruit: Kersen, abrikozen, pruimen of appels (vaak gebonden met wat custard of vlaaivullingpoeder).
Pap: Rijstebrij of griesmeelpap.
Afwerking: Je kunt de vlaai open laten, afdekken met een deksel van deeg (dekselvlaai), een rasterwerk (linzenvlaai), of bestrooien met kruimels (kruimelvlaai).
Bakken: Bak de vlaai in een voorverwarmde oven op circa 200-220 grC gedurende 20 tot 25 minuten tot de randen goudbruin zijn.
Maak de Bechamelsaus: Smelt de boter in een pan op middelhoog vuur, voeg de bloem en maizena toe. Roer snel tot een gladde massa ontstaat. Voeg de koude melk in een keer toe en kook op laag vuur, onder voortdurend roeren, totdat het dik wordt. Als je ziet dat er klonten in de saus ontstaan, gebruik dan een garde om ze glad te strijken. Breng op smaak met zout en peper en zet apart
Spoel de linzen af en verwijder eventuele rotzooi. Doe de linzen in een snelkookpan. Voeg wat zout toe, sluit de pan en kook op laag vuur 20 minuten vanaf dat het begint te fluiten. Haal de druk eraf voordat je de pan opent
Verwarm de grill van de oven voor. Vet een grote ovenschaal in. Meng de linzen en de witte saus en giet het mengsel in de bakvorm. Duw de gehalveerde eieren in de linzen, zodat ze bedekt zijn. Bestrooi met geraspte kaas en grill een paar minuten of tot de bovenkant goudbruin is
Leg de bamboe sushimat klaar voor gebruik. Leg het nori vel met de gladde kant naar de onderkant op de mat en zorg dat je het vel met de sushirijst goed bedekt. Let op dat je wel een ruimte van ongeveer 1 cm vrijlaat aan de randen, deze heb je nodig om de rol weer dicht te maken.
Vorm van de gesneden vis, groenten en andere ingrediënten vooraan op de plak rijst een lange horizontale rij en begin voorzichtig op te rollen.
Je gebruikt de bamboe mat om te rollen zodat je hem strak vast kan houden en stevig aan kan duwen tijdens het rollen. Door het vocht in de rijst blijft de nori goed aan elkaar plakken en gaat de rol niet meer open. Snijd daarna met een scherp mes de rollen in plakken.
Serveer de maki sushi met sojasaus en eventueel wat pittige wasabi en ingelegde gember.
Leg de maki sushi op een bord en serveer direct of bewaar maximaal 24 uur in de koelkast.
Tip: maak ook eens uramaki sushi (binnenstebuiten rol). Je begint hetzelfde en bedekt je nori vel met rijst. Deze strooi je helemaal vol met gebrande sesamzaadje. Leg een stuk huishoudfolie erop en draai dan alles om zodat de folie en de rijst op het bamboematje komen te liggen. Je legt dan je gewenste ingrediënten op het nori vel en rolt de sushirol precies zo dicht zoals je het net ook bij de normale rol hebt gedaan.
snufje zout en versgemalen zwarte peper naar smaak
45 gram geraspte Parmezaanse kaas
Verhit de olijfolie in een grote koekenpan op middelhoog vuur. Bak en roer de asperges in de hete olie tot ze zacht zijn, ongeveer 5 minuten. Giet het citroensap erbij en breng op smaak met zout en peper. Leg de asperges in een schaal en bestrooi met Parmezaanse kaas om te serveren.
Gezonde heerlijke salade met een verrukkelijke Marokkaans getinte dressing.
VOOR DE SALADE:
* 14 medium maat wortelen, liefst bospeen, geschild en in plakjes van 3 mm
* zout
* 1 blik kikkererwten (410 g) goed uitgelekt
* 4 eetlepels goede sultana`s
* 150 gram romige feta
* 6 volle eetlepels fijngehakte bladpeterselie
* 6 eetlepels fijngehakte verse kleine muntblaadjes
* 2 opgehoopte theelepels maanzaadjes
* 6 opgehoopte eetlepels amandelschilfers geroosterd in een droge koekenpan
* wat mooie kleine verse muntblaadjes voor de garnering
* zout & versgemalen zwarte peper
VOOR DE DRESSING:
* 2 theelepels fijngeraspte verse gemberwortel
* 2 grote tenen knoflook uit de knoflookpers
* 1.5 theelepel gemalen komijn
* 1 theelepel zoete paprikapoeder
* 0.5 theelepel djahe
* 0.5 theelepel kaneelpoeder
* sap van een grote sinaasappel
* sap van twee verse limoenen
* 125 ml goede koudgeperste olijfolie
* schepje suiker
* zout & versgemalen zwarte peper
VOOR ERBIJ:
Knapperige pide uit de oven
Doe als eerste alle ingredienten voor de dressing in een kleine kom en klop met de garde tot alles goed is vermengd, zet zolang opzij.
Het water zal intussen wel koken, doe daar de wortelschijfjes in, doe het deksel op de pan en zet de kookwekker op 6 minuutjes. Proef even een wortelschijfje, deze moet net zacht met nog een bite zijn, nog te hard, kook ze dan nog 1 a 2 minuutjes.
Doe de wortel over in een vergiet, laat even uitlekken en doe ze daarna direct bij de dressing, mix goed door elkaar, voeg de sultana`s en kikkererwten toe, schep om, dek af met vershoudfolie en laat alles minstens 1 uur marineren bij kamertemperatuur of zet de schaal in de koelkast wanneer je hem pas de volgende dag wil eten.
Schep pal voor het opdienen de fijngehakte peterselie, munt en maanzaadjes door de salade en spreid deze uit op een mooi groot serveerbord. Druppel nog wat extra olijfolie over de salade en verkruimel de feta erboven, verdeel de geroosterde amandelschilfers over de salade.
Garneer de salade met wat mooie kleine muntblaadjes en breng op smaak met versgemalen zwarte peper en eventueel nog wat zout.
Fruit de gehakte ui en knoflook in een scheut zonnenbloemolie.
Voeg er de gewassen linzen, de fijngehakte kruiden en de specerijen aan toe met peper en zout naar smaak (of i.p.v.zout voeg twee bouillonblokjes toe).
Ook gember?
Roer alles goed door elkaar en voeg dan de tomatenblokjes toe.
Blijf roeren.
Voeg er dan de plakjes wortel en het koude water aan toe.
Vermeng alles goed en breng aan de kook.
Laat alles ongeveer 30 minuten zachtjes koken met het deksel op de pan; roer af en toe.
Wanneer alles gaar en klaar is, haal dan een soeplepel vol uit de pan en pureer dat met een staafmixer.
Doe de gepureerde soep bij de soep in de pan en roer alles goed door elkaar.
Dien heet op in mooie soepkommen met evt. in het midden daarvan wat gekookte rijst.
Halveer de pompoen en snijd in parten. Verwijder de zaden en draderige binnenkant. Snijd de ui in ringen en de knoflook fijn. Verhit ? van de boter in de braadpan (of tajine) en fruit de ui en knoflook 3 min. Voeg de pompoen, ras el hanout en rozijnen toe en bak 3 min. mee. Voeg het water toe en breng aan de kook. Laat ca. 20 min. op middelhoog vuur met de deksel op de pan stoven. Schep regelmatig om. Laat de kikkererwten uitlekken en voeg ze na 10 min. toe.
Bereid ondertussen de couscous volgens de aanwijzingen op de verpakking. Roer los met een vork en schep de rest van de boter erdoor.
Verhit een koekenpan zonder olie of boter en rooster het sesamzaad in 3 min. goudbruin. Laat afkoelen op een bord.
Snijd de blaadjes koriander fijn. Breng de pompoentajine op smaak met peper en eventueel zout. Schep op een schaal en bestrooi met het sesamzaad en de koriander. Serveer met de couscous.
Er doet tal van geruchten rond de oorsprong van de mayonaise, het meest waarschijnlijk, het zou van het oud Frans woord "mailler" komen dat zoiets betekent als kloppen.
Het is een eenvoudig preparatie van ei en olie, dat gebaseerd is op het chemisch principe genoemd "antithixotropie" : de viscositeit van bepaalde vloeistof wordt beinvloed door een mechanisch handeling. Wij spreken ook van emulsie; als een aantal stoffen, in dit geval olie, eigeel (dat bestaat voor 50% uit water) en mostaard worden gemengd.
Hoe dan ook de mayonaise (2 n`s in het Frans 1 n in het Nederlands), is een heerlijk eenvoudige saus die veelvuldig gebruikt kan worden, vis, koud vlees, eieren, groenten. En frieten natuurlijk!!
De aller-lekkerste mayonaise klop je met je hand en een vork of een garde, maar je kunt ook natuurlijk een Mixer gebruiken maar niet op de snelste stand (midden zou voldoende moet zijn)
- 1 eigeel
- 1 kleine lepel mosterd van Dijon
- Zout
- Peper
- Beetje citroensap
- Olie (ik gebruik arachide (pinda) olie maar zonnebloem is ook lekker, er wordt ook wel olijfolie gebruikt maar dit maakt m.i. de mayonaise een beetje zwaar)
- Scheid eigeel en eiwit (bewaar het eiwit)
- Doe het eigeel in een rond kom van minimaal 30 centiliter, voeg de lepel mostaard erbij en een heel klein beetje zou (mostaard is ook zout) meng zachtjes het eigeel en de mostaard en begin te kloppen. Je doet dit met een hand terwijl met je ander hand een flinter dun straaltje olie laten vallen op de emulsie, niet te veel olie tegelijk. Blijf olie toevoegen en blijf kloppen tot je een homogeen geheel hebt. Het mag niet vloeibaar blijven ? als het tekstuur en de hoeveelheid jouw goede keuring hebben verdiend. Breng dan op smaak met nog een beetje zout en/of peper en een druppeltje citroensap.
- Je kunt saffraan aan toevoegen, daarvoor doe een of twee stampers in en borrel glaasje gevuld met lauw water als de mayonaise klaar meng heel zachtjes in de emulsie ( let op te veel water zou de mayonaise vloeibaar maken).
- Als je een extra licht mayonaise wilt hebben je kun naderhand het eiwit tot een stevig schuim kloppen en dan voorzichtig met een spatel met de mayonaise mengen.
2 tenen knoflook, fijngehakt naaldjes van 2 takjes rozemarijn
50 g walnoten, grof gehakt
Balsamico-azijn (di Modena)
Verwarm de oven voor op 180 graden.
Snijd de steelaanzet uit de meiknolletjes en schil ze (met een dunschiller) waar hun schil er niet mooi en gaaf uitziet. Snijd ze in zo dun mogelijke plakjes.
Hussel de plakjes in een ruime, lage ovenschaal om met een theelepeltje zout, de olijfolie, knoflook en rozemarijn. Dek af (met aluminiumfolie) en zet 30 tot 40 minuten in het midden van de oven, schep tussendoor een keer om. De oventijd hangt af van de versheid van de knolletjes: ze moeten zacht worden, maar wel stevig blijven. Rooster intussen de walnoten licht in een anti-aanbakpan.
Haal het folie van de knolletjes af, bestrooi met de walnoten en voeg eventueel nog wat olie toe. Schep om en zet nog ca. 10 minuten terug in de oven.
Schep de meiknolletjes ten slotte nogmaals om en bedruppel gul met balsamico-azijn naar smaak. Eet met een gemengde salade met mozzarella.
202310: met oesterzwam, enkele radijsjes. walnoten waren wat bitter. Te veel olie (7 el)
Een zoete verrassing bij een stukje kaas, traditioneel op het Iberisch schiereiland. In een luchtdichte doos zeker een jaar houdbaar buiten de koelkast
2 kilo kweeperen
1/2 tot 1 kilo suiker
Voorbereiding
Was het dons van de peren af en snijdt ze in kwarten of kleiner, verwijder de klokhuizen. Bekleed een glazen schaal met bakpapier.
Bereidingswijze
Kook de brokken gaar in een laagje water, in 45 minuten, met de deksel op de pan. Giet af en bewaar eventueel het vocht om later siroop van te maken.
Roer nu de kweeperen door een roerzeef met een fijne schijf. Weeg de moes en doe terug in de pan. Voeg suiker toe gelijk aan de helft van het gewicht van de moes. Breng dit aan de kook en blijf roeren tot het meeste vocht verdampt is. Pas op voor hete spatten. Zet het vuur laag en blijf net zo lang roeren tot de massa niet meer terugvloeit. Omscheppen met de spatel werkt nu beter dan de lepel.
Probeer een beetje op een schoteltje te laten afkoelen: het mag niet meer plakken en moet goed stijf worden.
Stort de massa in de schaal en laat helemaal afkoelen. Nu mooie repen of blokjes van snijden.
Kook de tuinbonen in 8 minuten gaar en laat ze uitlekken. Voeg geen zout aan het kookwater toe - daar worden de bonen taai van!
Snijd de tomaten in kleine stukjes. Hak de knoflook fijn.
Snijd de feta in kleine blokjes (1x1 cm of iets kleiner).
Verhit in een koekepan een scheut olijfolie en bak de tomaat en knoflook enkele minuten. Voeg de dille, peper en zout (niet te veel, de feta is ook zout!) toe.
Voeg de feta toe en bak deze voorzichtig omscheppend kort mee.
Draai het vuur uit, schep de tuinbonen erdoor en laat kort (2 of 3 minuten) een beetje afkoelen voor je het gerecht serveert.
Laat het bladerdeeg ontdooien en vet de mini muffin bakvorm in met een beetje boter.
Schil de appels en verwijder het klokhuis. Snijd ze in kleine blokjes van ongeveer 0,5 cm.
Meng de appelblokjes in een kom met de suiker, kaneel en grof gehakte pecannoten.
Snijd elk plakje bladerdeeg in 4 kleine vierkantjes en duw deze voorzichtig in de ingevette bakvorm, zodat ze bakjes vormen. Prik er met een vork gaatjes in de bodem.
Vul de bladerdeegbakjes met het appelmengsel en druk dit licht aan
Bak de mini appel bladerdeeg taartjes in een voorverwarmde oven op 200 graden voor 15 minuten of totdat het bladerdeeg mooi goudbruin is.
Laat ze even afkoelen en haal ze voorzichtig uit de vorm. Ze zijn nog iets warm het lekkerst.
Tips van mij: lekker met wat poedersuiker, slagroom of karamel er op!
Je kunt de mini appel bladerdeeg taartjes 1-2 dagen bewaren in een afgesloten bak op kamertemperatuur. Warm ze eventueel kort op voor gebruik.
Leg op een bakplaat vetvrij papier en plak dit vast met een druppeltje olijfolie.
Verwarm de oven voor op 180 C.
Steek de wontonvelletjes uit met een grote steker. Leg deze op de met papier belegde bakplaat.
Besmeer de uitgestoken velletjes met iets olijfolie.
Bestrooi met peper en zout.
Bak de bewerkte uitgestoken velletjes in ongeveer 8 minuten in de voorverwarmde oven. Laat de afgebakken velletjes afkoelen.
Pliceer de tomaten door een kruisje te zetten in de onderkant van de tomaat en het kroontje met een mesje te verwijderen. Dompel de bewerkte tomaten voor 10 – 15 seconden onder in kokend water. Laat ze schrikken in koud water. Pel de tomaten en snijd in vier stukken. Verwijder de zaadlijsten en snijd het vruchtvlees in kleine blokjes.
Hak de kruiden, (Bieslook, basilicum) zeer fijn.
Maak de sjalotjes schoon. Snipper de sjalotjes. Meng met de blokjes tomaat.
Maak de knoflook schoon en hak deze. Meng deze ook met de tomatenblokjes en de sjalot.
Voeg de gehakte kruiden toe en meng alles goed door elkaar. Breng op smaak met peper en zout.
Laat het geheel enige tijd intrekken.
Verdeel de geraspte kaas in 16, (Iets meer 19 stuks tegen het breken) op een bakplaat met vetvrij papier. Bak kaaskoekjes in de hete oven van 180 C.
Haal de koekjes uit de oven en verwijder direct van de plaat.
Leg de gebakken wonton velletjes op een plateau. Leg hierop het tomatenmengsel, (Kort voor het meegeven).
Garneer met ansjovisfilets, de takjes koriander en de rucola. Steek op het laatste moment de kaaskoekjes in het tomatenmengsel zodat deze mooi rechtop blijven staan. Serveer het geheel op een klein bordje met een vorkje.
Verwarm de oven op 170 graden. Zeef het bakmeel in een kom en voeg de peper toe. Klop in een andere kom de eieren, melk en gesmolten boter door elkaar met een garde.Giet het natte mengsel langzaam bij het meel en roer kort met de garde door elkaar totdat er geen klontjes meer in zitten. Snijd de rode paprika en chorizo in kleine blokjes, halveer de olijven en schep samen met de rozemarijn door het beslag. Verdeel het beslag over de muffinvormpjes en zet ongeveer 30 min in de oven.
gemberwortel schillen. uien en knoflook pellen. in foodprocessor, of heel fijn snipperen.
in kom doen: helft van uimengsel, gehakt, en maizena. goed mengen. hiervan balletjes (2 cm) vormen. in stoompan boven kokend water stoommandje met balletjes 10 min met deksel er op gaar stomen.
intussen olie verhitten. rest van uimengsel +/-5 min zachtjes bakken.
Was de bieten. Bestrooi de bieten met peper en zout, besprenkel met olie. Wikkel deze in aluminiumfolie. Plaats de ingepakte bieten voor ongeveer 75 minuten in de oven.
Snijd de plakken Seranoham in 3 dunne repen. Rol de gesneden repen Seranoham op tot er roosjes ontstaan. Plaats deze in de koeling zodat deze stevig blijven.
Haal de bieten uit de oven. Verwijder de folie en laat deze afkoelen. Snijd met de Japanse mandoline of op de snijmachine dunne plakken. Met een ronde steker ronde plakken uitsteken. Droog de plakken op keukenpapier.
Snijd de bieslook mooi fijn, (Niet hakken).
Roer de roomkaas mooi los met een garde. Voeg indien nodig een klein beetje room toe. Breng op smaak met peper en zout. Voeg de gesneden bieslook toe.
Leg een plakje rode biet op een plateau / snijplank. Spuit hierop de roomkaas, leg hierop weer een plak rode biet. Bouw op bovenstaand manier een torentje, (Let op de rode biet goed droog is om uitlopen te voorkomen). Sluit af met een plakje rode biet.
Zet een klein puntje roomkaas op de bovenkant. Plaats hierop het roosje van Seranoham.
Garneer met bieslook, koriander en de bloemen. Serveer op een kleine bordje.
rijst wassen en uitlekken. santen in stukjes snijden.
gemberwortel schillen en met groot mes pletten.
in pan doen: rijst, santen, gemberwortel, pandanbladeren, koenjit, zout en 6 dl water. aan de kook brengen onder af en toe roeren zodat santen volledig is opgelost.
20 min met deksel op pan zachtjes koken. pandanbladeren en gemberwortel verwijderen.
met vork rijst los maken. nog 5 min zonder deksel laten uitdampen.
Belangrijk is om op tijd te beginnen met het bereiden van de sushirijst. De rijst moet nadat je het gekookt hebt namelijk helemaal afkoelen. Was de sushirijst een paar keer met koud water.
Ondertussen maak je van de rijstazijn, wijnazijn, suiker en zout een mengsel wat je even kort opwarmt (in de magnetron kan ook). Roer alles goed door elkaar zodat de suiker en het zout opgelost zijn. Er zijn ook kant en klare flesjes sushi azijn verkrijgbaar.
Doe nu de rijst in een pan en giet het koude water hierover heen. Breng dit nu aan de kook en laat het voor ongeveer 10 tot 15 minuten zacht koken met deksel. De hoeveelheid water en kooktijd kan iets afwijken, check daarom de verpakking van de sushirijst. Zet dan het vuur uit en laat hem nog 10 min met deksel nastomen. De rijst moet kleverig en klonterig zijn.
Doe de rijst daarna in de houten schaal en giet hier ook het afgekoelde azijn mengsel overheen en meng het goed zonder je de rijst kapot roert. Laat de rijst nu verder afkoelen en bedek de sushirijst met een theedoek totdat je de sushi verder gaat maken.
Pak een schaaltje met water voor je handen. Maak je handen nat en pak een bolletje rijst. Deze rol je in je handpalmen lekker soepel totdat je er een beetje een rechthoek in kunt vormen. Dit kan je doen door je handpalmen ligt tegen elkaar te drukken. Nadat je de blokjes rijst voor de nigiri gemaakt hebt kan je hier de stukken tonijn, zalm en ei op leggen. Om ervoor te zorgen dat alles goed blijft liggen kun je een klein reepje van een nori vel afscheuren of knippen en wikkel je dit er omheen. Door het vocht in de rijst zal dit blijven plakken.
Serveer de nigiri sushi met sojasaus en eventueel wat pittige wasabi
Leg de nigiri sushi op een bord en serveer direct of bewaar maximaal 24 uur in de koelkast.
Tip: voor een vega(n) variant leg je een stukje avocado of gemarineerde tofu er op i.p.v. vis of ei
500 g varkensfilet (varkenshaas), zonder vet en in blokjes
8 stengels bleekselderij, in stukken van 5 cm, het blad bewaard en fijngesneden
1 ui, grofgesneden
450 ml cider of appelsap
1 laurierblaadje
300 g langkorrelige rijst
900 ml kokende kippenbouillon
3 appels, bij voorkeur met rode schil
100 g walnoot, in stukjes
peper en zout
Verwarm de oven voor op 160grC/gasstand 2. In een vuurvaste schaal de olie verhitten. Het varkensvlees toevoegen en dit in 5 minuten aan alle kanten bruin aanbraden. Regelmatig roeren. Bleekselderij en ui toevegen en ong. 10 minuten bakken tot de ui zacht is
Cider of appelsap en laurierblad toevoegen. Op smaak brengen met zout en peper. Aan de kook brengen, de schaal afdekken en in de oven zetten. Gedurende 10,25 uur laten garen tot het vlees helemaal gaar is
Ong. 40 minuten voor het varkensvlees gaar is de rijst in een vurvaste schaal doen en de kokende bouillon erbij schenken. Goed roeren, de schaal afdekken en bij het vlees in de oven schuiven
Snijd de appels circa 25 minuten voor het einde van de bereidingstijd in vieren en verwijder de klokhuizen, maar schil ze niet. Snijd de stukken in plakken en voeg ze bij het varkensvlees
Verhit ondertussen een kleine pan op een middelhoog vuur, voeg de walnoten toe en rooster ze al roerend licht aan. Als het varkensvlees mals is de walnoten toevoegen en het vlees op smaak brengen. Garneren met selderijblad en warm met de rijst serveren
Een smeuïge cake, vol zoete pruimen die al hun sap afgeven tijdens het bakken. Dat is wat je krijgt als je deze omgekeerde pruimencake maakt. Het is een perfecte dessert optie.
75 g Roomboter
100 g Kristalsuiker
175 g Roomboter
75 g Witte Basterdsuiker
75 g Kristalsuiker
3 Scharreleieren M
225 g Tarwebloem
1.5 tl Backin Bakpoeder
8 pruimen
Verwarm de oven voor op 180 graden.
Was de pruimen, halveer ze en haal de pit eruit.
Smelt 75g boter in een pan. Voeg 100g suiker toe en roer door elkaar. Laat 2 - 3 minuten zachtjes sudderen.
Beleg een taartvorm van 20 cm met bakpapier en vet de randen in.
Giet het botermengsel in de taartvorm en beleg de taartvorm met de pruimen (met de bolle kant naar beneden).
Maak dan het cakebeslag. Klop 175g boter romig met 75g lichtbruine basterdsuiker en 75g kristalsuiker, totdat het mengsel licht en romig is (ongeveer 4 minuten).
Voeg de eieren één voor één toe terwijl je goed klopt na de toevoeging van elk ei. Klop minstens 2 minuten na de toevoeging van een ei (met een elektrische mixer).
Meng de bloem met het bakpoeder en schep het luchtig door het botermengsel heen. Meng goed, maar stop meteen met roeren als het mengsel gemengd is.
Schep het cakebeslag over de pruimen heen en verdeel het met een spatel.
Zet de cake in de oven en bak voor 30-40 minuten of totdat de bovenkant goudbruin is en een prikker er schoon weer uitkomt.
Laat de taart 10 minuten in de vorm afkoelen, leg er dan een bord op en draai de taart om op een schaal.
2 wortels (geel en oranje), ook in ragfijne plakjes
Olijfolie
1/2 blikje tomatenblokjes
2 takjes basilicum, gehakt
Peper en zout
Voor de groenten:
1 courgette, in plakjes van 2 mm
1 dunne aubergine, ook in plakjes van 2 mm
4 tomaten, in dunne plakjes van 5 mm
3 rode uien, in dunne plakjes van 2 mm
2 takjes rozemarijn
maak de tomatensaus: fruit de ui, de knoflook, de stengel bleekselderij en de wortel in de olie. Laat zachtjes garen. Voeg de tomatenblokjes toe. Pureer als de groenten gaar zijn. Doe de basilicum erbij. Laat even staan. Snijd de courgette, de aubergine, de tomaten en de uien in plakjes van 2 tot 5 millimeter. Dat gaat het snelst met een mandoline of een kaasschaaf.
Neem een ronde of ovalen ovenschaal, strijk de tomatensaus over de bodem uit. Pak dan een plakje courgette, leg er een plakje aubergine tegenaan, vervolgens een plakje tomaat en daarna een plakje ui. Vlij de groenten dakpansgewijs tegen elkaar aan in de saus. Werk naar binnen toe. Besprenkel met wat olijfolie, leg de rozemarijn erop en knip een stuk keukenpapier in de vorm van het schaaltje. Maak in het midden een gaatje, leg het papier op de groenten en schuif de schaal in de oven.
Bak gedurende 90 minuten op 180 graden. Haal dan uit de oven, besprenkel eventueel met een vinaigrette van olijfolie en balsamico en serveer. Een visje smaakt er lekker bij
Verwijder het kroontje uit de tomaat. Zet een kruisje onder in de tomaat. Dompel de tomaat voor ongeveer 10 seconden onder in kokend water. Laat de tomaten schrikken in koud water. Verwijder het losgekomen vel. Snijd de tomaten in vier stukken. Verwijder de zaadlijsten. Snijd het vruchtvlees in kleine blokjes.
Maak de knoflook schoon en hak deze fijn.
Pluk de blaadjes basilicum en snijd mooi fijn.
Meng de tomatenblokjes, gehakte knoflook en gesneden basilicum. Voeg olijfolie toe. Besprenkel met het citroensap. Breng op smaak met peper en zout. Plaats het geheel gedurende een uur in de koeling om te marineren.
snijd de voor- en achterkant van de limoen af. Snijd de limoen in dunne plakjes ter
garnering van het hoofdgerecht.
Bestrooi de roodbaarsfilet met peper en zout.
Verhit een koekenpaan met een kleine hoeveelheid olie.
Bak de roodbaarsfilet in de hete boter, (Voorzichtig daar roodbaars een zacht product).
De vis uit de pan nemen en verder garen in de oven.
Voeg aan de pan waar de roodbaars uit komt de venusschelpen toe. Verhit kort mee, bestrooi met peper en zout. Blus af met witte wijn.
Plaats een deksel over de pan. Laat de schelpjes nog twee keer opkomen.
Leg de roodbaars in het midden van een groot diep wordt. Schep rond de roodbaarsfilet de gare venusschelpjes.
Schep de op smaak gebrachte tomaten salsa rond de kabeljauwfilet.
Verwijder indien nodig het vel van de stukjes zalmfilet. Verwijder het buikvet van de zalmzijde. Verwijder ook de bovenste rand van de zalmzijde.
Bestrooi de stukjes zalm met iets zeezout, rietsuiker, citrusrasp en peper uit de molen.
Leg de stukjes zal tegen elkaar aan bedek met plasticfolie.
Leg er een zwaar voorwerp op zodat er druk ontstaat.
Laat de zalm ongeveer een uur marineren.
Leg de stukjes zalm op een snijplank en schraap het teveel aan marinade eraf.
Bestrooi de bodem van het rookoventje met rookmot.
Leg de germarineerde zalm op het rooster. Schuif het deksel op het oventje. Zet de rookoven voor ongeveer max. drie minuten op het vuur. Na twee minuten al even kijken of er voldoende rook aanwezig is.
De rookoven van het vuur halen en deze nog een paar minuten dicht laten zodat de zalm kan garen.
Leg de stukjes zalm op het bord.
Giet een kleine hoeveelheid beurre blanc rond de zalm.
Laat de saffraan weken in twee eetlepels warm water.
Voeg de bouillon bij de witte wijn, zet dit op een laag vuur en voeg de saffraan toe. Laat dit 20 minuten inkoken.
Schil de pompoen, snijd in blokjes. Doe twee eetlepels olijfolie in een pan, fruit de knoflooktenen uit de knijper hierin, voeg kurkuma, gember en kaneel toe en voeg dan de pompoenblokjes toe.
Laat vijf minuten bakken, voeg dan een groot glas water toe en laat de pompoen in 15-20 minuten gaar worden.
Breng op smaak met peper en zout.
Kook de lasagnebladen in ruim water, giet af en leg de vellen te drogen op een schone theedoek, afgedekt met een andere theedoek.
Doe de walnoten in een koekenpan en rooster ze 5 -10 minuten.
Als de saffraansaus tot een kwart is ingekookt, voeg dan de room toe zodat de saus wat dikker wordt.
Leg op elk bord een vel lasagna, doe er een flinke schep pompoenblokjes op, dek af met een tweede vel lasagne
Giet er een schep hete saus over, verdeel de geroosterde walnoten erover en leg er een paar basilicumbladeren op (of in de winter: een schep zelfgemaakte pesto).
in pan doen: anijs, gemalen kruidenmengsel, 71/2 dl water, ketoembar, djinten, santen, Javaanse suiker, peper en zout.
aan de kook brengen, roeren tot santen is opgelost. kip toevoegen en 45 min zachtjes gaar koken. kip uit pan nemen. saus in 30 min in koken tot gebonden saus. kip terug doen in saus.
Heerlijk om als bijgerecht maar zeker ook als hoofdmaaltijd te gebruiken. Gebruik voor het laatste wel wat meer eieren.
2 middelgrote courgettes, geschild en in plakken van ca.1/2 cm
2 grote vleestomaten, ontveld, van zaad ontdaan en in kleine stukjes
3 gesnipperde uien
6 teentjes knoflook in kleine stukjes (gehakt)
2 theelepels gedroogde provenciaalse kruiden
4-6 eetl. olijfolie
zout en peper
4-6 eieren
geraspte jongbelegen kaas naar smaak
Voorbereiding
Verhit 2-3 eetl. olie in de braadpan en fuit hierin langzaam op matig vuur de ui met 1/2 van de knoflook. Voeg de tomaat en droge kruiden toe en een snufje zout. Laat alles sudderen tot de tomaat zacht is en het vocht enigzins is ingekookt. Neem van het vuur en bedek hiermee de bodem van de ovenschaal.
verhit de rest van de olie in de pan en fruit hierin de knoflook samen met de schijfjes courgette. Bak op matig vuur net zo lang dat de courgette bruin wil gaan worden. Schik deze don op het tomatenmengsel in de ovenschaal.
verwarm de oven op 200 graden.
Bereidingswijze
Kluts de eieren met peper en zout en giet het mengsel over de groenten. Voeg naar smaak weinig of veel geraspte kaas toe. Zet de schaal voor ca. 30 min. in de voorverwarmde oven.
Dit heerlijke zoete Oostenrijkse gerecht hebben we op tijdens de skivakantie. De kinderen vonden het zo lekker dat er gevraagd werd om het toch ook hier nog een keer klaar te maken. We moesten de sneeuw en de zon erbij denken, maar ze smaakten weer heerlijk.
4 eieren, dooiers en wit gescheiden
125 ml melk
50 gr suiker
1 mespuntje zout
125 gr bloem (gewoon tarwe- of patentbloem)
100 gr rozijnen, optioneel
1 el boter
2 el poedersuiker
Klop de eiwitten in een schone kom op tot er zachte pieken ontstaan. Kijk of je de kom op z ,n kop kunt houden, dan is het goed.
Klop de eidooiers in een aparte kom tot een gladde massa. Meng de melk, suiker, zout, meel en rozijnen erdoor tot alles net vochtig is. Spatel de geslagen eiwitten erdoor.
Smelt de boter in een grote koekenpan op middelhoog vuur. Giet een grote soeplepel vol met beslag in de pan en bak goudbruin, keer om en bak ook de andere kant gaar, ongeveer 1 minuut.
Scheur de Kaiserschmarrn in stukjes met behulp van twee vorken en bak ze tot ze goudbruin zijn, ongeveer 2 minuten.
Bestrooi met poedersuiker. De Oostenrijkers serveren het met appelmoes, maar ik vind het zonder veel lekkerder.
Ontrafel het geheim van de Spaanse paella en leer alles over de juiste ingrediënten en kooktechniek. Als kers op de taart delen we met jou het recept voor de enige echte paella – paella Valenciana.
5 el olijfolie (om in te bakken)
300 g konijnenbout (zonder bot - in reepjes)
300 g kippendijfilet (in reepjes)
snuf saffraandraadjes
2 tl paprikapoeder
100 g tomaat (fijngehakt)
zout
1.5 l groentebouillon
250 g snijbonen (in stukken)
400 g witte reuzenbonen (uit blik - afgespoeld en uitgelekt)
400 g paellarijst (arroz bomba)
Verhit een ruime paellapan* (ca. 45 cm Ø) op een passende hittebron zodat de pan gelijkmatig warm wordt. Giet de olijfolie in de pan en bak er de konijn- en kipreepjes op hoog vuur ca. 5 minuten rondom in. Week de saffraandraadjes intussen in een scheutje warm water.
Maak het midden van de pan vrij en strooi er het paprikapoeder in. Schep de gehakte tomaat direct op het paprikapoeder om te zorgen dat het niet verbrandt. Bestrooi het vlees met wat zout. Fruit nog 2 minuten.
Voeg nu de saffraandraadjes (met weekvocht) en de bouillon** toe en breng aan de kook. Laat ca. 10 minuten inkoken.
Voeg de snijbonen, de witte reuzenbonen en de rijst toe aan de pan. Roer het geheel door en zorg dat alles bedekt is met een laagje bouillon. Kook de paella ca. 10 minuten op hoog vuur, tot de rijst net boven de bouillon uitkomt. Zet het vuur laag en gaar de paella nog ca. 8 minuten. Zodra de rijst aan de randen en bodem begint aan te bakken, zet je het vuur uit en laat de paella nog 5 minuten rusten.
een uitstekende manier om restjes brood te verwerken
Deze rustieke salade, een
echt Italiaans recept, is een
uitstekende manier om
restjes oud brood te
verwerken. Panzanella is
makkelijk te maken, maar
het welslagen ervan staat of
valt met de kwaliteit van de
tomaten - ze moeten rijp
en aromatisch zijn.
400 g oud brood, wit of bruin
4 grote tomaten
I grote rode ui of 6 lente-uitjes
een paar blaadjes verse basilicum,voor de garnering
Voor de dressing
60 ml / 4 el olijfolie extra vergine
30 ml / 2 el wittewijnazijn
zout en gemalen zwarte peper
Snijd het brood in dikke plakken. Leg deze in een ondiepe schaal en laat weken in koud water. Laat zo minimaal 30 minuten staan.
Snijd de tomaten in grove stukken en doe ze in een kom.
Snijd de ui in dunne ringen en voeg deze toe aan de tomaten.
Knijp zo veel mogelijk water uit het brood en voeg het toe aan de salade.
Klop voor de dressing de olie los met de azijn en breng op smaak met zout en peper.
Giet de dressing over de salade en meng goed. Garneer met blaadjes basilicum. Laat op een koele plek 2 uur intrekken.
Tip van de kok Tomaten die aan de struik mogen rijpen, hebben de beste smaak; probeer daarom struik- of trostomaten te vinden. Deze zijn ruimschoots in de grotere supermarkten te verkrijgen, evenals talloze andere lekkere tomatensoorten. Overigens haalt niets het bij een tomaat die in eigen tuin is verbouwd ... Voor dit gerecht kunt u elke soort smaaktomaat gebruiken; zo zien gehalveerde kerstomaatjes er leuk uit, en zorgen Italiaanse pruimtomaten voor een 'authentiek' accent.
Hak de gedroogde abrikozen en pruimen fijn. Week de gedroogde abrikozen en pruimen in de cognac.
Maak de champignons schoon met een stukje keukenpapier en snijd deze in vier stukken.
Week ook de gedroogde morieltjes in de cognac. (apart van pruimen en abrikozen)
Plet tussen plastic de parelhoenfilet tot er mooie dunne lapjes ontstaan. Bestrooi de parelhoenfilet met peper en zout.
Meng de gewelde pruimen en abrikozen met elkaar. Giet over een zeef en druk de
gewelde pruimen, abrikozen met elkaar. Vang het vocht op voor de saus.
Verdeel het mengsel over de geplette parelhoenfilets. Rol de filets met vulling strak op tussen de
plasticfolie.
Zet een pan met ruim water (bouillon) op en breng dit tegen de kook. Voeg de rolletjes gevulde
parelhoen filets toe aan het kokende vocht voor ongeveer 5 minuten, (Zacht koken).
Haal de rolletjes
uit het kokende vocht en laat afkoelen. Verwijder het plasticfolie.
Smelt de roomboter in een pan en bak hierin de rolletjes tot er een mooie kleur ontstaat.
Verhit de demi glace in een pan en voeg het vocht van de gewelde pruimen en abrikozen toe. Voeg
ook de geweekte morieltjes met vocht toe. Voeg ook de gesneden champignons toe. Laat het geheel
inkoken tot een mooie saus. Breng op smaak met peper, zout en een kleine hoeveelheid bakboter
waarin de rolletjes zijn gebakken.
Snijd de rolletjes in plakjes. Leg deze op het bord.
Giet een kleine hoeveelheid cognacsaus op het bord en garneer af met de salad Payt.
pastinaakcrème
Schil de pastinaak. Snijd de geschilde pastinaak in kleine stukjes.
Voeg de koksroom en iets water aan de stukjes pastinaak toe. Voeg iets zout toe, (Om extra smaak te krijgen kun je ook een beetje bouillonpoeder toegen). Breng het geheel aan de kook en kook op een laag vuur de pastinaak gaar.
Giet de pastinaak over een zeef. Vang de room op en bewaar deze om de creme straks dunner te maken.
Pureer met een staafmixer de gare stukjes pastinaak. Voeg kleine hoeveelheden van de opgevangen room toe. Maak een mooie gladde creme.
Breng op smaak met peper en zout.
Wrijf de creme door een bolzeef. Roer het geheel glad en schep de creme nu in een spuitzak met een glad spuitmondje. Breng bij de uitgifte drie kleine puntjes creme aan op het bord.
gepofte tomaatjes
Leg op een bakplaat een stuk vetvrij papier.
Knip de cerisetomaatjes per twee los van de takken. Was de cerisetomaatjes en laat uitlekken.Leg de tomaatjes op de bakplaat met vetvrij papier.
Besprenkel met de olijfolie en bestrooi licht met zeezout. Bestrooi ook met peper uit de molen.
Verwarm de oven voor op 180 grC.
Leg op de tomaatjes ook wat takjes met rozemarijn en tijm.
Vlak voor de uitgifte de plaat met voorbewerkte tomaatjes gedurende ongeveer vijf minuten in de voorverwarmde oven plaatsen. Na drie minuten al een keer kijken of het geheel al gaar is.
Haal de plaat met tomaatjes uit de oven.
Verwijder de takjes rozemarijn en tijm.
Plaats de tomaatjes per twee stuks, (Met steeltjes) op het de borden.
Breng een pan gezouten water aan de kook, en kook hierin 300 g tagliatelle volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Pel en snipper 1 ui en snij 2 teentjes knoflook fijn. Halveer 350 g roodlof, verwijder de bittere kern en snij de rest in reepjes. Maak 250 g kastanjechampignons schoon en snij in kwarten. Snij de blaadjes van een half bosje Italiaanse kruiden fijn.
Verwarm 1 el olijfolie in een koekenpan en fruit de ui en knoflook aan. Verwijder ondertussen het vel van 370 g braadworst.
Draai het vuur omhoog en bak het worstvlees 3 tot 4 minuten rul op hoog vuur. Blus af met een scheutje witte wijn en voeg hierna de roodlof, de kastanjechampignons en de Italiaanse kruiden toe aan de pan. Bak 4 Ã 5 minuten mee en breng op smaak met peper en zout. Giet de tagliatelle af en meng met de groenten.
Tip
Serveer de tagliatelle met geraspte grana padana naar smaak. Voeg voor extra groente een fijngesneden winterpeen toe en bak deze mee met de ui en knoflook.
wat meer groente, minder pasta
20240519 garnalen (wok) ipv worst
Met dit recept maak je 4 potten vol saus die je prima kunt bewaren. Zo kun je extra lang genieten van die heerlijke zelfgemaakte pastasaus bomvol groenten en fijne smaakmakers. Ook heel fijn: je weet precies wat er in jouw saus zit!
Snipper de uien en snijd de teentjes knoflook fijn.
Verhit 2 eetlepels olijfolie in een kook- of braadpan. Fruit hierin de ui en knoflook op laag tot middelhoog vuur tot ze glazig zijn.
Schil ondertussen de winterpeen en snijd deze in blokjes.
Zodra de ui en knoflook glazig zijn doe je de winterpeen erbij en bak je deze mee tot deze ook zacht is.
Terwijl de winterpeen in de pan zit was je de romatomaten en de vleestomaten welke je vervolgens in blokjes snijdt. Voeg deze toe aan de pan zodra de winterpeen zacht is.
Schep dit goed om en roer de blikjes tomatenpuree erdoor.
Voeg nu de laurierblaadjes, kruidnagel, een theelepel zwarte peper, een theelepel zout, oregano, tijm, piment, fijngesneden bieslook en gedroogde basilicum toe. Goed doorroeren en het water toevoegen.
Deksel op de pan en het vuur laag zetten. Laat dit vervolgens ongeveer 45 minuten rustig pruttelen.
Na het pruttelen verwijder je eerst de laurierblaadjes en de kruidnagel uit de saus. Zet de staafmixer erin en mix tot je een gladde saus hebt.
Laat de saus nog even rustig pruttelen terwijl je deze op smaak brengt met zwarte peper, zout en verse of gedroogde basilicum.
doe er de melk bij, olijfolie, knoflookteen en wat zout
doe de penne in de pan. Als het water weer kookt laat dan de penne nog 6 min koken.
Zet vuur uit, laat penne nog 2 min in de pan staan alvorens af gieten.
Verhit de boter in een steelpan, rol de penne daarin (en voeg evt de gehakte truffel er bij).
--- afwerking ---
Doe de pepersaus in een spuit les ( of schenkkan) en spuit een rij verticale strepen op het bord. Leg de penne op het bord en giet wat truffelboter over de penne. Als laatste wat best rooien met Fleur de sel en peper
Maak in 10 minuten dit lekkere romige pepersausje makkelijk zelf zonder pakjes of zakjes. Met een aantal basisingrediënten maak je deze pepersaus voor 4 personen in een handomdraai. Lekker bij gegrild vlees, groenten en aardappels.
30 gr bloem
30 gr boter
200 ml runderbouillon (Maggi)
1 eetlepel sojasaus (Blue Elephant)
1 sjalotje
1 eetlepel zwarte peperkorrels ( grof gemalen )
10 ml slagroom ( ongeklopt )
peterselie
Begin met het fijnhakken van het sjalotje. Verhit vervolgens de boter in een sauspan op middelhoog vuur. Voeg het sjalotje toe en fruit het tot het zacht is, maar niet bruin. Strooi de bloem over het sjalotje en roer het geheel goed door. Laat het een paar minuten koken om de bloemsmaak te verminderen, maar zorg ervoor dat het mengsel niet bruin wordt.
Voeg langzaam de runderbouillon toe terwijl je constant roert om klontjes te voorkomen. Breng het mengsel aan de kook en laat het een paar minuten zachtjes doorkoken totdat het begint in te dikken.
Haal de pan van het vuur en roer de slagroom erdoor voor een romige textuur. Voeg de sojasaus en de grof gemalen zwarte peperkorrels toe. Laat de saus nog een paar minuten zachtjes koken, zodat de smaken goed kunnen mengen. Proef de saus en voeg indien nodig extra peper of sojasaus toe voor de gewenste smaak.
Garneer de saus met wat fijngehakte peterselie voor een frisse touch. Serveer de saus warm over vleesgerechten of als een smaakvolle toevoeging aan groenten.
in pan ruim water met zout aan de kook brengen, peultjes met ui 1 min koken. uitlekken en afkoelen. citroen goed wassen, helft vd schil raspen. 1/2 citroen uitpersen.
in kom: citroensap, mayonaise, slagroom, zout, peper. tot sausje roeren.
in schaal peultjes en ui. citroenmayonaise er over schenken. citroenrasp er over strooien.
Doe de tarwebloem, gist, suiker, de helft van de olie en het water in een kom en meng kort tot een samenhangend geheel. Voeg het zout toe en kneed 8 min. tot een fluweelzacht, elastisch deeg. Vet een kom in met wat olie en doe het deeg erin. Bestrooi met wat bloem. Dek af met een schone theedoek en laat het deeg 1 uur rijzen op een warme, tochtvrije plek.
Halveer ondertussen voor de vulling de cherrytomaten. Meng de helft van de feta met de helft van labneh tot een glad mengsel. Verwarm de oven voor op 200 ?C. Verdeel het deeg in vier gelijke stukken en rol elk uit tot een ovaal van ca. 25 cm lang en 15 cm breed. Verdeel het feta-labnehmengsel over het midden van het deeg en laat 2 cm van de randen vrij. Leg de cherrytomaten er met de snijkant naar boven op en verkruimel de feta erover. Vouw de randen over de vulling en knijp het deeg aan de uiteinden tot een puntje zodat er een schuitje ontstaat. Bestrijk de deegrandjes met de rest van de olie. Leg de pides op een met bakpapier beklede bakplaat en bak ca. 12 min. in het midden van de oven.
Snijd ondertussen de munt fijn. Snijd het steeltje van de rode peper. Rol de peper tussen je handen zodat de zaadjes eruit vallen. Snijd de peper in heel dunne ringetjes. Neem de pides uit de oven en bestrooi met de kruidenmix uit het zakje van de labneh. Verdeel de munt en de peperringetjes over de pides en serveer de rest van de labneh erbij.
1 Schil de asperges, verwijder het houtachtige uiteinde van de asperges en snijd de asperges in stukjes. Kook de asperges in water met zout in 15 minuten gaar. Kook de eieren in 8 minuten hard. Pel de eieren en snijd ze in plakjes.
2 Besmeer het brood met de aioli. Verdeel er de asperges over.
3 Halveer de plakjes ham en leg ze losjes op de asperges. Verdeel de munt erover. Bestrooi met zout en peper naar smaak en steek er een tapasprikker door.
Tip Vervang de serranoham eens door Hollandse garnalen, gerookte zalmfilet of rivierkreeftjes.
Uiteinden van kousenband snijden, draden verwijderen. IN stukjes snijden. . Ca 15 min koken (licht gezouten). Uit pan in vergiet scheppen. Koud afspoelen.
In Kook vocht aardappelen net gaar koken. Afgieten en koud afspoelen.
Eieren hard koken , schrikken en pellen
Ui snipperen, knoflook persen
Olie in wok. Op laag vuur ui, knoflook, Laos, ketoembar, sambal 2-3 min bakken. Bloem toevoegen, en even meebakken. Pindakaas er bij, goed roeren.
Bouillon al roerend in 3 delen er bij, aan de kook brengen. Melk er bij, 15 min zachtjes koken.
Tauge en peterselie in pan, zout en peper.
Soep in warme kommen, ei, aardappelblokjes en stukjes kousenband erbij.
+ wat extra sambal
+ kroepoek
+ wat pindas er op
2017113 thera+marijn&bart
Maak van bakmeel, melk, ei, zout en djahe een beslag. Verhit de olie, pel de bananen en snijd ze zowel in de lengte als in de breedte doormidden, dompel ze in het beslag en bak ze in de hete olie goudbruin. Serveren bestrooid met suiker.
600 g witte bonen uit blik, uitgelekt en afgespoeld
450 g zwarte bonen uit blik, uitgelekt en afgespoeld
4 eetl. sojasaus
300 g mais uit blik, uitgelekt en afgespoeld
Verhit de olie in een grote braadpan op matig tot hoog vuur. Bak hierin de ui, paprika, wortel, bleekselderij en knoflook circa 5 min. Voeg chilipoeder, paprikapoeder, oregano en komijn toe. Schep de groenten nog 1 min. om
Voeg de tomaten met hun sap, de bonen, 21/2 dl water en de sojasaus toe. Laat de bonenschotel onafgedekt 30 min. pruttelen. Voeg de mais toe en laat alles nog 10 min. pruttelen
Doe de gist en het suiker in een kom en roer er 50 ml (per 4 personen) van het water door. Laat 5 min. rusten op een warme, tochtvrije plek. Meng ondertussen in een kom de bloem met het zout en schenk er het gistmengsel, de helft van de olie en de rest van het water bij. Kneed in 8 min. tot een soepel deeg dat droog aanvoelt. Vet de binnenkant van een grote kom in met olie. Leg het deeg erin en laat afgedekt met een vochtige theedoek 1 1/2 uur rijzen op een warme, tochtvrije plek.
Verwarm de oven voor op 250 grC. Snijd de knoflook fijn en ris de blaadjes van de tijm. Maak de champignons schoon met keukenpapier en snijd in kwarten. Laat de artisjokken uitlekken en snijd in kwarten. Snijd de ham in reepjes en halveer de romaatjes. Verhit de rest van de olie in een koekenpan en fruit de knoflook en tijm 1 min. Voeg de champignons toe en bak 3 min. mee. Voeg de artisjokken, ham en romaatjes toe. Verwarm nog 2 min. en neem de pan van het vuur.
Duw het deeg plat en snijd doormidden. Bestuif de deegroller met bloem en rol het deeg uit tot 2 dunne ronde lappen. Verdeel het ham-groentemengsel over de helft van elke pizza, laat 1 cm van de rand vrij. Snijd de mozzarella in stukjes en beleg de pizza ermee en vouw dubbel. Druk de randen aan en vouw naar binnen. Leg de pizza ,s op een met bakpapier beklede bakplaat. Bak net onder het midden van de oven in ca. 15 min. goudbruin.
combinatietip:
Lekker met rucolasalade. Kijk elders op allerhande.nl voor een recept voor rucolasalade.
print
video Pizzadeeg maken Instructievideo - 02:19 min.
Zelf de heerlijkste Italiaanse pizza`s maken? Zo moeilijk is het niet. Laat voortaan de kant-en-klare pizza`s uit de diepvries liggen. Lees hier hoe een goede bodem voor een Italiaanse pizza te maken.
Giet het lauwwarme water in een brede bak of schaal en voeg de gist en suiker toe. Roer goed door, tot de gist egaal verdeeld is. Laat vervolgens een kwartier staan, tot het gistproces op gang is gekomen. Het is van belang dat het water rond de 35 graden is, hierbij werkt gist optimaal. De suiker helpt om dit proces op gang te brengen.
Bestuif het werkblad met wat bloem en maak hierop een bergje van de bloem, of gebruik een grote, brede kom. Meng het zout, eventueel de oregano en de bloem en giet hier het gistmengsel en de olijfolie over, eventueel in fasen. Kneed het deeg ongeveer 10 minuten. In het begin zal het deeg plakkerig zijn, maar gaandeweg wordt het steeds soepeler. Door het zo lang te kneden worden lange ketens gevormd, waardoor het deeg sterker wordt, en wordt het heel soepel, zodat het goed te vormen is. Doe de deegbal in een met olijfolie ingevette bak, dek deze af met een vochtige theedoek en zet deze op een warme plek weg, bijvoorbeeld naast de oven of de verwarming, om 1 tot 2 uur te rijzen.
Kneed het deeg, dat nu ongeveer twee keer zo groot gerezen is, nog een keer goed door en verdeel het in de juiste portie per Pizza. Rol elke portie uit tot een pizza. In principe geldt: hoe dunner hoe beter!
Pizza beleggen
Maak de randen iets dikker, zodat de saus er niet afloopt en bedek de pizza met tomatensaus, kaas en ingredienten naar smaak, bijvoorbeeld voor een pizza Margherita of pizza Hawai.
Pizza bakken
Zet de pizza op een ingevette bakplaat of ingevet bakpapier in de midden van de oven en bak 15 minuten bij een voorverwamde oven op 250gr C of 12 minuten bij 270gr C (let op, de meeste ovens hebben zeker een half uur nodig om door en door verwarmd te worden op deze hoge temperaturen). Als je oven nog heter kan is een kortere tijd voldoende. Zie voor meer informatie en tips het volledige recept om pizza te maken.
Ik ben een groot fan van de Dutch Baby: een gigantische, opgepofte pannekoek uit de oven, door immigranten naar Amerika gebracht. Het wordt gezegd dat de naam afstamt van de Pennsylvania Dutch, trouwens Duitsers en geen Nederlanders. Dat zal dan wel, Deutsch of Dutch is maar een klein verschil en wie het maar even verkeerd uitspreekt heeft een nieuw woord uitgevonden.
Zelf vind ik ze verdacht veel lijken op Yorkshire puddings. Anglicaans dus, met het grote verschil dat het beslag van Yorkshire puddings in gloeiendhete gietijzeren vormpjes wordt gegoten waar dierlijk vet (drippings of jus) in meeverhit is en de baby gebakken wordt in een gloeiendhete gietijzeren pan waar boter in gesmolten is. Hoe het ook zij: uiteindelijk zijn het allemaal popovers. Amerikanen eten ze met poedersuiker, Engelsen bij de sunday roast. Ik klop het eiwit apart, schep dat erdoor en bak steenfruit in het beslag mee: Noem het wat u wilt, wat zullen we zeggen: pofpfannekoek?
2el suiker
1 zakje vanillesuiker
de fijne rasp van 1/2 citroen
3 eieren, dooiers en witten gescheiden
150ml volle melk
75g bloem
snuf nootmuskaat
snuf zout
50g boter
3st steenfruit, ontpit en in parten
gietijzeren (koeken-)pan in midden oven, oven 230gr
klop suiker, vanillesuiker, citroenrasp, dooiers, melk, bloem en nootmuskaat in de blender tot een glad beslag.
klop de eiwitten met snuf zout in een brandschone kom stijf; spatel door dooierbeslag.
open de oven en laat een klont boter in de pan glijden: pan heen en weer zwenken (ovenwanten!!)
direkt het beslag in de hete pan, verdeel parten fruit hierop, sluit de oven.
bak de pannekoek tot hij opgepoft is en gaar (+- 18 min)
Op groot bord laten glijden, poedersuiker erover strooien
20250304 in gietijzeren pan, met geweckte pruimen. Beetje te nat, 7 min extra in oven
De herfst staat voor de deur, dus daarom is het tijd voor een heerlijke herfstsalade. En wat is er nu leuker om na het zoeken van (tamme) kastanjes ermee aan de slag gaan voor deze heerlijke salade.
2 rode bieten
14 tamme kastanjes
700 gr. pompoen in blokjes gesneden
olijfolie
zeezout
vers gemalen zwarte peper
80 gr. gehakte walnoten
80 ml. koolzaadolie
3 eetlepels sinaasappelsap
1 theelepel honing
400 gr. gemengde sla
Verwarm de oven voor op 215grC
Verwijder het loof en de wortel van de bieten en borstel ze schoon onder stromend water. Wikkel ze in folie en leg het op een bakplaat in de voorverwarmde oven voor ongeveer 50 minuten
Maak ondertussen de kastanjes schoon (verwijder zonodig het stekelig jasje) en snijd ze in met een scherp mes. Zet hiervoor op de bovenkant van de kastanjes een kruisje
Leg de kastanjes op een grote bakplaat, met de gesneden kant naar boven, en zet ze ongeveer 10 minuten in de oven. Als ze open springen kun je ze uit de oven halen en af laten koelen
Hussel de pompoen met een beetje olijfolie, zout en peper, verdeel ze over de bakplaat en bak ze ongeveer 25 minuten in de oven
Verhit ondertussen een kleine koekenpan op middelhoog vuur, voeg de gehakte walnoten toe en rooster het een paar minuten onder af en toe roeren
Zet het vuur laag, haal ongeveer de helft van de noten uit de pan en zet ze apart, en voeg de olie toe
Verhit het geheel voor ongeveer 5 minuten en roer vervolgens het sinaasappelsap, de honing en een snufje zout en peper door de dressing
Haal het van het vuur en mix het in een keukenmachine tot een gladde massa
Haal de groenten uit de oven wanneer ze klaar zijn en schil en snijd de bieten in partjes
Pel de kastanjes met behulp van een mes en hak ze in kleine stukjes
Leg de gemengde sla op een grote schaal en leg de bieten, pompoen en kastanjes erboven op
Bestrooi het met de overgebleven walnoten, schenk de dressing over de salade en schep het voorzichtig door elkaar.
De hartige plaattaart is niet helemaal toereikend als volledige maaltijd, maar wel heel lekker.
Pakje bladerdeeg
Grote pompoen
4 kleine rode uien
1 el rozemarijn
olijfolie
100 gr walnoten
150 gr verse geitenkaas
Voorbereiding
Oven voorverwarmen op 210 graden
Bekleed een bakplaat met bakpapier.
Bereidingswijze
leg de plakjes deeg naast elkaar en druk de zijkanten op elkaar zodat je een mooie bodem krijgt
Schil de pompoen en verwijder het zaad en snijd in grote stukken.
Breng de pompoen met zoveel water dat deze net onderstaat aan de kook en voeg zout toe. Kook de pompoen in 10-12 minuten gaar. Afgieten en goed laten uitlekken.
Stamp deze op laag vuur tot een grove puree. Breng op smaak met zout en flink peper. Verdeel de puree gelijkmatig over het deeg.
Plaats de bakplaat in het midden van de oven en bak de pompoentaart in 35 min goudbruin en gaar (halverwege garnituur toevoegen).
Halveer de uien en snijd ze in flinterdunne plakjes. Schep in een kom de ui, gehakte rozemarijn olie en noten door elkaar. Verdeel het uienmengsle na 10 min over de pompoentaart en brokkel de kaas er over. Bak de taart in de resterende 25 min af.
20231021 met als extra: mango/kweepeer als tussenlaagje
202511 met vijgenchutney
100g trompettes de la mort (of andere bospaddestoel)
1 tlpaprikapoeder
1 tl komijn
1 tl koriander
snuf chiliflakes,
zeezout en zw peper
over voorverwarmen 180 gr
pompoen overlangs halveren,zaden verwijderen, uithollen tot ong 1 cm. Bewaar pompoenvlees
halveer 2 portobello ,s overlangs zodat ze dunner zijn.
Halveer decourgettes overlangs. Rasp de zaalijsten er uit met een lepel.
Hak het overgebleven pompoenvlees, de courgetteresten, trompettes en de andere portobelleo fijn. Bak de sjalot met de knoflook in de olie glazig.. Bak dan de rest van de gehakte groente mee en breng op smaak met de specerijen, peper en zout. Bestrooi alle groenten op het aanrecht ook met peper en zout en stapel ze op.
De portobello ,s verdelen in de holte van de pompoen. Decourgette past daar weerin en in de holte van de courgette passen de patinaakjes. Leg ze om en om. Vul alle kieren met het gebakken mengsel uit de pan. Druk de twee helften pompoen op elkaar en bind alles stevig vast met keukentouw.
Smeer in met wat olijfolie en zet in een braadslee tussen twee proppen alu-folie.
Dit is een recept van Prinses Margriet en stond in de Margriet. Deze soep wordt bij hen regelmatig gegeten.
2 flinke uien
Pompoen of stuk pompoen van circa 1 kg
Grote courgette
stukje gemberwortel van ong 1 cm
25 gr boter of olijfolie
2 theel kerriepoeder
1 liter groentebouillon [2 tabletten]
peper en zout
25 gr cashewnoten
4 eetl fijngehakte koriander of 2 eetl korianderpoeder.
Voorbereiding
Snipper de uien. Halveer de pompoen,verwijder de zaadjes en snijd de pompoen in blokjes.[mag incl.schil]
Snijd de courgette in blokjes. Schil de gemberwortel en snijd fijn.
Bereidingswijze
Verhit de boter in een grote pan en bak de ui, de pompoen en de courgette hierin circa 3 minuten. Voeg de gember en kerriepoeder toe en bak het al omscheppend ongeveer 1 minuut mee. Voeg de bouillon toe en breng aan de kook.
Laat de soep 15 minuten zachtjes doorkoken.
Pureer de soep en breng op smaak met peper en zout. Hak de cashewnoten grof. Bestrooi de soep met de cashewnoten en de koriander.
snij de kwarten mbv keukenmachine met het schaafstuk tot dunne plakken, of doe dit met de hand
Doe alle schijfjes in een kom, en meng met knoflook, salie, paprikapoeder, chiliflakes, p&z.
bekleed een springvorm 20-22cm met een groot vel bakpapier zodat de randen overhangen. Leg de helft van de pompoen er in, de helft van de ricotta er over verdelen, bestrooien met p&z. Afvullen met de rest van de pompoen. Daarop rest van de ricotta, p&z. Giet de bouillon er op en vouw het bakpapier erover dicht. Afdekken met alufolie, 30 min bakken.
Folie verwijderen, papier openvouwen. Nog 20 min bakken.
01: hak de pepertjes en meng ze met het paprikapoeder en korianderpoeder. Per de knoflook erboven uit.
02: Pers de limoen boven het kruidenmengsel uit en roer de olijfolie met wat zout erdoor.
03: Was de kip, verdeel deze in stukken en bestrijk ze met het kruidenmengsel. Laat de kip in de ovenschaal ca. 1 uur marineren. 04: Verwarm de oven voor op 225 graden (hetelucht 200).
Bereidingswijze
05: Zet de kip met de marinade midden in de oven en laat dit in ca. 45 minuten gaar worden.
Op tijd beginnen: 's avonds het vlees in de marinade zetten zodat het supermals wordt, overdag rustig 3-4 uur laten sudderen. En de dag erna (dan is 'ie nóg lekkerder) meenemen naar het kerstdiner.
Tip:
Neem beslist geen mager vlees maar vraag de slager om vlees dat overal dooraderd is met vet. Dat lost langzaam op tijdens het sudderen en zorgt voor uit elkaar vallend draadjesvlees.
Snij het vlees in flinke dobbelstenen en voeg toe. Schenk de wijn erbij.
Zet een nacht afgedekt in de koelkast.
Dag erna:
Giet de wijn via een vergiet in een pan en verwarm zachtjes (niet koken).
Vis de nu paarse stukken vlees uit de vergiet en dep droog met keukenpapier.
Hak de knoflook.
Verhit wat olijfolie in een grote braadpan die ook in de oven kan en bak de spekjes uit met de knoflook.
Bak daarna het vlees op hoog vuur al omscheppend even aan; in porties gaat het makkelijkst.
Schep de bloem erdoor. Doe de tomaten uit blik erbij plus zout en peper.
Schep de groenten erop en giet de warme wijn erover.
Zet de pan met deksel erop in de oven op 150 ℃ (voorverwarmen hoeft niet). Laat 3 à 4 uur sudderen tot het vlees helemaal zacht is.
Haal uit de oven.
Hak 3/4 van de peterselie grof en roer samen met de olijven erdoor.
Koel de pan zonder deksel snel terug in een gootsteen vol ijswater, of zet buiten, mits het niet regent.
Op locatie:
Laat met deksel op de pan heel zachtjes op een laag pitje weer opwarmen, dat kan rustig een half uur duren. Als het goed is, is de saus nu ook mooi ingedikt. Zoniet, laat de saus (zonder vlees!) in een aparte pan op hoog vuur inkoken of laat wat met water losgeroerde maïzena meepruttelen.
Hak de rest van de peterselie grof en strooi erover.
Tip:
Opwarmen nooit op hoog vuur, dan wordt het vlees alsnog taai.
Het kan ook op zo'n zwart warmhoudplaatje op het fornuis of (maar reken dan op een uur of vijf) op een petroleumstel.
komkommer schillen. in dunne plakjes snijden. best rooien met zout. +/-0,5 u laten intrekken. uien in dunne ringen snijden. citroen uit persen. komkommer laten uitlekken. in schaal komkommer en ui doen. best rooien met peper, besprenkelen met citroensap.
Doe de bloem, zout en de boter in een kom en snijd met twee messen de boter in kleine stukjes door de bloem.
Zoveel water erdoor roeren tot de bloem is opgenomen en dan vlug een deegbal kneden.
Als het deeg te nat is, doe er dan nog wat bloem door.
Laat het deeg 1 uur in de koelkast rusten.
Smelt wat boter in een pan en fruit het gesnipperde uitje.
Roer er een paar eetlepels bloem doorheen en zoveel melk tot een dikke saus ontstaat.
Doe er de garnalen en geraspte kaas doorheen en kruid het geheel met kerrie, zout en peper.
Rol het deeg uit en bedek de bodem en randen van een beboterde quichevorm. Strooi wat bloem op het deeg en verdeel dan de goed uitgelekte en drooggedepte asperges over de bodem.
Schep de ragout er overheen, bestrooi met geraspte kaas en zet de quiche 45 minuten in een op 200? C voorverwarmde oven.
Deze snelle ramen zijn om je vingers bij af te likken, zó lekker.
1.5 l kippenbouillon
140 gr misopasta
2 kropjes babypaksoi, in kwarten
150 gr tauge
300 gr ramennoedels
4 eieren
1 sjalot
4 tenen knoflook
1 stukje verse gember
1 bosje lente-ui
0.5 el sesamzaad
1 el crispy chili olie of sambal
1 el tomatenpuree
250 gr varkensgehakt
2 el zonnebloemolie
Keukenmachine met kleine kom
1. Breng een flinke pan water aan de kook en kook de eieren 4 minuten. Haal uit de pan en spoel koud.
2. Snijd de onderkant van de paksoi en haal de bladeren los en snijd ze grof in de lengte.
3. Kook de ramen (evt. in een mandje in de pan) volgens de aanwijzingen op de verpakking. Blancheer gelijk ook de paksoi in het kookwater.
4. Breng de bouillon tegen de kook aan en los de misopasta erin op. Laat op laag vuur trekken.
5. Hak het witte deel van de bosuien in stukken. Pel en snijd de sjalot en knoflook. Was en snijd de gember in stukjes. Doe het gehakt met de gesneden bosui, misopasta, gember, tomatenpuree, crispy chili olie, knoflook en sjalot in de kleine kom van de keukenmachine en maal.
6. Verhit de wok, voeg de olie toe en bak het sesamzaad lichtbruin. Voeg het gehaktmengsel toe en bak rul.
7. Pel de eieren. Snijd het groen van de bosui in dunne schuine ringetjes.
8. Doe de noedels in de kommen. Schep het gehakt erbij. Leg de paksoi, tauge en een ei in de kommen. Schenk de bouillon erop. Geef er crispy chili olie of sambal en sojasaus bij en druppel wat sesamolie in de kommen. Bestrooi met groene bosuiringetjes.
Rabarber is een groente, een zure groente welteverstaan die vaak gecombineerd wordt met zoet. Je eet alleen de stelen van de plant, de bladeren bevatten veel oxaalzuur en giftige stoffen. De stengels bevatten ook wat oxaalzuur maar daarvan moet je heel veel eten wil het schadelijk voor je zijn. Het wordt alleen afgeraden aan mensen met nier- of galproblemen iedere dag rabarber te eten. Rabarber bevat veel vezels, vitamines, mineralen en werken ontstekingsremmend.
Aardbeien en rabarber is een hele lekkere combinatie. Daar maak je heel snel een compote van. Ik kocht rabarber op de biologische markt en maakte daar jam van met verse gember en sinaasappel. Zelf deed ik er ook een paar aardbeien bij omdat ik net geen kilo rabarber had maar je kunt ook alleen rabarber gebruiken. De jam was zo snel op dat ik van de week nog maar een paar potten heb gemaakt.
*Zelf probeer ik zo min mogelijk suiker te gebruiken, sommige mensen zweren bij jam zonder suiker maar ik (en de rest van het gezin) kan daar niet echt aan wennen. Ik ben erg enthousiast over de Biovegan geleisuiker (die van oorsprong uit Duitsland komt) omdat deze geen dierlijke gelatine bevat, geen geraffineerde suikers en biologisch is. Hij bindt echt goed en de verhouding is 2:1, 1 kilo fruit op 500 gram suiker. En bij sommige jams, zoals bij de rabarberjam, krijg je ook een prima resultaat als je nog minder geleisuiker gebruikt. Ik kocht de Biovegan geleisuiker bij Ekoplaza.
iets meer dan een kilo rabarber zodat er na het schillen een kilo overblijft
stuk verse gemberwortel (naar smaak, ik gebruikte ongeveer 3 centimeter)
1 sinaasappel
pak geleisuiker (ik gebruikte Biovegan*, die bevat ruwe rietsuiker en appelpectine)
eventueel wat aardbeien
Zet, afhankelijk van de inhoud, een paar grondig schoongemaakte jampotjes klaar.
Was de rabarber en schil deze. Je trekt de draden eraf van boven naar beneden, het is een beetjes zoals boontjes doppen. Je snijdt iets van de bovenkant af en trekt het dan door naar beneden, hetzelfde doe je bij de onderkant. Het hoeft niet heel precies. Snijd de rabarber dan in stukken.
Rasp de oranje schil van de sinaasappel, snijd hem dan doormidden en pers de sinaasappel uit.
Schil een stukje gemberwortel en snijd dit heel fijn of rasp dit op een fijne rasp.
Doe alles in een pan met dikke bodem (ik droom nog van zo’n koperen jampan, als jij die wel hebt gebruik je die natuurlijk). Breng het geheel aan de kook en laat een minuut of vijf koken zodat de rabarber een beetje zacht is geworden. Roer om met een houten lepel.
Voeg dan de geleisuiker toe en laat nog drie minuten pruttelen (of volg de gebruiksaanwijzing op jouw pak). Ik gebruik altijd wat minder suiker en wat meer fruit. Ik maakte deze jam met 350 gram suiker en wat aardbeien, de jam wordt daardoor iets minder stevig maar ook minder zoet.
Giet de hete jam in de potten, sluit goed af met de deksel en zet de jam vervolgens op de kop weg om af te koelen. Daardoor wordt de jam langer houdbaar: De lucht die in de pot zit gaat zo door de gloeiend hete jam heen naar boven en wordt dan door de hitte van de jam ‘gesteriliseerd’.
Bewaar de jam op een koele en donkere plek of in de koelkast.
Dit is de laatste, veelgeproefde versie. Hij bevat meer groenten dan de gebruikelijke Italiaanse versies. Drie aanbevelingen:
1) sudder minstens 1 uur; 1,5 is nog beter.
2) Serveer de saus nooit apart bij de pasta, maar meng in de keuken zoals beschreven.
3) Bespaar niet op de kaas aan tafel: eersteklas Parmigiano Reggiano, zelfgeraspt.
1 flinke winterwortel
4 stengels bleekselderij
2 uien
1 teen knoflook
4 eetl. olijfolie
300 g half-om-halfgehakt
500 g rundergehakt (niet extra mager!)
100 ml witte wijn
30 g tomatenpuree
1 blik gepelde tomaten
2 bouillonblokjes paddenstoel
erbij: geraspte parmezaan
Snijd de wortel, bleekselderij en ui grof. Doe met de knoflook in een keukenmachine en hak fijn. Bij ontstentenis van zo’n apparaat bent u aangewezen op messenkunst; Italianen gebruiken een mezzaluna, wiegmes.
Fruit de groenten aan in de olie en ga daar rustig 8 minuten mee door, tot ze iets beginnen te kleuren. Voeg dan het gehakt toe en bak het rul en los. Schenk de wijn erbij en roer er de tomatenpuree door. Pureer de gepelde tomaten en voeg toe, samen met de bouillonblokjes. Sluit de pan en laat zachtjes 1 uur pruttelen. Minstens. Proef of er zout nodig is.
Kook de pasta in ruim water met 10 gram zout per liter. Kook al dente, bewaar een kop kookvocht en giet af. Meng de pasta grondig met de ragù en gebruik wat kookvocht om droogte te voorkomen. Serveer er als je wilt geraspte parmezaan bij.
Gebruik een kwart van de saus voor 2-3 personen en vries de rest in 3 porties in.
Klop de roomkaas en de boter met de handmixer op in een kom tot een gladde massa.
Roer er voorzichtig de poedersuiker onder en voeg dan het vanille-extract en de melk toe. Klop dit op tot het glazuur glad is en zet het opzij.
Meng de bloem, de suiker, het bakpoeder, de cacao en het zout in een grote kom.
Klop in een aparte kom de karnemelk, de boter, de eieren, het vanille-extract en de azijn tot een glad geheel.
Roer de rode kleurstof onder het beslag.
Voeg de natte ingrediënten bij de droge ingrediënten en meng alles tot een glad beslag.
Verwarm het wafelijzer voor en smeer het in met kokosolie.
Giet ongeveer 1 grote pollepel beslag over het wafelijzer. Sluit het wafelijzer en bak totdat de wafel een dieprode kleur heeft en krokant is aan de buitenkant (ong. 3 min.).
Serveer de wafels met glazuur.
Strooi er eventueel nog wat gehakte pecannoten over als finishing touch.
Snij het kontje en het kopje van de rode peper en verwijder de zaadlijsten.
Schil de gember en rasp deze fijn (dit doe je om lange sliertjes gember in de boemboe te voorkomen).
Doe vervolgens de ui, knoflook, rode peper, gember, komijnpoeder, ketoembar en de ketjap manis in een keukenmachine of pureer alles met een staafmixer tot een fijne kruidenpasta.
Snij de sucadelappen of runderriblappen in blokjes en verwijder eventueel dikke zenen.
Verhit in een braadpan of koekenpan met dikke bodem wat zonnebloemolie en fruit de kruidenpasta even kort aan tot alle smaken/ geuren vrijkomen (ongeveer 2-3 minuten).
Doe het vlees erbij en schep deze door de boemboe.
Bak voor een paar minuutjes aan zodat het vlees iets verkleurd is.
Voeg daarna de kokosmelk en de gekneusde stengel Sereh (citroengras) toe.
Draai het vuur laag en laat het geheel vervolgens een uurtje of 3 lekker langzaam stoven. Af en toe doorroeren en desgewenst een klein beetje water toevoegen als het geheel te droog wordt.
Proef de rendang en voeg de laatste 5 minuten nog wat sambal en eventueel een klein beetje zout naar smaak toe.
Serveer met rijst, ingelegde komkommer en/of wat frisse sugarsnaps.
Maak de uien schoon. Maak ook de winterwortel schoon door deze te schillen. Verwijder de dikke schil van de knolselderij met een groot mes. Hak de peterselie grof. Maak de teentjes knoflook schoon door ze te pellen. Hak de knoflook grof. Snijd de citroen in grove stukken.
Verhit de olie in een ruime hoge pan. Fruit de gesneden groenten (inc citroen) goed aan. Voeg de garnalenpulp toe en verhit deze krachtig mee. Voeg nu de tomatenpuree toe en laat ook deze kort maar krachtig mee verhitten. Voeg nog als laatste wat gebroken peperkorrels toe.
Blus af met de witte wijn. Laat het geheel reduceren. Voeg 1,25 liter koud water toe. Visbouillonblok er bij. Breng het geheel aan de kook en laat het een uur langzaam trekken.
Pureer met een staafmixer. Laat het geheel nog een 45 minuten tot een uur trekken.
Duw het geheel door een bolzeef. Breng het geheel terug aan de kook en laat het nog een 15 minuten reduceren. Breng op smaak met peper en zout.
Bij uitgifte terug aan de kook
brengen.
GARNITUUR:
Snijd de zalmfilet en de kabeljauw op grove stukken. Overgiet met iets witte wijn en breng het tegen de kook. Schep de vissoorten uit de witte wijn en laat afkoelen.
Leg de gepocheerde kabeljauw en zalm in diepe borden, garneer met bieslook en peterselie. Voeg iets koksroom toe aan het diepere bord.
Overgiet de soep aan tafel door de soep in borden met garnituur te schenken.
Vaak denk ik: "Ik heb zin in rijst!" doordeweeks heb ik geen tijd om babi-ketjap of andere moeilijke dingen te maken dus heb ik zelf iets bedacht en het was best lekker!Het is snel, makkelijk en er zit groente en vlees in... Je kunt dit recept ook met andere groentes maken. Het is een kwestie van uitproberen.
2 teentjes knoflook,
een half blokje kippenboullion,
olie,
1 rode paprika,
2 rode kleine rode uien,
3 sjalotjes,
4 bosuitjes,
paksoy,
2x kipfilet,
een handje cashewnoten,
gebakken uitjes en
zoete ketjap manis (het lekkerste is de witte flacon die je kunt krijgen bij elke toko.)Andere ketjaps lust ik zelf niet.(veel Indische mensen lusten ook geen conimex) peper, zout en een beetje vetsin.
Doe wat olie in de wok.
Nu eerst het halve blokje boullion in de olie fijnmaken. De knoflook persen en eraan toevoegen.
Uitjes en paprika op hoog vuur even 2 minuten roerbakken. Dan kan het vlees erbij. Even wat zout en peper naar smaak toevoegen.
Bosuitjes erbij, daarna de paksoy. Laat het vuur hoog staan en roeren maar... Voeg ketjap naar smaak bij.
Als laatste wat gebakken uitjes en de cashewnoten erbij. Het ziet er lekker uit en ruikt heerlijk. Ik snoep vaak al uit de pan.
Geen energie meer na het sporten? Na deze rijstepap weer wel! Deze mix van langzame en snelle koolhydraten zorgt ervoor dat je geen dip krijgt.
150 g pandanrijst
400 ml kokosmelk
350 ml magere melk
1 tl gemalen kardemom
30 g amandelschaafsel
1 eetrijpe mango
1 limoen
2 el ahornsiroop
Bereiden stap voor stap koken
print
Let op! Je wijkt af van het aantal personen waarvoor dit recept ontwikkeld is. Bereiding, video, kook- en oventijden en keukenspullen kunnen hierdoor ook afwijken. Lees de tips
Doe de rijst met de kokosmelk, melk en kardemom in een pan. Breng aan de kook en laat 15 min. zachtjes koken tot een smeuige pap. Roer regelmatig.
Verhit ondertussen een koekenpan zonder olie of boter en rooster het amandelschaafsel in 3 min. goudbruin. Schep op een bord en laat afkoelen.
Schil de mango en snijd het vruchtvlees in dunne plakjes. Boen de limoen schoon, rasp de groene schil en pers de vrucht uit. Voeg het limoensap, 1 tl -rasp (per 4 personen) en de ahornsiroop toe aan de rijstepap en roer door.
Verdeel de rijstepap over kommen en verdeel de mango erover. Bestrooi met het amandelschaafsel.
variatietip:
Wil je het wat lichter? Vervang de kokosmelk door magere melk.
Als garnering gebruik ik slagroom en chocoladeschaafsel. Voor het chocoladeschaafsel kun je met een kaasschaaf lang een reep pure chocolade schaven, of volg mijn uitleg over chocoladeschaafsel maken.
Voor de vulling van de rijstevlaai gebruik ik dessertrijst van Lassie (niet gesponsord). Deze rijst is al voorgekookt, waardoor de rijstepap sneller klaar is. Gebruik je een andere soort dessertrijst, controleer dan goed de kooktijd op de verpakking en voeg eventueel extra melk toe zodat de rijstvulling niet te droog wordt en je een smeuïge vulling krijgt.
Traditioneel worden vlaaien redelijk heet gebakken en is 220 °C onder- en bovenwarmte een goede temperatuur om de vlaai en de bodem van de vlaai goed gaar te krijgen. Dat werkt goed voor mij en levert heerlijke vlaaien op. Uit de vele reacties begrijp ik dat deze temperatuur bij sommigen een te donker resultaat oplevert.
Wil je liever iets minder risico nemen op een donkere vlaai? Dan kun je de rijstevlaai ook bakken op 200 °C. Nog lager zou ik niet adviseren, want dan moet de rijstevlaai te lang in de oven blijven, waardoor het deeg aan de randen sneller uitdroogt.
vlaaibodem:
250 gr bloem
5 gr gedroogde gist
½ tl zout
40 gr boter, op kamertemperatuur
30 gr suiker
½ ei
100 ml melk, lauwwarm
vulling:
150 gr dessertrijst
800 ml volle melk
125 gr suiker (KAN WAT MINDER)
merg van ½ vanillestokje
2 eieren
snuf zout
Verder nodig
250 ml slagroom
30 gr suiker
chocoladeschaafsel
poedersuiker, om te bestuiven
vlaaibodem
Meng de ingrediënten voor het deeg tot een soepel geheel en kneed dit minimaal 10 minuten door. Maak een bal van het deeg, doe deze in een kom en laat dit afgedekt met plasticfolie op een warme plek 1 uur rijzen.
Laat het deeg rijzen volgens het recept en bekleed er vervolgens een ingevette vlaaipan mee met een doorsnede van 28 centimeter en ongeveer 2½–3 centimeter hoog. Laat de overhangende rand zitten, die snijd je pas bij als de vulling erin zit.
Doe voor de rijstvulling de dessertrijst, melk, 100 gram suiker en het vanillemerg in een pan. Breng al roerend aan de kook en laat 12-14 minuten zachtjes koken tot een romige rijstepap. Roer het hierbij ook nog regelmatig door om aanbranden te voorkomen. Laat de rijstpap afkoelen tot kamertemperatuur.
Scheid de eieren en roer de dooiers door de afgekoelde rijstepap. Klop de eiwitten met 25 gram suiker en een snuf zout stijf op in een brandschone kom. Spatel de opgeklopte eiwitten voorzichtig door de rijstepap.
Rijstevlaai vullen Verdeel de vulling gelijkmatig over de vlaaibodem. Rol met een deegroller over de vlaaipan om het overtollige deeg te verwijderen.
Laat de rijstvlaai 15 minuten rusten terwijl je de oven voorverwarmt op 200–220 °C (onder- en bovenwarmte, rooster laag in de oven).
Rijstevlaai bakken Bak de rijstevlaai 25-30 minuten in de voorverwarmde oven op het lage rooster. Haal de gebakken vlaai uit de oven, laat ‘m een half uur afkoelen in de vorm en plaats daarna op een rooster om verder af te koelen.
Een echte rijstevlaai is natuurlijk niet compleet zonder slagroom en chocoladeschaafsel als garnering. Klop de slagroom met de suiker stijf en garneer de taart daarmee. Verdeel als laatste het chocoladeschaafsel over de rijsttaart en bestuif licht met poedersuiker.
EVENTUEEL ook kaneel door poedersuiker voor het bestrooien.
breng melk, 1 portie vd suiker en vanille aan de kook
voeg de rijst toe en al roerend zachtjes laten koken tot alle melk is opgenomen en sde rijst gaar, en laat het afkoelen.
Verwarm oven voor 180`C
bebloem en beboter pringvorm 24cm
klop de eieren met de overige suiker, citroenrasp en zout
doe de rijstpap bij de eieren en roer van onder uit de kom
voeg amandelmeel toe en roer ook vanonder uit de kom. eg eventueel amaretto en sukade toe en roer om.
giet het beslag in de springvorm, en bak 50min.
controleer tussentijds, hij kan eerder klaar zijn. de vulling moet vochtig, maar niet vloeibaar zijn, de bovenkant goudbruin. laat afkoelen, verwijder uit de vorm, en bestrooi met poedersuiker
ripassata: Italiaans voor ‘nogmaals langsgaan’ is een fantastisch woord voor een groentebereiding die vooral in het zuiden van Italië wordt toegepast.
Het past ook op formidabele wijze in deze rubriek, waarbij ik steeds op zoek ga naar gerechten waarbij u restjes kunt hergebruiken voor een nieuw gerecht. In ripassata gaat dat hand in hand, want groente wordt tweemaal bereid: eerst gekookt en vervolgens gebakken in een goede hoeveelheid olijfolie van goede kwaliteit, knoflook en chilipeper naar smaak.
4 stronken roodlof (of witlof of ander bittere bladgroente)
zeezout
2 tenen knoflook, in schijfjes
plukje chilivlokken, naar smaak
genoeg kwaliteitsolijfolie om de bodem van een pan te bedekken
Snij de kontjes van de roodlof af, snij de bladeren in de lengte in repen.
Breng een pan water aan de kook, voeg als het kookt een flinke schep zout toe en vervolgens direct de groente erachteraan. Door het zout bij het koken toe te voegen, lost het direct op en verhoogt het de temperatuur van het water voor een ogenblik, precies als u de koude groente aan het water toevoegt, zo is het water sneller weer op temperatuur. Kook de groente op middelhoog vuur 10 minuten. Giet af, bewaar een kopje kookvocht en laat uitlekken in een zeef.
Ik had toevallig nog rode bieten liggen. Een keer in een week rode bieten als groenten eten is genoeg dus dan maar in de soep ermee!
500 gr. gekookte rode bieten
1 ltr. Runderbouillon
1 kleine rode ui
1 teentje knoflook
1 el olijfolie
Keukenroom
Bereidingswijze
Het uitje snipperen en in de soeppan aanbakken in een lepel olijfolie. Als het uitje glazig wordt de gehakte knoflook erbij doen. Nog even laten doorbakken maar zorg ervoor dat de knoflook niet gaat kleuren. De bouillon erbij voegen. De bietjes schillen en klein snijden. Dit hoeft niet zo zorgvuldig maar het werkt makkelijker met de staafmixer als het niet te grote brokken zijn. Met staafmixer de soep volledig glad maken. Aan de kook brengen en even laten doorkoken. Het vuur uitdoen en als laatste een paar lepels kookroom toevoegen en door de soep mengen zodat de soep mooi rood van kleur wordt.
rul de gewenste hoeveelheid gehakt met peper en zout
2.
kook aardappelen zoveel u wenst om puree van te maken, maak het nog wat lekkerder met warme melk, wat peper en zout en een beetje nootmuskaat
3.
schil een appel en maak er blokjes van
4.
neem een ovenschaal , leg onderop een gedeelte van de puree, daarop het gehakt, daarop de rode kool met appeltjes, gevolgd door de verse appel en daaroverheen wat kaneel.
5.
leg als laatste de rest van de puree met daarop een laagje kaas en zet het dan in een voorverwarmde oven totdat de kaas goed gesmolten is.
Snijd de rode kool in stukjes, was deze en laat uitlekken. Snijd de rode ui in grove stukken.
Verhit een beetje olijfolie in een soeppan en fruit hierin zachtjes de rode ui. Voeg halverwege de piment, kruidnagel en komijnzaad toe en bak dit kort even mee. Daarna kan de rode kool erbij en die bak je nog 1-2 minuten mee.
Schenk 1 liter warm water in de pan en doe hier de bouillon blokjes bij. Breng weer aan de kook en laat 40 minuten tot een uur zachtjes pruttelen. Check na 40 minuten al of de rode kool gaar is.
In de tussentijd zijn de appeltjes aan de beurt. Schil deze en snijd in kleine blokjes. Verhit een klein klontje roomboter in een pan met antiaanbaklaag en bak de appeltjes circa 2 minuten zachtjes aan. Voeg daarna de suiker en rode wijnazijn toe en laat op laag vuur nog 10 minuten pruttelen totdat ze gekarameliseerd zijn.
Zodra de kool gaar is ga je de soep pureren met een staafmixer. Als de soep te dik is geworden kun je nog een beetje aanlengen met kokend water. Maak ‘m niet te dun, het is lekker als het nog iets dikkig is.
Proef de soep en bepaal of er nog peper en zout aan toegevoegd moet worden. Bij mij was het al perfect op smaak dus ik heb niets meer toegevoegd.
Serveer de soep met een schepje crème fraîche en wat blokjes appel.
Varieer met de topping, denk aan walnoten crunch of krokant gebakken spekjes.
Voor de smaak een aanrader: klein beetje kruidnagel poeder zo’n halve theelepel. Enkele steranijs zaadjes pletten en die mee laten koken. Eruit halen voor dat je de groenten gaat pureren. Voor hen die van pittig houden, 1 theelepel sambal trassi. Selemat makkan!!
½ rode kool zo’n 500 gr
1 appel
1 ui
1 el olijfolie
2 laurierblaadjes
1 liter groentebouillon
Pel en snipper de ui, schil en snij de appel in blokjes en de rode kool in dunne reepjes.
Verhit de olijfolie in een soeppan en bak de ui.
Voeg de rode kool en appel toe en schep om met de ui. Voeg de bouillon toe samen met de blaadjes laurier. Laat 20 minuten zacht pruttelen of tot de kool net beetgaar is.
Haal de laurier uit de pan en pureer de soep met een staafmixer. Voeg vers gemalen peper en grof zeezout naar smaak toe. Schep op en eet met ’n stuk brood of crackers met gezouten boter.
Maak de rode ui schoon door de schil te verwijderen. Snijd de ui in de helft.
Laat de suiker op een laag vuur smelten. Voeg een klein beetje water toe en verhit op een laag vuur zodat er een mooie karamel ontstaat.
Voeg de roomboter toe en laat deze smelten in de gekleurde suiker.
Leg de halve uien in de gekleurde suiker. Laat de uit op een zacht vuur garen.
Steek het bladerdeeg uit, (Neem de grootte van het cocottes). OF: leg bevroren bladerdeeg op de schaaltjes, en snijd rondom af. Rondjes opzij leggen.
Als de uien gaar zijn de pan van het vuur nemen.
Verdeel de karamel over de cocottes. Leg in ieder cocotte een halve gegaarde ui met de ronde kant naar boven. Leg het bladerdeeg op de ui in de cocottes.
Klop de eieren los met een snufje zout en een paar druppeltjes water. Bestrijk het bladerdeeg met het losgeklopte ei, (Wees voorzichtig bij de randen van het bladerdeeg).
Plaats de cocottes in een oven van 180 C. Bak de cocotjes met ui-vulling mooi gaar in ongeveer 10 minuten. Haal de cocottes uit de oven en laat afkoelen.
Pluk, was en hak de peterselie, (Hou 16 takjes achter voor garnering). Pluk de basilicum en snijd deze in dunne reepjes.
Meng de geitenkaas met de room en de honing. Voeg de gehakte peterselie en basilicum toe. Knijp de citroen uit en meng deze door het geitenkaasmengsel. Breng op smaak met peper en zout.
Keer de afgekoelde cocottes om op een bord, (Het bladerdeeg ligt nu onderop), Laat de karamel op het bord lopen.
Maak een quenelle van het mengsel van geitenkaas. Plaats de quenelle op de gare rode ui met karamel.
Maak een roosje van de parmaham en plaats deze ook weer op de quenelle.
Garneer met de achtergehouden takjes peterselie. Besprenkel met enkele druppels balsamico
Pel de knoflook en de sJalotten en snipper de sjalotten heel fijn. Fruit de sjalot 5 min. in de boter in een wijde (saus)pan. Schep de knoflook, de tijm en de laurier door de sjalot. Schenk het vleesfond en de wijn in de pan en breng het aan de kook.
Laat de saus ca. 15 -20 min. tot de helft inkoken. Schenk boven een andere pan de ingekookte saus door een fijne (punt)zeef. Verhit de saus opnieuw tot het kookpunt en breng op smaak met peper en eventueel wat zout. Snijd de ijskoude boter in klontjes.
Neem de pan van het vuur en klop met een garde de boterklontjes in gedeeltes door de saus, zodat de saus licht bindt. Houd de saus warm op een vlamverdeler of au bain marie, maar laat de saus niet meer koken.
Serveertip Serveren met gebakken entrecote of biefstuk en aardappel puree.
4 grote worteltjes, circa 400 g, in plakjes gesneden
circa 500 g bleekselderij, in plakjes gesneden en enkele blaadjes om te garneren
peper en zout
100 g stilton, verkruimeld
4 el fijngesneden vers bieslook
Verhit de olie in een grote pan, voeg de grofgesneden ui toe en laat 10 minuten zachtjes bakken tot de ui zacht is. Roer af en toe
Doe de linzen in de pan en voeg de groentebouillon toe. Voeg de worteltjes en de bleekselderij toe. Breng opnieuw aan de kook, dek af en laat circa 40 minuten sudderen tot de linzen en de groenten heel gaar zijn
Pureer de soep met een mixer of keukenmachine. Breng op smaak met peper en zout naar wens. Verhit de soep opnieuw tot hij erg heet is, maar niet kookt. Haal de pan dan van het vuur
Strooi de verkruimelde stilton over de soep en voeg het fijngesneden bieslook toe. Schep de soep in kommen, garneer met de blaadjes van de bleekselderij en serveer meteen
Maak rodekool met appeltjes naar je eigen smaak. Voeg bijvoorbeeld kaneel of steranijs toe.
600 g rodekool
1 sjalot
4 kruidnagels
1/2 tl zout
200 ml water
2 Goudreinette appels
1 plak Peijnenburg gesneden ontbijtkoek
1 el rietsuiker
Verwijder de buitenste bladeren van de kool. Snijd de kool in vieren en verwijder de harde kern en stronk. Snijd elk stuk kool in lange smalle reepjes. Pel de sjalot en prik de kruidnagels erin.
Doe de kool samen met de sjalot en het zout in een pan. Schenk het water erbij, breng aan de kook en draai het vuur laag. Stoof de rode kool met de deksel op de pan in 25 min. gaar.
Schil de appels, verwijder het klokhuis en snijd in blokjes. Snijd de ontbijtkoek in blokjes. Schep na 10 min. de appel en ontbijtkoek door de rode kool en laat nog 15 min. stoven.
Verwijder de sjalot met de kruidnagels en breng de rode kool op smaak met de suiker, peper en eventueel zout.
combinatietip:
Lekker bij hachee, gestoofde sucadelappen of konijnenbouten.
1.Schil en kook de aardappels gaar, en pureer ze met de melk en wat boter. Was en snij de rode kool, in een pan doen met het water. Sprenkel de azijn over de kool, en ook de kruiden eroverheen strooien, en de suiker, dan koken, niet langer dan 20 minuten. Kook de laatste 10 minuten de in blokjes gesneden en geschilde appel mee. Bak ondertussen het gehakt rul, met een uitje erbij , in wat boter, niet teveel. Voeg peper en zout naar smaak bij.
2. Neem een flinke ovenschaal, leg onderin het gehakt .Daarover de rode kool en appel verdelen, en dan de puree mooi erover doen, met wat paneermeel.
3. Tot slot nog in de oven gratineren, 20 minuten.Of in de koelkast zetten, en afbakken op een later tijdstip , dan wel minstens nog een half uur in de ovenEet smakelijk !!
500 g groene asperges, bijgesneden, onderste helft van de stengels geschild
120 g peultjes
1 eetl. olijfolie
4 bosuitjes, fijngesneden
0,25 theel. zout
? theel. zwarte peper
1 kleine teen knoflook, fijngesneden
1 theel. dunne citroenschilsliertjes
2 eetl. fijngesneden peterselie
Snijd de aspergestengels schuin in stukjes van 2 tot 3 cm (de punten mogen wat langer zijn). Verwijder de steeltjes van de peultjes.
Verhit de olie in een wok of grote koekenpan met anti-aanbaklaag op matig tot hoog vuur. Roerbak hierin de asperges, peultjes en bosuitjes met het zout en de peper 2 tot 3 min. Voeg knoflook, citroensliertjes en peterselie toe. Roerbak de groenten nog 1 min. Serveer ze direct.
Een lekker hollands recept. Het vegetarische bijgerecht bevat de volgende ingredienten: rode kool, olijfolie, ui, suiker, verse tijm, rodebessensap en versgemalen zwarte peper
1 kleine rode kool (ca. 800 g)
3 eetlepels olijfolie
1 ui, gesnipperd
1 eetlepel suiker
1 eetlepel verse tijm (of 2 tl gedroogde tijm)
1/2 flesje rodebessensap (a 250 ml)
versgemalen zwarte peper
Bereiden
Verwijder de buitenste bladeren van de kool en snijd hem in dunne parten. Snijd de harde stronk uit de kool. Hak de parten rodekool in de keukenmachine in kleine stukjes. Verhit de olijfolie in een wok en fruit de uisnippers tot ze glazig zijn. Roer de suiker erdoor en laat deze lichtbruin kleuren. Schep dan de rodekool erdoor en roerbak alles 3-4 minuten. Schep de tijm door de rodekool en voeg het bessensap toe. Breng de rodekool op smaak met zout en peper. Laat de kool in nog 15 min. zachtjes gaarstoven. Lekker bij braadworst of gestoofd rundvlees.
Smelt de boter in een grote bakpan op matig vuur. Sauteer de ui tot deze gaar is. Voeg de asperges en knoflook toe en roerbak de asperges gedurende 3 tot 5 min, totdat ze net een beetje gaar en doorgewarmd zijn.
Druppel er wat teriyakisaus over en dien ze onmiddelijk op.
202304 variatie: met ingemaakte kweepeer, wat mascarpone en restje spinaziebladeren tijdens roerbakken
De winterpeen is enorm budgetvriendelijk. Deze romige soep zet je dus voor een schijntje op tafel.
1 ui
1 cm verse gember
2 el zonnebloemolie
1 kg winterpeen
1 teen knoflook
1 groentebouillontablet
700 ml kraanwater
200 ml kokosmelk
1 medium handsinaasappel
Bereiden
stap voor stap koken
print
Let op! Je wijkt af van het aantal personen waarvoor dit recept ontwikkeld is. Bereiding, video, kook- en oventijden en keukenspullen kunnen hierdoor ook afwijken. Lees de tips
Snipper de ui en schil en rasp de gember. Verhit de olie in een grote soeppan. Fruit de ui en gember 5 min. Roer af en toe.
Schil ondertussen de winterpeen en snijd in plakjes. Snijd de knoflook fijn. Voeg de winterpeen en knoflook toe en bak 2 min. mee. Voeg het bouillontablet, water en de kokosmelk toe. Breng de soep aan de kook en laat 15 min. zachtjes doorkoken tot de winterpeen gaar is.
Pureer de soep met de staafmixer of in de keukenmachine. Pers de sinaasappel uit. Roer het sinaasappelsap door de soep en breng op smaak met (chili)peper en zout.
bereidingstip:
Je kunt de soep 1 dag van tevoren bereiden. Bewaar de soep afgedekt in de koelkast en warm op de dag zelf op laag vuur op. Roer af en toe.
1 kg biefstuk van de rug, circa 7,5 cm dik, zonder vet
2 grote uien, fijngesneden
1 stengel bleekselderij, fijngesneden
3 teentjes knoflook, geperst
250 ml droge rode of witte wijn
1 blik tomaten, circa 225 g, fijngesneden
1 grote wortel, fijngeraspt
1 tl fijngehakte verse tijm
450 ml runderbouillon, bij voorkeur zelfgemaakte
600 g nieuwe aardappelen, geschrapt en in vieren gesneden
350 g knolselderie, in blokjes van 2,5 cm gesneden
350 g koolraap, in blokjes van 2,5 cm gesneden
4 worteltjes, circa 275 g in totaal, in schijfjes gesneden
peper en zout
3 el fijngehakte peterselie om te garneren
1.
Verwarm de oven voor op 160 grC. Verhit de olie in een grote vuurvaste schaal. Voeg het rundvlees toe en bruin het 6-8 minuten op een middelhoog vuur, of tot het aan alle kanten mooi bruin is. Leg het vlees op een bord.
2.
Temper het vuur. Voeg de uien, de selderij en de knoflook toe en bak gedurende 3 minuten of tot de uien zacht worden. Roer regelmatig. Voeg de wijn toe en laat circa 1 minuut sudderen. Voeg dan de tomaten en hun sap samen met de fijngeraspte wortel toe. Laat alles nog 2 minuten sudderen.
3.
Doe het vlees weer in de schotel samen met de sappen die zich in het bord hebben verzameld. Voeg tegelijkertijd de fijngehakte tijm toe. Plooi een stuk bakpapier over het vlees, maar plooi de hoeken omhoog, zodat het de vloeistof niet raakt. Dek de schaal af met een goed sluitend deksel. Zet de schotel in de oven en laat 21/2 uur stoven.
4.
Breng de bouillon circa 20 minuten voor het einde van de bereidingstijd aan de kook in een diepe pan met een deksel. Voeg de aardappelen, de knolselderie, de koolraap en de schijfjes wortelen toe. Dek af en laat 12-15 minuten zachtjes sudderen, of tot de groenten zacht worden.
5.
Neem ondertussen het rundvlees uit de schaal en zet het opzij. Verwijder het vet uit de kookvloeistof door de oppervlakte af te schuimen. Pureer de groenten uit de schaal samen met hun kookvloeistof met behulp van een mixer of in een keukenmachine tot een smeuig mengsel ontstaat. Breng op smaak.
6.
Laat de aardappelen en de andere wortelgroenten uitlekken en bewaar de kookvloeistof. Leg een laag groenten in de schaal, leg het vlees erbovenop en voeg de rest van de wortelgroenten en hun kookvloeistof toe. Giet de gepureerde groenten erover. Dek de schaal af en zet hem nog 20 minuten in de oven, of tot de wortelgroenten zacht zijn.
7.
Schep het vlees op een bord, dek het bord af en laat het 10 minuten rusten. Laat de groenten en de saus in de oven staan, maar verlaag de temperatuur.
8.
Snijd het vlees in plakken en schik ze op voorverwarmde borden samen met de groenten en de saus. Bestrooi met de peterselie en serveer onmiddellijk.
Snijd de bleekselderij stengels los van de stronk. Schil de stengels met een dunschiller om de taaie draden te verwijderen.
Ga nu dunne repen snijden en leg deze in het ijswater.
Maak de eikenbladsla los van de krop en was deze. Maak de slabladeren indien nodig kleiner door deze los te scheuren. Leg ook de eikenbladsla op ijswater.
Verwijder de peterselie bladeren van de stengels.
Snijd het spek in kleine blokjes. Bak deze in een droge pan tot deze mooi krokant zijn. Laat de gebakken blokjes spek uitlekken op een zeef en of keukenpapier.
Kleur de pijnbompitjes in een droge pan, (Let op laat deze niet verbranden). Laat op keukenpapier afkoelen. Hak de walnoten tot er mooie kleine stukjes ontstaan.
Hak de bieslook in kleine gelijkmatige stukjes. Maak een dressing van de wijnazijn met olie. Voeg de poedersuiker en de honing toe. Voeg ook de gesneden bieslook toe. Meng alles goed door elkaar. Pureer met een staafmixer tot een mooie groene dressing. Breng op smaak met peper en zout.
Maak de sjalotjes schoon en snijd deze in halve dunne ringen.
Laat de bleekselderij en de venkel uitlekken. Meng de bleekselderij en venkel en sjalottendoor elkaar. Meng met de helft van de dressing.
Snijd de kippenlevertjes indien nodig in kleinere stukjes. Kruid de kippenlevertjes met peper en zout. Smelt de boter in een ruime koekenpan. Bak hierin de kippenlevertjes in zeer korte tijd op een hoog vuur. Blus af met iets frambozenazijn.
LET OP DE KIPPENLEVERTJES NIET TE LANG OP HET VUUR STAAN. DEZE WORDEN ANDERS DROOG.
Leg iets salade in het midden van een bord. Leg hierop de stukjes gebakken kippenlever. Bestrooi met peper uit de molen. Verdeel de uitgebakken spekjes over de borden. Besprenkel met de dressing. Strooi, verdeel de geplukte bladpeterselie over de borden. Bestrooi met de gehakte walnoten en pijnboompitjes.
Hak wortel, ui, sjalot, selderij tomaat en knoflooktenen in kleine blokjes ( brunoise). Bak deze kleine blokjes in de olijfolie. Doe de blokjes in een zeef en vang de olijfolie op. Giet deze olijfolie in een pan met dikke bodem. Doe de runderbotten of ossestaart in deze pan en bak het vlees even aan tot het een bruine kleur heeft. Doe de blokjes groente, de tomatenpuree, het bouquet garni, de geflambeerde wijn, de jeneverbessen en een beetje peper en zeezout er bij. Laat het daarna 3 uur pruttelen en doe daarna alles door het ver giet en vang de saus op.
--- pepersaus ---
Laat de gevogeltefond inkoken tot 3/4.
Doe de basis van de pepersaus bij de in gekookte gevogeltefond en laat een half uur pruttelen. Eventueel wat langer. Doe de suiker bij een beetje water en kook dit in totdat dit licht gaat karamelliseren. Blus af met azijn. Doe dit bij de saus en monteer de saus met boter.
Wrijf ui, knoflook, laos, ketoembar, djinten, kentjoer, zout en suiker tesamen tot een brij. Maak van de asem met 2 eetlepels warm water een dik papje en zeef dit. Wrijf het moes door de kruiden. Maak de olie warm in een koekepan of wadjan. Bak daarin de pinda’s lichtgeel. Haal de pan van het vuur en schep met de schuimspaan de pinda’s er uit.
Zet de olie weer op en fruit hierin het kruidenmengsel tot de uien lichtgeel zijn. Voeg er nu het kokosmeel bij. Draai het vuur laag en gebruik bij gas een asbestplaat*. Roer de gebraden kruiden en de trassie goed door het kokosmeel. Schep de massa om en om tot ook de kokos lichtgeel begint te worden. Schuif met een lepel – een sodet is hiervoor heel geschikt – vanuit het midden van de pan krachtig over de bodem in de richting van de rand. Voeg er de salamblaadjes en de sereh (!) aan toe en fruit die mee.
Zorg dat de korrelige massa zich niet aan de pan vasthecht. Als dat toch het geval is haal dan de pan even van het vuur. Roer er als de seroendeng mooi egaal goudbruin is geworden de gebakken pinda’s doorheen.
Laat dit gerecht niet in de pan afkoelen, maar doe het zo gauw het de gewenste kleur heeft over op een schotel bedekt met een stuk keukenpapier. Laat het afkoelen en doe het daarna over in een goed af te sluiten stopfles. De blaadjes en de sereh blijven erin.
Seroendeng kan, mits droog bewaard maandenlang goed blijven. Het wordt er zelfs lekkerder op. In plaats van pinda’s kan men ook kleine stukjes zoete dendeng meebakken.
Voeg de knoflook en de helft van de salie toe,1 minuut bakken.
Alle groenten er bij. Bak alles op hoog vuur, zo nu en dan omscheppen
Voeg de kip toe, schep dan de tomatenpuree en de bloem er door. Bakken tot het zoetig gaat ruiken.
Blus af met de rode wijn. Aanbaksels losschrapen. Bouillon erbij, zachtjes koken, iets laten indikken.
Op smaak met peper en zout, peterselie er bij.
Aardappels in gelijke blokken snijden. Met wat zout 15 min koken. Afgieten en laten uitdampen. Fijnstampen. Rest tv van salie en helft van feta toevoegen.
Kipmengsel in licht ingevette ovenschaal, zoete aardappels verdelen met ijsschep. Feta avond erover verkruimelen
Bij deze Japanse noedelsoep is soja de smaakmaker van de bouillon.
2 grote uien
5 tenen knoflook
5 cm verse gember
100 g AH Biologisch gerookte spekreepjes
1 kg kippenvleugels
2,5 liter water
1 el Euroma gedroogde paddenstoelen
3 norivellen
270 g Hakubaku ramen noedels
6 middelgrote eieren
400 g paddenstoelen voor vlees
1 el zonnebloemolie
2 bosuitjes
300 g Chinese kolen
50 ml Japanse sojasaus
5 g Saitaku nori snack
Bereiden stap voor stap koken
print
Let op! Je wijkt af van het aantal personen waarvoor dit recept ontwikkeld is. Bereiding, video, kook- en oventijden en keukenspullen kunnen hierdoor ook afwijken. Lees de tips
Snijd de ui en knoflook in grof. Schil de gember en snijd in plakjes. Verhit een grote soeppan zonder olie of boter een bak de spekblokjes 3 min. op middelhoog vuur.
Voeg de ui, knoflook en gember toe en bak weer 2 min. mee. Voeg de kippenvleugels en het water toe en breng aan de kook. Schep het schuim eraf als het water kookt. Zet het vuur zo laag mogelijk zodat de bouillon net tegen de kook aan zit. Voeg de gedroogde paddenstoelen en norivellen toe en laat zonder deksel 31/2 uur trekken.
Zeef de bouillon. Er is nu ca. 11/2 liter over. De bouillon wordt heet geserveerd.
Maak ondertussen de toppings. Bereid de noedels volgens de aanwijzingen op de verpakking. Kook de eieren in 6 min. spoel af met koud water, pel en halveer. Snijd de paddenstoelen voor vlees grof. Verhit de olie in een koekenpan en bak de paddenstoelen op middelhoog vuur 8-10 min. goudbruin. Snijd de bosui zo fijn mogelijk. Snijd de Chinese kool in zo dun mogelijke repen, schenk er kokend water over, laat 2 min. staan en giet af. Breng de bouillon op smaak met de sojasaus.
Verdeel de noedels en warme kool over 6 wijde kommen. Schenk daar de hete bouillon over. Leg in delen wat paddenstoelen, eieren en bosui erbij. Verdeel per bord 2 a 3 norisnack erover. Serveer direct.
stoof de in stukken gesneden ui in de olijfolie. voeg de in stukken gesneden selderijstengels, prei, de helft van de knoflook toe. Doe er ook de geschilde en in stukken gensden aardappel bij, en de tijm en laurier
verwarm de groentebouillon.
Trek de sla uit elkaar, houd de binnenste krokante blaadjes apart, de rest bij de broente. Giet de bouillon er bij en kruid met p/z. 15 min laten trekken.
Verwarm de oven voor op 180 grC. Laat een grillpan heet worden op het vuur.
Bestrijk de kipfilets met olijfolie en kryuid met p/z. Grill ze aan beide kanten in de grillpan. Leg ze in een ovenschaal en laat ze verder garen in de voorverwarmde oven.
Leg de spekblokjes op een ovenplaat. Maak deze krokant in de oven
Doe de eidooiers in een maatbeker.Snipper de andere delen van de knoflook en meng met de eidooiers. Voeg enkele druppels worcestershiresaus, mosterd, scheutje water,scheutje dragonazijn en de ansjovisfilet toe. Mix met een staafmixer en giet er intussen de olie bij. Voeg de yoghurt toe en mix nogmaals tot een gladde dressing
Haal de tijm en laurier uit de soepen mix glad met de staafmixer. Haal het spek uit de iovenen laat uitlekken op keukenpapier. Haal de kip uit de oven en draai de filets om. Laat even rusten. Snijd het stokbrood open, besmeer met dressing. Verdeel enkele blaadjes sl over het brood. Snijd de kipfilets in plakjes, leg ze op de sla en leg daar het spek op. Bestrooi met de kaas. Besprenkel de belegde broodjes met een lepeltje dressing.
Doe een beetje olie of boter in de pan en maak de ui op een laag vuur glazig en zacht. Knijp de knoflook fijn en doe bij de ui. Voeg vervolgens de in stukjes gesneden tomaat, het bouillonblokje en kaneel naar smaak toe en laat alles zacht worden. Doe er een beetje water bij en voeg de snijbonen toe. Laat alles op een zeer laag vuur in ongeveer een kwartier gaar worden. Let er tussendoor steeds goed op dat de bonen niet droogkoken en aanbakken. Doe er anders nog een beetje water bij.
Laat de tomaten uitlekken en vang de olie op. Snijd ze in kleine stukjes.
Schil de aardappelen en snijd in blokjes, evenals de wortel.
Pel de ui en snijd in dunne ringen.
Was de prei en snijd in ringetjes.
Schil de kweepeer, verwijder het klokhuis en snijd in grove blokjes.
Giet de olie van de tomaten in een braadpan, bak hierin de aardappelblokjes, de wortel en de kweepeer. Voeg de prei toe, de uienringen en de tomaten.
Voeg de uitgeperste knoflookteen toe en laat een paar minuten kleuren.
Giet dan de bouillon erbij en laat ongeveer 30 minuten koken.
Doe ondertussen de boter in een koekenpan en snijd de rode uien in dunne ringen. Bak de uienringen op een zacht vuur, laat ze eerst garen en dan krokant worden.
Pel de pistachenoten en hak grof.
Pureer de soep met een staafmixer en voeg indien nodig nog wat bouillon toe. Voeg naar smaak peper en zout toe.
Verwarm soepborden of kommen. Giet de soep in vier borden, verdeel de rode uienringen erover, wat pistachenoten en een snufje piment d’Espelette.
Verhit de olie in een grote pan op matig vuur, en fruit de ui tot deze goudbruin is
�
Breng op smaak met zout en peper. Roer de tomaten, spinazie en linzen erdoor en giet het water erbij
�
Kruid met basilicum, kardamom, komijn, cayenne en curry. Breng aan de kook, zet vuur lager, en stoof zachtjes 25 min, onder af en toe roeren door, of tot linzen gaar zijn
�
Schep over in een blender (of gebruik een staafmixer) en blend tot een gladde soep; dien direct op
De soufflevormpjes van 12 cm/ in vetten met boter. De sinaasappel onder lauw water schoonborstelen, drogen en de schil fijn raspen.
De eigelen met 2 lepels suiker schuimig kloppen.
De eiwitten met een halve eetl suiker stijf kloppen. Op het laatst nog 1 eetl suiker toevoegen en verder kloppen. Vervolgens de geraspte sinaasappelschil er bij doen en dit vervolgens met een spatel voorzichtig met de eigelen mengen. ( let er op dat de eigelen niet inzakken). En dan de Grand mar nier toevoegen en er doorheen spatelen.
Over gieten in de vormpjes en in de oven zetten gedurende 10 a 15 min.
--- sinaasappelsalade ---
De schil van 4 sinaasappels raspen. De rest van de sinaasappels schillen en verdelen in partjes. Daarna de velletjes van de partjes verwijderen. De sinaasappel die je bij de souffle gebruikt hebt uitlegde en het sap vermengen met de grenadine en de geraspte schil. Daarna dit bij de partjes doen en een nacht laten marineren.
--- afwerking ---
De souffle wordt direct uit de oven opgediend. Eventueel met de sianssappelsalade.
100 gram chorizo of salami in dikke plakken gesneden of aan een stuk.
Bereidingswijze
Bestrooi het konijn met peper.
Kruis de tomaten in, leg ze enkele tellen in kokend water, pel ze en snijd ze zonder zaadjes in blokjes.
Pel de teentjes knoflook en hak ze fijn.
Verhit de olie en de boter en bak hierin de konijnendelen rondom goudbruin. Schep ze uit de pan en strooi er zout over.
Roerbak de knoflook en tomatenblokjes even in het braadvet. Voeg de shery, wildfond en tomatenpuree toe en leg het vlees erbij. Stoof het zachtjes 1,5 uur.
Schep de konijnendelen uit de pan en houd ze even warm. Laat het stoofvocht iets inkoken. (evt binden)
Halveer de olijven en snijd de chorizo in smalle reepjes. Schep ze door de saus.
Serveer het konijn met de saus erover bij couscous of aardappelpuree en sperziebonen of tuinbonen.
Breng een ruime pan water met iets zout aan de kook. Dompel de peterselie, bieslook en dille onder in het kokende water voor 30 seconden. Spoel de kruiden af in koud water. Snijd de geblancheerde kruiden in grove stukken. Voeg de grof gesneden kruiden toe aan de olijfolie. Voeg peper en zout toe. Pureer het geheel met een staafmixer tot er een fel groene massa ontstaat. Zeef het geheel. Breng de groene kruiden olie op smaak met peper en zout. Giet de groene kruiden olie in een knijpflesje.
WERKWIJZE KNOFLOOK, SPEKJES EN BOSUI.:
Maak de knoflook schoon en hak deze fijn. Giet iets olijfolie in een ruime pan en bak hierin de spekblokjes. Voeg op het eind de gehakte knoflook toe. Snijd de bosui op kleine dunne ringen.
AFWERKING
Maak de sjalotjes schoon en snipper deze fijn. Verhit de olijfolie en fruit hierin de gesnipperde sjalotjes. Voeg hier de kort in de olijfolie verhitte spaghetti toe. Meng het geheel met de uitgebakken spekblokjes en knoflook. Voeg op het laatste moment de tot dunne ringen gesneden bosui toe. Breng op smaak met peper en zout. Schep het geheel in diepe borden en garneer met cress.
Deze authentieke spinazietaart zit boordevol spinazie, ui, kaas en kruiden in een krokant, luchtig laagje filodeeg.
3 eetlepels olijfolie
1 grote ui, fijngesneden
1 bosje lente-ui, fijngesneden
2 teentjes knoflook, fijngesneden
1 kg spinazie, afgespoeld en fijngesneden
30 gr verse peterselie, fijngesneden
2 eieren, licht geklopt
125 gr ricotta
250 gr feta, verbrokkeld
8 velletjes filodeeg
4 eetlepels olijfolie
De oven voorverwarmen op 180grC/gasstand 4. Een vierkanten ovenschaal van 23 cm licht invetten.
In een grote koekenpan op een middelhoog vuur 3 eetlepels olie verhitten. Ui, lente-ui, knoflook sauteren tot ze zacht en lichtbruin zijn. Spinazie en peterselie erdoor roeren en ong. 2 minuten sauteren tot de spinazie slap is. Van het vuur halen en apart zetten om af te koelen.
In een middelgrote kom eieren, ricotta en feta vermengen. Het spinaziemengsel toevoegen. 1 vel filodeeg in de ingevette ovenschaal leggen en licht met olie insmeren. Een ander vel filodeeg erop leggen, insmeren met olijfolie, en het proces voor de volgende 2 vellen herhalen. De vellen moeten over de rand van de bakvorm vallen. Spinazie en kaasmengsel over de ovenschaal verdelen en het overhangende filodeeg over de vulling vouwen. Met olie insmeren en 4 laagjes filodeeg op dezelfde manier als zojuist erop leggen. Overhangend filodeeg naar binnen vouwen om de taart te sluiten.
In 30-40 minuten in de voorverwarmde oven goudbruin bakken.
Krokante en smaakvolle sperziebonen uit de airfryer zijn een heerlijk bijgerecht dat snel en eenvoudig te bereiden is. Perfect voor bij een hoofdmaaltijd of als gezonde snack.
500 gram sperziebonen (vers of diepvries, schoongemaakt)
1 eetlepel olijfolie
1 theelepel knoflookpoeder
1/2 theelepel zout (cayenne-)peper (naar smaak)
Was en droog de sperziebonen indien nodig. Snijd de uiteinden eraf als dit nog niet gedaan is.
Doe de sperziebonen in een kom en voeg de olijfolie, knoflookpoeder, zout en peper toe. Meng goed zodat alle bonen bedekt zijn.
Verwarm de airfryer voor op 180 graden Celsius.
Plaats de sperziebonen in het mandje van de airfryer.
Bak de bonen 10 minuten op 180 graden Celsius.
Schud halverwege de baktijd even om.
Haal de sperziebonen uit de airfryer en serveer direct als bijgerecht of snack.
Voor extra smaak kun je een beetje Parmezaanse kaas of citroensap over de sperziebonen strooien na het bakken.
Dit gerecht is ook lekker met een snufje chilipoeder voor wat extra pit.
Een lekker wereldkeuken recept. Het vegetarische bijgerecht bevat de volgende ingredienten: spruitjes, olijfolie, sjalotten, bloem, melk en gorgonzola
1 zak spruitjes (500 g)
1 eetlepel olijfolie
3 sjalotten, fijngesneden
1 theelepel bloem
150 ml melk
150 g gorgonzola (blauwaderkaas)
Bereiden
Maak de spruitjes schoon: verwijder het stronkje en eventueel de buitenste blaadjes.
Kook de spruitjes in ruim water met wat zout in 10-15 minuten beetgaar.
Verhit de olijfolie in een pan met een dikke bodem en fruit de sjalotten op laag vuur in 5 minuten glazig. Strooi er de bloem en (versgemalen) peper naar smaak over.
Schenk de melk bij de sjalotten. Breng de melk aan de kook en laat het geheel 2-3 minuten zachtjes koken.
Verbrokkel de kaas en roer hem door de warme melk. Laat de kaas al roerend smelten, zodat een mooie, dikke gebonden saus ontstaat. Laat de saus nog even inkoken als die nog te vloeibaar is. Doop ter controle een lepel in de saus. De saus heeft de juiste dikte als hij op de achterkant van de lepel blijft hangen.
Giet de spruitjes af, doe ze over in een schaal en schenk de saus erover. Lekker bij tartaar en gekookte aardappels.
schorseneren onder stromend water schoonboenen, met scherp mesje schrappen. wassen, stronkjes er af snijden. in stukjes van 4 cm snijden. tot gebruik in kom met water en 3 el azijn leggen.
wortelen wassen, schrappen, stukjes van 4 cm snijden.
prei in ringen snijden.
champignons in stukjes snijden. besprenkelen met citriensap.
kalkoenfilet in wrijven met zout en peper. in braadpan boter verhitten, kalkoen in 10 min lichtbruin bakken. uit pan nemen.
aan bakvet toevoegen: schorseneren, wortel en prei. 5 min zachtjes bakken. bouillontablet erboven verkruimelen. wijn en champignons toevoegen. met deksel op pan 10 min stoven. kalkoenfilet uit pan nemen en in plakjes snijden.
--- bereiden ---
aan stoofpot toevoegen: kalkoen, broccoli, zout, peper en een snufje nootmuskaat. 15 min door en door verwarmen. af en toe omscheppen. peterselie erboven fijnknippen.
stukje komkommer (7 cm), in dunne plakjes of geraspt
100 gram verse rauwe zalmfilet, in 12 dunne plakjes gesneden
8 el Japanse sojasaus
2 tl wasabi (of geraspte mierikswortel)
1 el sesamzaadjes
2 takjes verse koriander
Roer de sulker door de azijn en breng op smaak met 1/2 theelepel zout.
Schaaf de gember met een dunschiller in hele dunne plakjes en verwarm het azijnmengsel met de gember,
haal van het vuur en laat 15 minuten marineren.
Laat de gember uitlekken en vang het yocht op.
Breng een pan met water en zout aan de kook en kook de rijst gaar. Schenk door een zeef en laat de rijst uitlekken.
Schep de rijst op een bakplaat en besprenkel met 2 eetlepels van de gember-azijndressing.
Schep de rijst om tot het is afgekoeld,
Rooster ondertussen de sesamzaadjes kort in een droge pan tot ze net beginnen te kleuren.
Schep wat rijst op kleine schaaltjes of amuselepels met de zalm en de komkommer en garneer met een plakje gember een mespuntje wasabi, het sesamzaad en de Japanse sojasaus
Zet het vuur vervolgens laag, leg de deksel op de pan en kook de quinoa in 12 minuten gaar.
Giet de quinoa af en laat afkoelen.
Blancheer de buitenste bladeren van de spitskool en bestrijk de binnenkant van de bladeren met crème fraîche.
Breng de warme quinoa op smaak met een beetje wasabi en rol ze in de spitskool met de in de lengte gesneden avocado, surimisticks en bosuitjes.
Laat de sushirollen minimaal 30 minuten opstijven in de koelkast en snijd ze in stukjes.
Serveer met de sojasaus en eventueel wat plakjes gari.
(Jonge gemberwortel, ingelegd in azijn met suiker en een beetje
zout. Hoe jonger de gember, hoe mooier roze de kleur. Gari
behoort tot de tsukemono, de pickles, en eet je traditioneel
na de sushi om de smaakpapillen te neutraliseren voor de
volgende gang.)
375 gr poké bowl rijst (kant-en-klaar) ( of sushi rijst )
100 gr gerookte zalm (Fish Tales)
1 theelepels gerookt paprikapoeder ( pittig )
6 eetlepels mayonaise
1 halve citroen voor het sap
1 rijpe avocado
verse koriander ( optioneel )
Zout en peper
Bereid indien nodig eerst de sushi rijst voor indien je niet de kant-en-klare poké bowl rijst hebt kunnen vinden.
Snijd de komkommer in de lengte doormidden en vervolgens iedere helft in 5 of 6 stukken.
Lepel de stukjes komkommer uit
Meng de mayonaise met de paprikapoeder. Voeg eventueel meer toe naar eigen smaak.
Pers een beetje citroensap erbij en roer door. Blijf citroensap toevoegen totdat de saus vloeibaar genoeg is om het soepel te kunnen verdelen.
Snijd de avocado in dunne plakjes en bestrooi met zout en peper
Snijd de zalm in dunne reepjes.
Bereid de kant-en-klare rijst volgens de verpakking en laat ietsje afkoelen.
Strooi ondertussen wat zout en peper over de komkommer stukjes.
Verdeel de rijst over de komkommer. Leg overal een stukje avocado op en daar bovenop een paar reepjes zalm.
Bestrooi met het sesamzaad en optioneel wat verse koriander.
Tip: Snijd een dun laagje van de onderkant van de bootjes af voordat je ze vult. Op die manier creëer je een platte onderkant en blijven ze beter liggen als je ze vult en serveert
Vet acht grote (inhoud 250 ml) muffinvormpjes in met wat koolzaadolie.
Verhit de olijfolie in een koekenpan en bak de champignons, de lente-uitjes en het knoflook circa 3 minuten op hoog vuur. Laat het geheel vervolgens wat afkoelen.
Doe het champignonmengsel in een kom, voeg cheddar, ricotta, eieren en nootmuskaat toe en breng het op smaak met zout en peper.
Snijd de plakjes ham in kleine reepjes en schep ze door het champignonmengsel.
Leg de plakjes bladerdeeg op elkaar, snijd ze in de lengte doormidden.
Snijd elk stuk weer in vier even grote stukjes.
Bestrijk de vier stukjes deeg met wat koolzaadolie en leg ze in een muffinvorm; doe dit ook voor de overige vormpjes.
Schep de vulling met een lepel in de vormpjes met bladerdeeg.
Bak de taartjes 20 tot 25 minuten in de oven tot ze goudbruin zijn.
Haal ze na een paar minuten afkoelen voorzichtig uit de vormpjes.
Serveer de taartjes met een knapperige groene salade.
Snijd de uien in halve ringen, was en snijd de groenten in blokjes. (Doe de pompoen eerst 10 minuten in de magnetron dan snijd het makkelijker)
Snijd het lamsvlees in blokjes.
Snijd de gember fijn.
Bereidingswijze
Fruit de uien, knoflook en een theelepel ras el hanout in de olijfolie. Doe dit over in de tajine.
Bak het lamsvlees met de rest van de ras el hanout aan totdat het mooi gekleurd is en doe dit ook in de tajine.
Doe vervolgens de groenten, gember en de abrikozen in de koekenpan en schep de basterdsuiker en kaneel hier doorheen. Voeg ook de sinaasappelsap toe. Schep dit een paar minuten om en doe het over in de tajine.
Laat het vlees en de groenten minimaal 1 uur stoven in de tajine. Let op of de stoofpot niet droogkookt. Voeg anders een beetje water of sinaasappelsap toe.
Fris door de munt en appels, crunchy door de amandelen: deze taart is perfect als toetje
155 g bloem
50 g poedersuiker
1 mespunt zout
75 g boter
1 ei
50 g suiker
1/2 tl kaneel
6 friszoete appels (bijv. elstar of jonagold)
20 g amandelschaafsel (bakje a 55 g)
2 takjes verse munt
Bereiden stap voor stap koken
print
Let op! Je wijkt af van het aantal stuks waarvoor dit recept ontwikkeld is. Bereiding, video, kook- en oventijden en keukenspullen kunnen hierdoor ook afwijken. Lees de tips
Meng de bloem met de poedersuiker en het zout in een kom. Snijd 50 g boter in blokjes en voeg toe aan de bloem. Kneed met je vingertoppen tot kruimels. Voeg het ei toe aan het boter-bloemmengsel en kneed tot een samenhangend deeg. Vorm het deeg tot een bal en duw plat. Wikkel in vershoudfolie en leg 30 min. in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 220 grC.
Smelt de rest van de boter in een steelpan. Bestrijk de quichevorm met het bakkwastje met de gesmolten boter. Meng de suiker met de kaneel en strooi dit over de bodem van de vorm. Schil de appels, snijd ze in parten en verwijder het klokhuis. Leg de appels met de bolle kant naar onderen in de vorm.
Rol het deeg met de deegroller op een met bloem bestoven werkblad uit tot een ronde lap met een doorsnede van 30 cm. Rol het deeg om de deegroller en rol uit over de appels in de vorm. Stop de randen goed in en maak een gaatje in het midden van het deeg. Bak de tarte tatin in ca. 30 min. in het midden van de oven goudbruin en gaar.
Verhit ondertussen een koekenpan zonder olie of boter en rooster het amandelschaafsel in 2 min. goudbruin. Laat afkoelen op een bord. Haal ondertussen de blaadjes van de munt en snijd in dunne reepjes.
Neem de taart uit de oven en laat 5 min. rusten. Leg een serveerschaal omgekeerd op de vorm en keer om (pas op voor de hete karamel!). Bestrooi met het amandelschaafsel en de munt. Serveer direct.
combinatietip:
Lekker met een schepje creme fraiche.
print
video Noten, zaden en pitten roosteren Instructievideo - 01:19 min.
De kweepeer geeft een heel eigen smaak aan de bekende tarte tatin. Weer eens wat anders dan appel!
0.3 el Citroensap
60 g Roomboter
1 tl Kaneel gemalen
140 g Bladerdeeg plakjes (diepvries)
60 g Witte Basterdsuiker
500 g Kweepeer
Voorbereiding
Boen de kweeperen schoon (schillen mag maar hoeft niet). Verwijder de klokhuizen en snijd de kweeperen in dunne plakjes. Besprenkel ze met wat citroensap en bestrooi ze met wat kaneel.
Vet de taartvorm in met boter.
Verwarm de oven voor op 200*c.
Rol een passende cirkel deeg uit voor de bodem (iets groter dan de bovenkant van de vorm).
Bereidingswijze
Doe de suiker en de boter in een pan; verwarm op middelhoog vuur. Laat de suiker smelten. Bak de plakjes kweepeer vervolgens tien minuten mee op zacht vuur (anders blijven ze te hard).
Haal de plakjes daarna uit de pan en laat het suiker-botermengsel nog even koken zodat het vocht van de kweeperen verdampt.
Giet de boter-suikerstroop in de taartvorm, leg de plakken kweepeer er in en dek ze af met het deeg (stop dat een beetje in aan de zijkanten. Prik wat gaatjes in het deeg met een vork.
Bak de taart circa 30 minuten in een voorverwarmde oven.
Daarna in de vorm iets laten afkoelen; bord op de vorm en omkeren!
Sesamzaadjes ter garnering ( zwart of wit, zwarte )
Japanse Mayo
1 theelepels azijn ( rijst )
2 eetlepels mayonaise
Begin met het koken van de sushirijst volgens de verpakking. Wanneer deze klaar is voeg je de sushi azijn hier aan toe.
Snijd in de tussentijd reepjes van de paprika en avocado.
Neem de zalmblokjes en marineer deze in de olie en sojasaus voor wat extra smaak.
Meng de ingrediënten van de Japanse mayo.
Snijd dunne ringetjes van de lente ui.
Wanneer alle ingrediënten klaar staan, kun je de temaki’s afmaken. Neem de helft van een nori vel en beleg de linkerhelft met sushirijst.
Laat in aan de linker bovenkant een hoekje vrij van rijst. Neem nu de paprika en avocado en leg deze schuin in het midden. Voeg hierbij een beetje mayo en wat zalmblokjes.
Nu rol je de temaki dicht, zodat onderin een punt ontstaat. De bovenkant blijft dan open. Maak af met wat lente-ui en sesamzaadjes. Lekker met wat sojasaus of wasabi.
Tip 1: Sushiazijn is rijstazijn op smaak gebracht met onder andere suiker en zout. Dit kun je kant-en-klaar in de supermarkt of Aziatische toko kopen.
Tip 2: Moeite met rollen? Op youtube zijn verschillende how to video’s te vinden
Deze gebakken plakjes tempé zijn heerlijk als borrelhapje op een koude vrijdag of zaterdagmiddag na een lange werkweek. In Indonesië eten ze het als tussendoortje of samen met witte rijst als lunch. Eenvoudig, maar wel vol met belangrijke voe- dingsstoffen.
Bereidingswijze:
1 blok tempé (gesneden in dunne plakjes, ongeveer halve centimeter dik)
1 ei
5 teentjes bieslook of lente-ui (heel dun gesneden)
150 gram bloem
Half kopje water
Olie (ongeveer tien eetlepels olie om te bakken)
Bumbu (gemalen kruiden): 1 theelepel gemalen knoflook of een à twee teentjes knoflook (geraspt totdat het heel fijn is) 1 theelepel korianderpoeder Een scheutje kunyitpoeder (kurkuma)
Zout en peper naar smaak
Verwarm de olie. Klop ondertussen het ei in een kom tot het egaal van kleur is.
Meng vervolgens de bumbu met het ei, de bieslook, bloem en het water. Zodra het gemengd is, doe de tempé erin. Het liefst laat je het even rusten totdat de bumbu ingetrokken is, maar direct bakken kan ook geen kwaad.
Fruit ui in olijfolie. Doe de tomaat, komijn, korianderzaad en kippenbouillon erbij. Laat dit 15 minuten koken. Voeg gember, chili en kokosmelk toe en mix de soep fijn. Op smaak brengen met zout en peper. Garneren met verse koriander.
Neem een soeppan en smelt hierin de roomboter. Vervolgens bak je de gesneden uien glazig op zacht vuur.
Hak de knoflook fijn en voeg dit samen met de tijm bij de uien.
Voeg de tomatenpuree eraan toe en bak dit al roerend ongeveer een halve minuut mee. Blus het vervolgens af met de rode wijn.
Voeg het water en de bouillon blokjes eraan toe en laat dit ongeveer 10 min koken.
Snij ondertussen de bosui en hak de peterselie fijn. Als de soep klaar is voeg je de peterselie en de bosui er aan toe.
Snij het brood schuin in maar niet helemaal doorsnijden zodat het brood nog heel blijft vervolgens snij je het brood kruislings in, ook niet helemaal door.
Doe de olijfolie in een maatbeker en blender met een staafmixer de knoflook, peterselie en de kaas in fijn. Verdeel dit mengsel in het brood.
Snij de paprika in kleine blokjes en verdeel deze in het brood. Druk er wat basilicum blaadjes in en bak het brood vervolgens 10 min af.
Als laatst snij de bieslook fijn en strooi je deze over het brood heen.
Voor wie het nog niet weet: ondanks de naam ‘airfryer’ is dit apparaat eigenlijk een kleine heteluchtoven, in plaats van een frituurpan. Vaak hoef je deze niet voor te verwarmen en kun je in principe kun je alle recepten die je in de oven kunt maken, dus ook in de airfryer bereiden (mits de gerechten klein genoeg zijn natuurlijk).
Je zou dus denken dat het bakproces precies hetzelfde is, maar dat is helaas niet zo: omdat de airfryer kleiner is dan de meeste ovens, moet je zowel de temperatuur als de baktijd van het recept aanpassen als je een ovengerecht in de airfryer wilt maken of andersom.
Staat de temperatuur of baktijd die je nodig hebt er niet tussen? Je kunt dan ook zelf een berekening maken.
Maak je een recept dat oorspronkelijk in de airfryer moet? Verhoog de temperatuur van een elektrische oven dan met 10-20°C. De temperatuur van een heteluchtoven verlaag je met 5-10°C.
Wil je een ovengerecht in de airfryer bereiden? Reken dan andersom: verlaag de temperatuur van de elektrische oven met 10-20°C en verhoog die van de heteluchtoven met 5-10°C. De baktijd van de airfryer of oven zul je ook moeten aanpassen om je gerecht mooi gaar te krijgen. Van de oven naar de airfryer gaat er ongeveer 20% van de bereidingstijd af, andersom komt er zo’n 20% bij.
Zelfgemaakte vanillevla is niet te vergelijken met die uit een supermarktpak. Hier een goed recept, met daarop verschillende varianten en serveermogelijkheden. Deze vla is het lekkerst als je hem goed gekoeld eet.
* Basisrecept:
1 l melk,
1/2 vanillestokje,
1 groot ei,
50 g suiker,
40 g maizena*
Voor een extra fijne, romige vla:
6 dl melk,
1/8 l koffieroom,
1/2 vanillestokje,
3 eieren,
75 g suiker,
40 g bloem,
mespunt zout - De bereiding van het basisrecept volgen.
Breng de melk met het in de lengte gesplitste vanillestokje aan de kook, maar houd een beetje koude melk achter.
Laat de melk boven een zeer laag vuur een kwartier trekken.
Klop het ei los en roer er met suiker, maizena en de apart gehouden koude melk een dun papje van. Voeg hieraan enkele lepels van de warme melk toe en roer dit door de rest van de melk.
Blijf roeren, steeds boven laag vuur, tot de vla licht bindt.
Verwijder het vanillestokje en stort de vla in een glazen schaal.
Roer er af en toe in om de vorming van een vel te voorkomen.Zet de vla na afkoeling minstens een uur in de koelkast.
Pure liefde tussen eeuwenoude en moderne technieken zorgen voor een perfecte garing!
Varkenshaas: 600 gram
Zout: 120 gram
Suiker: 60 gram
Sous vide apparaat
Vacumeer apparaat
Vacumeer zak
Giet zout en suiker in een pan met 1 liter water en breng al roerend aan de kook tot het zout en de suiker volledig zijn opgelost.
Voeg nu 1 liter koud water toe aan het hete water, zodat het sneller afkoelt. Het pekelwater moet koel zijn voordat de varkenshaas erin gaat, anders start je het garingsproces al.
Voeg de varkenshazen toe als het water volledig is afgekoeld en plaats de pan afgedekt 2 uur in de koelkast.
Dep het pekelwater van de varkenshazen en vacumeer ze met een kleine scheut olie in de zak.
En hop, 1,5 uur in de sous-vide waterbak op 56 graden. Zet de vacumeerzak eventueel met een wasknijper op de rand van je pan of bak vast, zodat hij niet volledig onder water kan verdwijnen. Door het warme water kan de sealing van de zak nog wel eens open schieten, waardoor je gekookte in plaats van ge-sous-vide-te varkenshazen krijgt.
Een belangrijke stap: dep de varkenshazen na het sous vide bad volledig droog! Als er nog vocht op de varkenshazen zit gaan ze straks koken in plaats van bakken in de pan, waardoor je dat mooie bruiningslaagje wel kunt vergeten. Bestrooi ze royaal met zout en peper als ze droog zijn.
Giet een scheut olie op een stuk keukenrol en wrijf hiermee de pan in. Een dun filmpje- olie in je pan geeft een mooiere bruining dan een flinke laag olie. Zet de pan op je Bruutste Gaspit en vlammen met dat gietijzer!
Pas als de pan gloeiend heet is leg je de varkenshazen (uiteraard van je af) in de pan. Laat ze ca. 60 seconden op een kant liggen voordat je ze omdraait. De andere kant krijgt ook 60 seconden baktijd (of tot hij mooi bruin is). De purist bakt nu ook nog kort de zijkanten van de varkenshaas lekker bruin.
De varkenshaas kun je direct serveren. Doordat hij maar kort in de hete pan heeft gelegen hoef je hem niet te laten rusten, in tegenstelling tot het gewoon braden- van een varkenshaas.
Als je wilt kun je hem natuurlijk prima een paar minuten laten liggen voordat je hem aansnijdt, no problem.
Trancheer de varkenshaas op een mooie snijplank en eet puur of met bijvoorbeeld een heerlijke uien-cognac-roomsaus, enjoy!
Verhit 1 el olie in een pan en bak er de ui op middelhoog vuur in ca. 10 minuten zacht in. Voeg de knoflook toe en bak 1 minuut verder.
Voeg de bonen en de bouillon toe en breng aan de kook.
Voeg de spinazie toe, dek de pan af en laat de spinazie in 2-3 minuten slinken.
Pureer met een staafmixer ca. 10 seconden zodat het geheel wat indikt maar een deel van de bonen heel blijft.
Roer de crème fraîche en de mosterd erdoorheen en breng op smaak met zout en peper. Laat nog ca. 3 minuten zachtjes pruttelen zodat de saus wat inkookt. Zet apart.
Bestrooi de karbonades aan beide kanten met zout en peper. Verhit 1 el olie in een koekenpan op middelhoog vuur. Houd de karbonades vast met een tang en duw ze met de vetrand in de pan om het vet te bruinen.
Bak de karbonades 5-7 minuten aan elke kant tot ze goudbruin en gaar zijn. Verdeel de witte bonen met saus over twee borden en leg de karbonades erbovenop.
1 pak Chocoladevlokken, (Zoals deze voor op de boterham).
1 potje Honing van 250 gram.
150 gram Hazelnoten.
2 doosjes Aardbeien.
1/2 liter slagroom
50 gram Suiker.
2 bakjes Citroen Cress.
Bak de spekreepjes uit tot deze mooi krokant zijn. Giet de spekjes met het uitgebakken spek over een zeef zodat het overtollige uitgebakken vet weg loopt. Laat de uitgebakken krokante spekreepjes afkoelen.
Leg de plakjes spek op vetvrijpapier en bak deze in een oven van 180 C ook mooi krokant.
Maak de hazelnoten fijn met een rolstok of maal ze met een staafmixer.
Maak de aardbeien schoon en snijd deze in twee stukken.
Klop de slagroom met de suiker op tot deze mooi schepbaar is.
Verdeel de uitbakken, afgekoelde spekreepjes over de borden.
Verdeel de aardbeien over de borden.
Garneer met de chocoladevlokken.
Verdeel ook de verkruimelde hazelnoten over de borden.
Besprenkel met de honing
Zorg dat de opgeklopte room niet terugloopt.
Maak een grote lepel nat in een litermaat met lauw, warm water.
Schep een mooie quenelle van de opgeklopte room en leg deze in het midden van het bord.
Piek in de quenelle van room het krokant gebakken, afgekoelde plakje spek.
Doe de olijfolie in een snelkookpan, kruid het varkensvlees met zout en peper; bak aan alle kanten bruin op hoog vuur.
Verwijder het vlees van het vuur en zet opzij op een bord. Voeg de knoflook, witte wijn en kippenbouillon toe aan de snelkookpan. Verhit op hoog vuur en schraap de bodem van de pan om de bruine stukjes los te maken.
Leg het vlees in de snelkookpan, sluit af en laat gedurende 45 minuten koken nadat het begint te fluiten.
Open de snelkookpan voorzichtig nadat de stoom weg is, voeg de ui en de venkel toe en sluit de pan weer. Nadat het begint te fluiten, kook je het nog eens 20 minuten.
Verwijder het vlees en de groenten uit de snelkookpan en houd warm. Zet de snelkookpan, onafgedekt, op matig hoog vuur en laat de saus enkele minuten verminderen. Als het te dun is, kun je een eetlepel bloem toevoegen om de saus in te dikken, onder voortdurend roeren.
Aubergines 5 minuten koken, halveren en uithollen. Vruchtvlees kleinsnijden. Ui snipperen, paprika in stukjes, champignons in plakjes, tomaten in stukjes. Oven voorverwarmen (200 gr)
Bereidingswijze
In boter ui en paprika fruiten, knoflook erbij. Toevoegen: champignons, aubergine vruchtvlees, oregano, zout en peper. 5 minuten bakken. In kom kwark 3/4 van de kaas doorelkaar roeren. Erdoor, tomaat, auberginemengsel, zout en peper. Ovenschotel invetten. Auberginehelften erin. Vullen met kwarkmengsel. Rest kaas erover. 20 minuten in oven.
Springvorm met een doorsnede van 24 cm invetten. Pak een kom en meng de bloem, 150 gr boter en 2,5 eetlepel koud water.
Met 2 messen de boter door de bloem snijden tot erwtjesgrootte. Met koele handen tot een samenhangend deeg kneden. Deeg in springvorm uitdrukken met een opstaande rand.
Uien pellen en snipperen. Champignons schoonmaken en halveren. In braadpan rest van de boter verhitten. Ui en champignons ong. 3 minuten zachtjes bakken. Knoflook pellen en erboven uitpersen. Vocht afgieten. In kan eieren met melk loskloppen.
Meng het ei-melk mengsel met het champignonmengsel, de kaas, peper, basilicum, en enkele druppels worcestersaus.
Champignonmengsel over de deegbodem verdelen. In midden van oven de taart ong. 35 minuten gaar en goudbruin bakken. Lekker met sperziebonen en een tomatensalade.
2 (400g) blikjes zwarte bonen, afgespoeld en uitgelekt
2 (400g) blikjes kidneybonen, afgespoeld en uitgelekt
1 (400g) blikje borlotti bonen
2 (400g) blikjes tomatenblokjes
340ml tomatensap
5 uien, gehakt
3 eetlepels chilipoeder
1 1/2 eetlepels gemalen komijn
2 teentjes knoflook, fijngehakt of 1 el knoflookpoeder
2 laurierblaadjes
Zout en versgemalen zwarte peper naar smaak
Doe alle ingredienten in een grote pan. Breng zachtjes aan de kook, doe de deksel op de pan. Laat de chilli minstens 1 uur sudderen alvorens op te dienen.
1 (400g) blik gemengde bonen, afgespoeld en uitgelekt
Spoel de linzen, doe ze in een pan en zet ze onder water. Breng aan de kook
Zet het vuur lager, dek pan af en kook zachtjes ze gedurende 20 minuten op laag vuur. Giet af
Roer de tomatenpuree en yoghurt samen in een kom. Kruid met garam masala, kurkuma, komijn en chilipoeder. Roer tot een romig mengsel
Verhit de olie in een bakpan op matig vuur. Roer de ui, knoflook en gember erdoor en fruit de ui lichtbruin aan. Roer de spinazie erbij en kook het tot het donkergroen en geslonken is. Roer geleidelijk aan het yoghurtmengsel erdoor en meng dan de tomaten en koriander erdoor
Roer de linzen en de gemende bonen erdoorheen tot alles goed vermengd is. Kook nog 5 minuten door tot het goed is doorgewarmd
200 gr groente gehaktballetjes (400 gr voor grote eters)
40 gr boter
1 sjalot, gesnipperd
500 ml warme groentebouillon
sojasaus
klein handje platte peterselie, fijngehakt
Voor de stamppot kook je de aardappelen 14 minuten in een bodempje water. Giet af en schep ze terug in de pan. Schenk er een scheut melk/kookroom bij en een paar klontjes boter/scheut olijfolie en stamp tot een puree. Roer de gekookte rode kool erdoor en breng op smaak met nootmuskaat, zwarte peper en zout.
In de tussentijd verhit je een koekenpan en bak je de groenteballetjes rondom bruin aan. Schep uit de pan en houd warm onder aluminiumfolie.
Smelt een kwart van de boter in de pan en fruit hier 2 minuten de sjalot in.
Voeg de rest van de boter toe en laat op laag vuur smelten. Roer nu de bloem erdoor en blijf een paar minuten roeren totdat je bloem ‘gebakken’ is. Deze roux is de basis voor je vegetarische jus. Schenk nu langzaam de warme bouillon erbij en klop met een garde totdat je een jus hebt die je qua dikte zelf goed vindt. Je kunt altijd nog wat extra bouillon toevoegen. Breng op smaak met sojasaus.
Serveer de rode kool stamppot met groente gehaktballetjes, jus en garneer met fijngehakte peterselie. Eet smakelijk!
Begin met het koken van de sushirijst volgens de verpakking. Meng ondertussen de rijstazijn met een snufje zout en verwarm deze kort totdat de zout oplost. Wanneer de rijst klaar is, voeg de rijstazijn toe aan de rijst en meng deze voorzichtig. Laat de sushirijst afkoelen.
Verwarm de oven voor op 190 graden.
Schil de zoete aardappel en snijd deze in de vorm van frietjes. Leg deze op een bakplaat, meng met wat olijfolie en peper en zet in de oven voor 20 – 25 minuten.
de tussentijd maak je de dipsaus. Meng hiervoor alle ingrediënten van de dipsaus door elkaar tot een egale saus. Verdun eventueel met wat extra water.
Snijd vervolgens de komkommer in reepjes en de avocado in plakjes.
Gebruik een bamboematje om de sushi te rollen. Leg op de bamboemat een norivel met de gladde kant naar onder. Verdeel 1/5e van de rijst over het vel en zorg dat je aan het uiteinde een stukje vrijlaat.
Leg in het midden van de rijst een paar plakjes avocado, stukjes komkommer en zoete aardappel.
Rol voorzichtig met behulp van de bamboemat de sushi op. Zorg ervoor dat je hem stevig aandrukt tijdens het oprollen zodat hij mooi strak gerold wordt.
Doe op de uiteinden een klein beetje water en rol de sushi vast. Hierdoor blijft hij goed dichtzitten. Herhaal dit met de andere norivellen en snijd de sushi met een scherp mes in plakken.
Garneer de sushi eventueel met wat sesamzaad en serveer met de dipsaus.
Tip: heb je geen bamboemat, dan kun je ook een stukje vershoudfolie gebruiken. Zorg er dan wel voor dat je de rol stevig aandrukt en strak rolt.
Verwarm de oven voor op 190 °C. Snijd de helft van de venkelknollen in 8 parten. Verdeel over een met bakpapier beklede bakplaat en besprenkel met de helft van de olie. Breng op smaak met peper en eventueel zout en rooster ca. 20 min. in het midden van de oven.
Snipper ondertussen de sjalotten. Snijd de rest van de venkelknollen in heel kleine blokjes. Breng het water met het bouillonblokje aan de kook en hou warm op laag vuur.
Verhit een pan met dikke bodem op middelhoog vuur en voeg 30 g boter (per 4 personen) en de rest van de olie toe. Fruit de sjalot en venkel met het venkelzaad op laag vuur 8 min. glazig maar niet bruin. Voeg de rijst toe en bak 3 min. mee, tot de rijst glazig is.
Blus af met de wijn en roer tot het vocht is opgenomen.
Voeg een scheutje warme bouillon toe aan de rijst en blijf roeren tot deze is opgenomen. Herhaal dit scheutje voor scheutje met de rest van de bouillon. De risotto is klaar als het een romig geheel is en de rijstkorrels beetgaar zijn. Het mag nog een beetje nat zijn. Het kan zijn dat je niet alle bouillon nodig hebt. Breng op smaak met peper en eventueel zout.
Rasp ondertussen de Parmezaanse kaas en snijd de peterselie fijn. Schep de geroosterde venkel om met de peterselie.
Haal de risotto van het vuur en roer de rest van de boter en de Parmezaanse kaas erdoor.
Verdeel de risotto over borden en verdeel de geroosterde venkel erover. Breng op smaak met extra versgemalen zwarte peper.
Snij de pompoenen door de helft en schep de zaadjes eruit. Vet een bakblik in met olie. Leg de pompoen met het vruchtvlees naar beneden op het bakblik en rooster tot het zacht is, in ongeveer 45 minuten. Haal de pompoenen uit de oven en laat afkoelen. Zodra ze afgekoeld zijn, verwijder het vruchtvlees en stop in een keukenmachine. Gooi de schil weg.
Voeg kippenbouillon toe aan de pompoen en pureer. Schenk de soep in een grote steelpan en breng zachtjes aan de kook op middelhoog vuur. Roer de room, nootmuskaat, salie en zout erdoor. Roer goed door en haal van het vuur. Serveer met een lepel zure room.
1 el fijngehakte verse oregano, plus extra takjes om te garneren
magere melk om te glazuren
z&p
zeef de bloem en zout in een kom en roer de gist er door, voeg zo veel water toe dat er een zacht deeg ontstaat. Kneed het in ca 5 min glad
doe het deeg weer in een schone kom, dek het af met keukenfolie en laat ca 1 u rijzen
vulling: verhit de olie. voeg ui en courgette toe en bak ze 3-4 min. zacht. neem de pan van het vuur en voeg tomaten, kaas en oregano toe. Op smaak brengen met z&p
verwarm de oven voor op 220 grC. Kneed het deeg en verdeel het in 4 porties. Rol uit opo met bloem bestoven werkvlak tot een cirkel doorsnede 20 cm
leg vulling er op, bestrijk de randen met wat melk, en vouw dubbel. Randen goed dicht drukken, bestrijken met melk
Een heerlijk Italiaanse voorgerecht gemaakt van dunne plakken gesneden kalfsvlees (fricandeau) met een romige tonijnmayonaise. Kun jij het weerstaan om je bord niet helemaal leeg te schrapen? Maken dit recept!
Tonnato-saus
1 blik tonijn
5 el mayonaise
2 el kappertjes
3 ansjovisfilets uit blik
2 el olijfolie
zout versgemalen peper
Vitello
200 g plakjes gebraden kalfsfricandeau
3 takjes bladpeterselie
2 el kappertjes
versgemalen peper
Tonnato-saus
Laat de tonijn uitlekken.
Pureer de tonijn, mayonaise, kappertjes, ansjovisfilets en de olijfolie met de staafmixer tot een gladde saus.
Breng de saus op smaak met zout en peper.
Vitello
Vitello Tonnato geef ik altijd nét iets extra's geven door de kappertjes eventjes te frituren in de koekenpan.
Verdeel de plakjes kalfsfricandeau over de borden. Smeer een laagje tonnato-saus op het vlees.
Pluk en snijd de peterselie fijn. Garneer het vlees met de peterselie en (gefrituurde) kappertjes en breng op smaak met peper.
Was de vongole zeer goed met ruim koud water. Dit diverse malen om het eventuele zand te verwijderen.
Maak de sjalotjes en de knoflook schoon door de schillen te verwijderen. Snipper de sjalotjes en hak de knoflook fijn.
Hak de bladselderij mooi fijn.
Snijd de citroen en grove stukken.
Snijd de limoen in de lengte door de helft. Snijd deze stukken nog twee keer in de helft zodat er 16 partjes ontstaan.
Verhit een kleine hoeveelheid olie op een groot vuur. Voeg de gesnipperde sjalotjes, de gehakte knoflook en de helft van de gehakte bladselderij toe. Verhit kort mee.
Voeg de gewassen vongole toe en meng alles goed door elkaar.
Overgiet met ruim witte wijn.
Voorzie het geheel van peper en zout.
Breng het geheel aan de kook onder een deksel.
Laat de vogole twee keer aan de kook komen en schut goed op.
Giet de gekookte vongole over een zeef om het overtollige water weg te laten lopen.
Vang het vocht op. Verdeel de vongole over de borden. Napeer met de vongole-saus. Garneer met de overige gehakte bladselderij en de partjes limoen.
Snijd de tomaat in vier stukken. Verwijder het kroontje en de zaadlijsten. Snijd het vruchtvlees in mooie kleine blokjes, (Zorg voor regelmaat in de blokjes).
Verhit een kleine hoeveelheid olijfolie in een ruime pan.
Fruit de gesnipperde sjalot en gehakte knoflook aan.
Blus af met de witte wijn. Laat het geheel kort reduceren.
Overgiet met de koksroom en de visbouillon.
Breng het geheel aan de kook en laat weer reduceren. Voeg indien nodig nog wat visbouillon of witte wijn toe om de saus op de juiste dikte te krijgen.
Overgiet de vongole die in de borden is verdeeld met de saus.
in kom met ruim koud water abrikeozen 24 u weken, in zeef laten uitlekken. in kleine stukjes snijden.
in zeef rozijnen wassen en laten uitlekken
walnoten grof hakken, 4 walnoten achter houden
sinaasappel onder heet stromend water goed afborstelen. halveren, van 1 helft 4 plakjes afsnijden. met scherp mesje stukjes uit schil van de schijven snijden zodat tandradvorm ontstaat
van de andere helft schil dun afschijden. schil in kleine stukjes snijden. van halve sinaasappel witte velletjes verwijderen.
vruchtvlees in stukjes snijden.
in pan macaroni koken vlg gebruiksaanw. in pan gehakt in 10 min rul bakken. zout, peper
overtollig vet er af schenken.
aan gehakt toevoegen: abrikozen, rozijnen, sinaasappelschil, sinaasappel, gehakte walnoten. 5 min meebakken
mangochutney er door, 5 min meeverwarmen.
macaro i door gehaktmengsel roeren.
ovenschotel 11/2L in vetten, macaroni er in. paneermeel er over strooien. sinaasappelscnijven er op. garneren met de achtergehouden walnoten.
bereiden
oven 200gr
30 min
intussen in steelpan sinaasappelsap aan de kook brengen. in kopje maizena 2 el koud water tot glad papje roeren.
gebonden saus maken.
van vuur af suiker en zure room er goed door roeren.
macaronischotel garneren met peterselie. saus apart er bij geven.
Heerlijke caloriearme wafels. Het bier vervangt het gist en de honing maakt ze lekker krokant.
250 gr zelfrijzend bakmeel
1 (330 ml) blikje of flesje bier
125 gr ongezouten boter, gesmolten
60 ml melk
2 eieren, apart te verwerken
1 eetlepel honing
1 theelepel vanille-extract
Een wafelijzer met antiaanbaklaag volgens de gebruiksaanwijzing voorverwarmen. Meel, bier, boter, melk, eidooiers, honing en vanille in een grote kom tot een glad beslag mengen. In een aparte kom het eiwit opkloppen en voorzichtig door het beslag scheppen.
Het beslag in het wafelijzer scheppen en de wafels goudbruin en knapperig bakken. Direct serveren.
Wat is het?
Wakame salade is een frisse, knapperige, kant-en-klaar salade van kuki-wakame. Kuki-wakame is niet het blad van het wakame-zeewier, maar de stengel/nerf. Die wordt in dunne sliertjes gesneden en doet daardoor een klein beetje denken aan lange sliertjes snijboon maar dan dus knapperig en ziltig. Het woord “chuka†betekent in Japan “op Chinese wijze†en slaat op de toegevoegde smaakmakers: sesamolie, sojasaus, chilipeper, sesamzaadjes. Ook al kennen wij deze salade in het westen als “wakame saladeâ€, “chuka wakame†is een betere, specifiekere naam en “chuka kuki-wakame†nog beter.
Langzaamaan in de koelkast of gewoon met verpakking en al even ontdooien in een bakje lauw water. Daarna meteen te gebruiken. (hoewel waarschijnlijk ook nog best een tijdje houdbaar in de koelkast) Als extra hapje, voorgerechtje, bijgerechtje bijvoorbeeld bij seafood of sushi.
Tip: ook al is het een kant-en-klaar salade, een beetje pimpen met extra sojasaus, chili- en sesamolie kan geen kwaad. En wat extra geroosterde sesamzaadjes misstaan ook niet.
Zuiveringszout is de ouderwetse Nederlandse naam. Het is precies hetzelfde als baksoda, natriumwaterstofcarbonaat, natriumbicarbonaat of dubbelkoolzure soda. Vroeger kocht je zuiveringszout bij de apotheek of drogist als middeltje tegen een opgeblazen gevoel en brandend maagzuur. Maar tegenwoordig verkopen ook de supermarkt, de natuurwinkel en de toko natriumbicarbonaat. Met talloze terechte én onterechte gezondheidsclaims.
Je kunt toch je tanden poetsen met zuiveringszout?
Klopt: zuiveringszout is namelijk een mild schuurmiddel. Het maakt inderdaad je tanden witter, maar wel ten koste van je tandglazuur. In tandpasta’s met natriumbicarbonaat zit maar zo weinig zuiveringszout dat je ze veilig kunt gebruiken. Zuiveringszout kun je ook gebruiken als huidscrub en voor schoonmaakklusjes.
Het zit toch ook in deo's?
Natriumbicarbonaat heeft een lichte anti-bacteriële werking. Daardoor kun je het (opgelost in water) bijvoorbeeld gebruiken als spoelmiddel tegen slechte adem, bij aften in je mond of als ingrediënt tegen zweetgeur in "natuurlijke" deodorants.
Dus toch een wondermiddel?
Meer een bijna vergeten, handig huismiddeltje. Maar sommige gezondheidsadviezen met natriumbicarbonaat zijn behoorlijk ongezond. Zo zou elke dag een lepel zuiveringszout met citroensap je lichaam "ontgiften" en "ontzuren" en zelfs kanker kunnen genezen. Klinkklare onzin. Sterker nog, veel zuiveringszout kan hoge bloedruk, maag- en darmklachten veroorzaken en breekt bepaalde vitamines af. Daardoor is zo'n kuur ongezond.
In de supermarkt ligt "baksoda" toch bij de bakproducten?
Klopt, naast het bakpoeder. Natriumbicarbonaat (E500) is namelijk ook een prima rijsmiddel, sterker en sneller werkend dan bakpoeder . Je vindt het in veel buitenlandse recepten, zoals in Iers "soda bread".
Waarom zou je dan nog bak-poeder gebruiken?
Baksoda heeft een klein probleem: voor een optimale werking moet je iets zuurs toevoegen, zoals karnemelk, citroensap of yoghurt. Dan pas komt er koolzuurgas vrij waardoor het baksel rijst.
En bakpoeder?
Dat is eigenlijk een heel slim product. Bakpoeder bestaat namelijk uit baksoda waar al een zuur (meestal wijnsteenzuur of citroenzuur) en een stabilisator (zetmeel zoals maïzena) aan zijn toegevoegd. Je hoeft dus niet zelf nog iets zuurs toe te voegen en het gebak rijst gelijkmatiger.
Kun je baksoda vervangen door bakpoeder?
Niet een op een. één theelepel bak-soda vervang je door 3 theelepels bakpoeder en één theelepel bakpoeder vervang je door eenderde theelepel baksoda plus iets zuurs.
Giet het citroensap in een pannetje en voeg de suiker toe.
Verhit het mengsel op laag vuur en los de suiker op.
Kook het mengsel tot het indikt.
Giet hem in een kannetje laat hem 20 minuten afkoelen.
Zet de siroop een uur of een nacht in de koelkast.
Schil de meloen en verwijder de zaadjes.
Snijd het vruchtvlees in stukjes en vang het sap op in een kommetje.
Bestrooi de stukjes meloen met de fijngehakte munt en schep ze voorzichtig door elkaar.
Voeg het opgevangen meloensap toe aan de afgekoelde siroop en giet de siroop kort voor het serveren over de stukjes meloen. Bestrooi de meloen met geraspte citroenschil.
Aardpeer, gruyere en hazelnoten hebben hun diepe, nootachtige smaak met elkaar gemeen. Daarom passen ze uitstekend samen in een gerecht.
400 ml groentebouillon
300 ml water
1 sjalot
1 prei
3 el roomboter
150 g risottorijst
1 tl witte balsamicoazijn
200 g aardpeer
30 g hazelnoten
peper en zout naar smaak
0.5 citroen
6 takjes verse bladpeterselie
75 g geraspte gruyere
pan met deksel
koekenpan
fijne rasp
Dit recept is een samenwerking met HelloFresh. Kijk voor het oorspronkelijke recept hier.
Meng de bouillon met het water. Snipper de sjalot. Snijd de prei in dunne halve ringen en was de prei vervolgens. Verhit 2 el roomboter in een pan en fruit de sjalot 1 minuut op middelhoog vuur. Voeg de prei toe en bak nog 5 minuten.
Rijst roerbakken Voeg de risottorijst toe en bak al roerend 1 minuut. Voeg de witte balsamicoazijn en 1/3 deel van de bouillon met water toe en laat de rijstkorrels de bouillon langzaam opnemen. Roer regelmatig door.
Voeg zodra de bouillon door de risottokorrels is opgenomen weer 1/3 deel van de bouillon toe en herhaal dit met de rest van de bouillon. De risotto is gaar zodra de korrel van buiten zacht is en nog een lichte bite heeft van binnen. Dit duurt ongeveer 20 - 25 minuten. Voeg eventueel extra water toe om de korrel nog verder te garen (zie tip).
Schil of was ondertussen de aardpeer grondig en snijd hem in dunne plakjes (tip). Hak de hazelnoten grof. Verhit de overige roomboter in de koekenpan en bak de plakjes aardpeer 10 - 12 minuten op middelhoog vuur, of tot ze goudbruin en zacht zijn. Breng op smaak met peper en zout. Voeg de gehakte hazelnoten toe en bak nog 2 minuten mee.
Roer een scheutje warm of gekookt water door de risotto en laat de risotto, afgedekt, 5 minuten afkoelen (tip). Rasp de gele schil van de citroen met een fijne rasp en pers de citroen uit. Snijd de verse bladpeterselie fijn. Roer vervolgens de geraspte gruyere en 2 tl citroensap door de risotto. Breng op smaak met peper en eventueel met zout.
Verdeel de risotto over de borden en garneer met de aardpeer en de hazelnoten. Bestrooi met de peterselie, citroenrasp naar smaak en flink wat zwarte peper.
Peer en pittige kaas: een bekende combinatie. Het witlof zorgt voor de verrassing. Aanrader!
4 stronken witlof
50 g ongezouten roomboter
3 el rietsuiker
2 Conference peren (of andere peer)
100 g ongebrande walnoten
200 g Hollandse blauwaderkaas
Verwarm de oven voor op 180 grC. Snijd de onderkant van de stronken witlof en snijd het witlof doormidden. Verwijder de harde kern.
Verhit de boter in een koekenpan en bak het witlof 4 min. Keer regelmatig. Voeg de suiker toe en bak nog 3 min. Leg het witlof in de ovenschaal. Snijd de peren in kwarten en verwijder het klokhuis. Snijd het vruchtvlees in partjes en leg tussen het witlof in de schaal.
Hak de walnoten en snijd de kaas in stukjes. Verdeel de kaas en de walnoten erover en bak ca. 25 min. in de oven.
1 Snijd de onderkanten van de stronken witlof. Snijd het witlof doormidden en verwijder de harde kern. Snijd 1 stronk (per 4 personen) in (heel erg) dunne reepjes, hou apart. Snijd de rest van de stronken in repen van ca. 3 cm. Snipper de ui. Boen de sinaasappel schoon, rasp de oranje schil van de helft van de sinaasappel en pers de vrucht uit. Schil de aardappel en snijd in kleine blokjes. Snijd de bieslook fijn.
2 Verhit de olie in een pan en fruit hierin het grofgesneden witlof met de ui en aardappelblokjes 3 min. op middelhoog vuur. De groenten mogen niet kleuren. Voeg het water, het sinaasappelrasp en -sap toe en verkruimel het bouillonblokje erboven. Breng de soep aan de kook en laat 10 min. zachtjes koken. Pureer met de staafmixer. Voeg de slagroom toe en warm goed door. Breng de soep op smaak met peper en eventueel zout.
3 Verdeel het fijngesneden witlof over 4 kommen en schenk de soep erop. Verdeel de Hollandse garnalen erover en bestrooi met de bieslook.
Een heerlijke karaktervolle, romige soep. Wil je een steviger soep? Pureer de soep dan niet. Heerlijk van smaak door de gebakken ui en ontbijtspek.
3 eetlepels olijfolie -
3 teentjes knoflook -
1 grote pot witte bonen -
1 theelepel gedroogde tijm -
1/2 liter kippenbouillon (van tablet) -
1 kleine (rode) ui - dunne ringen
1 theelepel balsamico-azijn -
200 g ontbijtspek - in blokjes
zout, peper -
Voorbereiding
Pel en snipper de knoflook. Pel de ui en snij deze in dunne ringen.
Bereidingswijze
Verhit 1 eetlepel olijfolie in een soeppan.
Bak hierin de knoflook 1-2 minuten zachtjes. Voeg de bonen toe met het vocht, de helft van de tijm en de bouillon. Breng alles al roerend aan de kook. Kook de soep plm. 10 minuten zachtjes. Verhit de overige olie in een koekenpan en bak hierin de uiringen met de balsamico-azijn en de rest van de tijm. totdat ze zot zijn. Bak het spek krokant zonder olie in een koekepan.
Pureer de soep met de staafmixer. Maak de soep op smaak met peper, zout. Schep de soep in de kommen en verdeel het spek en de ui-ringen over de soep.
Vet een bakvorm goed in. Leg op de bodem vetvrij papier.
Meng de zonnebloemolie, lichtbruine basterdsuiker, het zout en de geraspte sinaasappelschil in een mengkom en klop dit met een mixer in 3 minuten tot een gladde massa.
Voeg de eieren een voor een toe en meng het iedere keer goed door elkaar.
Voeg de bloem, bakpoeder en de speculaaskruiden toe aan het beslag. Meng alles goed door elkaar.
Breek de walnoten. Voeg nu de geraspte wortel, rozijnen en de gebroken walnoten toe tot een glad beslag. Meng alles weer goed door elkaar.
Giet het beslag in de ingevette vormen. Bak de taart af in ongeveer 50 – 60 minuten. Kijk of de taart gaar is door te prikken met een vleesvork.
Haal de taart uit de vorm en laat deze afkoelen. Steek met een steker ronde vormpjes uit en leg deze op het bord.
ROOMKAASSAUS:
Laat de roomboter zacht worden. Meng de roomkaas met de zachte roomboter en de poedersuiker tot een gladde massa.
Schep de roomkaas saus in een spuitzak en garneer de saus langs de worteltaart.
Garneer verder met geraspte sinaasappelsap die je ter plekke raspt over de taart.
Eventueel de sinaasappel waar de schil van geraspt is uitvliezen en deze ook gebruiken als garnering.
Meng de crème fraîche met paprikapoeder en wat zout en besmeer de wraps hiermee.
Snijd de kipfilet in reepjes.
Snijd de paprika in ringetjes.
Hak de helft van de tomaatjes heel fijn en snijd de rest in kwarten.
Meng de fijngehakte tomaatjes met de tomatenketchup tot een salsa.
Snijd het pepertje in stukjes en meng door de salsa.
Pers er eventueel de knoflook boven uit en maak op smaak met zout en eventueel nog wat gerookte paprikapoeder.
Verdeel de spinazieblaadjes over de wraps en leg de partjes tomaat, de kip en de paprika erop. Verdeel de tomatensalsa erover.
Rol elke wrap strak op. Zorg dat de onderkant van de wrap goed dichtgevouwen is. Rol de wraps in boterham- of bakpapier en doe ze in een trommeltje om mee te nemen. Doe er ook wat servetjes bij.
Snijd de zalmfilets in grove stukken. Maak verder fijn met een keukenmachine.
Schil en rasp de gember.
Snijd de chilipeper in de helft en verwijder de pitjes. Snijd beide pepers mooi fijn en meng de helft van de gehakte peper door de zalm.
Voeg aan de zalm de geraspte gember toe. Meng alles goed door elkaar.
Voeg de helft van de geraspte limoen toe. Voeg ook de helft van het limoensap toe. Meng weer goed door elkaar.
Voeg naar smaak vissaus toe. Het geheel nogmaals goed mengen en in de koeling laten marineren.
Mangosalsa:
Schil de mango's en snijd het mangovruchtvlees in kleine gelijkmatige blokjes.
Verwijder de schil van ui en snipper mooi fijn. Meng met de mangoblokjes.
Voeg de overgebleven helft van de fijn gesneden peper toe. Meng ook weer goed door elkaar.
Voeg ook de overgebleven helft van de geraspte limoen en de overgebleven helft van het limoensap toe. Voeg ook weer vissaus naar smaak toe.
Pluk de blaadjes van een half bosje koriander. Hak de blaadjes mooi fijn en meng deze door de mangoblokjes.
Plaats in de koelkast zodat de smaken intrekken.
Zalmkoekjes:
Verdeel de op smaak gebrachte zalm in even grote porties, (2 stuks per persoon).
Rol naadloze balletjes. Druk de balletjes licht plat. Haal de balletjes door de bloem. Paneer met panko. Laat de balletjes korte tijd rusten in de koeling.
Verhit olijfolie in een koekenpan. Bak hierin de balletjes goudgeel en gaar.
Verdeel de mangosalsa over de borden. Plaats twee balletjes tegen elkaar op het bord.
Garneer met veldsla, munt blaadjes en koriander.
Besprenkel met olijfolie.
Snijd de citroen in partjes. Garneer met de partjes citroen.
3 eetl verse kruiden, bijv. kervel, bieslook en peterselie
Extra nodig: 8 tapasprikkers
1 Snijd de aardappels in blokjes van 1 cm. Verhit in een kleine koekenpan 2 eetlepels olijfolie. Bak de aardappelblokjes zachtjes in 10 minuten gaar.
2 Klop de eieren los. Meng er de knoflook, de zalm en de verse kruiden door. Schep de aardappelblokjes uit de pan bij het eiermengsel. Voeg zout en peper naar smaak toe.
3 Schenk de overige 3 eetlepels olijfolie in de pan. Schenk het eiermengsel erbij en bak de tortilla in 10 à 12 minuten op laag vuur zachtjes gaar. Leg een deksel op de pan.
4 Stort de tortilla op een bord en snijd hem in 8 punten. Bestrooi desgewenst met een beetje verse extra kruiden en steek in elk puntje een prikker.
Serveer de zalmtortilla lauwwarm of op kamertemperatuur.
Tip Vervang de zalm door 100 gram serranoham in reepjes.
20 stuks in de helft gesneden groene olijven zonder pit.
40 stuks Steelkappertjes.
2 stuks Limoen.
Olijfolie. Peper. Zout.
Bestrooi de zeebaarsfilet met peper en zout, (Voorzichtig met zout).
Besprenkel de zeebaarsfilet licht met olijfolie.
Knip een rondje van bakpapier ter grote van de binnenkant van een sauteuse, (Koekenpan). Leg dit papieren rondje in de pan.
Voeg olijflie en de roomboter toe.
Verhit de pan met vetstof. Bak hierin de zeebaars met de velkant op een groot vuur mooi goudgeel en leg deze op bakplaten.
De andere zijde van de zeebaars niet bakken en of omdraaien.
Op het moment van uitgifte de voorgebakken zeebaars in een oven van 180 C warm maken.
De gebakken zeebaars half op de saus op het bord leggen.
Garneren met partjes citroen en groen.
saus
Maak de sjalotjes schoon en snipper deze fijn.
Maak ook de knoflook schoon en hak deze.
Zorg voor 16 mooie bladeren basilicum apart voor de de garnering.
Hak de basilicum in grove stukken.
Maak de rode en de groene paprika schoon en snijd deze in kleine blokjes, (Brunoise =het snijden van blokjes of dobbelsteentjes).
Maak de courgette schoon en snijd ook deze in brunoise.
Snijd de champignons in plakjes.
Verhit in een ruime pan een kleine hoeveelheid olie. Fruit hierin de gesnipperde sjalotjes, gehakte knoflook, bruinoise van courgette en de blokjes rode- en groene paprika.
Fruit het geheel kort maar stevig aan. Blus af met de witte wijn en laat het geheel reduceren.
Voeg de tomatensaus en de tomatenpulp toe.
Voeg de gesneden basilicum en de halve olijven toe.
Meng alles goed door elkaar, breng het geheel aan de kook en laat het reduceren.
Breng op smaak met peper en zout.
Snijd de steelkappertjes in de lengte in de helft zodat de vorm behouden blijft.
Snijd ook de limoen in partjes.
Leg in het midden van een groot bord een hoeveelheid arabiatasaus.
Leg hierop de gebakken zeebaarsfilet.
Garneer met de limoen, steelkappertjes en de blaadjes basilicum.
Temaki = hoorntje van zeewier gevuld met rijst en andere ingrediënten
Uramaki = binnenste buiten rol
Vulling en ingrediënten sushi
Nori vellen (zeewiervellen)
Rauwe tonijn
Verse rauwe zalm of gerookte zalm
Komkommer
Japanse pickle (ook wel Takuan genoemd)
Surimi sticks
Geroosterde sesamzaadjes
Avocado
Mango
Garnalen (gebakken of gekookte garnalen)
Omelet
Andere ingredienten naar keuze
Garnering sushi
Wasabi
Gemberslices
Sojasaus
Praktische tips:
Reken per persoon op ongeveer 75 -100 gr sushi rijst
Nog sushi ingredienten over? Maak er deze sushi salade van.
Om een sushi diner compleet te maken kun je van te voren ook een miesoep of mihoensoep serveren
Bereiding sushirijst
Als je zelf sushi gaat maken begin je met de rijst. Deze kan je bij veel supermarkten tegenwoordig ook al halen, let er wel op dat er sushirijst op de verpakking staat.
Ingrediënten sushirijst:
5 eetlepels rijstazijn
1 eetlepel witte wijnazijn
500 gr sushirijst
660 ml koud water
Snufje zout
Snufje suiker
Benodigdheden
Grote houten schaal om rijst in af te laten koelen (hangiri)
Grote pan om rijst in te koken
Vergiet
Belangrijk is om op tijd te beginnen met het bereiden van de sushirijst. De rijst moet nadat je het gekookt hebt namelijk helemaal afkoelen. Was de sushirijst een paar keer met koud water.
Ondertussen maak je van de rijstazijn, wijnazijn, suiker en zout een mengsel wat je even kort opwarmt (in de magnetron kan ook).
Roer alles goed door elkaar zodat de suiker en het zout opgelost zijn. Er zijn ook kant en klare flesjes sushi azijn verkrijgbaar.
Doe nu de rijst in een pan en giet het koude water hierover heen. Breng dit nu aan de kook en laat het voor ongeveer 10 tot 15 minuten zacht koken met deksel. De hoeveelheid water en kooktijd kan iets afwijken, check daarom de verpakking van de sushirijst.
Zet dan het vuur uit en laat hem nog 10 min met deksel nastomen. De rijst moet kleverig en klonterig zijn.
Doe de rijst daarna in de houten schaal en giet hier ook het afgekoelde azijn mengsel overheen en meng het goed zonder je de rijst kapot roert. Laat de rijst nu verder afkoelen en bedek de sushirijst met een theedoek totdat je de sushi verder gaat maken.
Schenk al roerend terug in de pan bij het resterende melkmengsel. Zet het geheel op heel laag vuur en laat in 10-15 min. - al roerend, zonder dat het mengsel gaat koken- inbinden tot er een mooie, dunne vla ontstaat.
Schenk de vla door een zeef in een schone mengkom om eventuele klontjes te verwijderen. Laat de vla helemaal afkoelen en roer af en toe goed door.
Een waterdicht wafelrecept dat zacht en krokant tegelijk is. De mogelijkheden zijn eindeloos - serveer met jam en boter voor een eenvoudige traktatie bij het ontbijt, of met slagroom of ijs en fruit voor een heerlijk dessert.
300 gr witte bloem
75 gr basterdsuiker
10 gr bakpoeder
een snuifje zout
2 eieren
100 gr boter
500 ml melk
Meng de bloem met de suiker, bakpoeder en zout in een kom.
Roer de eieren erdoor.
Smelt de boter en voeg deze toe aan het mengsel en roer.
Voeg tenslotte de melk toe en meng goed.
Laat 1 uur op kamertemperatuur staan.
Giet het beslag in een wafelijzer en bak het beslag 4 tot 5 minuten.
1 pollepel in wafelijzer, en niet te heet (150-190gr)
bosje (10 gram) lavas of bladpeterselie, fijngehakt
Verhit een lepel of wat olijfolie in een wok of sauteerpan en bak de kastanjes en amandelen rondom goudbruin. Laat ze op keukenpapier uitlekken. Snij de aubergines overlangs in kwarten en snij die in grove stukken.
Verhit meer olijfolie in dezelfde pan en frituur de aubergine in porties goudbruin. Bewaar de gebakken stukken op een bord tot alles gebakken is. Bak in het restantje olie in de pan de sjalot zacht, voeg de knoflook toe en bak die nog een minuutje mee. Giet dan de inhoud van 2 blikken tomatenpulp erbij en breng de saus aan de kook.
Laat hem vervolgens op laag vuur zo'n 10 minuten sudderen, roer de appelstroop en de balsamicoazijn er dan door en laat nog eens zeker 12 minuten sudderen. Breng de saus op smaak met zout en peper en schep dan de gebakken stukken aubergine en alle noten erdoor. Laat ze nog 5 minuten meestoven. Schep alles op een mooie schaal en bestrooi met lavas (maggikruid) of peterselie.
Dien op, heel lekker met frieten, maar zeker ook met pasta!
Opmaaktip
Heerlijk op een bruschette: een snee gebakken brood insmeren met
een lik olijfolie, wrijf er een teen knoflook over en schep de aubergines op. Kan warm of koud. Even lekker.
Leg de hele zoete aardappelen in een ovenschaal, bak ze gedurende 60 min. en schil ze.
Meng in een keukenrobot het vruchtvlees van de aardappelen met de boter in stukken, de bloem en de eieren tot een homogeen deeg.
Kruid met peper en zout. Bak kleine wafels van het deeg in een voorverwarmd wafelijzer (10 Ã 12 wafels).
Garneer de wafels met een schepje zure room en verdeel er de gerookte forel in stukken bovenop. Werk af met fijne citroenschijfjes. Bestrooi met gehakte bieslook en roze peper.
Koolraap in blokjes van 1cm. Koken in weinig water in magnetron 850W 15 min. Zo nu en dan omscheppen.
Zie ook voorbereiding koolraap, maak een ander schaaltje de cranberriesaus met water aan en laat even koken. Giet de koolraap af en voeg naar smaak kruiden en specerijen erdoor en de cranberriesaus en de stroop.
1 kleine rode kool, harde kern verwijderd, fijngesneden
1 dl rode wijn
4 pimentkorrels of kruidnagels
2 eetl. rode wijnazijn
1 eetl. gele basterdsuiker
1/2 theel. zout
1.Verhit de olie in een grote koekenpan met anti-aanbaklaag op matig tot hoog vuur. Bak hierin de ui circa 5 min. Voeg de kool, de wijn en de pimentkorrels toe. Laat de kool afgedekt circa 20 min. stoven op laag vuur, tot hij gaar is. Schep er de azijn, de suiker en het zout door.
2.Neem het deksel van de pan, draai het vuur iets hoger en schep de kool nog 5 min. om, zodat bijna alle vocht verdampt.
Kook de geschilde aardappels in water met zout in + 20 min. gaar. Snijd de uien in ringen. Snijd de paprika in grove stukken de courgette in halve plakjes en de champignons in plakjes. Snijd de prei in ringen en de kipfilet in stukjes. Verhit de olie en fruit de uien al omscheppend in ca 3 min. glazig. Voeg de kipstukjes toe en bak in ca 5 min. bruin. Bak de paprika, de courgette en de tuinerwtjes al omscheppend 5 min mee. Schep de champignons, de prei, de kruidenmix en de Room Culinair erdoor, breng aan de kook en laat alles op laag vuur 2 min. stoven. Giet intussen de aardappels af en stamp ze tot kruim. Verdeel het kruim in 2 porties en schep door de ene helft de kruiden en peper en zout naar smaak en door de rest van het kruim de parmezaanse kaas en peper naar smaak. Doe het kipmengsel in een ovenschaal en verdeel de 2 soorten aardappelkruim in repen erover. Verdeel de boter in vlokjes over het kruim. Zet de schotel ca 7 min. onder de hete grill. Serveer direct.
20 g boter 1 sjalot, gesnipperd 175 g sla, buitenste grove bladeren 750 ml bouillon, naar voorkeur groentebouillon of kippenbouillon
50 g voorgekookte quinoa 1 eidooier 25 ml slagroom
1 citroen, sap 100 g gerookte zalm zout en peper
TER GARNERING
3 el bieslook, fijngehakt 2 el gepofte quinoa
Smelt in een soeppan de boter en fruit de sjalot in 5 minuten goudbruin.
Bak de slablaadjes mee tot ze geslonken zijn. Dit duurt hooguit 5 minuten.
Voeg de bouillon toe en stoof de ingrediënten gaar in 10-15 minuten.
Pureer de soep met de staafmixer en voeg daarna de voorgekookte quinoa toe.
Klop de eidooier los met de room. Giet het mengsel door de warme soep; zorg ervoor dat de soep goed warm is zodat het ei-roommengsel de soep licht bindt.
Voeg het citroensap toe en breng de soep verder op smaak met zout en peper.
Verdeel de gerookte zalm over vier kommen en schenk de soep erop.
Garneer met de bieslook en de gepofte quinoa.
Serveer direct.
Vervang voor een luxe variatie de gerookte zalm door 75 gram rivierkreeftjes of 90 gram Hollandse garnaaltjes.
Dit is zo lekker! Eva (ons nichtje) kreeg een stukje van deze dadeltaart van een medeleerling. Zij was verrukt. Heeft het recept opgezocht op internet en gemaakt met groot succes. Petra moest de taart toch ook maken! Niet genoeg dadels in huis, dus ook vijgen en walnoten toegevoegd. Geen kokos door de taart maar alleen er bovenop. Echt een aanrader. Lang houdbaar, maar is meestal heel snel op omdat de taart zo lekker is
250 gram dadels zonder pit
175 gram gedroogde vijgen
75 gram walnoten
200 gram volkoren biscuitjes
250 gram roomboter
150 gram donkerbruine basterdsuiker
1 ei
plm.50 gram gemalen kokos
Voorbereiding
Vet de vorm in en bekleed deze met bakpapier. Snij de dadels en vijgen in kleine stukjes Maak de walnoten iets kleiner. Breek de koekjes in kleine stukjes.
Bereidingswijze
Smelt de boter in een grote pan (niet bruin laten worden!). Voeg de suiker toe. Blijf roeren tot de suiker is opgelost. Klop het ei los in een kommetje. Haal de pan van het vuur. Voeg al roerende het ei toe aan het botermengsel. Roer door tot een gladde saus. Voeg de dadels, vijgen en walnoten toe. Zet de pan weer op het vuur en laat alles even een beetje warm worden. Voeg vervolgens de koekjes toe. Meng alles goed door. Schenk het dadelmengsel in de vorm, druk goed aan met een lepel of met je handen mbh plasticolie. Laat de taart in plm. 2 uur afkoelen in de koelkast.
Keer de taart om en bestrooi met de rest van de kokos.